Generatie 13 — Kwartierstaten Marcel Wissenburg

Generatie 1   < Generatie 12   Generatie 14 >   Generatie 145IndexNamen

4.480   Gisbert van BRINCK

FamilienaamIndex 4.480 • Vader onbekend • Moeder onbekend

hypothetisch


Huwt

4.481   Janneke N.

Index 4.481 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Gisbertus zoon van 'Gisbert en Janneke' (dRK Huissen 26-1-1625) Zie 2.240
  2. Evertje (hypothetisch), huwt (1) voor 1655 of buiten Elden Gerrit Goossens te Driel (+voor 1667); huwt (2) Elden NG 27-2-1667 Johan Adams, jongman van Huissen
TerugBegin van generatie

4.532   Jan van LOM

FamilienaamIndex 4.532 • Vader onbekend • Moeder onbekend


Huwt

4.533   N.N.

Index 4.533 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Wijnand Zie 2.266
  2. Hendrik getuigt 1681
  3. A... getuigt 1678
TerugBegin van generatie

4.534   Gijsbert van SMEEREN

FamilienaamIndex 4.534 • Vader onbekend • Moeder onbekend


Huwt

4.535   N.N.

Index 4.535 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Jantje (*ca 1650 +Huissen ca 1676) Zie 2.267
TerugBegin van generatie

4.542   Arnt FRINDENBERGHS

FamilienaamIndex 4.542 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Gedoopt RK
Overleden Groessen


Huwt

4.543   N.N.

Index 4.543 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Maria (dRK Groessen? +Groessen) Huwt Groessen Daniël Harmsen
  2. Theodorus HUWT Groessen Susanna Bodden
  3. Theodora HUWT Groessen Hendrikus Jansen
  4. Christina (*Groessen +Groessen ca. 1679) Zie 2.271
TerugBegin van generatie

4.556   N de KINKELAER

FamilienaamIndex 4.556 • Vader onbekend • Moeder onbekend


Huwt

4.557   N.N.

Index 4.557 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Jan (*ca. 1640) Zie 2.278
  2. Hendrik; getuigt 1668
  3. Grietje; woont in Wehl ca. 1675.
TerugBegin van generatie

4.588   Berndt SPEET

FamilienaamIndex 4.588 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren voor 1633
Overleden na 1687

Hypothetisch


Huwt

4.589   Bartjen N.

Index 4.589 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Everhardus Zie 2.294
  2. Henrich (*voor 1639 +na 1699), schepen te Mehr en Niel; huwt Lissbeth (Elisabeth) Speedt
TerugBegin van generatie

4.590   Jan van de PAVERT

FamilienaamIndex 4.590 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren ca. 1620

Volgens Guido van Benthem en de Waordsman nr. 4 van 2002. Mogelijk de zoon van Hector van de Pavert, genoemd ivm de Vicarie van Millingen: Vicarie van St. Antonis, gefundeerd in de kerk van Millingen door Henrick van den Pavort, ambtman van Millingen met 5 morgen land te Zeeland (dit ligt ten Z.O. van Millingen), 10 jan. 1620 geconfereerd op Derck Strijtholt, voorzoon van de vrouw van Johan Rom (Margaretha van den Pavort), landschrijver van den Byland,; 16 juni 1620 door Johan Rom, scholt te Millingen, door wiens vrouw's voorouders, n.l. Henrick bovengend., de vicarie was gefundeerd, vergeven aan Johan Johansz. Rom(b), oud 10 à 11 jaar. Deze en Sint Catharina vicarie worden genoemd in een briefwisseling van het Hof van Gelderland met den richter van Pannerden en den schout van Millingen in 1575 en 1576, over klachten van heer Matthijs Putkuyp, pastoor te Millingen, inhoudende dat zijn kapelaan, uit vrees voor de van den Pavorts, de brieven van Z.M. en van den Archdiacon van Roermond, waarbij Christiaan Scheven begiftigd was met de vicarie van Sint Antonis te Millingen, welke vacant was door het huwelijk van Derrick van den Pavort, niet durfde over te leggen. Aan de den kapelaan wordt gelast te assisteeren bij den dienst en om aan Neelken van den Pavort te verbieden eenige inkomsten der vicarie, ook namens haar zoon Derrick, te ontvangen. Voorts schrijft het Hof daarna aan den Richter van Pannerden om Hector van den Pavort en zijn moeder te gelasten om Matthijs Putkuyps, pastoor te Millingen, in het bezit te laten van de vicarieën van St. Antonis en St. Catharina aldaar.( Correspondentie Hof met Kwartier van Nijmegen, 27 aug. 1575 en 18 mei 1576, nrs. 7669 en 7879). Zie vdPavert in Millingen doc in Duffeltgen.

In het Morgenthaalregister van Millingen over 1642 worden o.a. vermeld Jorden vanden Pavordt, modo Jan vanden Pavordt; Johan van den Pavordt, modo Juffer Henrica vanden Pavordt; Jorden vanden Paverdt modo Rijck und Hector vanden Paverdt unde Gijess van Morgen; Jorden vanden Pavordt, modo Derck Jan vanden Pavordt, unde Roeloff Hannen in die Huiff; Johan vanden Pavordt modo Juffer Henrica; Jorden vanden Paverdt, unde Johan van Bijnen (…) unde Derrick Jan vanden Pavordt, unde Roeloff Hannen. In een annex bij het register volgt een verklaring (15-9-1643) van vier inwoners van Millingen die getuigen over het onterecht onbelast zijn gebleven van een stuk grond; hieronder Jan vanden Paverdt, “omtrent negen en viertigh offte vijftigh jaeren olt”, die verklaart in Millingen “aldaar nijdt gebaren maer den meesten tijdt sijnes levens gewoont toe hebben”.

We lijken hier te maken te hebben met een reeks broers en zusters (Jorden, Jan, Henrica, Rijck en Hector), waarvan er één de vader van Jan en grootvader van Naleke zou kunnen zijn (en Henrica zou ook de weduwe van de vader van vier broers kunnen zijn); plus een neef Derk Jan.

Volgens Robert Keurntjes: in een stuk over de vicarie in Millingen is sprake van een Neelken/Cornelia van de Pavert en haar zonen Hector en Derk. Hector pacht de Talmholtsward onder Herwen. Evert Speet volgt 100 jaar later zijn schoonouders Jan van de Pavert en Toenisken de Beyer op als pachter van de Talmholtshof.

Uit de lenen van Gelre:

Zutphen p. 13, een leen aan Jorden van den Padevoirt , erve sijner oldemoyen Annen van

Voorst, 4 Martii 1572. Ook vermeld 1575.

Bergh, p. 15, stamreeks Rothger (1410, 1440), Johan, Ot, hieruit Hendrik (hieruit Johan en Hendrik) en Johan (hieruit Johan en Jutte), 1610, in Beek beleend; idem p;. 137 Gendringen (leen Polmanshof)

Idem, 279, Hendrik van de Pavert te Nijmegen, 1610. Zoon van Gerard, zoon van Gerard bastaard vermeld 1554.

Idem, 316, Düffelward, Hendrik van de Pavert 1548, broer Johan 1581. P. 317: Johan, Otto en Hendrik, 1466-1540.


Huwt

4.591   N.N.

Index 4.591 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Naaleke Zie 2.295
TerugBegin van generatie

4.600   Bernardus COENEN

FamilienaamIndex 4.600Vader 9.200Moeder 9.201

Geboren voor ca. 1620
Overleden mogelijk voor 1681

Vermoedelijk dood in 1681, aangezien hij niet bij huwelijk van zoon Otto getuigt. Er is een Bernardus Coenen overleden in Frasselt op X– 4- 1717, maar dat zou deze Bernardus wel heel oud maken.

Vermeld in ‘Gezinnen in Kranenburg’ 1658-1665; in DTB in 1665 echter niet aangetroffen. In 1643 aangetroffen te Zyfflich. Dat Catharina een zus van Johannes zal zijn, volgt uit haar optreden als meter van een van zijn kinderen; dat Johannes een zoon van Bernardus is lijkt aannemelijk dan andere alternatieven gezien de overeenstemming tussen de namen van zijn kinderen enderzijds, die van zijn vermoedelijke ouders en hun kinderen anderzijds.

Mogelijk deze: (Burgerboek Kranenburg 17-11-1655) Berndt Cohnen mitt sein 2 sohne Jan und Rhein.


Huwt voor 1643

4.601   Theodora RIJCKEN

FamilienaamIndex 4.601 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden na 1680

Kinderen

  1. Theodora (dRK Zyfflich 15-2-1643 +Kranenburg voor 1681), doopgetuigen Gerardus Hendriks, Gerarda van der Grafft); huwt voor 1667 Wessel Rutten. Ouders van Bernardus Rutten (dRK Kranenburg 20-3-1667, getuigen Thijs Janssen, Derrisken Rijcken). Wessel Rutten trouwt opnieuw (Kranenburg 29-7-1681) met Catharina Rensingh; uit dit huwelijk ten minste een kind: Anna Maria (dRK Kranenburg 17-1-1683, doopgetuigen Henricus Tijmphuis vicarius in Zifflick, Petronella Rutten).
  2. Catharina (*voor 1650), getuige in 1694 bij een kind van Johannes (IIIa) Coenen; huwt Kranenburg 5-7-1669 Rutgerus Horst (+voor 1694). Van dit echtpaar geen kinderen in Kranenburg aangetroffen. Waarschijnlijk de Catharina die in 1666 doopgetuige is bij een kind van Theodorus. Mogelijk identiek met Catharina, dochter van Arnoldus (IIb) Coenen.
  3. Joannes Zie 2.300
  4. Elisabeth (dRK Kranenburg 11-4-1655, getuigen Arnoldus Coenen, Sybilla Stevens; ouders wonen bij doop te Kranenburg (conjugum Cranenborgensis); huwt ca. 1679 Theodorus Rutten (waarschijnlijk: dRK Kranenburg (Frasselt) 31-1-1655, getuigen Henricus ten Haeff, Margaretha Beckers, zoon van Rutgerus Jansen en Catharina Verheijen (gehuwd Kranenburg 2-11-1653). Het echtpaar Rutten-Coenders wordt (doopboek 1687) aangeduid als wonend ‘in d’Elsen’ en in 1694-97 als wonend aan de Heetsteegh.

  5. Kinderen
    1. Bernardus Rutten (dRK Kranenburg (18 of) 20-12-1680, getuigen Wilhelmus Lamers, Theodora Rijcken), huwt Kranenburg 1-5-1708 Elisabeth Gerrits/Gerards (dRK Kranenburg 16-5-1684 bKranenburg 18-1-1766). Bron Willem Rutten, nazaat van dit echtpaar, en Mosaik, Kleve.
    2. Theodorus (dRK Kranenburg 27-3-1683), doopgetuigen Otto Coenen, Joanna Hoeymans
    3. Joannes (dRK Kranenburg 21-8-1684), doopgetuigen Joannes Rutten, Helena van der Loo
    4. Theodora (dRK Kranenburg 3-3-1687), doopgetuigen Joannes Rutten, Catharina Russen
    5. Petrus (dRK Kranenburg 1-7-1689), doopgetuigen Henricus Coppers, Joanna Lamers (=schoonzus, vrouw van Joannes Rutten)
    6. Otto, tweeling (dRK Kranenburg 24-11-1691), doopgetuigen Joannes en Aleidis Coenen
    7. Matthias, tweeling (dRK Kranenburg 24-11-1691), doopgetuigen Everhardus Rutten, Anna Jansen)
    8. Catharina (dRK Kranenburg 14-2-1694), doopgetuigen Andreas Gomens, pastoor, en Joanna Wijnen uxor Gerardus ter Maaten)
    9. Anna Maria (dRK Kranenburg 5-5-1697), doopgetuigen Henricus Ywens, Joanna Reintjes
  6. Otto (dRK Kranenburg 17-2-1658, getuigen Petrus van Helden, Margaretha Jansen; +Kranenburg voor 11-2-1685). Zijn ouders wonen bij doop te Kranenburg ‘in Hesseltje’. Otto is doopgetuige in 1704 bij een kind van Bernardus. Huwt Kranenburg 20-5-1681 met Anna Rutten (huwelijksgetuigen Reineri Koenen, Everharda Rutthen). Waarschijnlijk een zuster van Theodorus Rutten, gehuwd met Elisabeth Coenen. Anna Rutten trouwt opnieuw met Mattheus Jacobs, wonend (doopboek 1688) in ’t Hesseltje; ouders van ten minste een kind: Jacobus (dRK Kranenburg 26-7-1688, getuigen Theodorus Rutten en Joanna Lamers).

  7. Kinderen
    1. Bernardus (dRK Kranenburg 23-12-1682, getuigen Arnoldus Koenen, Mechtildis Verheyen), huwt Kranenburg 27-4-1717 (getuigen Joannes Hulsmeyer, Joannes ten Haeff) met Joanna Peters Wanders
    2. Ruthgerus (dRK Kranenburg 28-1-1684, getuigen Wesselinus Rutte (= Wessel), Joanna Hootmans)
    3. Otto (vermoedelijk, naam vrijwel onleesbaar door schade aan het doopboek) (dRK Kranenburg 11-2-1685 als filius posthumus, getuigen Joannes Lamers, Elisabeth Coenen)
TerugBegin van generatie

4.912   Cornelis Anthonisz RIETKERKEN

FamilienaamIndex 4.912Vader 9.824Moeder 9.825

Overleden Leiden begraven 9-2-1636

Alias Van Leydentoorn. In 1630 kuiper aan de Middelstegraft, 1636 kuiper uit Leiderdorp, wonend aan de Hoygraft, getuige (1636) is zijn zwager Jan Philips (Stobbelaar) aan de Oude Rijn.

Naar alle waarschijnlijkheid overleden aan de pestepidemie die in 1635/36 minimaal 25% van de inwoners van Leiden uitroeide. Met dank aan Bart Rietkerk voor de vondsten.


Huwt (1) Leiden NG 19-4-1630

4.913   Aechgen Jans JONGEDORST

FamilienaamIndex 4.913Vader 9.826Moeder 9.827

Geboren Leiden
Overleden Leiden voor 1636

Woont (1630) Oude Rijn


Huwt (2) Leiden NG (ot) 24-1-1636

Pietertgen Aelberts van PIJLEN

FamilienaamIndex

Geboren Leiden 1602

Dochter van Aelbert Adriaens, bakker uit Tiel, en Trijntgen Pieters. Het huwelijk met Cornelis is nooit voltrokken door diens overlijden in de ondertrouwperiode. Pietergen is twee aanstaande echtgenoten op die wijze kwijtgeraakt. Zij woont in januari 1636 aan de “Oude Chingel bij Pelicaenbrugge”, is 34 weken weduwe en verloor twee weken eerder ook al een aanstaande.


Zij huwt (1) Leiden NG (ot) 7-5-1621

Jan Jansz VAILLIANT

FamilienaamIndex

Overleden Leiden begraven 16-6-1635

Timmerman.


Zij huwt (2) Leiden NG (ot) 21-12-1635

Jan CLAPHEKKE

FamilienaamIndex

Overleden Leiden begraven 11-1-1636

Fusteinwerker van Marendorp; weduwnaar van Maycken Davidts. Het huwelijk is nooit voltrokken; waarschijnlijk overleed Jan aan de pest.


Zij huwt (4) Leiden NG (ot) 11-5-1636

Jan Carel Carelsz REGEER

FamilienaamIndex

Timmerman aan de Uyterstegracht. Weduwnaar van Marijtgen Jacobs (ondertrouw NG Leiden 20-7-1628; zijn vader heet dan Reijgaer).

Kinderen

  1. Jan (+Leiden voor 1671) Zie 2.456
  2. Dickje (+1671); getuige 1654; huwt (1) Leiden NG 30-9-1660 (getuigen Christiaan Elbeets, Aeltgen Jans haar schoonzuster) Gerrit Sasbergen, weduwnaar Geertruyt Abrahams de Wilde. Zij woont aan de Sonneveltsteeg, hij Hooglandsekerk. Huwt (2) Leiden NG ot 14-12-1666 (getuigen Cornelis Buys zijn halfbroer, Maertge Theunis haar meuy) en Katwijk 2-1-1667 Cornelis van Immerseel (*Katwijk aan Zee), wonende Nieuwestraat. Cornelis van Immerseel hertrouwt Leiden NG 19-6-1671 Annetge Claes weduwe Michiel Jansz
  3. Arent (dNG Leiden +voor 23-5-1670) Verver, Uyterstegraaf (1654), St. Jorissteeg (1669); huwt (1) Leiden NG (ot) 5-5-1654 Jannetje Hermans (*Deventer); huwt (2) Leiden NG (ot) 2-1-1669 Aryaantje Cornelisse van Vyanen (*Rotterdam). Zijn weduwe Aryaentge Cornelis van Vyanen (St Jorissteeg) hertrouwt Cornelis Adriaens van Achthoven, weduwnaar Aryaentgen Andries, wonend in de Kijfhoeck. Getuige bij dat huwelijk o.a. Heijltgen Joris van Rietkercke, schoonzuster in de Boomgaardsteeg (NB: ik kan haar verder niet plaatsen tussen de Rietkerkens)
  4. Lenaert Cornelisz van Rietkerke (+voor 1674), wonende te Vrouwencamp, varendgezel, huwt Leiden (NG ot) 23-6-1638 en Warmond NG 18-7-1638 Neeltje Jansdr te Vrouwencamp. Neeltje is een stiefdochter van Lijsbeth Gerrits, waarschijnlijk dochter van Jan Arentsz van Schagen (die Warmond (Leiden ot 31-3-1637) trouwt met Lijsbeth Gerrits, weduwnaar en eerder gehuwd 1630 met Divertje Dircx, daarvoor gehuwd met Annetgen Jans); weduwe Jans huwt (2) Mathijs Cornelis Vriesecoop (*Warmond +Leiden voor 1684); zij huwt (3) Leiden NG ot 3-6-1684 Arna Roso, weduwnaar Annetge Cornelis
TerugBegin van generatie

4.914   Jan van COMMENE

FamilienaamIndex 4.914Vader 9.828Moeder 9.829

Geboren ca. 1605


Huwt voor 1630

4.915   N.N.

Index 4.915 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Aaltje Zie 2.457
TerugBegin van generatie

4.920   Pieter Jansz ENKELAAR

FamilienaamIndex 4.920 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren ca. 1575
Overleden Arnhem voor 18-4-1634

ONA Rotterdam (18-4-1634 inv no 342 fol 85): Annitgen Pieters Enckelaer, jongedochter, machtigt Pieter Pietersz Enckelaer, haar broer, om te Aernhem van Juriaen Valck, haar voogd, het onder hem berustende gedeelte te ontvangen, haar aanbestorven door overlijden aldaar van haar ouders Pieter Jansz Enckelaer en Aeltgen Dircxs.

ONA Rotterdam (464 fol 70 dd 28-11-1640) Pieter Pietersz Enckelaer, cleermaker, machtigt zijn zwager Francois de Bruggewecht, wonend op 't fort Frederick Hendrick, (doorgestreept: Bergen op Zoom) om voor hem en zijn broers en zusters van hun zwager Gerrit Vinckebooms, mede wonend op 't fort, een inventaris te vorderen van de goederen die Gerrit met hun overleden zuster Annetje Pietersdr in gemeenschap heeft bezeten, de goederen te scheiden, te verdelen, eventueel te verkopen, de penningen te ontvangen en alle zaken af te wikkelen.

Van dit echtpaar geen kinderen aangetroffen na 1608 wanneer de NG doopboeken beginnen. Mogelijk beiden overleden voor 1626 wanneer de begraafboeken beginnen; daarin komen ze namelijk niet voor.

Mogelijk verwant aan: Derck Enclaer (*Velp ca. 1620), vader van Peter Derckson Enklaer (*Velp ca. 1645), vader van Jan Peters Inklaer (*Velp dNG 20-03-1670); vgl genealogie Enkelaar.


Huwt voor 1606

4.921   Aeltgen DIRCXS

FamilienaamIndex 4.921 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden Arnhem voor 18-4-1634

Kinderen

  1. Pieter Zie 2.460
  2. Anna (+voor 28-11-1640), ongehuwd en kennelijk wonend te Rotterdam in 1634; huwt later Gerrit Vinckebooms (+na 1640)
  3. Martijntje (+voor 1655), huwt Francois Burghwech (alias de Bruggewecht); hij huwt (2) als weduwnaar wonende Fort Frederick Heyndrick Leiden (NG ot) 23-9-1655 Magdaleentge Claesdr van de Poll wonende te Maeren.
TerugBegin van generatie

4.922   Cornelis WAERTS

FamilienaamIndex 4.922Vader 9.844Moeder 9.845

Geboren 1586
Overleden Rotterdam b30-9-1646

Schutter (1627). Pontgaarder, 1642 aan de Rystuin, bij overlijden aan de Botersloot. Vermoedelijk neef respectievelijk oom van Franchoys en Johannes Weerts (gehuwd met Annetje jans; zij werd begraven Rotterdam 12-9-1649). Vermoedelijk verwant aan Pieter Waerts (zilversmid, man van Dina Jans, begraven Rotterdam 27-6-1649)

ONA Rotterdam (84 fol 838 dd 14-5-1626) Cornelis Adryaensz van Beemden pontgaerder, en Cornelis Waerts pontgaerder, stellen zich borg voor Jacob Jansz Meuje coopman, ten behoeve van Heynrick van Rijnnevelt coopman, voor een bedrag van 6.500 gulden, volgens een wisselbrief, op genoemde Meuje getrokken door: Adryaen van Rijnnenburch, en Johan Verpoorten te Nantes op 08.04.1626. Tevens voor een bedrag van 500 gulden dat Heynrick van Rijnnevelt competeert vanwege Cornelis Cornelisz Kat van Durckerdam schipper, van het schip de Kat, volgens een connossement, getekend te Rochel op 15.04.1626, ten gunste van Michiel Heer, over 140,5 vaten 1garste, geladen te Maran. Dit connossement wordt aan beide borgen overgedragen om uit de opbrengst van deze goederen de door hen te betalen bedragen te verhalen.

ONA Rotterdam (92 fol 418 dd 2-11-1627) Pieter Gielisz, 41 jr, bouckbinder en corporael en Cornelis Waerts, 41 jr, pontgaerder, rotsgesel, beiden schutters, dienende onder capiteyn Joost Verschuyr, verklaren op verzoek van mr Cornelis van Vaeck schoolmeester, dat zij, Pieter Gielis en Cornelis Waerts, met Cornelis van Vaeck, mr Jan Wilsoon en enkele andere rotsgesellen, op 20 oktober de nachtwacht hadden in de Delffsepoort. Mr Jan Wilsoon is toen vreselijk tekeer gegaan tegen Cornelis van Vaeck, schelden, slaan en schoppen, zonder dat Cornelis van Vaeck iets zei of deed.

ONA Rotterdam (84 fol 1208 dd 6-3-1629) Witmoer Aryensen bostelvercooper, stelt zich contra-borg als principaal ten behoeve van Cornelis Waerts pontgaerder, om hem schadeloos te houden van een door hem gegeven borgtocht ten behoeve van Guiljame Pisser Cornet of

Guiljame Pisser cornet, en eigenaar van het huis en de brouwerije, genaamd de Gecroonde Hant en de Drie Ruyten, en dat voor Mathijs Marchelisz brouwer, voor de betaling van 325 gulden voor een halfjaar huur, vervallende 01.05.1629.

ONA Rotterdam (141 fol 270 dd 5-12-1630) Cornelis Waerts, pontgaerder, oud 44 jaar en Cornelis Jans Slecht, gesworen coornmeter, oud 53 jaar, verklaren op verzoek van Jan Crijnen van de Vrij, coorncooper, wonende te Schoonhoven, dat de coopluyden die hier ter stede enige greinen kopen, niet gehouden zijn, aleer zij deze opdoen of verkopen dit van te voren te laten omroepen.

ONA Rotterdam (303 fol 162 dd 26-3-1630) Cornelis Waerts, makelaer, verhuurt aan Leendert Leenderts de Jong een huis op 't Steyger, genaamd de Makelaer, strekkende van de haven tot aan het huis van Jan Jans Maets, belend aan de Steigerstraet, Abraham Pieters, appotecaris, voor de somma van 276 gulden 's jaars met recht van optie na een jaar.

ONA Rotterdam (304 fol 46 dd 28-10-1630) Cornelis Waerts, pontgaerder, legt een verklaring af op verzoek van Jan Bos, schipper te Schiedam, betreffende lasten tarwe, die hij ongeveer 9 maanden geleden heeft gebracht ten huize van Egbert Jacobs. Enige zakken zijn door Bos verkocht aan Elias Fangert te Delft, welke zakken Waerts op 20 februari had verzonden. De resterende lasten tarwe heeft Waerts op 7 maart verzonden, waarbij hem niemand anders als koper bekend was dan Elias Fangert.

ONA Rotterdam (303 fol 123 dd 1-8-1631) Cornelis Waerts, pontgaerder, ongeveer 44 jaar, legt een verklaring af op verzoek van Aernout Lus, schrijver van de compangie van de Heer van Gameren. Op last van deze en van Jacob Jans Muye namens Jacob van Rantwijck, heer van Gameren, ritmeester, gewezen gouveneur te Ravesteyn, is op de soldering van Spiering rogge gemeten, dat afkomstig was uit het magazijn te Ravesteyn. Volgens een gespecificeerde rekening is deze rogge verkocht aan Frans Symons, Barber Maertens, Pieter Aryens, Aryen Leenderts, Maertgen Aryens.

(Volgens kopie akte: op 12-04-1631 gemeten, afgezonden van de corensolders van de Brandenburchse regering binnen Ravensteyn, verkocht aan onder meer Jacob Jacobs te Sommelsdijk, Jacob Cornelisz te Brouwershaven, Jan Harmans, Adriaen Bosselaer te Brouwershaven, Engel Daniels te Gouda en Leendert Jans te Oude Tonge.)

ONA Rotterdam (295 fol 13 dd 14-2-1631) Gerrit Gerritsz, schoenmaecker, verkoopt zijn huis en erf aan de Kipstraet aan Cornelis Waerts, pontgaerder, voor 2300 gulden. Het huis is belend aan de westkant door Hans van Nuffelen, aan de oostkant door Cornelis Blonck, en strekt van de Kipstraet tot achter aan de brouwerije van het Roode Ancker.

ONA Rotterdam (304 fol 136 dd 28-5-1631) Gerrit Fransz Rotteval komt als knecht voor 2 jaar bij Cornelis Waerts, pontgaerder wonen om het in- en verkopen van greynen te leren.

ONA Rotterdam (286 fol 56 dd 6-5-1632) Phillips Willemsz (60) verklaart op verzoek van Cornelis Waerts dat hij in juli 1623 met wijlen Salomon Gillisz, zijn zwager op verzoek van Waerts en Willem Pietersz, backer, in het huis De Sampson in de Hoochstraet van twee secreten één heeft gemaakt en dat toen werd afgesproken dat de twee opdrachtgevers voortaan samen voor de kosten zouden opdraaien.

ONA Rotterdam (idem fol 55 dd idem) Jan Dircxsz Cogel (60), timmerman en Gerrit Cornelisz de Vries (38), metselaer, verklaren op verzoek van Cornelis Waerts dat zij in juli 1623 op verzoek van hem en Willem Pietersz, backer, in het huis De Sampson een secreet hadden opgemetseld en er een deksel op hadden gemaakt en dat er onenigheid was geweest over de verdeling van kosten.

ONA Rotterdam (164 fol 123 dd 7-6-1632) Willem Pietersz [Samson], 58 jr, backer, gewoond hebbende in het huis Sampson op de Hoochstraet, aan de noordzijde, verklaart op verzoek van Elisabeth Clercx, weduwe van Balthen Verdoncq den Ouden, laeckencooper, dat voorn. Willem van Cornelis Weerts, eveneens backer een schuur heeft gekocht. De schuur stond achter het erf van het huis Sampson en was voorzien van een secreet dat door Weerts is afgebroken.

ONA Rotterdam (164 fol 99 dd 16-4-1632) Engel Cornelisz, gesworen makelaer, 35 jr, verklaart op verzoek van Wouter Jansz, coopman wonende te Haerlem, dat in diens opdracht bij ene Cornelis Weert, eveneens makelaer, zakken tarwe zijn opgeslagen. De tarwe is in twee gescheiden partijen opgeslagen en door Jan Gerritsz, gesworen corenmeter verschoten

ONA Rotterdam (291 fol 30 dd 18-6-1632) Teunis Cornelisz, grutter en poorter alhier, bekent 140 gulden schuldig te zijn aan Cornelis Waerts, pontgaerder alhier.

ONA Rotterdam (278 fol 53 dd 2-1-1635) Cornelis Waerts verhuurt aan Sijbrant Barentsz zijn huis en erf in de Kipstraet naast brouwerij Het Ancker voor de tijd van 4 jaar tegen 192 gulden per jaar.

ONA Rotterdam (142 fol 111 dd 14-3-1635) Cornelis Waerts 50 jaar maeckelaer en Cornelis Aryensz 28 jaar eveneens maeckelaer verklaren op verzoek van Jan Jorisz Borsbeecq dat zij een partij erwten hebben gecontroleerd waarvan Borsbeecq een monster had, dat hij had gekregen van Henrick van Hoften uit Nimmegen. De erwten welke zijn vervoerd door schipper Henrick Verlong zijn niet van gelijke kwaliteit als de erwten uit het monster.

ONA Rotterdam (296 fol 7 dd 16-12-1635) Cornelis Waerts [Weerts] verkoopt zijn huis en erf aan de Kipstraet, belend aan de koper ten oosten, Claes Claesz, brouwer, ten westen en achter tot aan de brouwerij van de voornoemde Claes Claesz, aan Cornelis Blonk, cruydenier, voor 800 gulden. Het huis is belast met een rentebrief van 2000 gulden op naam van Egbert Jacobsz van der Heul. Het huis is destijds gekocht van Gerridt Gerritsz, schoenmaecker.

ONA Rotterdam (86 fol 81 dd 30-12-1636) Cornelis Waerts [Weerts] pontgaerder, stelt zich borg voor Jan Fransz Husman coopman te Somersdijck, ten behoeve van Pauwels de Hulter coopman.

ONA Rotterdam (288 fol 155 dd 31-12-1636) Hans Laurensz 60 jaar en Cornelis Adriaensz 29 jaar, verklaren op verzoek van Jan Fransz Husman, schepen in Sommelsdijck, dat zij met Cornelis Waerts en Jan Boom van der Goes bij Lijsbet Jansdr, weduwe van Lodewijck Pijn waren. Jan Boom had 6 balen mee, als lading voor rekening van Husman, om die aan Cornelis Waerts te overhandigen mits hij de verschuldigde 1200 gulden zou betalen. Waerts had hiervoor geen opdracht, maar wel om 900 gulden te betalen die hij uit Amsterdam verwachtte. Boom zou de lading lossen als Waerts 100 pond vlaems zou betalen. Hij verklaarde dat hij zou betalen wanneer hij het geld uit Amsterdam had ontvangen. Dit aanbod sloeg Boom af, en verkocht de lading aan Leendert Pietersz Spaen.

ONA Rotterdam (293 fol 145 dd 22-12-1638) Cornelis Waerts bekent 200 gulden schuldig te zijn aan Leendert de Jong wegens verteerde kosten etc.

ONA Rotterdam (133 fol 238 dd 4-6-1639) Lijsbeth Willems, weduwe van Engel Ponssen, verkoopt aan Jan Pieters Verduyn een smalschip van 28 lasten met toebehoren voor fl 640,--. Borgen voor Jan Pieters zijn: Maertgen Jorisdr, wed. van capteyn Fugereus van der Linde; Cornelis Waerts, maeckelaer. Jan Aryens Goethart vrijwaart genoemde Cornelis Waerts voor aanmaningen inzake zijn borgtocht.

ONA Rotterdam (306 fol 68 dd 9-6-1641) Jan Jacobsz van der Hoeve, backer, bekent 100 caroligulden schuldig te zijn aan Cornelis Waerts. Arent Jacobsz van der Hoeve, zijn broer heeft het geld van Waerts geleend.

ONA Rotterdam (269 fol 174 dd 16-2-1641) Cornelis Waerts en Aertge Lambrechts, vrouw van burgemeester Colster, hebben een contract gesloten. Aertge Lambrechts grenst met haar huis en erf, gelegen aan de westzijde van de Hooftstege, aan het huis en erf van Waerts, gelegen in de Rijstuin. Waerts mag zijn eigen muur tegen die van Aertge Lambrechts bouwen, hem bepleisteren of er steentjes tegenaan leggen. Ook mag hij een loden afvoerpijp plaatsen, en dat alles op haar kosten. Verder wordt er nog wat over hoogte van de muur en de goten vastgelegd.

ONA Rotterdam 24-2-1642: Cornelis Waerts, pontgaarder, en Bejatris Fransdr, zijn vrouw, maken hun testament op en legateren 300 caroligulden aan Grietgen Waerts, hun dochter, vrouw van Pieter Pietersz Enckelaer.

ONA Rotterdam (86 fol 562 dd 4-8-1643) Abraham Jansz Voschol wonende te Vlaerdingen voorheen te Maeslantssluys, verklaart 3 lasten Poolse tarruwe voor 143 goutgulden per last gekocht te hebben van Sywert Salm coopman te Amsterdam. De koper heeft tijdens het vervoer 8 zakken omgewisseld voor andere tarwe die hij kocht van Pieter Adryaensz coorncooper. Hij heeft de partij door bemiddeling van Cornelis Waerts maeckelaer, verkocht aan de weduwe van Jan Snaets, maar heeft daarvoor nog geen betaling ontvangen.

ONA Rotterdam (307 fol 293 dd 17-12-1643) Maertgen Aeryens, weduwe van Adriaen Hendricx van Oosterom, verkoopt aan Abraham Jacobs (van) Toor haar huis aan de Huybrugge, voor 3700 gulden. Het huis is belast met 2500 gulden ten gunste van Aeriaentge Matelief. Het huis staat tevens borg voor 4000 gulden op het huis van Claes van Taelingen, cruydenier in de Hooftsteech. (…) Cornelis Waerts, schoonvader van Toor stelt zijn huis in de Rijsthuyn als borg.

ONA Rotterdam (279 fol 134 dd 20-11-1644) Cornelis Waerts, wonend alhier, en Abraham Jacobsz van Toor, zijn schoonzoon, gaan met elkaar een overeenkomst aan betreffende de bediening en verkoop van greijnen en factorijen. Kantoor wordt, zoals voorheen, gehouden bij van Toor en ook de betaling van goederen geschiedt bij hem, waarvoor hij 600 gulden per jaar zal genieten.

ONA Rotterdam (279 fol 144 dd 28-3-1645) Cornelis Waerts besteedt zijn zoon Franchoijs Waerts uit bij Cornelis Heindricxsz om het ambacht van laeckenbereijden of droochscheeren te leren. Zij maken de volgende afspraken: de duur van de leertijd is twee jaar; hij krijgt kost en inwoning en bewassing; hij hoeft niet op zon- en feestdagen te werken; hij zal zowel in het pakhuis als in de winkel het beroep leren; Cornelis Waerts zal iedere week 3 stuivers betalen aan Cornelis Heindricxsz gedurende de twee leerjaren.

ONA Rotterdam 19-10-1646: Abraham Jacobsz van Toor, getrouwd met Annetgen Weerts, Pieter Pietersz Enckelaer, getrouwd met Grietge Weerts, Pieter Jansz Vos getrouwd met Maria Weerts en Franchoys Weerts, namens Franchoys Mosselman, getrouwd met Francijne Weerts, kinderen en erfgenamen van Cornelis Weerts en Beitaris Frans, bekennen door afrekening met Johannes Weerts, hun neef, wegens de administratie van hun vader gedaan t.a.v. verhuur van hun huis in de Rijstuyn aan de laatste eerst een bedrag van 140 gulden te zijn, en vervolgens nog een bedrag van 204 gulden ter voldoening van doodschulden etc. van hun vader. Ze betalen dit aan hem terug uit de jaarlijkse inkomsten uit dit huis.

ONA Rotterdam (309 fol 3 dd 3-3-1647) Maertgen Hendricx, meerderjarig jongedochter, en haar neef Pieter de Vos verklaren van kracht te houden het contract dat de laatste en Maria Cornelis Waerts voor hun huwelijk hebben gemaakt. Maertgen zal aan Pieter de Vos een bedrag van 300 gulden betalen die zij tegoed heeft van de erfenis van zijn grootmoeder Metgen Pieters, volgens testament d.d. 9-3-1630 gepasseerd voor wijlen notaris Jacob van der Swan. Na Maertgens overlijden zullen al haar goederen en de vruchten daarvan in bezit blijven van Pieter de Vos en zijn nazaten. Met goedvinden van De Vos zal een huis en erf aan de westzijde van de Schiedamschendijck op naam van Maertgen worden overgedragen, die zij op 5 december 1646 heeft gekocht van Willem Jansz van Warmenhuysen. (…) Pieter de Vos is gehouden na het overlijden van Maertgen Hendricx 300 gulden uit te keren aan zijn zuster Lijsbet Jans de Vos.

ONA Rotterdam (312 fol 232 dd 11-2-1651) Leendert de Jong staat borg voor zijn zoon Ludolf de Jong voor het geld dat terugbetaald moet worden aan de erfgenamen van Cornelis Waerts en Beatris Fransdr die beiden zijn overleden.

ONA Rotterdam (163 fol 14 dd 12-3-1628) Jan Gerritsz Couwenburch, comys op 't comptoir van de convoyen, 31 jaar, verklaart, op verzoek van Cornelis Adriaensz van Beemden, dat hij in de herfst van 1624 aanwezig was, toen het contract van societeyt of gemeenschap van neringe van maecklaerdij met Cornelis Weertsz, zijn zwager gemaakt is, waarna zij woorden krijgen en Cornelis Weerts, Cornelis van Beemden van het contract ontslaat.


Huwt Rotterdam NG 15-4-1608

4.923   Beatrix FRANS

FamilienaamIndex 4.923Vader 9.846Moeder 9.847

Overleden Rotterdam b2-3-1642

Bij huwelijk jongman en jongedochter.

ONA Rotterdam (390 fol 139 dd 27-7-1636) Jan Jorisz Borsbeecq, 30 jaar, Gangeloff Mattheusz van Goutum, 54 jaar, Cornelis Reyniers Zaffaers, 40 jaar, Jan Cornelisz van Steyn, 40 jaar, en Lijsbeth Thomasdr, vrouw van genoemde Zaffers, 41 jaar, leggen een verklaring af op verzoek van Louwijs de Bruyn. Op Woensdag 23-7-1636 vóór het huis en de plaats, genaamd de Hoyberch buiten deze stad, vertelde Gerrit den thuynder en zijn vrouw hun dat de blickslagerszoon op 't Steyger zijn kind, een meisje van 7 jaar, had bedorven, zodat het bloed overliep. Corsteaen de Bruyn heeft het meisje ook gezien en gehoord. Zij was door de jongen in de buik getrapt, maar niemand heeft bloed gezien. De naam Beatrix Fransen, vrouw van Cornelis Waert, is doorgestreept.

Kinderen

  1. Anna, huwt Abraham Jacobsz van Toor
  2. Grietje Zie 2.461
  3. Francine; huwt Rotterdam (stadstrouw) 29-5-1844 Franchisius Mosselmans alias Franchoys Mosselman (jongeman van Antwerpen)
  4. Francois (vermeld 1645); huwt Marytgen Maertensdr (mutueel testament 10-6-1648; hij is dan pontgaarder in de Rystuin)
  5. Maria, huwt Pieter Jans de Vos (huw. Voorwaarden ONA Rotterdam (271 fol 142) dd 26-11-1643)
TerugBegin van generatie

4.926   Dirck QUANTS

FamilienaamIndex 4.926 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Zeker niet de Dirck Cornelisz Quant die in 1613 (inv no 79 fol 126, notaris Jacob van Tethrode) en 1619 (282:126, notaris Jan Mote) voorkomt in het Notarieel Archief van Leiden. In 1613 is deze al 63 jaar oud.


Huwt

4.927   N.N.

Index 4.927 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Tanneke Zie 2.463
TerugBegin van generatie

4.936   Cornelis Gielisse QUEBORN

FamilienaamIndex 4.936Vader 9.872Moeder 9.873

Geboren Breda dRK 5-6-1586, getuigen Johannes Francisci en Catharina Cornelij Doenssen (zijn tante)
Overleden Rotterdam 13-12-1640

Gasthuismeester van het Elisabeth Oudevrouwenhuis (1639), houtverkoper. Op 26-8-1640 met o.a. Anneke Jans van Alphen betrokken bij de verkoop van een huis 'bij de Boterbancken' in Willemstad (NA Bergen op Zoom, inv. 67, akte 193 fol 393). Merk op: Cornelis testeert 12-1-1640, wijzigt nog eens op 19-1, zijn weduwe maakt nieuwe huwelijkse voorwaarden in juli. Overlijden dus niet in december 1640 maar vermoedelijk februari!

Naast houtkoper (houtkoopman, koopman) ook blikslager/schrijnwerker (NA Rotterdam 1619-1634) en uit dien hoofde hoofdman van het Sinte Loysgilde (1619-34). Hij tekent ook als Queborre.

Notarieel Archief Rotterdam:

Vermeld als voogd van zijn schoonzuster Jannetjes weeskinderen (1623) en als erfgenaam van zijn schoonvader (1626). Hij woont dan in de Lamsteeg.

Vermeldingen als blickwercker en hooftman (34 jaar) van van het Sinte Loysgilde (1619, 1620), als 49-jarige hoofdman in 1634 en als oud-hoofdman in 1637.

Als houtkramer: verhuurt een huis aan de Melkmarkt (1627), verkoopt (vermoedelijk dat) huis genaamd de Kaerskorf later in 1627; de huurder (kapitein Willem Bouwensz Keert de Koe) bekent in 1628 een huurschuld te hebben. Verhuurt in 1628 een huis in de Hoogstraat naast huis De Houtcramer aan zijn zwager Pieter Jacobsz, krijgt in 1628 een vierde deel van zijn schoonvaders huis aan de Hoogstraat, en koopt in 1631 de helft van een woning daar. Verklaart in 1629 (alks houtcramer op de Hoogstraat) bijna 5000 pond hout gekocht te hebben, en in 1635 2900 gulden schuldig te zijn over geleverd hout uit Dordrecht, in 1637 750 gulden over idem.

Zonder beroepsvermelding: borg (1629) voor een schuld, verkoper van een huis aan de Slickvaert in 1634 en nog een huis daar in 1637.

Mutueel testament in 1636 van Cornelis en Hester in de Hoogstraat, met vermelding van een legaat van 1000 gulden voor de kinderen Jacob, Gillis en Maria, en bruidsgift voor Annetje.

ONA Rotterdam (54 fol 1629 dd 13-12-1612) Cornelis Gillisz blickwercker en zijn vrouw Hester Jacobsdr, wonende Lamsteege. Mutueel testament met onderhoudsplicht voor de kinderen en uitsluiting van voogden en weeskamer. [marge: door Hester Jacobsdr geannuleerd op 23.02.1629]

ONA Rotterdam (66 no 243 dd 23-2-1629) Ester Jacobsdr vrouw van Cornelis Gillisz, blickwercker, benoemt tot erfgenamen haar kinderen. Dit testament maakt het testament van 13.12.1612 ongeldig.

ONA Rotterdam (85 fol 493 dd 16-7-1632) Susanna Adrijaensdr, sijdelaeckencoopster, laatst weduwe van Heijnrick Leendertsz, Jan Claessen van Sorghen, coopman en Cornelis Gielisz Queborn, houtcramer, stellen zich borg voor Adrijaen van Sorgen, mede coopman, vanwege de ontvangst van een bedrag van 1.682 gulden, waartoe Thomas Crafordt, coopman, wonend te Delff is veroordeeld te betalen aan Adrijaen van Sorgen en om deze gelden aan Crafort te restitueren.

ONA Rotterdam (256 fol 201 dd 6-5-1633) Henrick Jeppen, Engelsman, wonende te Leyden, machtigt Cornelis Gillisz Queborn om op 't Raethuys uit de gelden, afkomstig uit de goederen van Philps van der Monde, waarop beslag was gelegd 556 gulden te innen wegens geleverde cousen.

ONA Rotterdam (258 fol 390 dd 1-6-1636) Cornelis Gillisz Queborre machtigt Jan van Doorhoff om bij Pieter Adriaensz Blonckert 30 vlaamse ponden te innen die hij schuldig is aan de Admiraliteyt van Zeeland wegens geleverd blockwerck.

ONA Rotterdam (416 fol 123 dd 17-9-1636) Verklaring voor Jan Claesz van Sorgen. Cornelis Gillisz Queborne, oud 51 jaar; en Cornelis den Haen, 35 jr; verklaren Jan Claesz te kennen als een eerlijk man. Hij heeft meestal bij hen in de buurt gewoond. Hij heeft nooit in enig land dienst gedaan.

ONA Rotterdam (259 fol 177 dd 13-6-1637) Daniel Stoppelaer en Jan Claesz. van Sorgen leggen een verklaring af op verzoek van Gillis Cornelisz. Queborn. Zij verklaren dat hij nooit in militaire dienst of bij de burgerwacht is geweest.

ONA Rotterdam (261 fol 307 dd 23-11-1637) Cornelis Gillisz Queborn machtigt Gillis Cornelisz Queborn, zijn zoon, om zijn zaken waar te nemen en vorderingen te innen.

ONA Rotterdam (151 fol 158 dd x-4-1637) Matthijs Paradis verkoopt aan Jan Bijvangh en Cornelis Gillisz Queborn een partij houtwerck voor 3400 gld en belooft deze met zijn schip te brengen van Dordrecht naar Rotterdam.

ONA Rotterdam (269 fol 79 dd 2-7-1638) Jan Brant en Cornelis Gillis [Queborne] hebben overeenstemming over een muur tussen hun huizen. Deze zal gemeenschappelijk eigendom worden, waarvoor Brant geld krijgt. Er blijft een opening van 3 voet 10 duijm. Als Jan Brant zijn ankers uit de muur haalt krijgt hij hiervoor 15 gulden.

Idem (vervolgakte dd 2-8-1638) Jan Brant en Cornelis Gillisz Queborne hebben overeenstemming bereikt over het aanleggen van een loden goot tussen hun huizen. Jan Brant betaalt tweevijfde deel en Cornelis Gillisz drievijfde omdat de goot op zijn gebied loopt. Het onderhoud is gemeenschappelijk en Jan Brant kan het regenwater in zijn waterbak laten lopen zolang hij wil.

ONA Rotterdam (326 fol 393 dd 6-7-1638) Jan Brant, eigenaar van een huis op de Oosthoek van de Lamsteech en Cornelis Gillisz Queborn, eigenaar van het huis daar vlak naast, sluiten een overeenkomst aangaande een gemeenschappelijke muur. Queborn heeft het huis overgenomen van Maertje Jansdr, weduwe van Jacob Jansz Roos, burgemeester.

ONA Rotterdam (327 fol 737 dd 23-12-1639) Gedion Moyses, Abraham Willemss, man van Ariaentgen Moyeyses, Cornelis Gilliss Queborn en Jan Juriaenss, schrijnwercker, de laatste 2 als voogden van Fijtgen Moeyses, allen erfgenamen van Aertjen Rochiersdr volgens haar testament d.d. 20-07-1638 voor notaris Dirck Tieloos gepasseerd (de ene partij) hebben onenigheid over het genoemde testament met Franck Bruynen en Aert Tomas Bos, man van Aeffgen Bruynen, mede namens Claes Bruynen, allen kinderen van wijlen Bruyn Gedionss en wijlen Aeffgen Vrancken (de tweede partij).

ONA Rotterdam (46 fol 27 dd 13-9-1640) Jacob Cornelisz Queborn, Ghillis Cornelis Queborn, Jan van der Kemp, gehuwd met Annetje Cornelis Queborn, en Abraham Jacobsz, gehuwd met Maria Cornelis Queborn, zijn kinderen en erfgenamen van Cornelis Gillisz Queborn. Zij machtigen Adriaen Havelaer, notaris, om met alle personen waarmee Cornelis Gillisz gehandeld heeft de zaken tot het einde toe af te wikkelen.

ONA Rotterdam (271 fol 53 dd 12-5-1643; ook ONA 305 no 37) Johan van der Kemp, man van Annetge Cornelisdr Queborre, machtigt Jacob Bonsinck, procureur te Utrecht, om bij Hendrick Barents van Casteelen te Utrecht, 33 gulden en 15 stuivers te innen, die hij tegoed heeft ter zake van geleverde waren die Barents van zijn schoonvader, Cornelis Gillisz Queborre heeft betrokken.

RA Rotterdam NA (7-11-1635) Cornelis Gillisz Queborn bekent 2900 gld schuldig te zijn aan Gillis Wijnantsz van der Eijck wegens de levering van houtwerk door Herman Lensz, coopman uit Dordrecht. N.B. Queborn tekent met Cornelis Gillisz Queborre

Handschriftenverzameling GA Rotterdam nr 2779, Stukken betreffende een pand op de westzijde van de Slikvaart, hoek Cellebroerssteeg (Prot. No. 1797): Giftebrief, verleden voor schepenen van Rotterdam, waarin Adriaen Havelaar, secretaris van Hillegersberg, procuratie hebbende van Cornelis Gillis Queborn, het pand verkoopt aan Willem Jacops Coppe (10-7-1634).


Huwt (1) Rotterdam 25-3-1607

4.937   Hester Jacobs van den BOSCH

FamilienaamIndex 4.937Vader 9.874Moeder 9.875

Geboren ca 1575
Overleden Rotterdam 20-12-1636

Mutueel testament op de langstlevende ONA Rotterdam 812:583 (1636).


Huwt (2) Rotterdam 25-11-1637

Maria de GRAAF

FamilienaamIndex

Geboren Rotterdam


Zij huwt (2) Rotterdam 1640

William HARRIS

FamilienaamIndex

Geboren Engeland

Op 1-7-1640 sluiten Maria de Graaf en Willem Herris (Wijlam Harris) huwelijkse voorwaarden.

Kinderen

  1. Jacob (*Rotterdam 1610 b Rotterdam 12-2-1687), houtkramer in de Hoogstraat. Huwt (1) Middelburg 30-8-1637 Sara Jacobs (*Middelburg +Rotterdam 7-9-1653); hieruit Adriaentje (dNG Rotterdam 12-2-1653 bRotterdam 24-11-1730) die huwt Bergschenhoek 8-2-1676 met Jacobus van der Hutten, voorouders van Mr Pieter van Vollenhoven (Bron Genealogie Vollenhoven). Huwt (2) Rotterdam 4-8-1654 Anna Schrijvers (*Swaenenburgh in het land van Gulik +Rotterdam voor 12-2-1687). Jacob is in Bergen op Zoom 4-5-1660 betrokken bij incasso van een schuld (NA BoZ inv nr 84 akte 49)
  2. Annetje (*Rotterdam) huwt Rotterdam 16-9-1631 Jan Lambrechtsz van der Kemp, schoolmeester te Rotterdam
  3. Neeltje
  4. Magdaleentje
  5. Gillis (dNG Rotterdam 25-4-1618 +voor 7-11-1619)
  6. Gillis (1619-1681) Zie 2.468
  7. Maartje (dNG Rotterdam 20-12-1620) huwt Rotterdam 13-5-1640 Abraham Jacobsz
  8. Cornelis (dNG Rotterdam 1-4-1622 +voor 1626)
  9. Hendrikje (dNG Rotterdam 18-6-1623)
  10. Cornelis (dNG Rotterdam 10-12-1626 +voor 1681), procureur voor de raad van Brabant, 1671 notaris in Den Haag. Huwt Schiedam 14-7-1660 Hillegonda van der Hoeven (*Delft); zij hertrouwt Schiedam 28-8-1683 Adrianus Gagius. Hillegonda voert als weduwe in 1681 een proces tegen de schepenen van Margraten.
  11. Hester (dNG Rotterdam 10-12-1626) huwt Gillis Queborn, een (achter)neef? Zij innen een schuld op 16-7-1663 (NA BoZ Inv nr 113a akte 58) in Bergen op Zoom.
TerugBegin van generatie

4.938   Jan Godert Mertensz van ALPHEN

FamilienaamIndex 4.938Vader 9.876Moeder 9.877

Gedoopt NG Breda 25-7-1582
Overleden Breda 29-9-1622

Overman in het brouwersgilde.

NB in DTB Bergen op Zoom komt ook een Adriaen Jacobs van Alphen voor vanaf 1638, gerelateerd aan o.a. Govert Jacobs van Alphen (gehuwd 1636 met Catelyne Bollaerts) en de familie Bollaerts. De andere (‘mijn’) Adriaen trouwt netjes als Adriaen Jansen van Alfen.


Huwt (1) Breda 20-2-1605

4.939   Fransken Adrians van TETERINGEN

FamilienaamIndex 4.939Vader 9.878Moeder 9.879

Geboren Teteringen
Overleden Breda b 28-4-1621


Huwt (2) Breda 20-5-1622

Maria WAELEN

FamilienaamIndex

Kinderen

  1. Anna Jans van Alphen (1618-1651) Zie 2.469
  2. Govert (+Breda 29-6-1667, bGrote Kerk 2-7-1667), schout van ’s Gravenmoer en schepen van Breda in 1652; later secretaris van Breda, testeerde vermoedelijk 16-10-1635, mogelijk gehuwd met Neesken Bogers.
  3. Adriaentje, vermeld DTB 1634
  4. Maeyken, vermeld DTB 1636
  5. Adriaen (*Breda +na 1685), huwt Bergen op Zoom NG (ot 23-3) 17-4-1629 Dingentien (Digna) Bollaerts. Adrianus was in 1665 burgemeester en 1685 oud-burgemeester van Bergen op Zoom

  6. Kinderen
    1. Johannes (dNG Bergen op Zoom 25-6-1630, getuigen Jacob Bollart, Catherina Beens)
    2. Jacob (dNG Bergen op Zoom 10-12-1632, getuigen Maria Walen, Dirkxen van Son)
    3. Francijntjen (dNG Bergen op Zoom 17-11-1634, getuigen Marcus Swerius, Govaert van Alphen, Janneken Bollaerts, Adriaentjen van Alphen)
    4. Franchois (dNG Bergen op Zoom 13-1-1636, getuigen Jacob Bollaert, Cornelis Aelbrectssen, Maeyken van Alphen, Catharijna Bollaert)
    5. Francoys (dNG Bergen op Zoon 1-3-1637, getuigen Govaert van Alphen, Maeyken Bollaert, Jenneken Cornelis)
    6. François (dNG Bergen op Zoom 23-11-1640, getuigen Gillis Cornelissen Queeborne, Geertruijt Vaius, Dingentien Beens)
    7. Francois (dNG Bergen op Zoom 8-11-1641, getuigen Jacob Bollaert de Jonge, Dingentkjen Beens)
    8. Adriaen (dNG Bergen op Zoom 21-10-1644, getuigen Gillis van Queeborne, Willemyntje Schraguwen)
    9. Govaert (dNG Bergen op Zoom 16-10-1647, getuige Govert Jansen van Alphen)
    10. Anthoni (dNG Bergen op Zoom 6-9-1650, getuigen Johannes Ythogen, Maria Meyers)
  7. Rogier (hypothetisch), vermeld in een notariële akte van 1685 met Adrianus van Alphen en Cornelis Queborn; secretaris van Dongen
  8. Johannes van Alphen, oud-schepen van Breda, vermeld 1665 ONA Den Haag (516:233 dd 17-7-1665)
TerugBegin van generatie

4.940   Reinier de NIJS VAN DEN BERGH

FamilienaamIndex 4.940 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren voor 1595
Overleden Den Haag na 1650

Zwaardveger, burger van Den Haag 2-7-1630. Kan ook een broer of andere verwant zijn van Arnout, in plaats van de vader.

ONA Den Haag (77:122 dd 3-5-1647) Dirck Pietersz Bouman verhuurt een huis aan Pouwel Jansz, schoenmaker. Reijnier de Nijs tekent met een ongeoefende hand als getuige.

ONA Den Haag (119:2 dd 3-1-1650) Christoffel Jacobs Heijnus (?), mannenlecker?, en Maria du Pier, echtelieden, testeren op e langstlevende. Getuigen zijn Aernout en Reynier de Nijs, de laatste tekent met een handmerk.


Huwt

4.941   N.N.

Index 4.941 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Arnout Zie 2.470
TerugBegin van generatie

4.942   Leendert Jans van RHIJN

FamilienaamIndex 4.942 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Gedoopt NG
Overleden 's Gravenhage voor 1638

Mogelijk verwant: Leendert Cornelis van Rijn, vermeld ONA Den Haag (36:28 dd 14-2-1638) als hoedemaker, huurt van Sebrant Huijbrechts een huis aan het Spui bij het Amsterdamse Veer voor een jaar a fl 154.

ONA Den Haag (844:57 dd 2-2-1683) Engeltje Leenders van Rijn weduwe Gillis Roelofs van Ingen, testeert. Legateert haar bedden aan haar vier nog levende dochters; de dochters Barbara en Maria mogen in haar huis blijven wonen voor fl 60 in het jaar ten laste van hun erfdeel; verder wordt de erfenis gelijk verdeeld onder de vijf kinderen. Voogden zijn Cornelis Queborn en Jacobus Berckman.


Huwt (1)

4.943   N.N.

Index 4.943 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden voor 1626


Huwt (2) Den Haag 18-1-1625

Jacobmijntje van KENINGSBERGE

FamilienaamIndex

Volgens Prometheus VIII:164 ‘van der Vinck’.


Zij huwt (1)

Tobias DIRCX

FamilienaamIndex

Overleden voor 1625

Schrijnwerker.

Kinderen

  1. Barbara Zie 2.471
  2. Maria; getuige
  3. Engeltje; getuige; huwt Gillis Roelofs van Ingen (+voor 1682)

  4. Kinderen
    1. N., een zoon, woont in 1682 te Arnhem
    2. N., een dochter
    3. N., een dochter
    4. Barbara
    5. Maria
TerugBegin van generatie

4.952   Jonker Jacob III van den EYNDE JUD

FamilienaamIndex 4.952Vader 9.904Moeder 9.905

Geboren Delft 1544
Overleden Woerden 23-12-1628

Bijgenaamd 'jonge Jacop' (1589), ridder (als zodanig vermeld in 1618-32 OV 1986:362). Studeerde te Leuven (aug 1558), doctoraat in de rechten (JUD). Gesignaleerd in DTB met compagnie 1601 te Breda, 1586 te ’s Heer Arendskerke. Kastelein (=Kapitein), superintendant en gouverneur van Woerden (1589 of) 1600-1625. Dichter (in het Latijn); Boxhoorn bezat een (onuitgegeven) manuscript van hem. Ambachtsheer van Sandelinghe (8-5-1594; OV 1989:304).

Mogelijk verwant aan de Van den Hendes uit Eekloo, met vergelijkbaar wapen (Navorscher 1873)?

Mogelijk de Jakob Van Eynde, Laico, Bewohner der Diöcese von Lüttich, die op 19-1-1563 getuige is met Nikolaus Van Cruyningen, Clerico, bij het testament van Dirick Van Lynden en Marie Van Elderen voor notaris Bauduin de Pede in Luik.(Navorscher 1896:412).

Foppens duidt hem aan als vir nobilis, commandant van Woerden, en auteur van de dichtbundel in manuscript 'Aenigmatum', in bezit van Boxhoorn in 1629 (?). Idem in Bleyswijck (802), hier 'gestorven op hoge leeftijd'.

In 1572 wordt Mr Jacob van den Eynde (deze Jacob, of zijn dan al overleden vader) voor 100 gulden aangeslagen in een geforceerde geldlening aan de Staten van Holland als inwoner van Den Haag of Wassenaar (Wapenheraut 1900:225).

Jacob wordt in 1584 met zijn zwager Dirck van Leeuwen voogd over de minderjarige zwagers Arent en Damas van Loo te Leiden, kinderen van wijlen Albrecht van Loo (CBG 1979:116).

Als 'jonge Jacob' verkoper van grond in Baertout Saet in Delft voor 1589 (OV 1986:728).

De halve leen in Popswoude bij Overschie (OV 1998:202) die Hugo van den Eynde in 1518 bezat, daarna zijn zoon Jacob I en kleinzoon Jacob II, komt in 1574 toe aan Cornelia van den Ende weduwe Dirck Christiansz van Alkemade; in 1630 is zij in handen van een andere Cornelia van den Eynde, de vrouw van Hendrik van Raaphorst, gezamenlijk met Albert van den Einde 'zijn zwager, bij dode van Jacob van den Einde, kastelein en superintendant van Woerden, ridder, haar vader'.

Erft op 28-3-1572 Huis ten Dom in Voorburg van zijn vader (OV 1986:361), verkocht 30-1-1618 aan dochter Cornelia (OV 1986:176-7), en erft op dezelfde dag huis Bolgerstein in Rotterdam (OV 1986:177). Erfde op 5-5-1572 van zijn vader 2 morgen 3 hond land in Delfland (overgedragen op 30-1-1618 aan dochter Cornelia) en op 28-2-1572 land in de IJssellenen(Philips bij de gratie Gods koning van Castillien etc. beleent als heer van Altena Jacob van den Eynden met de helft van de koren-en smaltienden van West-IJsselmonde, hem aangekomen door overlijden van zijn vader Jacob; GA Rotterdam Regesten IJsselmonde nr 57, origineel m. zegel inv.nr. 1830).

In ORA Voorburg 1614-15 nog vermeld als landeigenaar, in 1619 genoemd i.v.m nalatenschap jonker Cornelis van Loo. Daar in 1628-35 nog genoemd (or. Akten verloren). Op 8-5-1594 beleend met een boerderij in de polder Geestdorp onder Woerden (OV 1989:304); deels verkocht op 6-9-1597.

Droeg op 2-3-1585 als echtgenoot van Catharina van Loo 26 morgen land (die goeden van de Hoec) in Wateringen over aan zijn schoonzus Maria van Loo (OV 1962:90). Op 26-7-1587 vermeld (OV 1987:481-2) met een jaarrente aan het Oude Gasthuis te Delft, als opvolger van zijn vader Jacob en grootvader Hugo. Maakt testament op 10-1-1628 (ook een octrooij op 8-4-1613 vermeld; OV 1986:177). In het Versweerboek van Delft vermeld in 1589 als verkoper van 2 hond land in Bartout Saat aan de oostzijde van Delft (OV 1986:728).

De Wapenheraut (1901:275) meldt de doop in Middelburg op 2-3-1576 van Caritas, kind van kapitein Joos van de Eijnde binnen Zierikzee. Een eventuele verwantschap is onduidelijk.

Weeskamer Den Haag 28-9-1584: Jacob regelt voogdij over zijn twee onmondige kinderen. Volgens NL 1969:111 vertoonde Jacob na de dood van zijn eerste vrouw Van Hogendorp ter regeling van de voogdij in 1584 alleen de kinderen Jacob oud 8 en Elisabeth oud 5 jaar; de laatste is waarschijnlijk jong gestorven.

In een brief van 17-12-1590 geven de Staten van Holland Jacob opdracht hun tevredenheid over te brengen over het optreden van de (Calvinistische) predikant Zegerus van Woerden, en hun belofte van steun aan hem tegen de (Lutherse) Ligarius; dit in het kader van de campagne om de (Luthers georiënteerde) kerk van Woerden in het (Calvinistische) gareel te krijgen (Haitsma p. 13).

Komt in het Weeskamerarchief en Notarieel Archief van Woerden vanaf 1586 voor als kapitein en kastelein (met de bouw van het bolwerk werd in 1589 begonnen), maar hij was daar niet steeds gelegerd.

Jacob bezit grond in Woerden onder ’s Gravensloot (NA Woerden 8498 nr 35 13-1-1605: Oost van 5.5 morgen behorend aan de erven Frans Dircx en Wijntgen Jans; Weeskamer 4:403, 17-12-1621: Belending ten Westen van 2 morgen in ’s Gravensloot van het weeskind van Aert Cornelis en Lysbeth Willems, tussen de halve sloot en de halve sloot aan de Mijzijde (oost: Pool Jans); en 4 morgen idem (oost: Dirck Evertsen)

Daarnaast bezat hij een hoeve in Geestdorp onder Woerden (NA Woerden 8515 nr 55, 7-6-1659: Jan Jans van Wijck en Elisabeth Poolen Plomp verkopen aan Cornelis Poolen Plomp 1 morgen 220 roeden land leenroerig aan de Staten van Utrecht gelegen in een hoeve lants op Geestdorp (…) die Joncker Jacob vanden Eynde te leven te houden placht; hierin wordt verwezen nar een akte van verkoop van 24-10-1646. NA Woerden 8521 nr 7, 19-6-1661 Cornelis Cornelis Plomp, oudste zoon van wijlen Cornelis Poolen, verkoopt dit land waarmee hij op 3-11-1660 beleend werd; Weeskamer 5:2 (1-3-1623) belending van dit land, aan de andere kant de Rijn; Weeskamer 5:30 (18-4-1625) idem, naast Evert Aerts; Weeskamer 5:44v (25-9-1633) idem door de erven van Jacob). Zoon Albert erft dit land.

NA Woerden 8496 nr 188 (28-9-1586) Pieter Dircx van Vhegt, soldaat onder jonker Jacob vanden Eynden, capiteyn ende cast(telyn) tot Woerden, regelt de nalatenschap van zijn vrouw.

NA Woerden 8499 nr 158 (22-3-1618) Comparant bij een erfdeling: Jacob Jans de Wilde, lieutenant van de compagnie van de E: Hr: Jacob van den Enden. Dezelfde De Wilde treffen we in dezelfde functie in Den Haag op 27-7-1618 en 12-2-1618 als getuige bij de verkoop van een huis aan het Noordeinde (NA Den Haag 6:398, 513).

NA Woerden 8500 nr 103 (6-4-1613) Willem Jans van Borghout, nu 40 en burger van Woerden, verklaart op verzoek van Margriet van de Wil te Dordrecht dat hij 14 jaar geleden (= in 1599) adelborst was in de compagnie van jonker Jacop vanden Einde, en dienaar van Lambert Wijngaarden tot Vollenhoven, lieutenant in dezelfde compagnie, die bij Margriets vader Pieter Lucas ingekwartierd was.

NA Woerden 8509 nr 95 (14-4-1649) Arent Claes van Remunt, oud circa 100 jaar, ooit sergeant van de geappointeerde soldaten op den huyse van Woerden, en Jan Herweij ooit soldaat, oud circa 80 jaar, verklaren op verzoek van Arien Jans van Brevelt, oud circa 64 jaar, mede geappointeerd op den huyse, dat circa 38 jaar geleden (= in 1611) “ten tyde Jonckheer Jacob vanden Enden za:ged: casteleyn van Woerden was”, dat Brevelt door toedoen van Jacob vanden Enden een tractaat en appointement heeft gekregen en sindsdien altijd op alle lijsten van geappointeerden heeft gestaan en zijn traktement heeft gekregen.

In Woerden komt ook een Maria van den Eynden (+na 1659, voor 1669) voor, gehuwd met Jan Barends Twilt (+voor 1651), burgemeester van Woerden (o.a. NA 8516:34 11-1-1669, 8517:51 30-1-1669, 8540:69 11-11-1658; 8511:2 24-5-1659; Weeskamer 6:214 7-11-1668, 5:488 5-1-1650, 5:525 25-6-1651). De betreffende huizen, grond en personen lijken geen verband met Jacob van den Eynde te vertonen.

In de Resolutiën Staten-Generaal (Oude reeks 1576-1610) wordt Jacob III genoemd als kapitein van een compagnie in de periode 1590-7, als kastelein van Woerden 1600-1602. In Deel 11 (1600/1) komt hij met name regelmatig voor (pp. 41, 52, 73, 375, 378, 396-400, 403-4) vanwege het verblijf in zijn cellen van “verscheyden gevangen van qualiteyt”, waaronder “den admirante van Arragon”, die o.a. regelmatig correspondentie via zijn secretaris lijkt binnen en buiten te smokkelen, etc. etc. (Idem p. 377 dd 25-2-1601) Jacob III rapporteert met anderen aan de Staten Generaal over de behandeling van “gevangens van den vyandt in den slach by Nyeupoort”; het rapport resulteert in verhoging van hun rantsoenen.

Resolutiën Staten-Generaal 1610-1670, dl 1 (1610-1612)

p. 343, no 340 dd 10-3-1611: Willem Adriaensz krijgt vrijstelling van een jaar van de plicht tot het volgen van de compagnie van de gouverneur van Woerden. Voetnoot: zijn vader was Adriaen Janssen van Ijsselmonde, pastoor te Den Haag, verbrand om zijn geloof; Adriaensz klaagt op 11-7-1612 (p 383 no 780) dat Jacob van den Eynde hem niet in dienst wil nemen omdat hij al volledig bezet is; de Staten bevelen hem iemand te ontslaan en Adriaensz daarvoor aan te nemen.

Idem deel 3 (p 391 no 2633 dd 5-5-1618) De graaf van Culemborg beveelt aan Hans van Deuren, die het land langdurig heeft gediend, een extraordinair traktement of aanstelling bij de gouverneur van Woerden te geven. De Staten Generaal geven de aanbeveling door aan de Staten van Holland.

Idem deel 5 (p 467 no 3078 dd 16-4-1622) Jacques Douglas, vaandrig, vraagt een 'akte expectatief' op de eerst vrijkomende luitenants- of vaandrigpositie in de compagnie van Jacob te Woerden (of, voetnoot, Bergen op Zoom?).

NB in deel 5 (p 736 dd 27-12-1622) is sprake van een belastingontvanger Van den Eynde in Den Bosch.


Huwt (1) 1570

Maria van HOGENDORP

FamilienaamIndex

Geboren ca. 1550
Overleden Den Haag voor 1581


Huwt (2) Huwelijkse voorwaarden 19-7-1581

4.953   Catharina van LOO

FamilienaamIndex 4.953Vader 9.906Moeder 9.907

Geboren ca. 1550

Kinderen

  1. (uit 1) Jonker Jacob IV van den Eynde Medaillon Jacobus Eyndius(*Delft 1575 +Haamstede 11-9-1614 aan tering) Auteursnaam Jacobus Eyndius, zinspreuk "Marte prudens pace Clemens": in de oorlog voorzichtig, in de vrede zachtmoedig. Portret ontleend aan Adriaen Pars, Index Batavicus of Naamrol van de Batavise en Hollandse schrijvers: van Julius Caesar af, tot des tijden toe, Leiden 1701. Tot zijn huwelijk (en het Twaalfjarig Bestand) kapitein der infanterie (kurassiers) in het leger van Maurits van Nassau; in 1609 Heer van Haamstede en sindsdien kasteelheer van het huis Haamstede (herbouwde het in 1528 afgebrande kasteel; sindsdien onveranderd gebleven). Auteur van een zevendelige Latijnse dichtbundel Poemata (1611), beschouwd als de top van laat-humanistische (barokke) lyriek in de Leidse school, 'vaak precieus en gezcht in taal en beeld' ofwel saai en modelmatig. (Maar het liefdesgedicht voor zijn vrouw mag er bepaald wezen; MW). Auteur van de Chronici Zelandiae libri II, onvoltooid bij zijn dood, in 1634 door de Staten van Zeeland alsnog uitgegeven, zeer gewaardeerd en later in vertaling opgenomen in M. Smallegange, Nieuwe Chronijck van Zeeland, 1696. ("Jacob van den Eynde. Die St. Gen: enz. als voren, J. v. d. E. de somme van drye Hondert ponden van xl grooten 't pont, voer de dedicatie by hem gedaen aen Hare Ho. Mo. van seker bouck geintituleert J. E. ab Hamstede centurionis Batauij Poemata. Enz. den xxi Meye 1611" Navorscher 1873:123; vgl Resolutiën Staten-Generaal 1610-70 p 383 no 558 21-5-1611) Verder auteur van een werk over het Twaalfjarig Bestand, en genoemd (door Pars) als auteur van De Saltationibus Veterum.
  2. Volgens De Wind omvatte de Poemata (gepubliceerd 1611) zes bundels, achtereenvolgens Nassovica, Bello Flandrici libri duo, Mars exul, Senatus Convivalis, Epicedium in acertum Jani Dousae funus, Nugarum liber unus. Ten minste de Senatus is ook afzonderlijk uitgegeven. Gehuwd te Wassenaar NG mei 1609 met Jonkvrouwe Clara van Raaphorst (*Haamstede ca. 1590 +Haamstede omstreeks 1-1-1621 in het kraambed), erfvrouwe van Haamstede, dochter van Aelbrecht van Raaphorst, +1594, dijkgraaf van Rijnland, en Agatha van Cuijlenburg (Culemborg) (*ca. 1558 +na 24-1-1612, de datum van haar testament - NB: zelf trof ik twee testamenten van haar aan, gedateerd 27-6-1612 (NA Den Haag 4:96) en 20-7-1612 (NA Den Haag 4:99)). Zij hertrouwt Haamstede 20-10-1615 met Jacob Jacobsz de Witte (+Haamstede 23-5-1638), die weer hertrouwt met Elisabeth van Berckel en nog op 16-11-1628 een zoon Dirck doopt. Het huwelijk Van Den Eynde-Raaphorst was kinderloos; Clara had bij Jacob de Witte wel vijf kinderen.
    Kinderen
    1. Agatha (dNG Haamstede 26-6-1616 +Haamstede 20-3-1678)
    2. Witte (dNG Haamstede 23-7-1617) tweeling
    3. Eva (dNG Haamstede 23-7-1617) tweeling
    4. Eva (dNG Haamstede 20-1-1619)
    5. Clara (dNG 7-1-1621 na de dood van haar moeder).
  3. (uit 1) Elisabeth (*1579), waarschijnlijk jong overleden.
  4. (uit 2) Aelbrecht Zie 2.476
  5. (uit 2) Cornelia, huwt Hendrik van Raaphorst (+29-10-1660, laatste Raaphorst, broer van Clara); hun dochter Agatha huwt 1632 Adriaen van der Mijle, haar achterneef en kleinzoon van Johan van Oldenbarnevelt (vgl. NL 1968:383). Cornelia erft voor 1638 land van haar oom Jan in Voorburg op de grens met Nootdorp (OV 1982:242). Volgens tijdgenoten (NL 1924:209) is Hendrik krankzinnig geworden toen zijn dochter Cornelia in 1649 het huis ontvluchtte om met ene Willem van Lier te trouwen (zij overleed echter al voordien).
  6. (uit 2) Catharina, ongehuwd overleden.
TerugBegin van generatie

4.954   Jan van der POEL

FamilienaamIndex 4.954 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden Den Haag voor 1676

Hypothetisch. Mogelijk broer van Jacob, solliciteur-militair in 1656 (NA Den Haag). Mogelijk zou het moeten gaan om een broer van Geertruida: Jan Hartman van der Poel, gehuwd met Maria van den Bosch, met kinderen in Den Haag vanaf ca. 1640. Een mogelijke verwant is Philippina van der Poel, gesignaleerd in NA Den Haag 1680; op 26-4-1665 wordt een Philippina van der Poel in de Nieuwe Kerk gedoopt (dochter van Joannes, gehuwd met Machteld Kemmers, getuigen zijn Machteld Kemmers, Henricus Kemmers, Vrouwtje van der Hulst).

Gesignaleerd in GA Den Haag (Weeskamer, stamnrs 2219, 2220): Jan Jansz van der Poel, bode op Engeland, gehuwd met Dirckgen Gijsberts van Oort, nalatenschap 1620-1622 aan Ida, Magdalena, Anneke (gehuwd met Antonie Leemans jr) en Janneke (gehuwd met Jan Pieterse Goutsmith); Christiaen van der Poel, gehuwd met Maria Turner, nalatenschap 1723-31 aan Amarentia (*1707, huwt 1731 Francis van Loo, meestersmid), en Jan (*1711), 1725-30 in Indië, daarna ruiter.


Huwt

4.955   N.N.

Index 4.955 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Geertruida Zie 2.477
  2. Christiaen Jansz (+voor 1708), huwt (1) Vrouwelina Pieters van der Hulst; huwt (2) voor 1683 Alida van Thi(e)ll. Was samen met Aelbrecht van den Eynde (en diverse Van der Hulsten) in 1677 erfgenaam van Jacob en Mijntje van Vianen; Aelbrecht is dat via zijn vrouw. Christiaen komt in het Notarieel Archief van Den Haag voor als solliciteur militair van de compagnie van de graaf van Wittgenstein (1672-82) en als bakker (1672) - dit laatste kan een leesfout van mij zijn. Komt eindeloos vaak in het notarieel archief van Den Haag voor.
  3. Philippina, hypothetisch;
  4. Jan, vermeld in NA Den Haag 1673 als vaandrig te Dordrecht en broer van Christiaan
  5. Nicolaes Jansz (b Den Haag 26-3-1697), huwt N.N. (bDen Haag 16-4-1701), burger en deken van het bakkersgilde. ANF 1886:144 meldt een jonker Nicolaes van de Poel die een graf in de Kloosterkerk koopt op 19-11-1704.
TerugBegin van generatie

4.956   Johannes COP

FamilienaamIndex 4.956 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Mogelijk een zoon van Jan Cop en Jopken Joosten, ouders van N.N. (dNG Dordrecht 1-11-1603), Adriaen (4-1-1604) en Barent (1-6-1606); of van Jan Jans Kop en N.N., met een kind N.N. gedoopt 1-1-1606; of van Hans Cops en Tannicken Adolffs, die op 1-9-1586 een tweeling Johannes en Susanna dopen. OV (2001:224) meldt de dood door verdrinking van o.a. een Johannis Cop, notaris en procureur te Dordrecht, het lichaam geborgen te Puttershoek 19-3-1671.

NB: gesignalererd in het ONA Den Haag: Jacob, luitenant (1650-60) en Casper Govertsz, commandant, beide voor de kust van Brazilië.


Huwt

4.957   N.N.

Index 4.957 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Arnoldus dNG Dordrecht 1-3-1620
  2. Bernardus dNG Dordrecht 1-1-1622
  3. Gerit (Gerard) Zie 2.478
TerugBegin van generatie

4.958   Hendrik van der VOORT

FamilienaamIndex 4.958 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Eenmaal vermeld in de Tienden van het Bommels Gasthuis 1592-1635.


Huwt Zaltbommel ca. 1620

4.959   Aaltje JANS

FamilienaamIndex 4.959 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Johanna Zie 2.479
  2. Geertruijt (dNG Zaltbommel 17-4-1635)
TerugBegin van generatie

4.964   Franchoys Arnouts de LAET

FamilienaamIndex 4.964 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden na 27-12-1635, voor 28-11-1636

Schrijver (secrataris) van verschillende kapiteins; in 1626 kennelijk korte tijd aan de wal werkzaam als schoolmeester.

ONA Rotterdam (Duyfhuyzen 29a fol 148 no 62 dd 18-4-1601) Verklaring van Adriaen Jansz, horenbreker; Franchoys Aernoutsz, schrijver; Andries Fransz, capitein, Lucas, capitein, Cornelis Thijsz in de Sont.

ONA Rotterdam (Duyfhuyzen 29a fol 555 no 254 dd 12-11-1603) Verklaring inzake een twist: Jan Simonsz (Dordrecht), Steven Jansz (camerbewaarder), Jan Walen (bode ter Admiraliteit), Jan Jansz (luietenant van Cranendonck), Fransois Aernoutsz (Princehoff = vestiging van de Admiraliteit van der Maze).

ONA Rotterdam (5-1-1626) Abraham Danielss de Hont verkoopt aan Cornelis Corneliss Hagenaer een huis en erf, gelegen aan de oostzijde van de Roosantstraat, [=Nieuwe Roodesantstraet alias Santstraet, MW] (…) ten zuiden begrensd door Matijs Arienss, backer, en ten noorden door Franchois Aernoutss, schoolmeester. Het strekt zich uit voor uit de straat tot achter in de gang met het erf van Andries Janss, poortwachter. Het huis heeft een vrije uitgang in de Wingerstraet.

ONA Rotterdam (193 fol 14 dd 17-3-1633) Thonis Woutersz uit Hartichvelt machtigt Franchoys Aernoutsz, schrijver onder Frans Touw, capiteyn om bij de Admiraliteyt 191 pond te innen die hem toekomen als gage verdiend als matroos en kwartiermeester onder diezelfde capiteyn.

ONA Rotterdam (322 fol 298 dd 16-6-1634) Gerrit Clercq, backer te Amsterdam, stelt zich borg voor zijn zwager Gillis Jorisz, balantsmaker, tot een bedrag van 2300 gulden betreffende de koop van een huis aan de Hooftstraet alhier, gekocht van Jan Davits Boudringeen. Hij vrijwaart Franchoys Aernouts van zijn borgtocht.

ONA Rotterdam (322 fol 296 dd 16-6-1634) Gillis Jorisz, balantsmaker, verklaart schuldig te zijn aan zijn zwager Gerrit Clercq, backer te Amsterdam, de somma van 600 gulden vanwege een geldlening. Tot borg stelt zich Franchois Aernouts, wonende in de Santstraet alhier, onder de voorwaarde dat pas na het overlijden van hem en zijn vrouw Janneke Jans uit de nalatenschap betaling kan worden gevorderd.

ONA Rotterdam (258 fol 148 dd 27-12-1635) Frans Jacobsz Touw, capiteyn uit Schiedam, bekent 300 caroligulden schuldig te zijn aan Franchoys Arnoutsz, schrijver op het schip van joncheer Dirck van Breemen, capiteyn.

ONA Rotterdam (3-1-1630) Cornelis Cornelisz (den) Hagenaer verkoopt voor 1949 gld. een huis en erf staande aan de oostzijde van de Roosantstraet aan Jan Jacobsz. Noord: Frans Aernoutsz.


Huwt (1)

4.965   N.N.

Index 4.965 • Vader onbekend • Moeder onbekend


Huwt (2) Rotterdam NG (ot 7-5) 24-5-1600

Jannetje JANS

FamilienaamIndex

Geboren ca. 1563

ONA Rotterdam (27 fol 34 dd 30-10-1614) Jannetge Jans, vrouw van Franchoys Aernoults, maakt haar testament. Zij maakt een bepaling t.a.v. Jannetgen en Susanna Claesdr, kinderen van Susanna Jans, haar zuster zaliger. Zij benoemt tot haar erfgenamen Jacob Jans, haar broer en Jannetgen en Susanna Claesdr voorn., met een legaat aan Isaack Jans, haar halfbroer.

ONA Rotterdam (147 fol 87 dd 1-9-1625) Adriaen Corneliss, tijcktwercker 56 jaar oud, Mathijs Claess 50 jaar oud, Hendrick Galeynsz, backer 40 jaar oud, Jan Imansz, brouwersknecht in 'de Witte Leu' 32 jaar oud, Janneken Jansdr 62 jaar oud, vrouw van Frans Aernoutss die als schrijver ter zee vaart, Andries Janss 34 jaar oud, Arien Martenss, timmerman 40 jaar oud en Sydrach Bartholomeuss Smith, 45 jaar oud verklaren op verzoek van Ritsart Carter, tobackpijpmaecker won. in de Santstraet, dat requirant en zijn vrouw goed bekend staan. Comparanten wonen allen in de buurt van requirant.

Idem (Van der Heul inv no 416 fol 181 no 101 dd 30-7-1637) Jillis Jorisz, balansmaecker, bekent een 1.000 gulden geleend te hebben van Jannetgen Jansdr, weduwe van Frans Aernoutsz. Ze komen een betalingsregeling overeen.

Idem (Idem fol 270 no 155 dd 8-2-1639) Janneken Jansz, weduwe en erfgename van Frans Aernoutsz, te Schoonhoven; machtigt Jillis Jorisz, balantsmaecker, om bij de Admiraliteit alhier de tegoede maandgelden van haar overleden man te innen. Hij heeft het laatst gevaren bij kapitein Jonckheer Breinen.


Zij huwt (1)

Hans MEIJEN

FamilienaamIndex

ONA Rotterdam (Arnout Hofflant, inv 258 akte 171 fol 280 dd 28-11-1636) Janneken Jans, weduwe van Franchoys Arnoutsz de Laet, verkoopt aan Teunis Bastiaensz de Munnick, varendeman, haar huis en erve aan de oostzijde van de Nieuwe Roodesantstraet, belendende zuid: Jan Jacobsz, backer en noord: Sander Gerritsz. Koopsom 1190 gulden

Kinderen

  1. Dirck Zie 2.482
TerugBegin van generatie

4.966   Reijnier JANS

FamilienaamIndex 4.966 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren Schotland voor 1578
Overleden voor 16-3-1639

In 1602 wonend in Rotterdam, enkel aangeduid als Reijnier Jansz van Schotlant. Niet verwarren met Reijer of Renard of Remmert Jansz, die vijf kinderen doopt (Luthers): Anneke (22-11-1609), Barbara (20-2-1611), Jan (11-1-1615) Lijsbeth (8-12-1616), Johannes (16-12-1618).

Vermoedelijk overleden 6-6-1632 (een Reijnier Jans aan de Waterhontsteeg) of 13-10-1636 (idem, register weeskamer - wat deze datum minder aannemelijk maakt, wonend aan de Vissersdijk).


Huwt Rotterdam 1-7-1602

4.967   Lijsbeth YEMANTS

FamilienaamIndex 4.967Vader 9.934Moeder 9.935

Overleden Rotterdam b25-9-1639

In 1602 poorteresse van Rotterdam.

Waarschijnlijk geen zuster van Maria Yemants, moeder van een volwassen zoon Bastiaen Bastiaensz, weduwnaar van Debra Jacobsdr, en diens halfzuster Martijntgen Pieters te Den Briel (ONA Rotterdam 1603)

ONA Rotterdam (55 fol 352 dd 24-1-1616) Jannitgen Adriaensdr benoemt tot haar erfgenaam haar moeder Lysbeth Yemansdr, weduwe van Adriaen Jansz, steenhouder, nu gehuwd met Reynier Jansz.


Zij huwt (1) voor 1590

Adriaen JANSZ

FamilienaamIndex

Overleden voor 1602

ONA Rotterdam (Willem Jacobsz, inv no 55 fol 352 no 132 dd 24-1-1616) Jannitgen Adriaensdr benoemt tot haar erfgenaam haar moeder Lysbeth Yemansdr, weduwe van Adriaen Jansz, steenhouder, nu gehuwd met Reynier Jansz.

ONA Rotterdam (Jacobus Delphius, inv no 402 fol 421 no 209 dd 16-3-1639) Lijsbeth Yemants, laatst weduwe van Reijnier Jans, en Dirck Fransz, man van Lijsbeth Reijniers, grootmoeder en oom van de 5 nagelaten kinderen van Jannetgen Arijens za. en Andries Fransz Langevelt, wonend te Haerlem, zijn tevreden over de uitkoop van de kinderen.

Kinderen (Adriaens)

  1. Jannitgen (+voor 1639), huwt Andries Fransz Langevelt, ouders van vijf kinderen te Haarlem

Kinderen (Reijniers)

  1. Lijsbeth Zie 2.483
TerugBegin van generatie

4.968   Willem VERDUYN

FamilienaamIndex 4.968 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Vaderschap onzeker maar sterk vermoed


Huwt

4.969   N.N.

Index 4.969 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Cornelis Zie 2.484
  2. Claes HUWT Rotterdam Pieternelletje van Reyn
TerugBegin van generatie

4.980   Nicolas PEIGNÉ

FamilienaamIndex 4.980 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden ’s-Gravenhage na 1639

‘François’ kleermaker (1629), tekent als Peine, met zijn zoon Alexander solliciteur (1639). Burger van Den Haag 23-6-1618 onder de naam Pigné.

ONA Den Haag (12:204 dd 3-5-1629) Mr Nicolas Peigné, François kleermaker, schuldig aan Arent Dircx Bleijswijck, houtkoper te Delft, fl. 350, die Cornelis Cornelisz, timmerman, van Peigné toekwamen voor verricht werk.

ONA Den Haag (8:47 dd 7-3-1631) Baten en lasten van de nalatenschap van kapitein Glaude Martijn: nog schuldig aan Mr Nicolas Pigny fl. 13.0.0.

ONA Den Haag (15 fol 228 dd 5-11-1639) Nicolas en zoon met hun huisvrouwen krijgen Hfl 400 van Baron de la Ferté, kapitein van een compagnie en schuldenaar.

ONA Den Haag (134:183 dd 8-11-1644) Mr Nicolas Peignie, schuldig aan Franck Jans Verschout, steenkoper te Rijswijk, fl 500.-.- voor geleverde Leidse en Rijswijkse steen en pannen en tegels, ter ‘voltrekking’van zijn huis aan de noordwestzijde van de Fluweele Burgwal

ONA en Haag (134:369 dd 8-7-1645) Nicolas Pignij, wijnkoper, schuldig aan Franck Jansz Verschouts? Wonende op de Steenplaats buiten Rijswijk fl 660.-.- voor geleverde goede Leidse en Rijswijkse steen en (dak?)pannen jl. juni.


Huwt voor 1605

4.981   N.N.

Index 4.981 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden na 1639

Kinderen

  1. Alexandre Zie 2.490
  2. Nicolas, wijnkoper, verhuurt in 1661 een huis naast het zijne en dat van de erven van Alexander in de Korte Houtstraat (ONA Den Haag 511 fol 260 dd 1-2-1661) aan Harman Perinet; ook aan Alida van den Broeck, vrouw van de meesterkok van de Nederlandse ambassadeur te Frankrijk, ook aan de Korte Houtstraat (ONA Den Haag 511 fol 262 dd 5-2-1661)
TerugBegin van generatie

4.982   Simon Cornelis Wouricx van STEENHUIJSE

FamilienaamIndex 4.982Vader 9.964Moeder 9.965

Geboren ca. 1560
Overleden ’s-Gravenhage 30-1-1618

Vgl. OV 1963:122 voor het fraaie levensverhaal van jonker Simon. Vgl. ook NL 1962:31.

Woonde 1590 in Rotterdam, koopt in 1592 een huis in Den Haag. Werd eerste klerk in ’s lands griffie.

Na lang verzamelen van bewijsmateriaal (de familiepapieren waren kennelijk zoekgeraakt) op 25-12-1604 erkend als “van adellijke afkomste en (…) gedescendeerd is uit den geslagte Van Steenhuys die gekomen sijn van heur reghten swaerde van Raaphorst en die van Raaphorst van een jongere broeder van Wassenaer.”

Zeer uitgebreid dossier over zijn nalatenschap (twee archiefdozen, circa 25 centimeter dik) bij de Weeskamer van Den Haag (inv. nrs 2654-55). Testeert o.a. 1-10-1617

ONA Den Haag (2:106 dd 25-8-1602) Jacobmina Peckx testeert; legaten (kleding) aan Susanna N., huisvrouw van haar broer Quintin Peckx, en aan Liesbeth du Bois; legaat van fl 1000 aan Quirin als voogd van haar kinderen om in hun opvoeding te voorzien. Universele erfgenamen zijn haar kinderen, bij vooroverlijden haar briers en zusters, hele en halve.

ONA Den Haag (6:167 dd 25-8-1615) Peter van Druijnen uit Heusden geeft volmacht aan zijn cosijn jonker Sijmon van Steenhuijse om zijn belangen in Den Haag te behartigen.

ONA Den Haag (6:232 dd 21-4-1616) Jan Jans in de Beemster & Pieter Aelbrechts van Ham, akkoord; addendum 5-10-1616: Jor. Symon van steenhuijsen, Adriaen van der Meer enerzijds; Pieter Claesz van Heijnsbergen en Johan Adriaensz van Warmenhuijsen anderzijds, die een kwestie door goede mannen en overman lieten beslechten; hun besluit: de eerste partij is de tweede fl 100 schuldig deze week, fl 100 over een maand en fl 100 over drie maanden.

ONA Den Haag (6:493 dd 10-3-1618) Lambertus Johannis de Palmeto, schoolmeester oud 32, Jacob Jacobss de Cort oud schoenmaecker oud 33, leggen op verzoek van Aris Arisz een verklaring af over een ruzie die voor het huis van zaliger jonker Sijmon van Steenhuijzen plaatsvond.

ONA Den Haag (6:378 dd 10-9-1618) Jonas Adriaensz Harnismaecker verjkoopt aan Jacob Gerritsz Breeck een huis, belast o.a. met een jaarlijkse rente van fl. 30 ten gunste van de weduwe van jonker Simon van Steenhuijzen.

ONA Den Haag (36:46 dd 10-3-1638) Cornelia van Steenhuijse geassisteerd met haar man Isaack Lamoureux, en Alida van Steenhuijse geassisteerd met haar man Alexandre Paigné, lootten op 10-6-1637 om hun huizen in de Korte Houtstraat; als resultaat heeft Cornelia nu fl 3800 te betalen aan Alida, wat gebeurd is in de vorm ban een obligatie van fl. 5000.

ONA Den Haag (128:7 dd 10-2-1654) Anthonetta van Steenhuijse weduwe kapitein Hendrick Rosat testeert; erfgenamen zijn voor acht gelijke delen de acht kinderen van haar gestorven hele en halfzusters, te weten: (1) Abra(ma) Speecx nagelaten dochter van Abraham Speecx, in leven Bedienaar des Goddelijken Woords te Willemstad, en van haar volle zuster Pieternella; Abra is tegen de zin van haar ouders getrouwd met ene Pieter Aernouts en leeft nu te Middelburg, reden waarom zij alleen vruchtgebruik van haar portie krijgt en eerst haar eventuele kinderen de portie zelf; (2-3) Simon Lamoureux zoon van Isaack Lamoureux, en Jacobmina van Bontack, nagelaten dochter van Jacob van Bontack, secretaris van ritmeester La Force, beiden verwekt bij Cornelia van Steenhuijse; (4-8) de vijf kinderen van Alexandre Pigné bij Alida van Steenhuise: Simon, nu op weg naar Oost-Indië; Hester; Anna; Cornelia; en Sanderina, allen onder voogdij van de gebroeders Van der Brugghen.


Huwt (1) voor augustus 1584

Jacomina PECX

FamilienaamIndex

Overleden na 25-8-1602, voor 1606

Dochter van jonker Anthonis Wisse Herrentszszoon en Antonette Weytsen.


Huwt (2) ’s-Gravenhage (ot) 22-7-1606

4.983   Anna Hendriks van CATSHUYSEN

FamilienaamIndex 4.983Vader 9.966Moeder 9.967

Overleden ’s-Gravenhage september 1634

Aanvankelijk dienstmaagd en na de dood van Simons eerste vrouw zijn concubine; na enige aandrang van haar broers en vader (Volgens een sauvegarde van Maurits van Oranje gedateerd 3-6-1606, in kopie opgenomen in het weeskamerdossier van Simon, was sprake van een aanval en dreigen met messen) besloot Simon haar uiteindelijk toch te trouwen.

Uit een codicil bij Simons testament, waarin hij al zijn sieraden aan zijn kinderen en niet zijn vrouw nalaat (zij krijgt 50 gulden): “Sieraaden door vrouw in gebruik” zijn “niet geschonken, de trouwring wel, dat alles om redenen, dat zij mii zo vileynlick heeft huys gehouden en nog dageleck in mijn siecte doet, dat zij niet waerdich en is, dat men haar de minste gunste toudraecht”.

Op 7-1-1626 verkoopt ze een huis met hof en boomgaard in Charlois, zuidzijde Kerkstraat (OV 1996:84).

ONA Den Haag (inv. 7 fol 519 dd 20-10-1628) Jonker Pieter van Walta, Raad van State der Vereenigde Nederlanden, en Annitje Hendrix weduwe jonker Sijmon van Steenhuijsen (alias Joffrouw van Steenhuijsen), wonende naast elkaar in de Houtstraat, staan elkaar toe tegen de inmiddels achter de huizen gebouwde timmeringen aan te bouwen, staan ook uitbreiding van de zo ontstane tussenmuren toe, en beloven deze niet weg te halen. Annitje tekent met een handmerk: een langwerpige gelijkzijdige driehoek, waardoorheen een T.

ONA ’s-Gravenhage (8:86v dd 27-7-1633) Anneken Wiltens laatst weduwe Melchior (K?)aminck op cde Lange Gracht alhier, schuldig aan juffrouw Anna van Catshuijsen weduwe wijlen jonker Symon van Steenhuijsen fl 400.-.- die ze heeft gebruikt om een schuld van fl 350.-.- die rustte op haar huis, af te lossen.

ONA Den Haag (8:181 dd 28-6-1634) Egbert Hallingh en Annetje Willems, echtelieden, zijn schuldig aan Anna van Catshuijzen weduwe jonker Sijmon van Steenhuijse fl 900 waarvan fl 400 uit een eerdere obligatie van 27-7-1643 toen Annetje nog weduwe was, en fl 500 nieuw.

Kinderen

  1. (uit 1) Antonette (*x-8-1584 +na 10-2-1654), huwt ’s-Gravenhage (ot) 27-1-1624 Hendrik Rosa (+voor 21-3-1648), kapitein; kinderloos
  2. (uit 1) Petronella (*x-8-1586 +voor 10-2-1654), huwt ’s-Gravenhage 8-12-1619 Abraham Speckius alias Specx (*Antwerpen 1585 +na 1624), studeerde in Leiden (1604-10) o.a. theologie op kosten van de VOC om naar Oost-Indië gezonden te worden, was in 1619 predikant te Willemstad. Speecx is waarschijnlijk verwant aan Jacques Specx, gouverneur-generaal 1629-32 van de VOC.

  3. Kinderen
    1. Abra(ma), huwt voor 1654 Pieter Aernouts te Middelburg
  4. (uit 2) Cornelia (*mogelijk voor 6-7-1606 +na 1638, voor 19-3-1648), huwt (1) N. van Bontacq, secretaris van ritmeester La Force; huwt (2) (als Joffre/joffrouw) ’s-Gravenhage Duitse en Franse Kerk 15-6-1636 IJsack Lammereur (alias Lamoureux, NL 1962:31), weduwnaar, grossier in wijnen

  5. Kinderen
    1. (uit 1) Jacobmina van Bontacq (*voor 1636 +na 1654)
    2. (uit 2) Simon Lamoureux
  6. (uit 2) Alida Zie 2.491
TerugBegin van generatie

5.052   N. van MEKEREN

FamilienaamIndex 5.052 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren ca. 1590

Het verhaal gaat dat Nijmeegse katholieken kinderen doopten in de NG kerk. In dat geval zou deze Van Mekeren Jan (getuige 1622, 1624), Gerrit (1619), Peter (1624) of Jacob (1612, 1620) kunnen zijn. Naast deze namen komt ook Gisbertus in deze tijd in het ORA Nijmegen voor.

N.B. Van Mekeren was tot de reformatie een redelijk vooraanstaand geslacht dat schepenen en burgemeesters leverde in Nijmegen, mogelijk verwant aan de riddermatige Gelderse familie.


Huwt

5.053   N.N.

Index 5.053 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Petrus Zie 2.526
  2. Gisbertus (hypothetisch), doopgetuige in Nijmegen (RK Augustijnen) in 1673, 1674 (tweemaal) en 1675
  3. Gerardus (hypothetisch), getuige in Nijmegen bij het RK huwelijk van Joannes Scut en Joanna Bordt, 13-6-1674
TerugBegin van generatie

5.168   Johannes ARNS

FamilienaamIndex 5.168 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren ca. 1600

Vermeld als betovergrootouders van Hendrina Heiltjes en Wilhelmus Sanders bij hun huwelijk in 1734 (afstammingstabel bij dispensatie wegens verwantschap in de 4e graad).


Huwt ca. 1630

5.169   Sibilla CROES

FamilienaamIndex 5.169 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Henricus Zie 2.584
  2. Theodorus, vader van Theodora die ca. 1690 trouwt met Henricus Reintges, wiens dochter Theodora trouwt met Henricus Sanders, ouders van Wilhelmus Sanders
TerugBegin van generatie

5.172   N. van der BORGHT

FamilienaamIndex 5.172 • Vader onbekend • Moeder onbekend


Huwt

5.173   N.N.

Index 5.173 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Gezinssamenstelling hypothetisch

Kinderen

  1. Henricus Zie 2.586
  2. Joanna, doopgetuige in Leuth 11-3-1646, huwt voor 1650 Goswinus Hendriks (dopen RK Leuth dochter Sijbilla 14-1-1650, testes Joannes Hendriks, Elisabetha van Hall)
  3. Cornelis, te Niel in o.a. 1645, 1668 gesignaleerd
  4. Evert, te Düffelward, Keeken en Bimmen in 1680
  5. Bart, idem in 1683
  6. Tiss, vermeld 1666 in de lijst van mannen die de ambtsheer hand- en spandienst verlenen, te Niel
TerugBegin van generatie

5.174   N. van HALL

FamilienaamIndex 5.174 • Vader onbekend • Moeder onbekend


Huwt voor 1625

5.175   N.N.

Index 5.175 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Gezinssamenstelling hypothetisch

Kinderen

  1. Elisabetha Zie 2.587
  2. Joannes (*ca. 1620), huwt voor 1642 Elisabetha Coppers (dopen kind Bartholomea, Leuth 2-3-1642, testes Winandus van Hall, Arnolda van Sons; en latere kinderen); schepen van Leuth vanaf 1672
  3. Winandus (*ca. 1620 +voor 1678), huwt voor 1644 Gertrudis van Kerkhoff (dopen Leuth RK Arnolda, 5-4-1644, testes Gerardus Hendriks, Elisabetha Coppers; en latere kinderen)
  4. Theodora, doopgetuige Leuth in 1654, trouwt Leuth RK 14-4-1665 Johannes Francken
  5. (mogelijk) Henricus, huwt voor 1661 Maria Hermens, dopen Leuth RK 22-3-1661 zoon Henricus (testes Elisabetha van Hall, Joes van Eikell)
TerugBegin van generatie

5.176   Wijer van KOLCK

FamilienaamIndex 5.176Vader 10.352Moeder 10.353

Geboren ca. 1560
Overleden na 17-7-1614

Kwartieren volgens hypothese van Jan Nuijten in Duffeltgenealogie. Wijer wordt vermeld in Leuth 1594, en als pachter van de herbouwde hof Poelwijck aan de bandijk daar; 1601 en 17-7-1614


Huwt

5.177   Stijn N.

Index 5.177 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Vermeld met haar man in 1601.

Kinderen

  1. Henricus
  2. Leonardus (Lijns) (* ca. 1590, + voor 4-6-1666), huwt Elisabeth Everts. Uit de pachtboeken: 22-11-1644 Jan van den Kolck de scholaster Pummenpass gepacht; op dezelfde pagina: 21.6.1644, Lijns van Kolck, zijn vader. In het Pachtboek van het Stift Kranenburg komt op de Poelwijk (Leuth) voor: Wijeren van der Colleck en zijn vrouw Stijnen (vanaf 1601 voor 12 jaar), Wijer van der Kolck (1614), opgevolgd in 1637 door Henrich en in 1646 door Lyuss van der Kolck.
  3. Johannes Zie 2.588
  4. Theodorus
  5. Arnoldus
TerugBegin van generatie

5.180   Gerardus VERWAIJEN

FamilienaamIndex 5.180Vader 5.232Moeder 5.233 • Tevens 2.616

5.181   Jenneken LIFFERS

FamilienaamIndex 5.181 • Vader onbekend • Moeder onbekend • Tevens 2.617

TerugBegin van generatie

5.182   Jan BOLCKS

FamilienaamIndex 5.182 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren voor 1595

Hypothetisch. Of de vader van de vier bekende kinderen Bolcks inderdaad Jan is, moet nog blijken. Hij kan ook oom of grootvader zijn. Jan is wel de enige Bolcks in het register van de Morgentaal van Erlecom (12-12-1612), waarin hij vijfmaal voorkomt: met 1 morgen; “met zijnen adherenten” nog 3 morgen, “Henrick Claessen en Jan Bollick, Jacob Wijers” samen ook 3 morgen, “aen den dalsen dijck, toecoemende Henrick Claessen ende Jan Bollick” nog 1 morgen, en “Jan Bollicks qualien landt” nog 2 morgen.

Gevonden door John Vos (Protocol van Bezwaar Gendt en Erlecom, Inv. Nr 45 Gelders Archief): Cornelis Verburcht en Cornelia Bolck Echtel: dragen op en transporteren voor Wijnand vande Velde Stadtholder, Herman van Triest en Rutger Duijm schepenen, aen haeren swager Peter Verwaijen sijne huijsvrou en derselver erven alle haer recht en aenpart in sulcke gereede en ongereede goederen soo in dese Heerlickheijt als elders gelegen, als haer bij aflijvicheijt haeren olderen de Br: Hendr: Bolck en Metjen van Triest Echtel: aencomen en aen erven sal, en sulx in voldoeninge off verminderinge, van soodaene schult en credite als glts: Peter Verwaije op haer Comp: te pretenderen heeft, breder vermogens eene besegelde opdrachts brieff in dato den 7. Octob: 1674. Regist: den 12 Januarij 1675.

Idem: Hendrick Bolck den Ouden heefft uijt goede Consideratie gecedeert en opgedraegen aende kinderen van sijnen Soone Hendrick Bolck den Jongen, met naemen Derck, Sibilla, Aeltien, Herman Roeleman, Jan, Steeven en Hendrick Bolck vereert, gecedeert en opgedraegen, doende sulcx bij deesen, de helftte van alle sijne gereede goederen, actien en Crediten, soo hij eenighsints is hebbende en waer deselve houder moogen weesen, geen uijtgesondert, Mitsgaeders de helftte van alle sijnde ongereede goederen binnen desse Heerl: geleegen, te weeten de helftte vant'geene de Comparant toecomt aende Biesencamp groot int geheel ongeveer acht mergen, nogh de helftte van een Stuck Bouwlandts genaemt de Werfften, groot ongeveer twee mergen, nogh de helftte van een Hoffstadt bestaende in Huijs, Hoff, Boomgardt en Bouwlandt groot ongeveer twee mergen, soo Herman van Trijst althans in pacht is hebbende, Item de helftte van eenen Boomgardt groot eenen hondt, Edogh met dese Conditie datt de voorschr: kinderen tot haere Laste sullen moeten neemen de helftte der schulden, soo den Comparant tegenwoordigh eenighsints is hebbende, Breeder d'Acte van Cessie ten Gericht Signate in dato den 14. Marty 1683. Regt. eod die.

Idem: (Peremptoire Citatie) Nadien Derrisken Bolcx Wed: en Boedelhoudersche van wijlen Peter Verwaeijen, hebbende op den 13 Martij 1689 door de Hr. Dr. Peter Vos als momber van de onmundige kinderen van wijlen Vrouwe Elisabeth Leeuwens in leeven Vrouwe deeser Stadt en Heerlickheijt, vercreegen cessie en Transport van 't recht van Verwin opde ongereede goederen van Borgemr. Hendrick Bolck den Ouden, van meijninge is gerichtelick te laeten vercoopen de naervolgende parceelen, Eerstelick een Hoffsteede cum annexis, groot ongeveer twee mergen soo bij Gerrit van Alferen in pachtinge gebruijckt wordt, nogh den Bijsencamp sijnde Weijlandt groot ongeveer seeven mergen soo bij Derck Sweeren in pachtinge wordt gebruijckt, nogh het cleijn Boomgartjen groot ongeveerlick twee hondt, nogh een parceel Bouwlandts genaemt het Soerlandt groot ongeveerlick twee mergen, nogh een parceel Bouwlandts genaemt de Gouwackers groot ongeveer drie mergen, nogh een parceel Bouwlandts genaemt de Werffter groot ongeveer twee mergen, alle onder deese Heerlickheijt geleegen, int Quartier van Flieren, En lestelick een parceel Bouwlandts groot ongeveer eene mergen inde Erlecom geleegen, genaemt den Bollingen.

Soo is 't datt de Hr. Richter Dr. Engelbart Beeckman hiermeede citeert ende dagvaert, de Erffgen: van Dr. Johan van Trijst, Metjen Beijers Wed: van zal: Herman Bolck voor haer en haere kinderen, Hendrick Rijcken weduwenaer van Maria Bolck voor hem en sijne kinderen, Hendrick Bolck den Jongen, Cornelis Verburght als man en momber van Cunera Bolck, Steven Beijer als man en momber van Aeltjen Bolck, voorts de kinderen van Hendrick Bolck den Jongen, met naemen Derck, Sibilla, Aeltjen, Herman Roelman, Jan, Steeven en Hendrick Bolck, de Eerwaarde Prior en Carthuuser Heeren van Coblents, die E: Herman van Trijst Rentmr., en dan voorts alle andere, die op de voorschr: verwonnen goederen eenigh recht van Eijgendom, Tocht, Fidei commis, laste van Rente off andere vorderingen off gerechticheijt vermeijnen te hebben, om binnen den tijdt van drie maenden, nae publicatie, affixie en insinuatie deeser, peremptorie, selffs off door een Volmr: te compareren, en in handen van Secret: deeser Stadt en Heerl: van Gendt schrifftelick over te leeveren haer recht en achterweesen, 't welck sij opde voorschr: verwonnen goederen vermeenen te hebben, met deese uijtdruckelicke waerschouwinge datt alle die geene, die daer inne naelatigh blijven, van haer recht en praetensie, die hij op de voorschr: verwonnen goederen, off Coopspenningen daervan te procederen souden moogen hebben, sullen versteecken sijn en blijven, en met speciale notificatie dat de voorschr: verwonnen goederen nae expiratie van ses maenden sullen worden gesubhasteert. Actum den 10. October 1698.

(Ontsaat) Ott Herman Huijsman als volmachtiger van Derrisken Bolck Wed: van Peter Verwaeijen, mitsgaeders van Ida Verwaijen Wed: van Wanner Wanners, als meede van Joost Sleenbusch, als man en momber sijner Huijsfrouwe Adelheijdis Verwaijen, Item van Maria Verwaeijen Wed: van Willem vande Colck, ende van Jan Derxen als man ende momber sijner Huijsfrouwe Rebecca Verwaeijen, heefft salvis quibuscung exceptionibus et defensionibus, Ontsaetinge gedaen tegens soodane Besaetinge als de Rentmr. Herman van Trijst sigh qualificerende als het recht hebbende van Hendrick Bolck en sijne kinderen, heefft geintenteert opden 19. September 1698. Actum coram Judice, oorcont de Hr. vander Lijnden en Verbolt Scab: Den 29e Octob: 1698

Volgens Paul Bonke: Henrick Bolckh (ook Bollick etc), pachter (1-8-1644 tot 9-5-1699) van de Werd of Spick te Erlecom. Hij pachtte van de Karthuizers op de St. Beatusberg te Koblenz. Hij nam de pacht over van Herman van Tryst en Henrisken Verwaijen.

Volgens het Verpondingscohier van Gendt en Erlecom (1649) is deze grond 111½ morgen groot, en betaalt hij daar fl. 1180 voor. Hij betaalt ook fl. 95 (na korting fl. 91-16-4) voor huis en hofstede van Jan Everts’ weduwe & consorten, groot 4 morgen, inclusief “6 roeden voorspijcks & schoordijck”. Gerrit van Xanten bebouwt “noch ten halven van Henrick Bollick 1½ mergen opde Werffen”, en Willem van Triest huurt van hem “2 mergen bouwlandts genaemt het Soerlant” en “huijs en hoffstat en eenen mergen daer hij woont.”

Hendrik komt verder ook voor in het gerechtsprotocol van Leuth en Kekerdom (No. 26 dd. 13-11-1664, een niet gespecificeerde schuld aan “Meijern den juden von Cleve”) en dat van Mehr en Niel (No 15, 5-2-1666, Henrich Verwaijen uit Millingenpcht een hofstede in Kekerdom waar “Henrich Bolk gewohnet” heeft.).


Huwt voor 1615

5.183   N.N.

Index 5.183 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Theodora Zie 2.591
  2. Maria (+voor 1698), huwt Hendrick Rijcken (+na 1698); had kinderen; doopgetuige in Zyfflich 1649 bij de doop van nichtje Maria Verwaijen
  3. Cornelia alias Cunera, huwt Cornelis Verburcht
  4. Aeltje, huwt Steven Beijer
  5. Hendrick Sr., burgemeester van Erlecom, huwt voor 1640 Metgen van Triest

  6. Kinderen
    1. Hermanus (+voor 1698), huwt Metgen Beijers (+na 1698); had kinderen
    2. Henrick Jr, die weer vader was van Derck, Sibilla, Aeltien, Herman Roeleman, Jan, Steeven en Hendrick (mogelijk de Hendrick die als weduwnaar te Gendt 6-10-1689 trouwt met Willemijn Kersten, jongedochter van Gendt)
TerugBegin van generatie

5.232   Petrus VERWAIJEN

FamilienaamIndex 5.232Vader 10.464Moeder 10.465

Geboren rond 1550

Op 4 september 1581 door de Graaf van de Bergh tot Waardgraaf van de Bergische Waard onder Pannerden aangesteld. (Archief Huis Bergh, regestenlijst nr. 3685). Bron http://home.wxs.nl/-verwayen/pagina10.htm


Huwt

5.233   N.N.

Index 5.233 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren rond 1558.

Kinderen

  1. Gerardus Zie 2.616
  2. Henricus, geboren rond 1580.
  3. Ruth, geboren rond 1583
  4. Mechtelde, geboren rond 1585. Zij was gehuwd met Peter Verstegen, geboren rond 1585.
  5. Henrisken, geboren rond 1588. Zij was gehuwd (1) met Arent Bentem, geboren rond 1585, overleden voor 9 maart 1623. Zij is getrouwd te Nijmegen op 9 maart 1623 (2) met Harmen Harmensz. Kaesmaeker, geboren rond 1590. Zij was gehuwd (3) met Herman van Tricht, geboren rond 1590, overleden voor 1650.
  6. Johannes, geboren rond 1590
  7. Petrus, geboren rond 1591
  8. Anna, geboren rond 1592.
  9. Gijsbert, geboren rond 1593.
  10. Ideken, geboren rond 1594.
  11. Beeltjen, geboren rond 1596. Zij was gehuwd (1) met Derk Saerlen, geboren rond 1595, overleden voor 1638. Zij is getrouwd te Nijmegen op 20 mei 1638 (2) met Steven van Eijmeren, geboren rond 1595.
  12. Dirck, geboren rond 1598
  13. Sibilla, geboren rond 1599. Zij was gehuwd met Joannes Wingerst, geboren rond 1595.
  14. Tönisken, geboren rond 1600. Zij is getrouwd te Nijmegen op 2 augustus 1640 met Willem Herman van Coesvelt, geboren rond 1610.
TerugBegin van generatie

5.344   Otto N.

Index 5.344 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Gedoopt NG
Overleden Gendt

Alias Ot, Otho.


Huwt

5.345   N.N.

Index 5.345 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Willen Otten Zie 2.672
  2. Jan Otten HUWT Gendt NG 24-3-1654 Harmsken Derrix weduwe Jan Raris tot Gendt
TerugBegin van generatie

5.352   Gerrit GERRITSEN

FamilienaamIndex 5.352 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren voor 1596
Overleden Hien na 1645

Alias ‘den olden’ (1645). Hypothetisch. Zijn grond in 1645 belendt die van Jan (ook in 1651), wat het aannemelijk maakt dat hij Jans vader was.

RA Nederbetuwe (inv.nr 203: deel 2, Protocol van bezwaar, Bank van Kesteren, Hien) no 817 dd 28-12-1645: Gerit Geritss den olden en Gerit Geritss den jongen en Evertgen Cornelis echtel. prom. aan jr. Gerard van Beijnhem tot Appelenborch 100 gld. c.i., uit 3/4e part van 1 morgen boomgaard met huis en hof te Hien, O: Frans Verheiden, Z: gemenestraat, W: Stoffel Henrickss c.s., N: Jan Geritss.


Huwt voor 1621

5.353   N.N.

Index 5.353 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Jan Zie 2.676
  2. Gerrit, huwt voor 1645 Evertgen Cornelis
TerugBegin van generatie

5.354   Huybert N.

Index 5.354 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Gedoopt NG
Overleden Hien voor 1677


Huwt

5.355   N.N.

Index 5.355 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen (Huybers)

  1. Janneke (dNG Hien? +?) Zie 2.677
  2. Ott (+Hien, voor 1677) HUWT NN
  3. Geurtje (+Hien na 1678) HUWT Jan Jans; 1678 procedure tegen haar zwager, Zie 2.676
TerugBegin van generatie

5.372   Wolter van BRENCK

FamilienaamIndex 5.372Vader 10.744Moeder 10.745

Geboren voor 1595
Overleden Opheusden na 1646

Hypothetisch. Wolter is kennelijk (zie gegevens uit RA) vader van de hier genoemde kinderen buiten Jan, en Jan wordt in aktes vermeld op grond die dichtbij die van de andere kinderen ligt, in relatie met mensen die ook aan de vermoedelijke broers en zusters gerelateerd zijn.

Ook de samenstelling van Wolters ouders’ gezin is hypothetisch en op zulke overwegingen gebaseerd.

RA Nederbetuwe (inv.nr 203: deel 2, Protocol van bezwaar, Bank van Kesteren, Opheusden) no 518 dd 11-11-1645: Roelof Roeloffss en Grietgen Henricx echtel. prom. aan Wolter van Brenck 152 gld. c.i., uit het gerechte deel van een boomgaard te Opheusden, O: Cornelis Jeger de jonge, Z: de Hamsestraat, W: Cornelis Toeniss van Gelder, N: Henrick Janss.

RA Nederbetuwe (inv.nr 203: deel 2, Protocol van bezwaar, Bank van Kesteren, Opheusden) no 444 dd 26-12-1648: Pieter Huijbertss Buddingh en Gerritjen Jans echtel. prom. aan Thonis Wolterss van Brenck en Janneken Jans echtel. 300 gld. c.i., uit de gerechte helft van een uiterwaard te Opheusden, genaamd De Ossenweert, waarvan de wederhelft toebehoort aan Thonis Huijbertss Buddingh, broeder van de debiteur, O: Gerrit Otten, Z: bandijk, W: Cornelis van Munster, N: de Rijnstroom.

RA Nederbetuwe (inv.nr 203: deel 2, Protocol van bezwaar, Bank van Kesteren, Opheusden) no 443 dd 27-4-1649 Jan Jacobss prom. aan Tonis van Brenck en Janneken Jans echtel. 200 gld. c.i., uit huis en hofstede te Opheusden, O: Henrick Adriaenss van Ommeren, Z: de Hamse straat, W: Costen Jerephaess, Beernt Henrickss en de erfgen. van Gijsbertjen Jans, N: eindhof.

RA Nederbetuwe (inv.nr 203: deel 2, Protocol van bezwaar, Bank van Kesteren, Opheusden) Nos 440-41 dd 1-5-1646: Jan Henrickss en Margrietjen Roeloffs Buddingh echtel., prom. aan Tonis van Brenck 200 gld. c.i., uit huis en hofstad te Opheusden, O: Arien Teuniss Buddingh, Z: Hamsestraat, W: debiteuren zelf, N: Wolter van Brenck. (Idem 441) Dirck Adriaenss en Anneken Wolterss van Brenck echtel., prom. aan Tonis van Brenck, haar broeder, 400 gld. c.i., uit huis en hofstede land te Opheusden, O: Cornelis van Gelder, Z: de Hamse straat, W: Adriaen Toniss Buddingh, N: Adriaen van Brenck en Henrick Janss.


Huwt voor 1620

5.373   N.N.

Index 5.373 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Jan Zie 2.686
  2. Tonis, huwt voor 1649 Janneken Jans
  3. Anneke, huwt voor 1646 Dirck Adriaens
  4. Adriaen, vermeld 1646
TerugBegin van generatie

6.084   Philip LAMBERTS

FamilienaamIndex 6.084 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren Barneveld ca 1575


Huwt

6.085   N.N.

Index 6.085 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen (Philipsen)

  1. Lambert Philipsen, geb. Ca 1605 Zie 3.042
TerugBegin van generatie

6.086   Jan Thonis in ’T WOUD

FamilienaamIndex 6.086 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren Barneveld ca 1580?

Familienaam volgens Kwartierstaat Henk van Deelen.


Huwt

6.087   N.N.

Index 6.087 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Fijtje Jans, geb. Ca 1610 Zie 3.043
TerugBegin van generatie

6.320   N. JENTZER

FamilienaamIndex 6.320 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren ca. 1575

Te Hüthem onder Emmerich. Ook Jentsen, Jentsser etc.


Huwt voor 1605

6.321   N.N.

Index 6.321 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Leonardus Zie 3.160
  2. Hermanus Jenser, huwt voor 1640 Margaretha Biermans

  3. Kinderen
    1. Margaretha (hypothetisch), huwt Emmerich 14-9-1662 Jan van Leut
    2. Everarda (dRK Emmerich 12-8-1640)
    3. Harmannus (dRK Emmerich 16-11-1641)
    4. Everarda (dRK Emmerich 23-1-1646)
    5. Anna (dRK Emmerich 14-6-1647)
    6. Everhardus (dRK Emmerich 8-8-1650)
TerugBegin van generatie

6.344   N. GEENEN

FamilienaamIndex 6.344 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren ca. 1600


Huwt

6.345   N.N.

Index 6.345 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Jan (*Zyfflich ca. 1620), mogelijk gehuwd Ooij NG 24-5-1669 met Ida Verwaijen (*ca. 1622)
  2. Joanna (*ca. 1625)
  3. Hendrick (*ca. 1630), huwt Neerbosch NG (Hees) 20-11-1653 Anna Jansen
  4. Roelof Zie 3.172
TerugBegin van generatie

6.400   Adriaen Jan SCHREPPERS

FamilienaamIndex 6.400Vader 12.800Moeder 12.801

Gedoopt RK Tilburg 15-12-1602 (hypothetisch; getuigen Jan Cornelis Colen, Jenneken Meis van Abels)
Overleden Tilburg b 11-12-1667 (Ariaen Schrepper, op kerkhof met de grote klok)

Blijkbaar overleden vier dagen na zijn tweede huwelijk.

Zie hiervoor Voogdijrekeningen, Voogdij-en boedelrekeningen en Rechterlijk R363 folio302v 1653 en notarieel 24, akte 100 1600, de laatste twee betreffende de familie Somers, alles in Tilburg. Nog meer schepenpotocollen in Tilburg zijn: R373-74-1674, R373-168-169v-1675 en R370-49-1668. Bron Nel van Spaendonk-van Opstal.

Boedeldeling/erfdeling als weduwnaar Somers (dossier) in 1669; nog niet nagezocht.

Mogelijk relevant: Civiel, Tilburg, 2866: Jonker Johan van den Abelen contra Adriaen den Timmerman, 1654. Voor diverse verdere vermeldingen Notarieel archief vergelijk gegevens over zijn vader en schoonvader.

NA Tilburg 13-I: 244v, 9-5-1649 Adriaen ontvangt van Adriaen Screl(?)mans 56 gulden uit een obligatie aan de kinderen van Lijs (?) Schreppers.

NA Tilburg 19:39, 29-6-1657, Adriaen Jansen alias de Schrepper geeft volmacht aan zijn zwager Jan Reijnier Heners de Canter om in Antwerpen uit te vinden of het waar is dat zijn dochter Marie (volgens gerucht) bevrucht is door Sebastiaen Nilissen, haar meester, indien dat het geval is, bij Nilissen beklag te doen, en reparatie van Maries eer te eisen.

NA Tilburg 21:73v (22-11-1661), Adriaen de Schrepper, Timmerman (tekent Adriaen Jan Schreppers) timmert voor Pieter van Baardwijck voor 65 gulden een huisje in elkaar.

NA Tilburg 21:85v (16-10-1661) Jan Adam Wijtens laat Adriaen Jan Schreppers een standaard maken voor zijn molen in ’t Riel, voor 55 gulden en twee tonnen bier.

RA Tilburg 373:168 (3-1-1675) De onmondige kinderen De Canter, Jan Adriaen Schreppers mede voor zijn zus Anna, gehuwd met Denijs Jan Ermers, en andere erven (kinderen en kleinkinderen) van Adriaen Schreppers aan Peter Ariaens van den Hout: huis met toebehoren in Corvel aan het Haringhseynd.

RA Tilburg 350:49 (30-1-1668) Jan en Anthony zonen wijlen Adriaen Schreppers en Catharina Somers, Wilhelmina’s man Jan Ariaen Willem Gerrit Symons, Adriana’s man Quirijn Daemen, en Jan Reiniers de Canter en enkele Somers: o.a. aan Jan Adriaen Schreppers exclusief land in Corvel aan het Haringseinde.


Huwt (1) Tilburg RK 16-10-1632

6.401   Catharina Adriaen SOMERS

FamilienaamIndex 6.401Vader 12.802Moeder 12.803

Overleden Tilburg b16-1-1662

Ook: Catelijn (bij huwelijk)


Huwt (2) Tilburg RK 7-12-1667

Catharina Jan JANS

FamilienaamIndex

Geboren Cromvoirt


Zij huwt (1)

Peter Adriaen CLAES

FamilienaamIndex

Overleden voor 1667

Zij huwt (3) Tilburg 12-2-1673

Cornelis Teunis van BAARDWIJK

FamilienaamIndex

Geboren Baardwijk

Weduwnaar Peerken Cornelis

Kinderen

  1. Jan Adriaen Zie 3.200
  2. Digna, doop onbekend, mogelijk 26-8-1629 (getuigen Jan Joosten en Heijltken Janssen), ouders Adriaen Jans en Mechel N. (een eerder huwelijk?); civiel Tilburg: 4072. Cornelis Janssen Couwenbergh, als man van Angela, voordochter van Jan Hendrick Denis Meijnaerts, contra Sebastiaen en de andere kinderen van Jan Hendrick Denis Meijnaerts en Digna Adriaensse Schreppers, betreft kwestie over de nalatenschap van Jan Hendrick Denis Meijnaerts, 1666.
  3. Anthonis (dRK Tilburg 2-5-1634), doopgetuigen Adriaen Peters, Ariaentje Cornelis; huwt Tilburg 24-2-1661 Anna Huijbert van Spaendoncq. Civiel Tilburg: 3745z. Anthonis Adriaens de Schrepper, timmerman, contra Bartel Janssen Bacx, betreft betaling van hout, nagels en arbeidsloon, 1663-1664.; 3969e. Anthonij de Schrepper contra Geerit Jans de Roij, betreft betaling van hout, nagels en arbeidsloon, 1665-1666.; 4118. Cornelis Janssen Cuijper, koopman van Noorse waren te 's Gravemoer, contra Anthonij de Schrepper, timmerman, betreft betaling van een balk en delen, 1667.; 5360. Jacob Janssen van A(e)cken, weduwnaar van Anneke Huijbreght van Spaendonck, contra Huijbert en Jan Schreppers, kinderen van Anthonij Adriaen Schreppers en Anneke Huijbreght van Spaendonck, betreft een haaflijk gericht, 1695-1696.
  4. Maria (dRK Tilburg 5-5-1635), doopgetuigen Laureijs Jansen, Anneke Somers; blijkbaar in 1657 in Antwerpen door de man in wiens huis zij diende (Sebastiaen Nilissen) met kind geschopt. In 1668 ongehuwd, huwt Gilze 5-1-1669 Jan Cornelis Ansems; Civiel Tilburg: 4308. Jan Cornelis Ancems, als man van Maria Adriaen Schreppers, contra Lijsken Adriaen Somers, betreft kwestie over een niet uitgereikte som geld, 1670.
  5. Adriana (dRK Tilburg 23-8-1636), doopgetuigen Jan Heijligers, Heiltje Cornelis (hypothetisch: ouders zijn Adriaen Jans en Leijntken)
  6. Petrus (dRK Tilburg 14-9-1637), doopgetuigen Jan Willems, Willemke Adams (hypothetisch: ouders zijn Adriaen Jans en Leijntken)
  7. Guilielma (dRK Tilburg 28-3-1639), doopgetuigen Cornelis Jans Heijligers en Neeltje Cornelis (hypothetisch: ouders Adriaen Jans en Catelijn); huwt Jan Ariaen Willem Gerrit Symons
  8. Adriaentje (dRK Tilburg 30-4-1640), doopgetuigen Jan Peter van Gilze, Dingen Jan Henrix; huwt Tilburg 29-1-1668 Quirijn Daniël Theunissen
  9. Catharina (dRK Tilburg 16-8-1643), doopgetuigen Claes Adriaen Somers en Maaijke Janssen
  10. Anna (dRK Tilburg 20-1-1645 +na 1675), doopgetuigen Philip Haels, Lijsebeth Somers; Civiel Tilburg: 4332b. Denis Jan Ermen, als man van Anna, dochter van Adriaen Schreppers, contra Jan Adriaen Schreppers, betreft betaling van een som geld uit de nalatenschap van Adriaen Schreppers, 1670-1671.; 4332e. Denijs Jan Ermen, als man van Anneken Adriaen Schreppers, contra Helena, weduwe van Jan Peter Vrancken, als borg voor Jan Willems van de Velde, betreft een erfgericht voortvloeiend uit het niet terugbetalen van een geleend geld, 1670-1671.
TerugBegin van generatie

6.402   Jan Gerart Gerarts BROCK

FamilienaamIndex 6.402Vader 12.804Moeder 12.805

Geboren Tilburg ca 1605
Overleden na 1633, voor 3-2-1639

Bron Nel van Spaendonk-van Opstal; Vgl. Brabantse Leeuw 1999 voor voorouders.


Huwt Tilburg NG 15-1-1622

6.403   Jenneken Aert Janss de BONT

FamilienaamIndex 6.403Vader 12.806Moeder 12.807

Overleden na 21-6-1662


Zij huwt (2) Tilburg NG 5-5-1640

Jan Jan Beris van OERLE

FamilienaamIndex

Overleden na 21-6-1662

Kinderen (BROCK)

  1. Petronella (dRK Tilburg 1-11-1622), huwt Jan Jan de Cort
  2. Maria Jan Gerrit Brocken (*Tilburg dRK 24-8-1624)
  3. Arnoldus Jan Geerit Brocken (*Tilburg dRK 12-10-1626)
  4. Johanna Jan Gerit Brocken Zie 3.201
  5. Engela (dRK Tilburg 13-7-1628)
  6. Margriet (dRK Tilburg 17-4-1731), huwt Jorden Adriaen Ketelaers
  7. Lysbeth

Kinderen (van Oerle)

  1. Jan Jan Jan Beris van Oerle, vermeld als zijnde lam.
  2. Arnoldus (dRK Tilburg 29-7-1643)
TerugBegin van generatie

6.404   Jan van den ABEELEN

FamilienaamIndex 6.404 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren ca. 1580

Jonker in het land van Waas; hypothetisch (op basis van patroniem zoon). Een Laureys wordt vermeld als (deel)voogd over nagelaten kinderen van aanverwante families als Geldof (VS 1981:449-50, 1978:177). Andere vermeldingen in Vlaamse Stam: Elisabeth vrouwe van Abele, dochter van Stoffel in Waasmunster 1554 (VS 1993:310-20, 570), Gillis en Jaspaert, zonen van Stoffel (idem) - Stoffel heet hier 'vermoedelijk' uit het huis Hameyde afkomstig te zijn (zegel: VS 2001:526). In Waasmunster komt ook voor een Joos van den Abeele ca. 1510-70, verwant aan de families Van Exaerde en Vanden Driessche (VS 1987:478ff). Van den Abeele wordt ook vermeld als leenheren in Gent ca. 1450 (VS 1998:292) en schepenen van Aalst ca. 1390 (VS 1998:283, 290). De oudste vermeldingen in het Land van Waas betreffen Heer Heinric Van den Abeele (leenman in 1365; VS 1971:1,2,538) en Heer Bernaerts van den Abele (idem in 1320; VS 1971:60).

Heel misschien (1) Jan Abbeels die Melsele 1-7-1608 trouwt met Maeijken Nijsens; of (2) Joannes Franciscus Abbeel, huwt Tielrode 30-1-1600 Adriana van Cleemputte. Vooralsnog meest aannemelijk is (3) Joannes Abeel, huwt Waasmunster 1-4-1584 Adriana van der Meeren (=mogelijk broer van Sijmon (huwt tweemaal), van Elijsabeta, huwt Waasmunster 25-12-1584 Joannes van Hecke, en van Joanna (huwt tweemaal 1586, 1587 en mogelijk later nogmaals), van Cathelijne, huwt Waasmunster 24-10-1600 Jan Verwilghen

Kinderen

Catharina, mogelijk de Cathelijne Abeels die trouwt met Marten Verhagen, Tielrode (Land van Waas) 16-5-1636; er is ook een Catharina Abeels die huwt te Melsele 7-2-1649 met Joannes de Munck en 30-5-1654 met Petrus Tijrion

Elisabeth, mogelijk de Elisabeth Abeels die trouwt met Christianus Noutkens, Haasdonk 27-11-1618; of de Lijsbette, huwt Waasmunster 4-5-1621 Gillis Borm en/of 20-11-1636 (als Elizabetha) Marinus de Langhe

NW: Laurina, hypothetisch (haar voornaam doet verwantschap vermoeden), huwt Melsele (Land van Waas) 2-6-1637 Petrus de Bruijne

Adrianus, hypothetisch, (voornaam doet verwantschap vermoeden), huwt Sinaai (Land van Waas) 4-7-1626 Anna Pauwels

In Temse (bron website VVF Land van Waas) lijken de meeste Abelen (etc.) voor te komen. Mogelijke vaders van de Tilburgse jonker Jan aldaar zijn: Nicolas van Abele (gehuwd 18-01-1587 met Joanna van Heynskerck), Joannes Abeel (huwt 31-1-1589 Joanna Mertens; Jan Abeels huwt 3-5-1598 Margaretha Tijsmans - deze Jan alias Jaspart trouwde eerder Amelberga van Mieghem; andere internetbronnen lijken hem als vader uit te sluiten: hij heeft uit beide huwelijken een zoon Jan, die echter beiden naspeurbaar met andere vrouwen trouwden), Judocus Abeels (huwt 2-12-1589 Laurentia Vergouwen; ouders van een Joannes, *1595, verder Joanna, Judocus, Adrianus, Jacobus, Petrus en Maria), Petrus Abbeel (huwt 12-5-1601 Magdalena van Putte; geen nageslacht bekend) en Thomaes Abbeel, huwt 6-5-1695 Elisabeth Abeels(-Rooman). Volgens de website Truyman: Thomas en Elisabeth waren ouders van Joanna, Joos, Petra, Pieter en Adriaen, geboren 1596-1609, en mogelijk Anna. Thomas was eerder gehuwd met Magdalena van Bogaerde (kinderen Gillis en Thomas, voor 1588), daarvoor met Lijsbeth Vergauwen (kinderen Peternel, Paschier, Andreas, Liesbeth, geboren ca. 1588-1594).

Als jonker Jan inderdaad uit Temse komt, dan zouden zijn tantes o.a. kunnen zijn Petra Abeels (19-5-1585, Willem de Bloc), Margareta (11-8-1585, Aegidius Smet; 13-10-1598 Adriaen van Mieghem; 7-7-1601 Joannes Nouts), Anna (3-5-1588 Bernardus Joos), Joanna (28-6-1588 Joannes Smet; 20-1-1601 Joannes van Bogaerde; 1-8-1606 Pieter de Coninck; 25-7-1607, Pauwel Broucaert; als Janneke 17-6-1609 Hans Peertmans), Berbel van Abeele (28-6-1588 Pieter Vastenant), Maria Abeels (26-7-1606, Gillis de Beul), Elisabet Abeels (huwt 29-6-1598 Joris Meesman) en/of Elisabeth Abeels (huwt 29-10-1599 Judocus de Lantere). Jonker Jans zusters zouden kunnen zijn Katelijne Abeels (7-6-1611 Gillis van Leuvenhaghe), Petra (18-2-1612 Adriaen Mertens), Janna (9-7-1616 Gillis van Wijnacker), Lijsbet (*1594, dochter van Thomas, huwt 20-5-1618 Gillis Braem), Judoca (4-5-1636 Joannes Verschuren) en Amelberga (17-11-1639 Franciscus de Tant).

De site Truyman vermeldt een (m.i.) mogelijke gemeenschappelijke voorouder van de meeste Abeles in Temse: Jan Van den Abeele (alias Abbeel, Op ’t Broeck, zoon van Pieter en Clara van Havere), geboren ca. 1440, overleden na 14-4-1499 maar voor 1508, Temse; gehuwd met Maria Varendonck (*ca. 1450), ouders van Jan, Pieter, Katelijne, Lysbette, Amelberga, Joanna, Jacomine en Margriete.


Huwt ca. 1600

6.405   N.N.

Index 6.405 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Jan Zie 3.202
  2. Catelijn, absente doopgetuige in 1651
  3. Elisabeth, absente doopgetuige in 1658
TerugBegin van generatie

6.406   Peter Jan Adriaan Peter van den DRIES

FamilienaamIndex 6.406Vader 12.812Moeder 12.813

Overleden na 1652

Erfeniskwestie: vergelijk gegevens bij dochter en schoonzoon Jonker Jan van Abeelen.

Civiel Tilburg, 2621d. Jan Gerit Brocken te Alphen contra Peter Janss. van den Dries, betreft een haaflijk gericht voortvloeiend uit het niet betalen van een schuld, 1649.

Idem, 2222. Mathijs de Coninck, glazenmaker, contra Peter Janssen van den Dries, betreft betaling van glazen in een huis int nyeulant, 1633.

Idem, 2277. Mathijs de Coninck contra Peter Janss. van den Dries, 1634.

Idem, 2096. Peter Jan Adriaen Peter Adriessoon contra Niclaes Jasparts, 1627.

GA Tilburg RA civiel 2745i. Peter van den Dries contra Matheus van Geldrop, betreft terugbetaling van geleend geld, 1651-1652.

RA Tilburg 371:8r (9-1-1670) akkoord tussen Jan Nielis, man van Heilwich, nadochter van wijlen Peter van den Dries en Petronella Niclaessen, en de kinderen van Jonker Johan van den Abeele en Maria voordochter van Peter van den Dries, rond de nalatenschap van hun groot- en oudgrootvader (eerste vonnis in 1606; Jan van den Dries), i.h.b. een huis aan Nieuwlant, en land in de Baronie van Breda: alles verkopen, en Heilwich krijgt daaruit 120 gulden, de rest gaat naar de kinderen van Johan.


Huwt (1) Tilburg NG 5-5-1612

6.407   Heilwich Jan PAUWELS

FamilienaamIndex 6.407 • Vader onbekend • Moeder onbekend


Huwt (2)

Petronella NICLAESSEN

FamilienaamIndex

Kinderen

  1. Marijken Zie 3.203
  2. Joannes (dRK Tilburg 8-8-1620), testes Jorden Jacops, Catharina Claessen
  3. Elisabeth (dRK Tilburg 16-9-1628), tweeling, testes Adriaen Gerist, Anneke Anthonis
  4. Joannes (dRK Tilburg 16-9-1628), tweeling, testes Antonis Joosten, Neeltken Peters
  5. Gerardus (dRK Tilburg 14-7-1630), testes Peter Jan Joosten, Jenneken Thonis
  6. (uit 2) Heilwich (+na 1670), huwt Jan Nielis (+na 1670)
TerugBegin van generatie

6.416   Jan Beris MATHIJS

FamilienaamIndex 6.416Vader 12.832Moeder 12.833

Volgens Van Dijk: R 356 - 1636 - 71; R 362 - 1650 - 194; R 363 - 1651 - 47v en 70v; R 367 - 1663 - 275; R 370 - 1668 - 11 en 72v; R 817; 13-1-1668; not. 15 f. 16; 21-7-1662.

Huwelijksgetuigen in 1606: Walterus Beris, Gualterus Gerards, Adrianus Cornelissen en Leonardus Janssen.


Huwt (1) Oisterwijk RK 26-1-1606

6.417   Jenneken Gerit Cornelis VERHOEVEN

FamilienaamIndex 6.417Vader 12.834Moeder 12.835

Overleden Tilburg voor 1625


Huwt (2) Tilburg 15-7-1625

Marij Anthonis Gerrit de BEER

FamilienaamIndex

Kinderen

  1. Guilielmus Zie 3.208
  2. Adriaen
  3. Wouter
  4. Cornelis (dRK Tilburg 9-4-1617, testes Adam Cornelis en Lijnken Simons) HUWT N.N.; dochter Elisabeth is getuige bij de doop van een kind van Mathijs Byris Zie 802
  5. Peter (*ca. 1624), huwt Tilburg NG 31-3-1658 Perijntjen Dirck Aerts
  6. Mechteld (dRK Tilburg 19-10-1612, testes Mathias Beris en Eleijdis Laurentius)
TerugBegin van generatie

6.418   Adriaen Niclaes Adriaen MARCELIS

FamilienaamIndex 6.418Vader 12.836Moeder 12.837

Overleden Tilburg na 1627

Vermeld in algemene protocollen 1621, 1627. Woont Tilburg (Laar). van Dijk: R 347 - 1606 - 18


Huwt

6.419   Christina ANTONIS

FamilienaamIndex 6.419 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Volgens Van Dijk. DTB Tilburg geeft geen uitsluitsel, maar de moeder zou ook Lijsken kunnen heten.

Kinderen

  1. Adriaen
  2. Adriaen
  3. Digna
  4. Nicolaa Zie 3.209
TerugBegin van generatie

6.422   Everhardus GERARDI

FamilienaamIndex 6.422 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden Alphen en Riel b12-6-1645


Huwt

6.423   N.N.

Index 6.423 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Wilhelma Zie 3.211
  2. Adriana, huwt of heeft onwettig kind Elisabetha in Alphen, 18-3-1635 bij Antonius Ariaensen Barle
  3. Heijlwich, huwt vor 1662 Guilhelmus Jan Bogaerts
  4. (Mogelijk) Elisabeth Everhardus Gerardi (bAlphen en Riel 6-7-1631)
TerugBegin van generatie

6.432   Henricus Cornelis MARCELIS

FamilienaamIndex 6.432 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden Hilvarenbeek na 1614


Huwt

6.433   N.N.

Index 6.433 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Arnoldus Zie 3.216
  2. Elisabeth (dRK Hilvarenbeek 14-10-1588), testes Johannes Leonardi, Jodoca uxor Johannes Arnoldi
  3. Maria (dRK Hilvarenbeek 19-2-1592), testes Theodorus Arnoldi, …mina Corneli (M)annen
  4. Johannes (dRK Hilvarenbeek 26-6-1596), testes Johannes van der Voort, Elisabeth uxor Adrianus Arnoldi
  5. Geertruida (dRK Hilvarenbeek 1-4-1598; tweeling), testes Jodocus Petri Gruijters, Wilhelmus Deenen, Adriana Jansen, Elisabeth Adriani Volders
  6. Henrica (dRK Hilvarenbeek 1-4-1598; tweeling), testes Jodocus Petri Gruijters, Wilhelmus Deenen, Adriana Jansen, Elisabeth Adriani Volders
TerugBegin van generatie

6.434   Martinus WILLEMS

FamilienaamIndex 6.434 • Vader onbekend • Moeder onbekend


Huwt

6.435   N.N.

Index 6.435 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Waarschijnlijk een zus van Cornelis Johannes Adriani. Mogelijk Lucia, gehuwd met Marten Willems, ouders van Lijsken, dRK Oisterwijk 15-6-1603 (testes Peter Claes Ket, Gertruijt Anthonis).

Kinderen

  1. Cornelia Zie 3.217
  2. Wilhelmus, huwt Antonia Gualteri
  3. Christina (hypothetisch)
  4. Stephanus (hypothetisch)
  5. Arnoldus (hypothetisch)
  6. Walter (hypothetisch)
  7. Daniel (hypothetisch)
TerugBegin van generatie

6.436   Willem van der WAL

FamilienaamIndex 6.436 • Vader onbekend • Moeder onbekend


Huwt

6.437   N.N.

Index 6.437 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Wouterus Zie 3.218
  2. Elisabeth, doopgetuige in 1635
TerugBegin van generatie

6.438   Godefridus Adriaens CROM

FamilienaamIndex 6.438Vader 12.876Moeder 12.877

Geboren ca. 1550
Overleden na 1621

Een aantal inwoners van Hedel (waaronder Goijaert Ariens de Crom) verklaren op 1-9-1621 akkoord te gaan met een verklaring van Splinter Gerits van Voirn en Lenaert Bartels van Gestel, gedaan voor notaris Van Kelst op 21 juni 1621, inzake de aanstelling van Henrick Peeters Verhoeven tot heffer (Van Boxtel Inv. 14, Folio 124). De inwoners van Hedel verklaren (zelfde dag) dat Henrick Peeter Verhoeven, reeds heffer in 1606 en de rijkste man van Hedel, nog geschikt genoeg is om tot heffer aangesteld te worden. (Van Boxtel, id. fol 123). Nu ook genoemd: Goijaert Ariens de Crom, Joirdaen Jans van Herssel.

RA Oirschot (Toirkens), 147a (jan 1610,no 58) Wouter de Crom heeft als schuldenaar beloofd om aan zijn broer Goijaert de Crom, die een jaarlijkse rente te gaan betalen van 18 gulden, waarvan Goijaert het vruchtgebruik krijgt en na diens dood wordt de rente geerfd door zijn kinderen verwekt bij Mechteld dochter van wijlen Denis Cornelis van den Dijck. (…) op onderpand van huis, tuin, grond etc. gelegen in Oirschot, herdgang de Kerkhof, b.p. Simon Matheus van Aelst, Jan Aert Sijckens, Aert Joosten de Leeuw, de Vrijthof aldaar. Datum 3 februari 1610. De rente mag door beide partijen altijd verzocht worden om afgelost te worden na het overlijden van Goijaert de Crom, tegen betaling van 300 gulden, mits er een half jaar vooraf is opgezegd.

In marge : Deze rente van 18 gulden die door Wouter de Crom aan diens broer Goijaert werd beloofd, is door de erfgenamen van Henrick Goorts de Crom verkocht aan Roelof Willem van Kerkoerle volgens protocol d.d. 7 januari 1669, getuigen Oerlemans en van der Vleuten, schepenen.

Idem , no 59, Jan Jan Muelenpas heeft als schuldenaar beloofd om aan Goijaert de Crom in diens hoedanigheid van hiervoor, die een bedrag van 100 gulden te zullen betalen per a.s. Maria Lichtmisdag anno 1611, samen met een rente van 6 percent. Datum en getuigen als boven. In marge : Met instemming van partijen doorgehaald, datum 7 februari 1617, getuigen Crom en Verachter.

ORA Oirschot (145a fol 152v no 313 dd 15-12-1599) Jan zoon wijlen Jan Houbraken als man van Elisabeth dochter van Wouter Loij Timmermans heeft verklaard dat Goijaert zoon wijlen Adriaens de Crom als vader over zijn minderjarige kinderen verwekt bij Mechteld dochter van Denis van den Dijck Cornelissn., aan hem een jaarlijkse rente van 4 gulden samen met de achterstand daarvan heeft afgelost, welke rente genoemde Denis aan genoemde Wouter op 21 december 1573 had beloofd voor schepenen van Oirschot op onderpand van

zijn bezittingen in herdgang Hedel.

Idem (fol 149 no 298 dd 16-11-1599) Heer Adriaen en Wouter, broers en zonen van Denis Cornelis van den Dijck, Goijaert zoon wijlen Adriaens de Crom als vader en voogd over zijn minderjarige kinderen verwekt bij Mechteld dochter van genoemde Denis Cornelis van den Dijck, verder Lenaert zoon Elias Melis Schilders als man van Jenneken dochter van Jan zoon van Denis Cornelis van den Dijck die mede optreedt voor zijn zuster Anneken, ook dochter van genoemde Jan van den Dijck, verkopen hun aanspraken en erfdelen in het derde deel van een huis etc. gelegen in Oirschot herdgang Hedel, dat ze hebben geerfd door het overlijden van heer Cornelis van den Dijck resp. hun broer en oom. Ze verkopen deze aanspraken nu aan Henrick zoon Denis Cornelis van den Dijck en de verkopers beloven alle lasten van hun kant af te handelen.

ORA Oirschot 1605b (146a fol 6v nos 20-24 dd 27-4-1605) Marten Goijaert Martens als man en voogd van Anneke dochter Goijaerts de Crom en Jan zoon wijlen Roelof Ariaens als man en voogd van Marijke dochter Goijaerts de Crom, geassisteerd door Wouter de Crom en Henrik Dielis van den Dijck als wettelijk aangestelde voogden over Henrik en Adriaen, zonen van genoemde Goijaert de Crom verkopen de navolgende goederen aan Jaspar Philips van Esch. Van deze goederen heeft Goijaert de Crom afstand van het recht van vruchtgebruik gedaan en verder zijn de verkopers hiertoe gemachtigd middels een speciaal decreet d.d. 8 februari j.l. afgegeven door de heren schepenen vanwege minderjarige kinderen. Het betreft een huis met schuur, tuin en erbij gelegen gronden, groot ca. 12 lopenzaad, gelegen in Oirschot, herdgang van Hedel, b.p. Wouter Denis van den Dijck, de kinderen van Aert Joorden Bartholomeus, Henrick Denis van den Dijck, de gemeenschappelijke straat. Genoemde verkopers beloven alle lasten van hun kant af te handelen, behalve dat de koper hieruit jaarlijks een rente van f. 5.-- moet betalen aan heer Adriaan van den Dijck. Verder moet de koper zorgen voor het onderhoud van wegen en waterlaten en de gemeentelijke belastingen betalen. (Idem no 21) Genoemde Jaspar heeft vanwege deze koop beloofd f. 660.-- te zullen betalen. (Idem no 22) Genoemde personen in hun hoedanigheden en op grond van het eerder vermelde decreet verkopen een akker, ter zelfder plaats gelegen, genoemd de Leeuwkensakker, groot ca. 3 lopenzaad, b.p. Aerts de Leeuw, de weduwe Gerit Lenaerts, Henrick Denissen, Meester Willem van de Venne, Marijke weduwe Willems de Metsere. Zij verkopen deze akker aan Dielis zoon wijlen Arien Suetricx. (Idem no 23) Dielis zoon wijlen Arien Suetricx heeft beloofd om aan genoemde verkopers een bedrag van f. 143.-- te zullen betalen waarvan een helft nu meteen en de andere helft per Maria Lichtmisdag j.l. over 2 jaar, met ondertussen elk jaar een rente van 7%. (Idem no 24) Dielis zoon wijlen Arien Suetricx heeft beloofd om aan Henrick Denis van den Dijck een bedrag van f. 114.-- te zullen betalen per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar.

ORA Oirschot (146b fol 219v nos 41-42 dd 1-2-1608) Jenneke dochter Dirk Corstens van de Velde weduwe van Henrik Ariens de Crom, haar eerste man, geeft het vruchtgebruik van alle goederen die door haar eerste man zijn achtergelaten, met instemming van Henrik Janszoon van Beerse haar tegenwoordige man, over aan Wouter Ariens de Crom, Goijaert Ariens de Crom en diens zonen Henrick en Arien, Marten Goijarts van Boxtel als man van Anneke, Jan Arien Roelofs als man van Mariken, beiden dochters van genoemde Goijaerts Ariens de Crom, Lijntgen dochter Huijbrecht Henriks weduwe van Dielis Ariens de Crom en haar zoon Arien, genoemde Arien mede optredend voor zijn broers en zusters. Genoemde Jenneken doet afstand van deze goederen ten behoeve van genoemde personen. (Idem no 42) De genoemde Wouter Ariens de Crom voor hemzelf, verder Goijaert Ariens en zijn zonen Henrik en Arien, Marten Goijaerts van Boxtel als man van Anneke en Jan Arien Roelofs als man van Marijke, beiden dochters van genoemde Goijaerts Ariens de Crom, Lijntgen dochter Huijbert Henriks weduwe van Dielis Ariens de Crom geassisteerd met haar voogd Wouter Ariens de Crom, verder ook haar zoon Arien die mede optreedt voor zijn broers en zusters, allen zijnde erfgenamen van wijlen Henrik Ariens de Crom, dragen al hun rechten van alle achtergelaten goederen, afkomstig van wijlen genoemde Henrik Ariens de Crom gelegen in of buiten Oirschot, weer over aan Henrick Jans van Beerse en zijn vrouw Jenneken.

ORA Oirschot (147c fol 405v no 28 dd 1-2-1612) Er is een bepaalde kwestie ontstaan tussen Henrick Janssen van der Lusdonk en de zijnen als erfgenamen van Jan Janssen van Kerkoerle als partij ter ener zijde en Bernaert Jan Joosten danwel de erfgenamen van Aert Wouters de Creemer, voor welke erfgenamen deze Bernaert optreedt, als partij ter andere zijde. Het gaat hier over een rente van 4 gulden per jaar die de erfgenamen van Jan Janssen van Kerkoerle steeds hebben geheven op deze Bernaert of op een akker die zijn eigendom is. Deze akker is eerder door de erfgenamen van wijlen Aert de Creemer vrijgekocht. Om de kwestie nu in der minne te regelen hebben partijen nu de volgende regeling getroffen. Daarbij zal Goort Ariens de Crom die voor zichzelf handelt en ook voor de andere kinderen en erfgenamen aan deze Henrik Janssen van der Lusdonk die een bedrag betalen van 8 gulden eens en wel per a.s. oogsttijd. Daarmee verklaart deze Henrik zich voldaan voor de betreffende rente en geeft deze Goijaert ( Goort Ariens de Crom ) nu kwijting.

ORA Oirschot (148d fol 27 no 62 dd 8-2-1617)Jan Jan Muelenpas heeft als schuldenaar beloofd om aan Goort Ariens de Crom die een bedrag van 100 gulden te zullen gaan betalen en na diens dood aan diens kinderen en onderwijl steeds een jaarlijkse rente van 6 gulden, waarbij de eerste termijn vervalt per a.s. Maria Lichtmisdag en zo vervolgen steeds door zolang hij leeft. (doorgehaald 23 mei 1617)

Idem (fol 53 no 119-120 dd 22-5-1617) Dirck zoon wijlen Jans Henrick Daniels en Jan Henricks van Boxtel als man van Anneken dochter van genoemde Jan Henrick Daniels, verkopen hierbij een huis, tuin, hofstede etc. gelegen in Oirschot herdgang Hedel, b.p. Jonker Johan Spierinks van Wel, de gemeijnte aldaar, Henrick Janssen van Beerse, zoals ze dat hebben geerfd bij het overlijden van hun zuster Ariken. Ze verkopen dit bezit nu aan Goijaert Adriaens de Crom (…). (idem no 120) Ter afwikkeling van de koopsom uit de vorige akte, heeft Goijaert Ariens de Crom een voorschot gedaan van 100 gulden welke bedrag eigendom is van Goijaerts kinderen verwekt bij Mechteld dochter van wijlen Denis van den Dijck en verder heeft hij nog 50 gulden voorgeschoten die eigendom zijn van Iken Aerts, de huidige echtgenote van genoemde Goijaert. Opdat de vermelde kinderen en ook genoemde Iken na een overlijden van Goijaert Ariens de Crom zekerheid hebben omtrent hun geld, is hierbij bepaald dat na het overlijden van deze Goijaert dit huis en bezit zullen toekomen aan deze kinderen en ook aan genoemde Iken danwel hun erfgenamen om daaruit resp. deze 100 gulden en 50 gulden te kunnen verhalen. Als het dan meer opbrengt dan komt dan ten voordele van vermelde kinderen en aan deze Iken en wel ieder voor de helft. Als het huis minder opbrengt dan is dat ten lasten van beide partijen ook zoals hiervoor in die verhouding.


Huwt (1) voor 1577

Mechteld Denis Cornelis van den DIJCK

FamilienaamIndex

Overleden Oirschot 1610

ORA Oirschot (147b fol 254v no 279-280 dd 15-11-1611)

Jan zoon wijlen Roelof Ariens als man van Meriken dochter van Goijaert Ariens de Crom, verkoopt hierbij een jaarlijkse rente van 3 gulden en 10 stuivers, welke rente Jan zoon wijlen Goijaert Aerts de Vos eerder had beloofd aan Goijaert zoon wijlen genoemde Adriaens de Crom weduwnaar destijds van diens eerste vrouw Mechteld dochter van Dionijs Cornelissen van den Dijck ten behoeve van hem en ten behoeve van diens voorkinderen verwekt door Goijaert en deze Mechteld. De rente vervalt elk jaar op Maria Lichtmisdag op onderpand van de helft van een akker groot twee en een halve lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang de Notel, b.p. Aert Dircks, Jan Goijaerts, de weduwe en zoon van Jacob Stadhouders, Aelbert Noijen, conform een schepenbrief van Den Bosch d.d. 23 februari 1600. Hij verkoopt de rente nu met alle achterstand daarvan aan zijn oom Henrick Dionijs van den Dijck (…) (Idem no 280) Henrick zoon Goijaert Ariens de Crom, Jan zoon wijlen Roelof Ariens als man van Merijken, verder Marten Goijaerts als man van Anneken, zijnde dochters van genoemde Goijaert Ariens de Crom, verkopen hierbij een jaarlijkse rente van 7 gulden, welke rente wijlen Goossen Peters van Oudenhoven en Jan Mathijssen Daniels van Dijck eerder hadden beloofd aan meester Cornelissen van den Dijck op onderpand van hun bezit te Oirschot, herdgang Verrenbest, conform een schepenbrief van Den Bosch d.d. 1 november 1600. Zij hebben deze rente geerfd bij het overlijden door meester Arien de Crom, zijnde resp. hun broer en zwager. De rente wordt nu met alle achterstand daarvan verkocht aan heer Adriaen van den Dijck, priester en pastoor te Vessem, zijnde hun oom en de verkopers beloven alle lasten van hun kant af te handelen.


Huwt (2) Oirschot RK 28-8-1610

6.439   Iken Aert Wouters CREMERS

FamilienaamIndex 6.439Vader 12.878Moeder 12.879

Overleden na 1617

Alias Ida Arnoldi. Met haar broers en zuster vermeld o.a. ORA Oirschot 1611 no 15, 26.

Kinderen

  1. (uit 1) Henrick (+voor 1669), minderjarig in 1605, in 1619 volwassen; huwt Engelken dochter van Antonis Henricks Verrijt; collator (ORA 1640)
  2. (uit 1) Adriaen, minderjarig in 1605, in 1619 volwassen, priester van de Jezuitenorde
  3. (uit 1) Anneke, huwt Marten Goijaert Martens van Boxtel alias de Gruijter
  4. (uit 1) Marijke, huwt Jan Roelof Ariaens
  5. (uit 2) Margaretha Zie 3.219
  6. (uit 1 of 2) Barbara (vermeld ORA 1640), heeft natuurlijk kind van Anthonis Joorden van Laerhoven
TerugBegin van generatie

6.440   Adrianus Joannes A GESTEL

FamilienaamIndex 6.440Vader 12.880Moeder 12.881 • Tevens 6.452

Geboren ca. 1580
Overleden Oirschot b 9-8-1657
Begraven als Adriaen Hansen van Gestel. Overlijdensjaar kan ook als 1656 gelezen worden. Schepen van Oirschot in 1615.

Adriaen Jans van Gestel getuige op 2-8-1616 als Mijs Henricx belooft een jaarlijkse grondcijns of erfrente van 9 lopen rogge te betalen aan Franchoijs van Ittre (De Metser, Inv. 11, Folio 27 Verso).

Jan Peeters Oerlemans c.s. (o.a. Adriaen Jansse van Gestel , 30-6-1646) beloven aan Maximiliaan van Driessen gedurende 3 jaar te leveren 25 mud rogge. (Leermakers Inv. 64, Folio 123).

Jan Peeters van Woensel en Goiaert Adriaens verklaren (1-12-1646) ter instantie van Joost de Leeuw en Peeter Michiels Bernaerts, onder-rentmeesters, dat de heuvel liggende in de Wetering van de erve Adriaen van Gestel groter is dan vroeger. (Leermakers Inv. 64, Folio 29 Verso).

Henrick Henrick Dircx Huijskens en Meriken Adriaens Jans van Gestel hebben (11-3-1647) een overeenkomst gemaakt betrekking hebbende op het onderhoud van hun natuurlijke zoon Lambert. (Leermakers Inv. 65, Folio 44).

Adriaen Jansse van Gestel verklaart (15-4-1647) begrepen te hebben, dat Henrick Henricx Huijskens met Meriken, zijn dochter, te willen trouwen, onder voorwaarde dat genoemde Adriaen een bruidschat zal geven. etc. (Leermakers Inv. 65, Folio 59).

Adriaen Joordens Melis verklaart (12-9-1650) ter instantie van Maeijke van Gestel, dat hij niet beter weet, dan dat Henrick Henricx Huijskens met Maeijken van Gestel in gesprek was. (Leermakers, Inv. 68, Folio 77).

Anneken Jansse van Gestel, oud ca. 22, verklaart (19-9-1650) t.i.v. Meriken Adriaen van Gestel, dat Meriken een relatie had met Henrick Henricx Huijskens en dat Henrick ca 16 dagen voor de kermis van 1649 bij haar heeft geslapen. (Leermakers Inv. 68, Folio 96).

Marijken van Gestell en haar broeder Anthonis (13-11-1651) machtigen Adam de Vogell, procureur, om te procederen tegen Henrick Henrick Huijskens. (Van Oeckell Inv. 109, Folio 2).

Philips Lauweijssen van Loeij (7-5-1652) verklaart t.i.v. Meriken van Gestel, dat Henrick Henrick Huijskens bij het huis van haar moeder is geweest en met genoemde Meriken heeft gesproken.(Van Oeckell Inv. 109, Folio 14).

Henrick Gijsbert Corsten Oomen en Adriaen Dielis Suetericx verklaren (7-5-1652) t.i.v. Meriken van Gestell, dat genoemde Meriken een eerlijk deugdzame vrouw is. (Van Oeckell Inv. 109, Folio 31).

Jenneken Dielis Willems verklaart (12-10-1652) t.i.v. Mariken van Ghestell, dat zij heeft gezien, dat Henrick Henrick Huijskens op bezoek is geweest bij de vader van genoemde Mariken. (Van Oeckell, Inv. 109, Folio 63).

Adriaen Henricx de Corth verklaart (11-5-1652) t.i.v. Meriken van Gestel, dat Henrick Henricx Huijskens in zijn tegenwoordigheid heeft verklaard met Meriken te trouwen. (Van Oeckell, Inv. 109, Folio 20).

Goijardt Eijmmerts en Joordaen Stockelmans verklaren (11-12-1652) t.i.v. Mariken van Gestel, dat zij van Henrick Henrick Huijskens te horen hebben gekregen, dat hij naar Duitsland ging. Sedert die tijd is hij niet meer in Oirschot gezien. (Van Oeckell, Inv. 109, Folio 68)

Goijardt Eijmmerts en Joordaen Stockelmans t.i.v. Mariken (d.v. Adriaen Jans) van Gestel, dat zij Henrick Huijskens verscheidene malen hebben gezien en gesproken. (Van Oeckell, 18-11-1652, Inv. 109, Folio 67).

Adriaen Jansse van Gestel getuigt (4-2-1651): Goiart Joosten van den Aeckeren verklaart t.i.v. de regeerders van Boxtel dat er onenigheid was inzake het luiden van de klokken in de kerk van Gemonde in verband met overlijden van de gravin van Bassignij. (Leermakers Inv. 69, Folio 11).

Adriaen Janssen van Gestell verklaart (13-7-1652) schuldig te zijn aan Joost de Leeuw een som van 50 gulden. (Van Oeckell Inv. 109, Folio 45). Marge: Geen getuigen genoemd! Deze akte is vervallen met consent van partijen.

Adriaen van Gestel, oud ca. 70 jaar, c.s. verklaren (17-7-1652) t.i.v. Aleijt, weduwe van Dielis Suetericx, altijd in de buurt van het huis van genoemde Aleijt te hebben gewoond en dat de pachters van dat huis altijd water haalden uit de put, staande op de wei naast het huis. (Goossens, Inv. 29, Folio 33)

Gielis Jan Aertsse van Gestel transporteerd (19-3-1658) aan Maeijken, weduwe van Peeter Henricx van Gestel en haar kinderen het negende deel van een obligatie. (Leermakers Inv. 70, Folio 52).

De kinderen van Adriaen Jansse van Gestel verkopen (14-5-1665) alle goederen met uitzondering van die goederen, die testamentair zijn gegeven aan de kinderen, aan Henrick Adriaen Jansse van Gestel, hun broeder voor de som van 100 gulden (Leermakers Inv. 79-81, Folio 218). Noemt als vrouw van Egidius (Dielis): Jenneken Willem Lambrechts van Collenberch.

Barbara, weduwe van Henrick Goorts van den Heuvel, c.s. machtigen 10-7-1665 Peeter van Haestrecht, notaris te Den Bosch, om te procederen voor de wethouders van Den Bosch. (Leermakers Inv. 79-81, Folio 166). Genoemd, naast Adriaen Jansse, de zonen Dirck, Henrick, dochter Lijsken. Moeder: Jenneken Jan Reinders?

Jan Adriaen Jansse van Gestel c.s. machtigen 2-3-1666 Peeter van Haestrecht en Henrick Jansse van Gestel om te procederen in een proces van Maximiliaen van der Driessen contra Jenneken, weduwe van Adriaen Jansse van Gestel. (Leermakers Sr Inv. 79-81, Folio 276). Mede genoemd: Willem Peeters van der Collenberch, de kinderen van Dielis Adriaens van Gestel, etc.

De kinderen van Adriaen van Gestel verhuren (10-1-1667) aan hun broer Hendrick Adriaen van Gestel een huis, land, groes etc. voor één jaar voor de som van 33 gulden en voor elk kind 10 lopen rogge. (Leermakers, Inv. 79-81, Folio 277). Genoemd: Antonis, Dierck, Hendrick, Jan en Jenken.

Antonis Adriaen van Gestel verklaart (28-12-1668) tevreden te zijn met de door hem mede te dragen kosten in welke zijn broeder, Henrick, heeft gemaakt in een proces, welke op naam van hun moeder stond, doch na haar overlijden gedragen moest worden door de kinderen (Leermakers Inv. 82-84, Folio 225).

De erven van Adrianus, Jan van Gestel c.s. verklaren schuldig te zijn aan Wijnant van der Rijt een som van 300 gulden (19-3-1669, Leermakers sr., Inv. 55, Folio 114). Genoemd worden Antonis, Dielis, Dirck, Henrick, Jan, Lijsken, en de weduwe Jenneken. Antonis en Dielis kunnen schrijven, de rest niet. In marge: Deze obligatie is voldaan (geen datum genoemd).

Akkoord (11-9-1670) tussen de kinderen van Adriaen Janssen van Gestel ter eenre en Corstiaan Adriaan Willems ten andere zijde, waarbij genoemde Corstiaan aan de kinderen zal betalen een som van 440 gulden n.a.v. een geschil over verkoop van een akker. (Leermakers Inv. 59, Folio 14). In marge: De kinderen van Adriaen Janssen van Gestel verklaren voldaan en betaald te zijn d.d. 6-10-1670.

Dirck Adriaens van Gestel maakt zijn testament. (Leermakers, 18-2-1675, Inv. 138, Folio 7). Vermeld: Anthonis, Henrick (wijlen), en Willemken Bastiaens Roossen, weduwe.

ORA Oirschot (Toirkens 153b fol 392 no 294 dd 7-8-1628) Henrick Gerits van Strijp als man van Catharina dochter van wijlen Peter Jan Oerlemans, heeft hierbij verklaard dat Adriaen Janssen van Gestel namens Jan Janssen Oerlemans aan hem het geld heeft betaald dat deze Jan Oerlemans aan hem schuldig was te betalen vanwege de helft van bezittingen onder herdgang de Notel en inzake een beemdje gelegen onder Ameijden alhier welke bezittingen door hem Henrick van Strijp waren verkocht aan deze Jan Oerlemans. (…) (Idem no 295) Eerder heeft Jan Oerlemans zoon van wijlen Jan Oerlemans die in Oirschot woont in de Leege Notel ( Lage Notel ) aldaar, zijn huis, grond, schuur, boomgaard etc. verkocht, groot ca. 6 lopenzaad, samen met het eikenhout erop dat op zijn grond staat alsook op de gemeijnte aldaar, verder het geriefhout, b.p. Peter van Woensel, de gemeenschappelijke straat aldaar, Willem Jans van der Lulsdonk. Nog een akker en de houtopstand die erop groeit groot ca. 7 lopenzaad, genoemd de Heeze, gelegen in Oirschot herdgang de Notel, b.p. Jasper Philips van Esch, Heijlke weduwe van Goijaert Loijs en nu Adriaen Goijaert Loijs met meer anderen. Verder een akker groot ca. 3 en een half lopenzaad, met ook de houtopstand, genoemd de Drie Lopenzaaten, gelegen in Oirschot herdgang de Notel, b.p. de kinderen van Willem Jan Claessen, de weduwe van Jonker Sebastiaens de Heir, de kinderen van Jan Joordens, de andere percelen van genoemde Jan Oerlemans. Nog een akkertje met het heiveld en de houtopstand ervan, groot ca. 3 lopenzaad, gelegen ter zelfder plaatse als hiervoor, b.p. de kinderen van Jonker Sevenders, de akker van 3 en een halve lopenzaad van hiervoor, de weduwe van Jonker Sebastiaens de Heir, Jaspars Philips van Esch, Jan Willem Joordens en Peter Dielissen van Woensel. Nog een hooibeemd genoemd de Berendonck, samen met de eikenbomen erop en het geriefhout, gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. Henrick Joost Leeuwen, Marieken dochter van Jaspar Philips van Esch, Gerart Geraert Michiels Schoots ( van de Schoot ) de kinderen van Wouter Joordens. Verder nog een hooibeemdje met een weilandje en heiveldje eraan gelegen, genoemd 't Roth, met de houtopstand er binnenin, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. de kinderen van Willem Jans Claessen, Dirck Balthus ( van den Heuvel), het erf van Jan Dircks Deenen genoemd het Biesveld, Henrick Joost Leeuwen, Peter Vlemmincks. Verder heeft hij al hetgeen verkocht dat hem bij de dood van genoemde Jan Oerlemans is achtergelaten, behalve de helft van een jaarlijkse rogpacht van 9 lopen rogge die aan hem wordt betaald door Wouter Thonis Verrooten, welke pacht hij voor zichzelf wenst te behouden. Alle genoemde bezit is daarbij verkocht aan Adriaen Janssen van Gestel die momenteel gebruiker van dat bezit is en die heeft ook alle schepenbrieven etc. van dat bezit aan hem overhandigd. Genoemde Jan Oerlemans als verkoper heeft daarbij beloofd dat hij deze overdracht en verkoop altijd gestand zal blijven doen en alle lasten tot nu toe hierin van zijn kant af zal handelen, waarbij Adriaen Janssen van Gestel gehouden is om voortaan al die lasten, chijnsen etc., zodanig te betalen of af te lossen dat Jan Jan Oerlemans daarvoor verder gevrijwaard blijft. Ter compensatie van deze overdracht heeft Adriaen Jansen van Gestel beloofd om Jan zoon wijlen Jan Oerlemans zijn leven lang in zijn huis te laten wonen en in zijn levensonderhoud te zullen voorzien wat betreft voedsel, kleding etc. en ook na diens dood al naar zijn status een uitvaart zal laten doen en laten begraven. Verder is Adriaen Janssen van Gestel gehouden om aan de kinderen van Henrick van Strijp die ook in Strijp wonen, een bedrag van 100 gulden eens te betalen, en als waarborg voor het nakomen van al deze verplichtingen van hiervoor heeft deze Adriaen Janssen van Gestel daarvoor het vermelde bezit ten onderpand gesteld alsmede ook zijn persoon, alles conform een schepenbrief van Den Bosch d.d. 21 juni 1628. Omdat genoemde Henrick Gerits van Strijp als man van Catharina dochter van wijlen Peter Jan Oerlemans, in diens kwaliteit zijnde naaste bloedverwant en neef van genoemde Jan Oerlemans de inhoud van dat kontrakt ter ore was gekomen, en zich daarmee in ernstige mate tekort gedaan voelde doordat hij danwel zijn kinderen van zijn genoemde oom, het ter ore was gekomen dat hij in plaats van de volledige erfenis, die hij namens zijn vrouw zou hebben verkregen die op hem zou versterven indien er geen testament zou zijn opgemaakt, dan genoemde 100 gulden, dat hij daarom vermoedt en het wel bijna voor zeker houdt dat het hiervoor vermelde kontrakt is gemaakt op aandringen van genoemde Adriaen van Gestel en niet uit eigen vrije wil van zijn oom Jan Jan Oerlemans, anders zou Henrick van Strijp daarover deze Adriaen van Gestel ernstig hebben aangesproken, tenzij Adriaen hem alsnog genoegdoening daarin verschaft. Daarom is nu voor ons schepenen alhier verschenen de genoemde Henrick van Strijp in zijn hoedanigheid namens zijn vrouw, geassisteerd door zijn zoon Peter verwekt bij genoemde Catharina Peter Jan Oerlemans, voor hemzelf handelend alsmede ook voor zijn andere kinderen, zijnde broers en zusters van vermelde Peter, als partij ter ener zijden en verder genoemde Adriaen Janssen van Gestel als partij ter andere zijde, en ze hebben verklaard met elkaar de volgende overeenkomst te hebben gemaakt. Adriaen is gehouden om aan Henrick danwel bij diens afwezigheid aan de kinderen van Henrick na het overlijden van genoemde Jan Jan Oerlemans, zijnde zijn oom, de hiervoor vermelde 100 gulden te voldoen, en verder zoveel mogelijk te bewerkstelligen dat de helft van de vermelde 9 lopen rogge per jaar die al door Jan Oerlemans waren toegezegd, die direct hierna over te dragen, welke pacht nu wordt betaald door Wouter Antonis Verrooten, zoals hiervoor stond vermeld. Daarnaast zal Adriaen hem als tegemoetkoming nog een bedrag van 24 gulden geven welk bedrag Henrick bekend direkt te hebben ontvangem. Genoemde Adriaen van Gestel belooft aan Henrick of diens kinderen direkt na de dood van genoemde Jan Jan Oerlemans, overeenkomstig het vermelde kontrakt, de genoemde 100 gulden dan direkt te betalen. Partijen verklaren hiermee tot overeensteming te zijn gekomen en men belooft de afspraak na te komen en Henrick Gerits van Strijp en Peter zijn zoon beloven verder niets meer te zullen eisen van hun oom, maar de vermelde Adriaen van Gestel in het genot van zijn bezit te zullen laten en ze doen hierbij afstand van dat bezit en ook afstand van enige aanspraken die er zouden zijn na de dood van genoemde Jan Jan Oerlemans.

ORA Oirschot (Toirkens 153c fol 399 no 419 dd 7-1-1629) Schulden in het sterfhuis van wijlen Jasper Philips van Esch en zijn vrouw Willemken, volgens een publikatie daarvan gedaan op zondag 7 januari 1629 alhier te Oirschot. (…) Arien Janssen van Gestel verklaart aan genoemde Jasper een kruisdaalder te hebben uitgeleend waarvoor hij hem kleingeld terug zou geven, hetwelk nooit is gebeurd en daarna is hij direkt ziek geworden. Verder heeft hij hem in de Couwenbergse pacht meer gegeven dan Jasper voor hem had betaald voor een bedrag van 20 en een halve stuivers. Verder had de stadhouder bij hem nog voor 2 stuivers eieren gehaald, en verder had Jasper nog voor 11 stuivers appels van hem gekocht, maakt totaal 4 gulden anderhalve stuivers. Wil dit onder ede bevestigen. ( de kruisdaalder hier voor 2,40 gerekend )

ORA Oirschot (Toirkens 159a fol 6v no 6 dd 7-1-1634 (?1633) Mathijs zoon wijlen Willem Laurenssen heeft als schuldenaar beloofd om aan Adriaen Jans van Gestel vanwege geleend geld, die per heden datum over een jaar een bedrag van 100 gulden te zullen gaan betalen en onderwijl een rente van 6 gulden. Indien het kapitaal dan niet wordt terugbetaald zal de rente blijven doorlopen totdat de hoofdsom is voldaan. Hiermede zijn alle eerdere betalingsbeloftes tussen partijen komen te vervallen.

ORA Oirschot (Toirkens 163a fol 368 no 220 dd 11-8-1638) Indertijd was Jan Jan Willems gehuwd met Jenneken Michiels en had bij deze Jenneken 3 kinderen verwekt. Genoemde Jan is inmiddels komen te overlijden en dus is Jenneken als weduwe overgebleven en nog een kind dat in leven was, welk kind inmiddels ook is komen te overlijden en zo is er dus vast en roerend bezit nagelaten waarvan de weduwe Jennneken zolang ze leeft het vruchtgebruik mag hebben en waarvan de helft daarvan na de dood van Jenneken zou komen te versterven op de zusters van genoemde wijlen Jan Jan Willems. Voor het geval echter dat deze zusters eerder zouden komen te overlijden dan genoemde weduwe zijn daarom hier voor schepenen verschenen Jan Henrik Lamberts als man van Meriken dochter van genoemde Jan Willems ter ener zijde en Arien Janssen van Gestel als man van Jenneken als partij ter andere zijde en hebben de volgende overeenkomst gemaakt. Daarbij is afspraak dat als een van hun vrouwen zou komen te overlijden dat zijzelf of hun kinderen ten opzichte van de andere kinderen van de overledene, niets van het bezit zullen opeisen ondanks dat de dode partij met de levende dient te delen en waarbij de kinderen hoofdelijk zouden delen, maar daarentegen willen ze dat hun kinderen allen evenveel krijgen en zich daaraan zullen houden. Datum 11 augustus 1638, getuigen Stockelmans en Francken.

ONA Oirschot (Van den Kerckhoff Inv 90 fol 99v dd 6-10-1654) Testament van Adriaen Janssen van Ghestel en Jenneken Jan Willem Reijnders; zonen Henrick, Dierick, Antonis, wijlen Dielis.

ONA Oirschot (Van den Kerckhoff Inv 92 fol 97v dd 16-7-1656) Testament Adriaen Jansen van Ghestel en Jenneken Jan Willem Reijnders; genoemd worden de zonen Henrick, Dierick en Anthonis, en dochter Meriken samen met Henrick Huijskens en diens natuurlijke zoon Henrick.


Huwt Oirschot RK 1604

6.441   Joanna Johannis WILHELMS

FamilienaamIndex 6.441Vader 12.882Moeder 12.883 • Tevens 6.453

Overleden na 1669

Jenneken, weduwe van Adriaen Janssen van Gestel te Hedel, maakt haar testament op 21-2-1665. (Leermakers Inv. 50, Folio 23 Verso). Genoemd de zonen Antheunis, Dirck en Hendrick. Jenneken kan niet schrijven. In marge: Goijart Jacob Corstens verklaart te hebben ontvangen van Henrick Adriaen van Gestel een somma van 100 gulden. In marge d.d. 13-8-1665

Kinderen

  1. Egidius Zie 3.226
  2. Henricus Zie 3.220
  3. Elisabeth, doopgetuige 1659
  4. Joanna, doopgetuige
  5. Theodorus (+na 18-2-1675), doopgetuige 1671
  6. Cornelius (dRK Oirschot 26-1-1620), doopgetuigen Joannes Theodoricus, Hendrica Joannes
  7. Maria (dRK Oirschot 4-4-1623), doopgetuigen Joannes Matheus, Joanna Adrianus. Meriken heeft bij Henrick Henricx Huijskens een natuurlijk kind Lambert (*1647) (in haar vaders testament van 1656 heet het kind Henrick), en vervolgt de vader wegens het breken van een trouwbelofte; hij vertrekt uiteindelijk naar Duitsland. Maria huwt Oirschot RK 5-12-1655 Jan Jan Gerits
  8. Anthonis (+na 1668), doop niet gevonden
  9. Gillis (vermeld 1658)
  10. Anna dRK 25-1-1626, testes Joannes Arnoldus, Joanna Guilhelmus
TerugBegin van generatie

6.442   Bastiaen Anthonis ROOSEN

FamilienaamIndex 6.442Vader 12.884Moeder 12.885

Geboren ca. 1605
Overleden Oostelbeers (Abdij Tongeren) 6-1-1685

Schepen van Oostelbeers (1658).

Bastiaen Anthonisse Rosen en Wouter Jansse Goutsmits, schepenen, wonende te Oostelbeers, verklaren (9-1-1658) t.i.v. de schepenen dat zij bij de inspectie op Banisveld gezien hebben, dat door het turfsteken veel vernield is etc. (Van Oeckell Inv. 114, Folio 6).

Willem Roijmans en Bastiaen Anthonis Roossen, schepenen te Beersse, verklaren (5-2-1658) ter instantie van het officie dat toen de houtschot betaald moest worden gevraagd werd of Boudewijn Stevens nog schulden had. Steven moest nog 4 gulden betalen, etc. (Leermakers Sr Inv. 73, Folio 7 Verso).

Willem Roijmans c.s. (waaronder Bastiaen Anthonis Rossen te Oostelbeers, oud ca. 49) verklaren (1-9-1659) t.i.v. de regeerders van Oostelbeers, dat de akkerlanden behorende tot het Bisdom van Den Bosch sedert de overgave van Den Bosch zijn belast door de regeerders van Oostelbeers op last van de Staten - Generaal etc. (Leermakers sr Inv. 74-78, Folio 47).

Wouter Hendricx c.s. (waaronder Bastiaen Roosen te Beerzen, oud ca. 65) verklaren op 27-2-1668 t.i.v. Pieter van Nahuijs, dat de Gemeen Aert van de Beerzen een zuivere Aert is, waaop besmette schapen niet mogen worden gehouden etc. (Van Vlodroph Inv. 130, Folio 21).

Bastiaen Antonis Roosen (getuige 28-12-1668): Antonis Adriaen van Gestel verklaart tevreden te zijn met de door hem mede te dragen kosten in welke zijn broeder, Henrick, heeft gemaakt in een proces, welke op naam van hun moeder stond, doch na haar overlijden gedragen moest worden door de kinderen (Leermakers Sr Inv. 82-84, Folio 225).

Catharina, weduwe van Anthonis Adriaens van Overbeeck, verhuurt (2-1-1669) haar huis, hof en land bij de windmolen a/h Kerkhof: Joppencamp, waarschijnlijk aan Bastiaen Rosen (Goossens Inv. 46, Folio 1).

Bastiaen Antonis Roosen te Oostelbeers belendt een goed (18-3-1670): Herman Stockmans verkoopt, namens Sylvester Lintermans, onroerende goederen gelegen in Oost en Middelbeers en Oirschot aan Jenneken, weduwe van Anteunis Jan Jonckers. (Leermakers Sr Inv. 58, Folio 59 Verso).

Bastiaen Roosen als vader genoemd: Dierick de Croon verklaart 4-9-1684 schuldig te zijn aan Dielis Roosen een som van 100 gulden.(Van den Kerkhoff Inv. 106, Folio 119). Marge: Op 20-9-1687 is deze akte vervallen met consent van de partijen. Idem, als borg (11-3-1672) Jan Henrick Schepens verhuurt als momboir over de kinderen van wijlen Anthonis 2 kamers van een huis gelegen aan Rijken Sluijs aan Dielis Bastiaen Roosen voor 2 jaren en een huur van 36 gulden per jaar. (Van den Kerkhoff Inv. 103, Folio 30).


Huwt voor 1630

6.443   Mariken Willem Mertens van LIEMPT

FamilienaamIndex 6.443Vader 6.454Moeder 6.455

Geboren Oostelbeers dRK 29-5-1604 (testes Joannes Niclaus, Joannes Godefridus uit Boxtel, Hendricus Henrica)

Kinderen

  1. Guielma Zie 3.221
  2. Maria (dRK Oostelbeers 11-7-1634)
  3. Thomas, vader van Bastiaen Thomas Boelarts, in 1676 vermeld.
  4. Dielis (Bastiaen Roosen), momber van de kinderen van Willemken in 1676
  5. Anthonis, vader van Bastiaen Antonis Roosen (notarieel getuige voor Antonis Adriaen van Gestel, 28-12-1668)
  6. Lambertus (dRK Westelbeers 14-3-1643)
TerugBegin van generatie

6.444   Goijaert Gijsbrecht Goijaert HOPPENBROUWER

FamilienaamIndex 6.444Vader 12.888Moeder 12.889

Geboren ca. 1550
Overleden Oirschot tussen 10-3 en 14-5-1614

Blokmaker (1597). Patroniem o.a. in marge (1625) van een akte uit 1599 en in een uit 1598. Schepen van Oirschot in 1610 (?)

Inwoners van Oirschot waaronder Goyaert Ghijsbert Hoppenbrouwers machtigen op 27-12-1611 de bezitter van deze akte om alles in het werk te stellen om een vordering van 1158 gulden ongedaan te maken (De Metser Inv. 10, Folio 3 Verso). Marge: acte van executorien dd 8-11-1611.

Protocol notaris de Metser: G.G. en anderen verschijnen 27-12-1611 (R 400 fol 2).

De kinderen van Goijaert Ghijsbrecht Hoppenbrouwers bekennen (30-6-1623) een som van 20 cruijsdaalders, 2 dubbele pistoletten en 4 dubbele hertogen schuldig te zijn aan Wouteren Peeter Wouters. De kinderen zijn: Dirck, Frans, Geetruijt, Jan. (Van Boxtel Inv. 15, Folio 53 Verso).

Niet verwarren met gelijknamige Hoppenbrouwers, m.n. Goijaert Gijsbrecht Jan Hoppenbrouwer. De reconstructie van voor- en nazaten van GGG Hoppenbrouwer op basis van (m.n.) het ORA Oirschot is, door het optreden van soms niet van (verder) patroniem voorziene Goijaert (Gijsbert) Hoppenbrouwers in grote lijnen, zeker qua afstamming, correct, maar niet alle grondtransporten op namen van de verschillende Goijaerts konden volledig ingepast worden. Alle verwijzingen ORA Oirschot: bron is de bewerking van J. Toirkens.

NALATENSCHAP EN NAZATEN (1614 en later:)

ORA Oirschot (148a fol 413 no 121 dd 14-5-1614) Frans en Dirck, gebroeders, verder Joorden Goorts als man van Aleijdt, waarbij deze Frans en Dirck en Joorden samen optreden voor Gijsbert en nog voor Gerit Peter Pennincks als man van Jenneken, verder Aert Janssen als voogd over Jan, Willem, Geertruit, Marijke en Eerken, zijnde allen zonen en dochters van wijlen Gijsbert Goort Hoppenbrouwers, hebben samen en ieder hoofdelijk als schuldenaars beloofd om aan Henrick Gijsbert Hoppenbrouwers, die een bedrag van 65 gulden te zullen gaan betalen en wel per a.s. Maria Lichtmisdag. Vervolgens hebben deze schuldenaars aan genoemde Henrick Gijsbert Hoppenbrouwers nog de beste eik beloofd te leveren die staat bij de schuur en nog een eik die aan het huis staat. Hiermede zijn alle voorgaande betalingsbe- loftes komen te vervallen die wijlen Goort zoon van genoemde Henrick Gijsbert Hoppenbrouwers aan genoemde Henrick over en weer aan elkaar hebben gedaan. (marge:

Mariken weduwe van Henrik Gijsbert Hoppenbrouwers verklaart dat de kinderen van van Goort Gijsbert Hoppenbrouwers deze betalingsbelofte hebben voldaan, 6 juni 1619).

ORA Oirschot (149a fol 104v no 180-182 dd 6-6-1619) Gijsbert Goort Hoppenbrouwers verkoopt hierbij drie tiende deel van een huis, tuin, schop, grond etc., gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. Steven Willem Smetsers, de weduwe en kinderen van Henrick Gijsbert Hoppenbrouwers, Wouter Antonis Sgraets, Lijsken weduwe van Gijsbert Henrick Vlemmincks, de gemeenschappelijke straat. Verder verkoopt hij drie tiende deel van een akker genoemd de Patekker, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. de weduwe en kinderen van Goijaert (sic) Gijsbert Hoppenbrouwers, de kerkpad aldaar, Steven Willem Smetsers, Dirck Dielen Dircks. Er is recht van overpad over de vermelde kerkpad die erbij hoort en er is plicht om overpad te verlenen. Hij had dit bezit van zijn ouders geerfd samen met zijn broers en zusters en daarbij heeft hij nog het tiende deel gekocht van Geeraert Peter Pennincks als man van Jenneken dochter van genoemde Goort Hoppenbrouwers en nog een ander tiende deel van Joorden Goort Peters als man van Jenneken (moet zijn: Aleid, MW) dochter van genoemde Goort Hoppenbrouwers, zijnde beiden zijn zwagers. Hij verkoopt deze 3 tiende deel nu aan Frans, Dirck en aan Jan, zonen van genoemde Goort Hoppenbrouwers, zijnde zijn broers ten hunnen behoeve en ten behoeve van Willem en diens zusters Geertruit, Marieken en Aerken.

Idem no 181 De verkoper behoudt zijn drie tiende delen in het opgroeiende hout van de vermelde bezittingen dat hij heeft verkocht aan Steven Willem Smetsers ten behoeve van deze Steven en ook ten behoeve van de verkoper zelf en verder zijn deel in de huidige oogst of de huur ervan en de gebruiker mag het nog een jaar langer huren maar de kopers krijgen dan de huursom.

Idem no 182 Frans, Dirck en Jan uit de vorige akte voor henzelf optredend en nog voor de vermelde zusters van hen en voor hun andere broer, hebben als schuldenaars beloofd om aan Gijsbert Goort Hoppenbrouwers die een bedrag van 275 gulden te zullen betalen waarvan 100 gulden meteen en de rest met a.s. Pasen. (voldaan 30 juni 1620)

(149c fol 72v no 131 dd 25-6-1621) Adriaen Peter Goossens in zijn hoedanigheid uit de vorige akte verkoopt hierbij de helft van het boerenerf zoals hij dat hiervoor in de boedelverdeling heeft verkregen (Oirschot herdgang Verrenbest, in de Vleut aldaar) en ruilt dit bezit nu en draagt het over aan Frans en Dirck gebroeders en zonen van Goijaert Gijsbert Hoppenbrouwers, ten hunnen gerieve en ook ten behoeve van hun andere zusters en broers, behalve Gijsbert, Aleijt en Jenneken of haar kinderen. (…) (Idem no 132) Frans, Dirck, Jan en Willem, gebroeders, geassisteerd door Dielis Frans Leenmans en hun broer Gijsbert als voogden die daarbij ook handelen voor Geertruit, Marieken en Eerken, gezusters en allen kinderen van wijlen Goijaert Gijsbert Hoppenbrouwers, dragen hierbij een huis over met tuin, schuur, schop en erven over, groot in totaal ca. 4 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Straten aan het Moleneinde aldaar, b.p. Steven Willem Smetsers, de weduwe en kinderen van Henrick Gijsbert Hoppenbrouwers, Lijsken dochter van Goris Vreijssen, de gemeenschappelijke straat. Nog dragen ze een akker over genoemd de Patecker, groot ca. 3 lopenzaad, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. de weduwe en kinderen van Dirck Dielens, de kinderen van Goris Vreijssen, de weduwe en kinderen van Goijaert Gijsberts, Jan Herberts van Wintelre. (…) Ze dragen dit nu over in de vorm van een ruil aan Adriaen Peter Goossens. (Idem no 133) De genoemde personen uit de vorige akte hebben als schuldenaars beloofd om aan vermelde Adriaen Peter Goossens die een bedrag van 300 gulden eens te zullen betalen per heden datum over twee jaar met onderwijl een rente van 18 gulden per jaar.

ORA Oirschot (149c fol 171v no 234 dd 9-12-1622) Gijsbert Goort Hoppenbrouwers verkoopt hierbij zijn eigen erfdeel en nog de twee delen van Gerart Peter Pennincks en dat van Joorden Goort Peters, zijnde zijn zwagers, inzake een beemd genoemd de Veerdonck, gelegen in Oirschot en verder nog die delen ook van een jaarlijkse rente van 2 gulden te ontvangen van Daniel Willem Smetsers. (…) aan zijn broer Frans Goort Hoppenbrouwers.

LENINGEN (1599) 1606-1614

ORA Oirschot (146a fol 43 nos 7-8 dd 10-1-1606) Goijaert Gijsbert Hoppenbrouwers heeft beloofd om aan Margriet dochter wijlen Peter Henriks van de Schoot, weduwe van Jan Gijsberts, een bedrag van f. 100.-- te zullen betalen, opeisbaar per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar met een rente van 7% per jaar (doorgehaald en op een andere wijze afgehandeld op 17 januari 1609). (Idem no 8) Jan Jan Gerards heeft beloofd om aan Goijaert Gijsbert Hoppenbrouwers een bedrag van f. 25.-- te zullen betalen opeisbaar per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar, met een rente van 7% per jaar.

ORA Oirschot (fol 51v no 38-39 dd 1-2-1606) Goort Gijsbert Hoppenbrouwers verkoopt een jaarrente van f. 3.--, vervallend op 0.L. Vrouw Lichtmisdag te betalen uit onderpanden in Oirschot, herdgang Straten, b.p. Jan Dielen Hoppenbrouwers, de gemeenschappelijke straat, Frans de Haest, e.e.a. volgens een schepenbrief van Oirschot d.d. 30 januari 1543, samen met alle achterstalligheid daarvan aan Henrick Gijsbert Hoppenbrouwers. (Idem no 39) Genoemde Goort verkoopt een rente van f. 2.-- per jaar, elk jaar op een bepaalde dag opeisbaar, uit bepaalde onderpanden, maar waarvan hij verklaart in deze roerige tijden geen brief meer te hebben, samen met alle achterstalligheid daarvan aan genoemde Henrick Gijsbert Hoppenbrouwers. Goort belooft alle lasten van zijn kant af te handelen en op deze rente nooit meer aanspraak te zullen doen. NB 1543: rente aan Gijsbert Jan!!!

ORA Oirschot (146c fol 302v no 3 dd 16-1-1609) Goijaert Gijsbert Hoppenbrouwers heeft als schuldenaar beloofd om aan Margriet dochter wijlen Peter Henriks van den Schoot, weduwe van Jan Gijsberts, een bedrag van f. 100.-te zullen betalen per a.s. Maria Lichtmisdag over 2 jaar met een rente van 7% per jaar, welke rente gedurende de looptijd steeds vervalt.

RA Oirschot (Toirkens), 147a (4-2-1610, no 61) Goijaert Gijsbrecht Hoppenbrouwers heeft als schuldenaar beloofd om aan Henrick Dircks van de Hagelaer en aan Daniel van de Schoot als gemachtigde voor Jan Niclaes van Mil, zijnde beide voogden over Metgen, Lijntgen en Jacopmijntgen, dochters van Willem Dircks van de Hagelaer, en ook ten behoeve van deze kinderen, die een bedrag van 107 gulden te zullen betalen per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar en in de tussentijd steeds een jaarlijkse rente van 7 gulden per jaar. (…)marge :Met instemming van partijen doorgehaald, datum 18 juni 1612.

RA Oirschot (Toirkens), 147a (6-3-1610, 108) Catharina dochter van wijlen Jan Dircks van Velthoven, weduwe van Jan Alaert Wuesten, (…) verkoopt … een huis (…) aan deze Adriaen Daniel Willem Smetsers. Lasten o.a. twee gulden per jaar aan Goort Gijsbert Hoppenbrouwers. Datum 6 maart 1610.

ORA Oirschot (147b fol 253 no 269 dd 31-10-1611) Willem zoon wijlen Gijsbrechts Hoppenbrouwers verkoopt hierbij het vierde deel van een beemd nog onverdeeld zijnde, genoemd de Naegeldonck, gelegen in Oirschot herdgang Straten. b.p. Jan Goossens, Henrick Denissen, de kinderen van wijlen Gijsbrecht Goijaert Hoppenbrouwers, de gemeijnte. Het perceel wordt nu verkocht aan zijn broer Goijaert (…).

Idem (fol 260v no 306 dd 7-12-1611) Goijaert Gijsbert Hoppenbrouwers heeft beloofd dat hij de jaarlijkse rente (t.l.v. Gijsbert zoon Henrick Gijsberts Hoppenbrouwers, MW) van 10 stuivers uit een grotere rente van 3 gulden en 10 stuivers voortaan zal gaan betalen samen met alle achterstand daarvan, welke rente deze Goijaert toebedeeld was geweest en waarmee het bezit van zijn vader wijlen Gijsbert Hoppenbrouwers is belast geweest en wel aan Goossen Goort Goossens te betalen die pretendeert recht te hebben op deze 10 stuivers per jaar en verder zal Goijaert ook alle gerechtelijke kosten betalen die Goossen terzake hiervan heeft gemaakt danwel nog zal moeten maken. (NB folio 268v: Wouter Gijsbert Hoppenbrouwers gaat deze 10 stuivers betalen, zelfde datum).

ORA Oirschot (147c fol 403 no 22 dd 27-1-1612) Goijaert Gijsbert Hoppenbrouwers, heeft beloofd om aan Herman Stockelmans als voogd over Silvester zoon wijlen meester Jacop Lintermans en ten behoeve ook van deze Silvester, die een jaarlijkse rente van 6 gulden en 10 stuivers te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar, op onderpand van een huis, tuin, hofstad etc. gelegen in Oirschot herdgang Straten, groot ca. 5 lopenzaad, b.p. Pauwels Henrick Gerits, Dirck Dielens, Peter Gijsbert Hoppenbrouwers, de gemeenschappelijke straat. Ook nog op onderpand van een akkertje genoemd het Bochtgen, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. Dirck Dielens, een gemeenschappelijke weg, Jan Herberts van Wintelroij. (marge: doorgehaald 30 januari 1628).

Idem (fol 414v no 64 dd 23-2-1612) Goijaert Gijsbert Hoppenbrouwers heeft als schuldenaar beloofd om aan Jan Robbrechts, Engelsman, als voogd over de kinderen van wijlen Peter Lamberts, en ook ten behoeve van die minderjarige kinderen, hem een bedrag van 58 gulden te gaan betalen per a.s. 1 maart over een jaar samen met een rente van 7 percent per jaar. (marge 1: Dit bedrag van 58 gulden is verhoogd tot 100 gulden zoals Goijaert heeft verklaard. Datum 19 maart 1612; marge 2: doorgehaald en door een andere belofte vervangen op 5 juni 1613).

ORA Oirschot (147c fol 331 no 159 dd 5-6-1613) Goijaert Gijsbert Hoppenbrouwers heeft als schuldenaar beloofd om aan Jan Robbrechts, engelsman, als voogd over de kinderen van wijlen Peter Lambrechts en ook ten behoeve van die kinderen, die een bedrag van 100 gulden te zullen gaan betalen per a.s. 1 maart samen met een rente van 6 en een half percent per jaar. (marge: doorgehaald 11 april 1614).

ORA Oirschot (148a fol 396v no 90 dd 10-3-1614) Goijaert Gijsbert Hoppenbrouwers heeft beloofd om aan Mathijs Rutger Oerlemans die een jaarlijkse rente te gaan betalen van 6 gulden en 10 stuivers, steeds vervallend op 1 maart van elk jaar en voor de eerste keer per a.s. 1 maart, op onderpand van een huis, tuin, schuur, grond etc. gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. Dirck Dielens, de gemeenschappelijke straat aldaar, Peter Gijsbert Hoppenbrouwers dat er van is afgedeeld. (doorgehaald 23 oktober (geen jaartal vermeld)).

ORA Oirschot (145a fol 160 no 339 dd 20-4-1599) Goijaert zoon Gijsbert Goert Hoppenbrouwers heeft als schuldenaar beloofd om aan Henrick Gijsbert Jan Hoppenbrouwers een bedrag van 110 gulden te betalen per a.s. oogssttijd over een jaar. Indien Goijaert het genoemde bedrag dan niet aan Henrick betaalt, dan mag Henrick een akker van hem in gebruik nemen genoemd de Patekker, welke akker deze Goijaert heeft verkregen van zijn broer Willem, waarbij hij, Goijaert dan nog altijd 40 gulden moet bijbetalen in totaal dus 150 gulden. Henrick zal deze akker dan mogen gebruiken net zolang dat Goijaert dit bedrag van 150 gulden terugbetaald heeft. De terugbetaling dient wel 3 maanden vooraf te worden opgezegd. (marge1: Goijart heeft verklaard deze laatste som van 40 gulden ook volledig te hebben ontvangen; marge2: Henrick Jan Gijsbert Jan Hoppenbrouwers verklaart door de kinderen en erfgenamen van wijlen Goijaert Gijsbert Goort Hoppenbrouwers voor deze belofte van 150 gulden te zijn voldaan, behoudens dat deze erfgenamen deze genoemde Henrick Jan Gijsbert Hoppenbrouwers een andere betalingsbelofte hebben gedaan van 65 gulden op 14 mei 1614).

VOOGDIJ VAN o.a. KINDEREN VAN ZIJN ZWAGER LEEMANS (1606-1609)

ORA Oirschot (144a fol 128 no 265-268 dd 9-10-1593; ook in 1594, 1595) Inventaris van de roerende goederen van de minderjarige kinderen van Dielis Frans Lemans verwekt bij Catharina dochter Ghijsbrecht Brouwers, opgesteld door Jan zoon van genoemde Ghijsbrecht en door Goijaerd Ghijsbrecht Hoppenbrouwers (1595: Goijaert Ghijsbrecht Goijaert Hoppenbrouwers) als voogden van de genoemde minderjarigen.

Ook als voogd: ORA Oirschot (144b fol 307 no 106 dd 21-3-1595) Goijaert zoon wijlen Gijsbert Goijaert Hoppenbrouwers als voogd over de kinderen van Wouter Gijsbert Hoppenbrouwers verwekt bij Margriet dochter van wijlen Peter Jan Goossens.

Tevens voogd van zijn zwager meester Jan Leemans (samen met Dielis Frans Leemans, 1598).

Verder voogd van de kinderen van Gregoris Antonis van Vessem en Oeijken Laureijs van der Hoeven (Goijaert Ghijsbrecht Goijaert Hoppenbrouwers), 1598 (ook ORA Oirschot 143c fol 368 no 84 dd 1-2-1590).

ORA Oirschot (144c fol 421v no 247 dd 20-7-1596) Goijaert zoon wijlen Ghijsbrecht Hoppenbrouwers als man van Ariken dochter van Frans Lemans, draagt tijdelijk de helft van een akker over, met het recht van overpad over de andere helft zoals dat in bezit is geweest van Dirck Goijaert Willems, gelegen in Oirschot herdgang Kerkhof aan het einde van de Nieuwstraat, b.p. de kinderen van Niclaes Dielis, de gemeenschappelijke straat of binnenweg. Hij draagt deze helft nu in de vorm van belening over aan Henrick Ghijsbrecht Jan Hoppenbrouwers en Goijaert belooft alle lasten van zijn kant af te handelen.

ORA Oirschot (145c fol 470v no 32 dd 24-3-1605) Dielis zoon wijlen Frans Leemans verkoopt de helft van een obligatie van 125 gulden welk bedrag Goijaert zoon wijlen Gijsbert Hoppenbrouwers voor schepenen in Oirschot had beloofd te betalen aan meester Jan zoon wijlen Frans Leemans op St. Jacobsdag in de oogssttijd samen met een rente van 7 percent per jaar zoals blijkt uit een schepenbrief d.d. 21 februari 1598. Genoemde Dielis heeft deze obligatie verkregen door het overlijden van wijlen meester Jan Leemans en hij verkoopt de helft van deze obligatie nu aan Frans en Jan, broers en zonen van wijlen Andries van Boxtel. Dielis belooft alle lasten van zijn kant af te handelen.

ORA Oirschot (fol 75v no 129 dd 23-5-1606) Dielis Frans Lemans heeft als schuldenaar beloofd om aan Henrick Gijsberts van den Heuvel en aan Goort Gijsbert Hoppenbrouwers als voogden over de minderjarige kinderen van genoemde Dielis, een bedrag van f 32.03.-- te zullen betalen, opeisbaar per a.s. medio mei anno 1607. Als extra zekerheid heeft genoemde Dielis de voogden, ten behoeve van de genoemde minderjarige kinderen, een beemd in beheer gegeven, genoemd de Geenkensdijk, gelegen in Oirschot, herdgang Verrenbest (…) (doorgehaald 17 februari 1609). (Idem no 130) Daarvoor belooft genoemde Dielis dat hij zal zorgen dat hij het huis behoorlijk zal repareren en opnieuw van ramen voorzien. Hij zal van de kamer een goede schuur maken zoals hij die wil bewonen en het huis verder goed onderhouden v.w.b. het dak en de ramen. (In marge: Is afgebrand).

Idem (fol 314v no 51 dd 17-2-1609) Gijsbert en Frans, zonen van Dielis Frans Lemans, verwekt bij Cathalijn dochter Jan Joordens Brauwers, geven ter compensatie van de hierboven genoemde f. 33.-, een rente van f. 3.- per jaar over aan Henrick Gijsberts van den Heuvel en Goijaert Gijsbert Hoppenbrouwers als voogden van Marijke en Handersken dochters van genoemde Dielis en Cathalijn. Deze f. 3.- per jaar wordt door Dirk Jan Rijckarts uit diens goederen, gelegen in Oirschot, herdgang Straten, betaald volgens een schepenbrief van Oirschot. (…)

Idem (fol 328v no 102 dd 27-3-1609) Goijaert zoon wijlen Gijsbrecht Hoppenbrouwers weduwnaar van Adriana dochter wijlen Frans Lemans als vader en verder Dielis, zoon van genoemde Goijaart, zijnde de voogd van de minderjarige kinderen van genoemde Goijaert en Adriana, dragen een weiland over genoemd de Nageldonk gelegen in Oirschot, herdgang Straten, b.p. Jenneke weduwe van Jan Goossens en haar kinderen, Jan Denis Goijaerts, Jan Verhoeven de oude, de gemeijnte. Zij dragen deze grond over in de vorm van belening aan Jan Dirk Huiskens en diens broer Henrick. Genoemde Goijaert en Dielis beloven alle lasten van hun kant af te handelen behalve de gemeentelijke belastingen. (doorgehaald 26 maart 1611).

RA Oirschot (Toirkens), 147a (15-3-1610, 116-7) Henrick Gijsbrechts van den Huevel heeft beloofd om aan meester Niclaes van Brecht ( meester-timmerman, JT ), die een jaarlijkse rente van 4 gulden te gaan betalen (…) (117) Hiermee is een betalingsbelofte komen te vervallen van 50 gulden samen met alle achterstand daarvan, welke rente Jan Gijsbert Joorden Sbrouwers en nog Goijaert Gijsbert Hoppenbrouwers en Henrick Gijsbert van den Huevel als voogden over de minderjarige kinderen van Dielis Frans Leemans eerder hadden gedaan aan deze meester Niclaes van Brecht. Niclaes geeft hiervoor nu kwijting en stemt toe in doorhaling van de oorspronkelijke akte in het protocol indien die vindbaar is in Oirschot. Datum en getuigen als boven.

LENINGEN, BEZIT EN BELENDINGEN 1583-1605

Vermeld als belendend aan de Cremersakker in Oirschot herdgang Straten: de kinderen van wijlen Goort Gijsbert Hoppenbrouwers (ORA Oirschot 149b fol 48 no 66, 20-3-1620).

Vermeld als belendend aan de Van Engelands met een beemd genoemd de Liedonck gelegen in herdgang Straten: de kinderen van Goijaert Gijsbert Hoppenbrouwers; en beemd genoemd de Monnicksbeemd, gelegen in de Veldershoeck in herdgang Straten, b.p. Goijaert Gijsbert Jan Hoppenbrouwers,etc. (ORA Oirschot 149b fol 56 no 76 4-3-1620).

ORA Oirschot (143c fol 389 no 192 dd 13-4-1590) Goijaert zoon wijlen Gijsbert Hoppenbrouwers heeft beloofd om aan Eijmbrechten Dielen Dierks een jaarlijkse rente van 7 gulden te betalen (…) op onderpand van een huis, tuin etc. groot ca. 5 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Straten aan het moleneinde, b.p. Goris Antonissen van Vessem, de gemeenschappelijke straat, Henrick Ghijsbert Hoppenbrouwers.

Dezelfde lening: ORA Oirschot (146a fol 5v no 16 dd 23-4-1605) Eijmbert Dielen Dirks heeft aan Jan Claessen van Hove van Vessem een jaarlijkse rente van f. 7.-- verkocht, elk jaar op 0.L. Vrouw Lichtmisdag opeisbaar, samen met 3 jaar vervallen rente. De rente wordt geheven op een huis met tuin, in totaal ca. 5 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Straten aan het Mueleneinde, b.p. Goris Anthonis van Vessem, de gemeenschappelijke straat, Henrick Gijsbrecht Hoppenbrouwers, zoals in een schepenbrief van Oirschot d.d. 13 december 1590 staat vermeld. Deze rente had genoemde Eijmbert gekocht van Goort zoon wijlen Gijsbrecht Hoppenbrouwers. (…) Marge: Cornelis Janssen als man en voogd van Hendersken Goijaerts, verklaart dat Frans Goijaert Hoppenbrouwers aan hem deze rente van f. 7.-- per jaar, samen met alle achterstallige termijnen heeft betaald en gaat daarom akkoord met doorhaling van de akte. Datum 4 november 1617.

ORA Oirschot (142c fol 440 no 38 dd 2-12-1583) Goijaert zoon wijlen Gijsbrechts Hoppenbrouwers heeft beloofd om voortaan aan Jan zoon Gerit Marcelis als man van Marieken dochter van Jan van Os een jaarlijkse rente te gaan betalen van 5 gulden en 5 stuivers, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag, op onderpand van een huis, tuin, schuur groot ca. vier en een halve lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. de weduwe en kinderen van Gooris Antonis van Vessem, de kinderen van Gijsbert Jan Hoppenbrouwers en meer anderen, de gemeenschappelijke straat. Daarbij heeft genoemde Jan Gerit Marcelissen verklaard dat hiermee een pacht van 17 lopen rogge per jaar is afgelost Oirschotse maat, welke pacht deze Goijaert en diens voorgeslacht jaarlijks hebben betaald aan genoemde Jan van Os indertijd en nu aan Jan Gerit Marcelissen. Jan geeft daarvoor kwijting en zegt dat de brieven daarover, zo die er al zijn, niet langer geldig zullen zijn, (…)Jan Gerit Marcelissen als man van Marieken dochter van Jan van Os heeft verklaard dat Goijaert Gijsbrecht Hoppenbrouwers de genoemde rente uit de vorige akte mag aflossen, mits er 3 maanden vooraf wordt opgezegd, tegen betaling van 82 gulden en de achterstallige termijnen.

ORA Oirschot (145a fol 7v no 32 dd 26-1-1598) Goijaert zoon wijlen Gijsbert Goijaert Hoppenbrouwers verkoopt het stuk land genoemd de Ruelensecker zoals hij dat verkregen heeft van Henrick Gijsbrecht van den Heuvel, gelegen in Oirschot herdgang Aerle, b.p. meester Dirck Toerkens, de weduwe en kinderen van Aert Roelof Bax, Jan Wouter Stockelmans, een kerkpad. Het perceel wordt nu verkocht aan Henrick Ghijsbrecht Jan Hoppenbrouwers onze collega schepen.

Idem (fol 16v no 77 dd 18-2-1598) Goijaert Gijsbert Hoppenbrouwers heeft verklaard dat genoemde Peter van den Ven deze 42 gulden in mindering kan brengen op de koopsom van een akker die deze Peter middels het recht van vernadering heeft verkregen van Willem van den Hagelaer en welke akker genoemde Goijaert eerder aan hem had verkocht.

ORA Oirschot (145a fol 51 no 266-267 dd 29-5-1598) Goijaert zoon wijlen Gijsbert Goijaert Hoppenbrouwers draagt een beemd over, genoemd Huijskens Veerdonck, gelegen in Oirschot herdgang Aerle, b.p. de kinderen van Goris van Vessem, waarvan het eerder werd afgedeeld, de gemeijnte, Willem van de Maerselaer. Hij draagt deze beemd nu in de vorm van belening over aan Denissen van Engeland, die deze beemd mag gebruiken. (marge: Goijaert Henrick Janssn. en Gijsbert Jan Gijsberts als erfgenamen van wijlen Denis Gijsberts van Engeland, verklaren dat genoemde Goijaert aan hen een bedrag van 100 gulden heeft betaald, derhalve gaan ze akkoord met doorhaling. Datum 2 april 1611.) (Idem no 267) Denis Gijsbrechts van Engelant heeft ermee ingestemd dat Goijaert deze beemd weer kan aflossen en terugkopen tegen betaling van 100 gulden, en wel steeds elk jaar in de maand mei, waarna de beemd weer direkt kan worden aanvaard, maar deze aflossing mag niet eerder gebeuren dan nadat Denis drie jaar lang geoogst zal hebben.

BEZIT EN SCHULDEN IN FAMILIEVERBAND (1559) 1575-1629

(138b no 137 fol 36-bis) Goijaert Henrick Goijaerts heeft beloofd om voortaan aan Frans Leemans een jaarlijkse rente van 3 gulden te gaan betalen, steeds vervallend op St. Servaasdag en voor de eerste keer per a.s. St. Servaasdag op onderpand van een huis, tuin, etc. groot ca. 10 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Hedel, b.p. de kinderen van Peter Gerits van der Vlueten, Lodewijk van der Linden, de erfgenamen van Marieken Geverts, de gemeenschappelijke straat. Datum 29 mei 1559. In marge: Op 8 februari 1592 is deze brief afgelost door Goijaert Henrick Goijaerts aan Goijaert Gijsbrechts Hoppenbrouwers in de hoedanigheid als echtgenoten (…).

Idem (fol 373v no 136 dd 15-7-1575) Danel zoon wijlen Eijmbrecht Schepens verkoopt de helft van een stuk land van 7 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Straten aan de zuidzijde af te delen (…) aan Goijaerden zoon wijlen Gijsbrecht Hoppenbrouwers en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen, behoudens een jaarlijkse rente van de helt van 11 lopen rogge aan het kapittel te Oirschot en de grondchijns. (Idem no 137) Goijaert zoon wijlen Gijsbrecht Hoppenbrouwers heeft als schuldenaar beloofd om aan Danel Eijmbrecht Schepenszoon een bedrag van 148 gulden te betalen 14 dagen voor a.s. St. Jans Baptistdag. Overeengekomen is dat genoemde Danel de helft van een beemd zal gebruiken genoemd de Hoodonck, gelegen te Oirschot herdgang Straten nabij Ameijden eigendom van genoemde Goijaert, om er voor dit seizoen te mogen hooien, maar hij mag er geen hout kappen of plaggen steken. Danel is verplicht de beemd tot a.s. april gesloten te houden en mag er daarna geen vee in laten grazen. Ook is afgesproken dat als Goijaert deze 148 gulden dan niet voldoet, dat Danel dan de gehele beemd per a.s. St. Jansdag in eigendom verwerft. Daarbij mag Goijaert onderwijl wel deze beemd wel weer verkopen om met de opbrengst daarvan Danel te kunnen voldoen danwel zal hij zoveel van de beemd verwerven waarmee Danel akkoord kan gaan.

ORA Oirschot (143a fol 81 no 12 dd 26-2-1585) Goert zoon Ghijsbert Hoppenbrouwers als man van Ariken dochter van wijlen Frans Lemans heeft afstand gedaan inzake een jaarlijkse rente van 3 gulden welke rente Goert uit hoofde van zijn vrouw jaarlijks heeft geheven op bezit dat vroeger van Jan van de Ven was.

ORA Oirschot (143b fol 323 no 206-207 dd 25-8-1588) Willem zoon wijlen Ghijsbrecht de Hoppenbrouwer draagt de helft van een akker over, genoemd de Paijakker van drie en een halve lopenzaad groot, gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. de kinderen van Ghijsbert Jan Joordens, Henrick Niclaessen, de weduwe en kinderen van Goris Laureijssen, Frans Goijaerts. Het perceel wordt nu overgedragen aan zijn broer Goijaert Ghijsbert Hoppenbrouwers (…) (Idem no 207) Genoemde Goijaert staat aflossing toe van deze halve akker tegen betaling van 68 gulden mits dat Goijaert de akker een jaar in zijn bezit heeft gehad en aan het einde van dat jaar kan de akker worden afgelost mits hij dat 3 maanden vooraf aanzegt. Goijaert mag de akker niet verlaten maar moet deze blijven gebruiken tot het moment dat Willem heeft afgelost.

Idem (fol 448 no 389 dd 31-12-1596) Willem zoon wijlen Ghijsbrecht Goijaert Hoppenbrouwers verkoopt een akker groot ca. 3 lopenzaad gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. Goijaert Ghijsbert Hoppenbrouwers, Henrick Niclaes Eijmkens, de weduwe en kinderen van Goris Antonis van Vessem, Dirck Dielens. Het wordt nu verkocht aan zijn broer Goijaert zoon wijlen Ghijsbrecht Goijaert Hoppenbrouwers. De verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen, behalve ca. 2 stuivers grondchijns. (NB: dit is de Patakker of Paijakker, herhaaldelijk vermeld in o.a. ORA 1622

ORA Oirschot (144c fol 523 nos 338-339 dd 27-9-1597) Goijaert zoon wijlen Gijsbrecht Goijaert Hoppenbrouwers als man van Ariken dochter Frans Leemans, verkoopt een akker groot ca. 6 lopenzaad gelegen in Oirschot, herdgang Kerkhof aan de Nieuwstraat, b.p. de kinderen van Niclaes Dielis, Evert Jacops van den Velde, de kinderen van Joordens van de Velde, een lijkweg, grenzend aan het erf van Carl van der Ameijden. Hij verkoopt het perceel nu aan Willem Dircks van de Hagelaer (…) (Idem no 39) Genoemde Willem Dircks van de Hagelaer heeft beloofd als schuldenaar om aan genoemde Goijaert voor elk lopenzaad 69 gulden te betalen met inbegrip van de rente van 10 lopen rogge en 3 gulden en 10 en een halve stuivers, in mindering zal worden gebracht voor een oppervlak van 60 roeden. Van de koopsom zal 100 gulden meteen worden betaald en de rest per a.s. medio oogsttijd, waarbij dan aan Henrick Ghijsbrecht Hoppenbrouwers een bedrag van 150 gulden dient te worden betaald.

ORA Oirschot (146b fol 291 no 265 dd 9-12-1608) Laureijs Gregoris, Andries zijn broer, Gijsbert Henrik Vlemmings als man van Lijsken, dochter van genoemde Gregoris, Gerard Henrik Sroijen als man van Maijke, ook dochter van genoemde Gregoris, en Steven Willem Smetsers als man van Aleit, eveneens dochter van Gregoris, samen optredend voor Heijlke dochter van Gregoris en nog optredend voor de minderjarige kinderen van wijlen Anthonis Gregoris, zijnde allen erfgenamen van wijlen Jan Anthonissen van Vessem, verkopen een obligatie van f 50.-- samen met de achterstallige termijnen. Deze obligatie werd ca. 40 jaar geleden beloofd door Goort Gijsbert Hoppenbrouwers aan genoemde Jan Anthonis van Vessem, zijn zwager (…).

ORA Oirschot (Toirkens 154a fol 9-17 no 7 dd 2-1-1629) Frans, Dirck, Jan en Willem, gebroeders en kinderen van wijlen Goijaert Gijsbert Hoppenbrouwers, verder Andries Goijaert Dircks als man van Geertruit, Jan Ariens van Col als man van Merieken en nog Peter Ariens van Col als man van Erken, zijnde gezusters en ook kinderen van vermelde Goijaert Gijsbert Hoppenbrouwers, allen verwekt bij wijlen diens vrouw Arieken, dochter van wijlen Frans Leenmans, voor henzelf handelend en mede ook namems wijlen hun broer Gijsbert en hun zusters Elken en Jenneken, zoals ze zeiden hebben hierbij verklaard een boedelverdeling te hebben gemaakt inzake het bezit dat ze van hun ouders hebben geerfd danwel het bezit dat ze hebben gekocht van wijlen hun broer en van hun zusters, welk laatste erfdelen door deze Dirck, Jan, Willem als zonen van Goijaert Gijsbert Hoppenbrouwers en door Andries, Jan en Peters als zwagers van hen, samen is overgekocht zoals ze verklaren. (…) Frans (…) een stuk akkerland groot ca. 2 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, (…) de helft van een beemd gelegen in Oirschot herdgang Aerle, ter plaatse genoemd de Veerdonck of meestal genoemd de Huiskens Veerdonck (…) de helft van een beemd genoemd de Naegeldonck, gelegen in Oirschot herdgang Straten, (…) uit de Nageldonck moet jaarlijks de helft van 3 gulden worden betaald aan het St. Joris gasthuis alhier, of in plaats daarvan de helft van een mudde rogge per jaar en uit de helft van de genoemde Huiskens Veerdonck dient de helft van 3 gulden per jaar te worden betaald aan Denis Cornelissen die in Gestel woont, verder de grondchijns en de dorplasten. (…) Dirck en Jan Gijsberts als broers hebben samen van het verworven bezit een stuk akkerland gekregen, genoemd het Buitenste Kempken, groot ca. 3 en een halve lopenzaad, gelegen in Oirschot in de Vleut (…) een stuk land in een niew erf, deels akker en deels groes, groot ca. 3 lopenzaad, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen (…), de helft van een nieuw veld, onlangs van de gemeente in gebruik genomen, nog heide zijnde, (…) de helft van een beemd genoemd de Haege, onverdeeld zijnde, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, (…) hun aanspraken als erfgenamen in een heiveld ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen aan het klein Rouwven aldaar. (…) Jan en Peter als broers en zoons van Arien Janssen van Coll, namens hun echtgenotes, de halve schuur en de grond en daarbij gelegen erf, zoals dat bezit is geruild met Arien Peter Goossens, groot ca. 6 en een halve lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest in de Vleut aldaar, (…) de helft van een nieuw heideveld dat onlangs van de gemeente in gebruik is genomen, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, (…) de helft van een heideveld groot ca. 4 lopenzaad genoemd het Ven, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, onafgemaakt in de heide liggend (…) de helft van de hiervoor vermelde Nageldonck, waarvan Frans de andere helft heeft gekregen. (…uit) de Nageldonk moet jaarlijks de helft van een mudde rogge worden betaald aan het St. Jorisgasthuis alhier te Oirschot, nog de helft van 100 gulden kapitaal aan Wouter Peter Wouters en nog de helft van 32 gulden kapitaal aan N.N. (blanco) (…) Genoemde Andries namens zijn vrouw en vermelde Willem krijgen samen een nieuw stuk land, groot ca. 3 lopenzaad onlangs van de gemeente in gebruik genomen, tegenwoordig akkerland zijnde, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest in de Vleut aldaar, (…) de helft van een nieuw stuk heiveld, onlangs van de gemeente in gebruik genomen en nu akkerland zijnde, waarvan Joorden Goort Peters de andere helft heeft, voor het totaal groot 6 lopenzaad, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, (…) een stuk akkerland, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, (…) de helft van een beemd genoemd de Veerdonck, gelegen in Oirschot herdgang Aerle, waarvan de andere helft is toebedeeld aan vermelde Frans, (…) de helft van een heiveld genoemd het Ven, begrensd zoals vermeld in het erfdeel van Jan en Peter van Col. Nog krijgen ze de andere helft van de schuur zoals ook uitvoeriger is omschreven in dat erfdeel van Jan en Peter, welke schuur moet worden afgebroken voor a.s. St. Jansdag. Uit dit erfdeel moet de helft van 100 gulden kapitaal worden betaald aan Wouter Peter Wouters, verder de helft van 32 gulden kapitaal aan N.N. (blanco), en de helft van een rente van 3 gulden per jaar aan Denis Cornelissen te Gestel, verder de grondchijns en de dorpslasten.

VARIA

Idem (fol 423v no 260 dd 28-8-1596) Ghijsbrecht van der Aa, Henrick Ghijsbrecht Hoppenbrouwers en Goijaert Ghijsbert Hoppenbrouwers, verweerders tegen de heer prelaat van Perk, machtigen hierbij meester Aerden van Loon procureur in de Raad van Brabant om indien dat nodig is door het overlijden van meester Jan Fourdijn, hun eerdere procureur, om hun zaken aldaar verder te behartigen.

ORA Oirschot (144b fol 270 no 308-309 dd 21-10-1594) Ghijsbrecht Jan Laureijssen en Jacop Michiels van de Schoot hebben zich borg gesteld vanwege in beslag genomen koeien, die eigendom zijn van Gijsbrecht Hoppenbrouwer, Jan Wouter Stockelmans, Goijaerden Gijsbrecht Hoppenbrouwers en de weduwe van Rut Jan Erven, die door de heffers van de dorpsbijdragen in bewaring zijn genomen. Deze inbeslagname zal worden opgeheven volgens vonnis waarbij dan de kosten van het proces moeten worden voldaan, conform een besloten brief met een uitspraak daarover van het Hof d.d. 6 oktober j.l. (Idem no 309) Goijaert Gijsbrecht Hoppenbrouwers, Henrick Dielen Dircks, Gijsbert Jan Hoppenbrouwers en Jan Wouter Stockelmans hebben beloofd om de borgstaande personen uit de vorige akte te zullen vrijwaren voor hun belofte.

ORA Oirschot (Toirkens 153d fol 529 no 515 dd 19-10-1628) Aanbrengers van de ruiters van Den Bosch in de herdgangen Verrenbest, Naastenbest en Aerle, ondergebracht per 16 oktober 1628, gearriveerd 's morgens om 7 uur en de zelfde dag om 12 uur weer vertrokken, aangegeven ten huize van Jan Jan Henricks in aanwezigheid van Kemps en Arien op 19 oktober 1628, beedigd door mij, G. Goossens.Naastenbest (fol 533): Frans Goorts, 2 personen en 2 paarden.


Huwt (1) voor 1574

Elisabeth Willem Hendrik AELBRECHTS

FamilienaamIndex

Overleden na 1574, voor 1581

Hypothetisch

ORA Oirschot (142b fol 259 no 4 dd 2-1-1582), erven Willem Henrick Aelberts en anderen, daaronder: Goijaert zoon wijlen Gijsbrecht Hoppenbrouwers weduwnaar van Elisabeth dochter van genoemde Willem (Henrick Aelbrechts) als vader van zijn dochter Catharina verwekt bij genoemde Elisabeth. Vgl ook ORA 1574/59, 1610/110 - niet verwarren met een gelijknamige Elisabeth, in 1606-1610 gehuwd met een Jan van Hersel.


Huwt (2) ca. 1579

6.445   Arike Frans LEEMANS

FamilienaamIndex 6.445Vader 12.890Moeder 12.891

Geboren voor 1555
Overleden na 1597, voor 27-3-1609

ORA Oirschot (141a fol 185 no 99 dd 23-8-1572) Peter Jan Scrommen en Joerden Jan Joerdens Sbrouwers als kerkmeesters van de Oirschotse kerk, hebben als schuldenaars beloofd om aan Peter Jan Goessens ten behoeve van Arieken dochter van Frans Leemans een bedrag van 82 gulden te zullen betalen per a.s. Maria Lichtmisdag.

ORA Oirschot (141b fol 261v no 124 dd 27-8-1573) Joerden Jan Joerdens en Gijsbrecht van der Schout als kerkmeesters in Oirschot hebben als schuldenaars beloofd om aan Peter Jan Goossens ten behoeve van Arieken dochter van Frans Lemans een bedrag van 87 gulden te zullen betalen per a.s. Maria Lichtmisdag.

ORA Oirschot (141c fol 415v no 56 dd 23-2-1576) Joerden Jan Joerdens Brouwers en Gijsbrecht van der Schout als kerkmeesters van de St. Petersfabriek van Oirschot, hebben als schuldenaar beloofd om aan Peter zoon Jan Goessens ten behoeve van Arieken minderjarig kind van wijlen Frans Lemans een bedrag van 98 gulden te zullen betalen per a.s. Maria Lichtmisdag met een rente van 6 gulden per jaar.

ORA Oirschot (142a fol 103 no 46 dd 16-4-1578) Laureijs zoon wijlen Ghijsbert Aerts heeft beloofd om aan Peter Jan Goessens ten behoeve van Arieken dochter van Frans Leomants (= Leemans) een jaarlijkse rente van 7 gulden te gaan betalen steeds, vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin, grond etc. in totaal ca. 6 lopenzaad groot, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Denis Dirck Sgruijters, Jan Dirck Jacops, Geusken weduwe en kinderen van Henrick van der Vlueten, de gemeijnte. Ook nog op onderpand van een heiveld dat onlangs van de gemeente Oirschot in gebruik is genomen, groot ca. 12 lopenzaad, ter zelfder plaatse gelegen, b.p. Jenneken weduwe en kinderen van Jan Aert Scheijntkens, de gemeijnte, Aert Joerdens de Metser.

ORA Oirschot (143c fol 406v no 27-30 dd 29-1-1591) Goijaert zoon wijlen Ghijsbert Goijaert Hoppenbrouwers als man van Ariken dochter van Frans Lemans draagt de helft van een akker over, groot in totaal ca. 6 lopenzaad, (…).

ORA Oirschot (147b fol 201v no 121 dd 2-4-1611) Indertijd zijn Goijaert zoon wijlen Gijsbert Hoppenbrouwers en Adriana dochter van wijlen Frans Lemans toen het destijds zo roerige tijden waren, op de hoeve van de Denneboom komen wonen en hebben toen vee aangeschaft om deze hoeve te kunnen bewerken. Daarvoor was geld nodig waarmede zij dat vee hebben kunnen kopen en wel bij Denis Gijsberts van Engelant. Voor dat geld hebben zij een beemd laten belenen genoemd de Huiskens Veerdonck, gelegen in Oirschot herdgang Aerle en wel voor een bedrag van 100 gulden eens en verder hebben ze nog bij Jan Dirck Huijskens en bij diens broer Henrick een weiland laten belenen genoemd de Naegeldonck, gelegen in Oirschot herdgang Straten en wel voor 69 gulden. Deze twee percelen heeft Goijaert weer vrij willen kopen zoals hij bij de Nageldonck al heeft gedaan en de genoemde Veerdonck vandaag zal vrijkopen en wel beiden met zijn eigen geld. Hij vreest echter dat hij deze 169 gulden vandaag of morgen alsnog nodig zou kunnen hebben om daarmee weer vee te kopen of andere noodzakelijkheden, en er daardoor weer moeilijkheden zouden kunnen ontstaan tussen deze Goijaert en diens kinderen die hij bij deze Adriana heeft verwekt. Om deze eventuele onmin te voorkomen zijn voor ons als schepenen verschenen de geachte Aert Jan Goorts en Dielis Frans Lemans als aangestelde voogden over de minderjarige kinderen van deze Goijaert en Adriana als partij ter ener zijde en genoemde Goijaert ter andere zijde en de voogden hebben aan Goijaert medegedeeld dat zij, om deze Goijaert geen nadeel te willen berokkenen, ermee tevreden zijn dat als Goijaert iets ernstigs overkomt of het geld nodig heeft, dat zij dan aan Goijaert toestaan vanwege het met diens zware arbeid gewonnen geld, om opnieuw zoveel geld op de onderpanden op te mogen nemen als hij ooit nodig zal hebben danwel op rente opnemen. Als hij het geld niet nodig heeft om daarmee enig vee te kopen, dan mag Goijaert de helft van dat bedrag voor zichzelf aanwenden en behouden. Partijen verklaren over en weer dat zij het hiermee eens zijn en ze beloven deze overeenkomst al zodanig na te zullen komen.


Huwt (3) na 1585

N.N.

Index

Overleden na 1622

Hypothetisch. Vermeld ORA Oirschot 1619, 1622 (nos. 1245-6, 145, 205-7) als ‘weduwe en kinderen Goort Gijsbrecht Hoppenbrouwer’ op o.a. de Patakker

Kinderen

  1. (uit 1) Catharina (*voor 1582), huwt Eijmbert Dielen Dirks (vermeld 1608, 1613)
  2. (uit 2) Dielis (+voor 1614), volwassen in 1609, niet vermeld 1614
  3. (uit 2) Dirk (+voor 1646); huwt Christina, die als weduwe van Dirck Goorts Hoppenbrouwers op 4-4-1646 Reijnder Sooken volmacht geeft om in haar plaats op te treden in diverse aangelegenheden (Leermakers Jr. Inv. 64, Folio 220 Verso). Frans Goorts Hoppenbrouwers is getuige. Betreft o.a. leenhoeve van Cranendonck en goed in de Vleut
  4. (uit 2) Frans Zie 3.222
  5. (uit 2) Geertruit, minderjarig in 1614 (vermeld 1623); huwt Andries Goort Dircx. Zij maken testament op 21-9-1656 (Van Oeckell Inv. 112, Folio 60). In marge: Dit testament is herroepen op 23-9-1656; op 11-11-1656 verklaren Jan Geridt Dircx en Geridt Claessen van Gestel, dat Geertruijt Hoppenbrouwers het testament heeft gerectificeerd op alle punten met enkele uitzonderingen
  6. (uit 2) Jan, minderjarig in 1614 (vermeld 1623)
  7. (uit 2) Aleid (+voor 1629), huwt Joorden Goorts Peters
  8. (uit 2) Gijsbert (volwassen in 1614, +na 1622, voor 1629), huwt Anneke Jacob Antonis Hoevens, vermeld ORA Oirschot 1616, 1620
  9. (uit 2) Jenneke (+voor 1629), huwt voor 1614 Gerit Peter Pennincks, verkoopt haar tiende in 1615 aan Gijsbert
  10. (uit 2) Willem, minderjarig in 1614
  11. (uit 2) Marijke, minderjarig in 1614; huwt voor 1629 Jan Ariens van Col
  12. (uit 2) Eerken (Aerken), minderjarig in 1614; mogelijk identiek met Arnolda, huwt Best 29-1-1624 Petrus Collinus (=Peter Ariens van Col)
TerugBegin van generatie

6.446   Ludovicus Theodorus TIMMERMANS

FamilienaamIndex 6.446 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren ca. 1570

Mogelijk zoon van een Dirck Willem Timmermans. Op 7-4-1604 (met Heilwigis Arnoldus Maria Godefridus) getuige in Oirschot bij de doop van Johanna, dochter van Theodoricus Johannes

Alle verwijzingen ORA Oirschot: bron is de bewerking van J. Toirkens

RA Oirschot 1570 (fol 54 no 148 dd 19-6-1570) Goijaert zoon Willem Goijaerts heeft beloofd om aan Lodeweijk zoon Lodeweijk Timmermans een bedrag van 6 gulden per jaar te zullen gaan betalen,(…) In marge :Met instemming van partijen doorgehaald, datum 26 februari 1641.

Idem (45 no 128 dd 24-3-1570) Henrick Willem Andriessen heeft beloofd om aan Lodewijk Timmermans een jaarlijkse rente van 3 gulden te gaan betalen (…).

Vermeld als belender (idem fol 7 no 22 1-2-1570) van land in Oirschot, herdgang de Kerkhof aan de Huevel, een akker groot 3 lopenzaad, ter zelfder plaatse gelegen, b.p. Lodewijk Timmermans, etc.

In 1580 heeft ‘de weduwe van Lodewijk Timmermans’ een kleine rente. Ook in dat jaarvermeld: Niclaes Lodewijk Timmermans als belender; de kinderen van Lodewijk Timmermans idem.

Vermeld met een rente in 1560 (ORA 138c fol 2 no3); als belender (fol 24 no 101, 58 no 237). Wouter Lodewijk Timmermans vermeld 1560 (fol 11 nos 44-45; 54 no 216)

RA Oirschot (Toirkens 138c fol 9 no 34 26-1-1560) Niclaes en Geerit, broers en kinderen van Alaert Scepens, verkopen het twee zesde deel van een akker genoemd de Rootele, zijnde het voorste stuk zoals ze dat samen toebedeeld hebben gekregen, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof, aan Lodewijk Timmermans.

Vermeld ORA Oirschot 149b (fol 142 no 220 dd 26-10-1620) als belender van een halve lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof aan de Heuvel: Lodewijk Timmermans.

NB: dochter Maria heet bij huwelijk 1626 kennelijk Maria Lodewijk Theodorus. In ORA Oirschot 1592: de erven Dirck Timmermans. In ORA 1597: belending van Dirck Jan Timmermans conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 2 maart 1522. In ORA 1622: rente van idem, 15-4-1528.


Huwt

6.447   N.N.

Index 6.447 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Maria Zie 3.223
  2. Arnoldus, doopgetuige 1630
  3. Catharina, huwt Best 2-2-1628 Gessuinus Embertus Hoppenbrouwers
  4. Theodorus (hypothetisch), huwt Aleidis Michael; dopen een kind Margaretha in Oirschot 22-4-1622 met Ludovicus als getuige
  5. Johannes Lodowicis, huwt N.N., Ludovicus is getuige bij doop kind in Oirschot 22-4-1622 (Helena; meter is Maria Peters)
TerugBegin van generatie

6.448   Henricus Joannes van HERSEL

FamilienaamIndex 6.448Vader 12.896Moeder 12.897

Geboren ca. 1566
Overleden na 1620, voor 1-2-1623

Zonen Jan en Hendrick Hendrickssen van Herssel getuigen op 18-1-1650: Adriaen Marttens en Jan Dierickx Hoppenbrouwers, borg, verklaren schuldig te zijn aan Bernaert Janssen Kemps een som van 100 gulden (Van den Kerkhoff Inv. 87, Folio 4).

Notaris Jan Willems de Metser, Oirschot (Inv. 11, Folio 32 Verso, 4-11-1616), Henrick Janss van Herssel (oud 50) en Dierick Henrick van de Schoot verklaren dat Gijsbert Wouters aan Henrick Henricx van Bersse een paard heeft verkocht.

Notaris Lambrecht van Boxtel, Oirschot (Inv. 14, Folio 89 Verso, 7-8-1620), Hendrik Jans is getuige en tiendenaar van de heer van Merode.

Notaris Dierick Toirkens, Oirschot (Inv. 5, Folio 19, 8-3-1610), Testament van Catharina Jan Dircx, weduwe van Jan Alaert Vuestenss, vermeldt Henricken Jan Philipsen van Herssel.

RA Oirschot (Toirkens), 147a (fol 62 no 183, 5-5-1610) Henrick zoon Jans van Heersel heeft als schuldenaar beloofd om aan Henrick Dircks van de Hagelaer die een bedrag van 16 gulden te zullen betalen per a.s. St. Gielisdag zonder rente.

RA Oirschot (Toirkens), 147a (fol 104 no 308, 30-8-1610) Henrick zoon Jan Philips van Heersel die hierbij het testament goedkeurt dat Henrick zoon Jan Alaerts Wuesten had gemaakt op 8 mei 1608 en ook nog het testament goedkeurt van Catharina dochter van Jan Dirks, weduwe van vermelde Jan Alaerts Wuesten dat deze Cathaijn had gemaakt op 8 maart 1610, beide testamenten voor meester Dirck Toorkens en getuigen gepasseerd zijnde zoals ons is gebleken. Hij verklaart dat Daniel Willem Smetsers aan hem de 10 gulden en 5 lopen rogge eens heeft betaald, die wijlen vermelde Catharina indertijd had vermaakt in dat testament aan vermelde Henrick Jan Philips van Heersel. Henrick geeft nu volledig kwijting aan Daniel Willem Smetsers als zijnde universeel erfgenaam van het bezit van vermelde Catharina.

Idem (fol 17v no 53 dd 29-1-1610) Joorden Jan Philips van Heersel en Henrick de Leeuw, welke laatste handelt namens diens vrouw Marieke dochter van Geraert Alaert Schepens en ook mede zijn gemachtigd door de andere kinderen van Jan Philips van Heersel en van de kinderen van Geraert Alaerts Schepens, zijnde allen erfgenamen van wijlen Henrick Jan Alaerts Wuesten, maken hierbij bezwaar tegen de verkoop van het bezit dat door vermelde Henrick Jan Alaerts Wuesten is achtergelaten. Ze wensen de verkoop als ongeldig bestempeld te zien en verzoeken hiervan een akte opgemaakt te krijgen.

NB In ORA Oirschot (o.a. 10-10-1582; 5-12-1585) komt ook voor een (net te oude) “Henrick zoon Jan Goijaerts ook wel van Hersel genoemd”. Over deze: (ORA Oirschot 144a fol 106 no 156 dd 30-3-1590) Henrick zoon wijlen Jan Goijaerts verwekt bij Catarina dochter van Willem Janssn. van Hersel.

ORA Oirschot (144a, jaarkroniek 1593) Op St. Ceciliadag is er ten huize van Aert Sgraets voor 4 stuivers per maaltijd verteerd, daarbij waren (…) de zoon van Henrick van Hersell (…) alle koorzangers en het bier is buiten besteld en ze hebben in totaal op die dag en de dag erna, 23 gulden en 10 stuivers verteerd, waarvan het kapittel 10 gulden ... daarnaast heeft iedere persoon nog 14 stuivers verteerd.

Vermeld op een lijst in ORA Oirschot 1597 (144c fol 10 los, ongedateerd en zonder duidelijke functie).

ORA Oirschot (146a fol 79 no 141 dd 3-6-1606) Goossen Jan Gerits verkoopt een stukje land groot 37 roeden, gelegen in Oirschot, herdgang Spoordonk te Boterwijk b.p. het erf van de koper, Jan Henriks van Berendonk, Jan Goort Riemeslag. Hij verkoopt de grond aan Henrick Jan Philips van Heersel.

ORA Oirschot (146c fol 326v no 97-99 dd 2-3-1609) Henrick Dirks van den Haegelaer, verkoopt de akker genoemd het Bochtje, gelegen in Oirschot, herdgang Spoordonk te Boterwijck, b.p. zijn eigen land, Henrick Jan Philips van Heersel, een akker genoemd de Vrijthof. Verder verkoopt hij nog een akker genoemd de Vrijthof, b.p. de akker genoemd het Bochtje, Aert Dirk Simons, Henrick Gerits van de Schoot, het erf van de koper, Jan Erven de oude. Hij had deze grond gekocht van Joorden Jan Philips van Heersel volgens een schepenbrief van Oirschot, d.d. 28 januari j.l. en hij draagt ze, op grond van het recht van vernadering, over aan Henrick Jan Philips van Heersel. (Idem no 98) Henrick Janssen van Heersel heeft als schuldenaar beloofd om aan Jan Erven de oude, zijn schoonvader, een jaarlijkse rente te zullen betalen van f. 14.10.-. (Idem no 99) Genoemde Jan Erven gaat akkoord met de aflossing van deze rente tegen een betaling van f. 227.5.-, steeds op Maria Lichtmisdag onder voorwaarde dat de aflossing 3 maanden vooraf wordt aangekondigd. Indien genoemde Henrick van Heersel of diens erfgenamen niet voor de dood van Jan Erven en zijn vrouw terugbetaald heeft, dan mag Henrick Jans van Heersel en zijn vrouw deze 2 stukken land voor zijn kindsgedeelte van de erffenis behouden en dan zal de rente vervallen, behalve als er achterstand in de rente is, dan zal Henrick van Heersel die alsnog betalen. Indien het erfdeel niet zoveel waarde zal hebben dan de grootte van deze 2 percelen, dan zal Henrick van Heersel het verschil aan zijn mede erfgenamen vergoeden.

ORA Oirschot (149a fol 24 nos 21-24 dd 9-2-1618) Henrik Jans van Heersel, als aangestelde voogd over het minderjarige kind van Jan Janssen van Heersel door deze Jans van Hersel verwekt bij Elisabeth Willem Henrick Aelbrechts, zijnde diens vrouw, en verder Wouter de Crom op grond van een machtiging aan hem verleend door Antonis Antonis Henrik Aelbrechts als toeziend voogd over de minderjarige kinderen van wijlen genoemde Jan Jansen van Heersel en vermelde Elisabeth, (…) verkopen hierbij een stuk akkerland groot ca. 2 en een halve lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonck onder Boterwijk alhier, b.p. Jan Henriks van Berendonck, Henrik Dircks van de Hagelaer, de gemeenschappelijke straat. Het perceel wordt nu verkocht aan Henrick Janssen van Heersel van hiervoor. (…) (Idem no 22) Henrik Janssen van Heersel heeft als schuldenaar beloofd om aan Wouter de Crom in diens hoedanigheid en ten behoeve van vermelde minderjarige kinderen die een bedrag van 200 gulden te zullen gaan betalen (…) (marge:Wouter de Crom verklaart deze 100 gulden meteen van Henrick te hebben ontvangen en wel met een schepenbelofte van 100 gulden die Jan zoon Jan Jans Erven met Peter en diens zoon Antonis hebben beloofd aan genoemde Henrik en Wouter ten behoeve van de vermelde minderjarige kinderen. Verder heeft Jacops Jacops van Geel een bedrag van 28 gulden ontvangen. Datum 9 februari 1618; Jacop Jacops van Geel heeft met instemming van Wouter de Crom en Joorden Jans van Heersel verklaard dat deze belofte alsmede ook de belofte van Jan Erfven is voldaan, samen ook met alle rente daarvan. Datum 23 februari 1623) (Idem no 23) Henrik zoon wijlen Jan Jan Philips van Hersel verkoopt hierbij een weiland of hooidries gelegen in Oirschot herdgang Spoordonk, b.p. het erf dat ervan is afgedeeld, de erfgenamen van Marten Peter Goossens, Gerit Janssen van Gerwen, de gemeijnte aldaar. Het perceel wordt nu verkocht aan Jan zoon wijlen Jan Jan Erfven (…) (Idem no 24) Jan zoon wijlen Jan Jans Erfven en met hem zijn zoons Peter en Antonis, hebben samen en ieder hoofdelijk als schuldenaars beloofd om aan Henrik zoon wijlen Jan Jan Philips van Heersel als een van de voogden over Maijken minderjarige dochter van wijlen Jan zoon Jan Jan Philips van Heersel en aan Wouter de Crom als gemachtigde voor Antonis Henrick Aelbrechts als toeziend voogd van deze Maijken, die een bedrag van 100 gulden te zullen gaan betalen (…) (marge: Jacop Jacops van Geel in aanwezigheid van Joorden Jansen van Heersel, welke Jacop tegenwoordig echtgenoot is van Lijsken Willem Aelbrechts, die eerder weduwe was van Jan Jans van Heersel, verklaart van Jan Jan Erfven in mindering op vermelde 100 gulden, een bedrag van 32 gulden te hebben ontvangen, die hij belooft aan minderjarige voorkinderen van deze Lijsken te zullen besteden en deze Jan en Joorden daarvoor te vrijwaren. Datum 31 juli 1620; De rest van deze belofte met de rente verklaart genoemde Jacop Jacops van Geel te hebben ontvangen op grond van het testament dat door genoemde Maijken voor pastoor en getuigen in Hoogstraten was opgemaakt d.d. 27 augustus 1621, waarbij de vrouw van vermelde Jacop enige erfgename is. Datum 8 september 1621).

Idem (fol 15v nos 115-116 dd 20-6-1618) Henrick Jan Philips van Hersel heeft verzocht aan Jacop Henrick Geraerts dat die afstand zou willen doen vanwege het recht van vernadering, inzake een akker gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof aan de Heuvel aldaar, groot ca. 7 spijndzaad, b.p. het erf van genoemde Jacop, Jan Alaert Scepens en anderen, Lambert Lamberts, de kinderen van wijlen Dielis Hoppenbrouwers en Willem de Metser. Jacop had dat perceel enige tijd geleden gekocht van Henrick Ariens Verrijt als man van Emken dochter van genoemde Jan Philips van Hersel. Daarna heeft genoemde Jacop afstand van zijn bezit gedaan vanwege dat recht van vernadering en het perceel weer verkocht aan Henrik Jan Philips van Hersel en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen, behalve dat hij Jacop zal compenseren voor diens betaalde koopsom etc. (…) (Idem no 116) Genoemde Henrick Jan Philips van Hersel verkoopt hierbij het stuk land dat hij in de vorige akte heeft verkregen nu weer terug aan vermelde Jacop Henrik Geraerts en hij belooft alle lasten van zijn kant af te handelen.

ORA Oirschot (Toirkens 161a fol 346 no 211 dd 21-10-1636) Adriaan Niclaes van der Vleuten, verkoopt een rente van 3 carolus gulden per jaar die hij als mede erfgenaam van wijlen heer Wouter van Cuijk vicedeken en kanunnik van het kapittel van St. Peter in Oirschot in een verdeling met zijn mede erfgenamen heeft verkregen, volgens schepenen brieven van Oirschot, nu aan Joost Corstens van Ham. Deze f 3.-- per jaar is aan genoemde heer Wouter van Cuijk verkocht door Jan, Henrick en Matheeuws, broers en Anne hun zuster, kinderen van Henrick Philips van Hersel, verwekt bij wijlen Anne dochter wijlen Jan Erven, mede optredend namens Joorden en Adriaen hun broers samen met de voogd van genoemde Anne, elk jaar op 1 maart te betalen uit een akker genoemd het Bochtje gelegen in Oirschot, St. Petersparochie, herdgang Spoordonk, b.p. Henrik Dirks van den Hagelaar, de genoemde kinderen, het erf genoemd de Vrijthof. En nog te heffen uit een akker genoemd de Vrijthof, b.p. de genoemde akker genoemd het Bochtje, Aart Dirk Sijmens, Henrick Gerarts van den Schoot, de genoemde kinderen samen 3 lopenzaad en een spijntzaad groot. Dit is beschreven in schepenen brieven van Den Bosch d.d. 27 februari 1623.


Huwt Oirschot RK 16-1-1587

6.449   Anna Joannis ERVEN

FamilienaamIndex 6.449Vader 12.898Moeder 12.899

Overleden na 9-8-1630

RA Oirschot (Toirkens), 155a (fol 227ff no 138/9, 24-4-1630) Anneken dochter van Jan Erfven weduwe van Henrick van Hersel met haar voogd doet hierbij afstand van haar recht van vruchtgebruik inzake een stuk land deels akker en deels weide, genoemd de

Coopmans, en inzake een weiland genoemd het Hoolcot, beide percelen gelegen in Oirschot herdgang Spoordonck, ter plaatse genoemd Boterwijk. Ze draagt dat vruchtgebruik nu over aan Jan, Joorden, Henrik, Matheeus, Arien en Anneken, zijnde haar wettige kinderen (…) (idem no 139:) Jan, Joorden, Henrick, Matheus en Adriaen, gebroeders en hun zuster Anneken, (…) hebben beloofd aan Peter Martens van den Collenberg (…) ten behoeve van Niclaes Peters van Zutphen die in Boxtel woont, die een jaarlijkse rente van 10 gulden te gaan betalen (…) op onderpand van een stuk land deels akker en deels weide genoemde de Coopmans, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonck ter plaatse genoemd in het Pandgat, (…) en een weiland genoemd 't Hoolcot gelegen in de Lubberstraat, (belend: Henrick Erfven, Willem Goort Simons, Jan Erfven de jonge, Arien Henricks Roijen), etc.

Idem (fol 297ff nos 201-3, 9-8-1630) Erfdeling nalatenschap Van Herssel-Erven:

Aan Henrick Henricks van Hersel een huis met de helft van het aanliggend erf en akkerland, verder nog de helft van een akker alles gelegen in Oirschot (belend o.a. Arien Henrick Janssen van Hersel), weiland ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, genoemd de Bijvoet (belend o.a. Jan Janssen Erfven met meer anderen); hieruit jaarlijks een rente van 3 gulden aan Jan Herman Stockelmans als rentmeester van senor Silvester Lintermans, nog 30 stuivers per jaar, verder aan de fabriek van de O.L. Vrouwekerk te Oirschot 10 lopen rogge per jaar altijd betaald geweest zijnde met 2 gulden en tien stuivers, nog 3 blanken grondchijns aan de hertog van Brabant verder de dorpslasten.

Aan Adriaen de helft van een stuk akkerland gelegen bij het oude huis in Oirschot herdgang Spoordonck ter plaatse genoemd Boterwijk, een stuk akkerland aldaar gelegen naast Henrick Henricks van Hersel, een stuk akkerland ter zelfder plaatse naast o.a. Jan Janssen Erfven; belast met 6 gulden aan Franck de Becker in de stad Den Bosch, nog 10 stuivers per jaar aan de tafel van de H. Geest te Oirschot, verder de dorpslasten.

Aan Matheeus de oude tuin en het Dijstelkant ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, het derde deel van een weiland genoemd het Hoelcop, gelegen in Oirschot ter zelfder plaatse als hiervoor; belast met 2 gulden 16 stuivers uit een grotere rente van 10 gulden aan Niclaes Peters die in Boxtel woont, verder nog 20 stuivers per jaar aan de weduwe van wijlen Jonker de Heer.

Aan Joorden een stuk akkerland, of een deel van een stuk akkerland genoemd de Groot Akker, gelegen in Oirschot ter zelfder plaatse als hiervoor, naast o.a. Anneken dochter van Henrick van Hersel, het derde deel van een weiland genoemd de Koeijweijde in het Hoolcoth; belast met 3 gulden en 12 stuivers (…) aan Niclaes Peters van Zutphen.

Aan Jan Henricks van Hersel een stuk land genoemd de Grootekker, gelegen in Oirschot ter

zelfder plaatse als hiervoor, naast Joorden en Anneken en Matheeus Henricks, het derde deel van een weiland genoemd het Hoolcoth; belast met 3 gulden en 12 stuivers aan Niclaes Peters van Zutphen.

Aan Anneken een akker genoemd de Vrijthof ( of Wijthof ), gelegen in Oirschot herdgang Spoordonck ter plaatse genoemd Boterwijk, naast Joorden Henricks van Hersel, de helft van een akker genoemd de Coopman; belast met 3 gulden worden betaald aan Heer Wouter van Cuijck kanunnik te Oirschot, nog 10 stuivers per jaar aan Joffrouw de Polluin weduwe van Jonker Sebastiaen de Heer, nog 6 stuivers per jaar aan de pastoor te Oostelbeers en de dorpslasten.

(Idem fol 304 no 202) De genoemde verdelers van hiervoor hebben aan hun moeder Anneken weduwe van Henrick Jansen van Hersel die instemde met deze boedelverdeling, haar beloofd om jaarlijks twee mudde rogge en een mudde boekweit te leveren, Oirschotse maat, en verder zal ieder van hen een vierde vat botermelk leveren en ook ieder van hen 3 pond zuivere boter. Verder mag Anneken daarnaast de kamer blijven bewonen die staat nabij het huis dat is toebedeeld aan Henrik Henricks van Hersel en ze krijgt de helft van de boomgaard met nog 9 roedes tuin ook in de tuin van genoemde Henrik van Hersel.

(Idem no 203) Voor de ontvangst van het hiervoor vermelde mag Anneken twee van haar kinderen aanwijzen onder beding dat als een van hen die ontvangst ervan niet goed zal uitvoeren dat ze dan een ander van haar kinderen in diens plaats mag aanstellen die haar daarin wel gewillig zal zijn.

(Idem fol 399 nos 278ff, 9-11-1630)

Henrick Henricks van Hersel verkoopt zijn huisen een stuk akkerland ter zelfder plaatse aan zijn broer Matheeus Henricks van Hersel; (no 279) Anneke dochter van wijlen Henricks van Hersel verkoopt 48 roedes land uit een stuk van twee lopenzaad min 4 roedes, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonck ter plaatse genoemde Boterwijk, welk perceel wordt genoemd de Bijvinck of ook wel de Coopman, aan haar broer Adriaen zoon wijlen Henricks van Hersel; (id. 280) Adriaen verkoopt dit weer aan Jan zoon wijlen Willem Erfven. (Id. 281) Jan zoon Willem Erfven belooft Adriaen Henriks van Hersel over een jaar een bedrag vna 100 gulden te zullen gaan betalen met onderwijl een rente van 5 gulden; (id. 282) Joorden zoon Henricks van Hersel belooft aan Jan Jacop Corstens terzake van geleend geld die een bedrag van 29 gulden te gaan betalen per heden datum over een jaar met onderwijl een rente van 30 stuivers (doorgehaald 21 april 1655).

Vermeld in belending (ORA Oirschot 1592 no 137) van erven Jan Houbrakens en Anna Lambrecht Vrancken: 3 beemden verkregen deels groes, deels heiveld, zoals die nog onverdeeld liggen, en af te delen van de kinderen Hendrick Houbrakens, gelegen in de parochie van Liempde in de Voldershoeck, b.p. Henrick van Hersell, Heijn Hulssen, de gemeijnte.

ORA Oirschot (146a fol 14v no 63 dd 11-7-1605) Jan Jan Erven de jonge heeft aan Anneke dochter Jan Erven een bedrag beloofd te zullen betalen van f. 53.10.-- , opeisbaar per heden dato over een jaar. (doorgehaald en op een andere wijze afgehandeld op 29 augustus 1609).

(149c fol 100v no 185 dd 2-10-1621) Anna weduwe van Henrick Janssen van Hersel geassisteerd door haar zoon Jan en door Joorden Janssen van Hersel als haar hierbij gekozen voogd, heeft beloofd om aan Dielis Niclaes Vlemmings vanwege geleend geld die een bedrag van 50 gulden te zullen betalen.

ORA Oirschot (150a fol 74v no 92-93 dd 1-2-1623) Henrik Jan Erffven verkoopt een stuk beemd genoemd de Bijvank in Oirschot onder Spoordonk te Boterwijk, b.p. de weduwe Jan Jan Dielis Snellaerts, de weduwe Cornelis Jan Gerards, de weduwe Henrik Jan van Hersel, de gemeenschappelijke straat. Hij had dit stuk land van zijn ouders verkregen met de verplichting om genoemde weduwe Henrik Jan van Hersel te laten wegen en hij verkoopt dit nu aan Arien Lambert Wijnants. (…) (idem no 93) Genoemde Arien Lamberts heeft beloofd als schuldenaar aan genoemde Henrik Jan Erffven een bedrag van f 32.- te zullen betalen (doorgehaald 22 maart 1624).

(150a fol 161 no 232 dd 26-4-1624) Anneke dochter Jan Erffen, weduwe van Henrik zoon Jan Philips van Hersel, geassisteerd door haar broer Henrik Jan Erffen, haar in deze aangelegenheid gekozen voogd, geeft het recht van vruchtgebruik over m.b.t. een stuk akkerland groot ca. 7 lopenzaad, gelegen in Oirschot, herdgang Spoordonk onder Boterwijk, b.p. Henrik Dirks van de Hagelaar, Lijsken dochter Jan Erffen, Henrik Gerards van de Schoot, de weduwe en kinderen van Jan Henriks van Berendonk, Aert Dirk Sijmons. Het perceel is gerechtigd te wegen zoals dat tot nu toe gebruikelijk is en zij geeft haar aanspraken over aan haar wettige kinderen. (…) (Idem no 233) Joorden, Henrik en Matheeus, broers en hun zuster Anneke die geassisteerd is door haar voogd Henrik Jan Erffen, voor hemzelf handelend en ook namens hun minderjarige broer Adriaan, zijnde allen wettige kinderen van wijlen Henrik zoon Jan Philips van Hersel, verwekt bij Anneke dochter Jan Erffen, hebben opdracht en volmacht gegeven aan hun broer Jan om namens hen in Den Bosch een bedrag van f 100.-- te gaan lenen bij iemand die Jan goeddunkt, waarvoor hij een rente van f. 6.-- per jaar mag vestigen op het genoemde stuk akkerland uit de vorige brief, welk stuk land deels door hun vader is gekocht en deels is nagelaten aan Anneken door haar vader Jan Erffen en van welk stuk land genoemde Anneke vandaag het recht van vruchtgebruik heeft afgestaan. (…) (idem no 234) De genoemde personen en ook handelend voor hun broer Jan hebben ermee ingestemd dat niettegenstaande het feit dat hun moeder Anneke het vruchtgebruik van genoemde akker heeft afgestaan, altijd zo lang ze leeft de opbrengst daarvan zal mogen genieten mits ze de genoemde lasten betaald samen met de f. 6.-- per jaar waarmee de grond is belast.

(150a fol 171 no 248 dd 9-5-1624) Jan zoon Goort Riembeslag als man en voogd van Marieke dochter Jan Philips van Hersel, verkoopt een stuk akkerland groot ca. 1 lopenzaad en 20 roeden gelegen in Oirschot, herdgang Spoordonk te Boterwijk, b.p. aan de noordkant Henrik Dirks van de Hagelaar, Jenneke weduwe en kinderen Herman Stokkelmans, en Jenneke weduwe Jan Henriks van Berendonk. Het perceel heeft het recht te mogen wegen over het erf van genoemde weduwe van Jan van Berendonk. Genoemde Jan verkoopt het stuk grond aan Anneke weduwe Henrik Jans van Hersel die er het vruchtgebruik van heeft waarbij het verder dient ter vererving op haar kinderen. (…)

Kinderen

  1. Yken (bOirschot 27-12-1587 als zuigeling; vgl Neggers in BL 2007:456)
  2. Jordanus Zie 3.224
  3. Jan (bOirschot 16-10-1657)
  4. Mathijs (bOirschot 7-2-1670)
  5. Henricus (*voor 1605 bOirschot 13-8-1669), vermeld als volwassen en zelfstandig handelend in ORA Oirschot 23-1-1629
  6. Adriaen (+na 1634)
  7. Anneken (+na 1634, voor 12-5-1645); Mathijs handelt in 1545 schuld af namens haar verdere erven
TerugBegin van generatie

6.450   Jan Jan HANTSCHOENMAKERS

FamilienaamIndex 6.450Vader 12.900Moeder 12.901

Overleden Oirschot na 20-7-1633, mogelijk na 1641

Kennelijk nog in leven in 1641: ORA Oirschot (inv A0127 nr 2396 protocol 18-2-1641) Jan Jan Handschoenmakers, Joorden Henric van Hersel zijn zwager (zal schoonzoon moeten zijn, van een zoon Jan is mij niets bekend) en Engelke en Jenneke zijn (=Jans) dochters sluiten een lening van 100 gulden af.

Jan Hantschoemakers (17-10-1623) genoemd als belendend aan goederen van Adriaen Adams Voss (machtigt Willem Adriaen Goijaerts en Lambrecht Janss Bressers) die hij via zijn vader van zijn grootvader heeft geerfd en gelegen zijn in Oirschot aan de Heuvel, en die hij wil overdragen aan jonker Everardt van Amelroij (Van Boxtel Inv. 15, Folio 60). Hij is op 22-6-1622 getuige bij het testament van Goeijaertken Willems Goossens, wed. Sijmon Smolders (Van Boxtel, Inv. 15, Folio 20 Verso).

Gesignaleerd BL 1993:4: Philips Geraerts de Roij (begraven te Best op 10 mei 1634) kocht in 1563 de halve akker 'die Hoeve' op Notel van Jan Jan Dirck Hantschoenmakers en leende ƒ28 van Gijsbert Wülems van den Heuvel. BL 1992:195: Willem Hantscoenmekers in 1470.

Alle verwijzingen ORA Oirschot: bron is de bewerking van J. Toirkens

Vermeld als belender in 1630 (ORA Oirschot 155a fol 36 no 25 dd 22-1-1630) van de erven Franck Wijnants Verrijt, met land naast een stuk akkerland genoemd de Pellenbraecken, en een stuk akkerland genoemd het 'Adriaen van Osakkerken', ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen in de Pellenbraecken.

Ook als belender (ORA Oirschot 28-9-1640, inv 165a fol 309 no 232) van Jan Jaspers van Esch (verkoper) en Jan Geraerts Snellaerts (koper) van een stuk akkerland groot ca. 6 lopenzaad en 21 roedes, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof ter plaatse genoemd aan het Hoog Huiskens erve. Idem (145b fol 172v no 66 dd 8-3-1600) naast Henrick zoon wijlen Peters van de Schoot mret diens huis etc. groot ca. 20 lopenzaad, gelegen in Oirschot, herdgang de Kerkhof aan de Heuvel aan het Dun, b.p. Jan Hanschoemakers, de gemeenschappelijke straat, Aert Sgraets en Willemken Coolen.

ORA Oirschot (145a fol 52v no 273 dd 12-6-1598) Adriaen Jan Tomas van der Ameijden heeft als schuldenaar beloofd om aan Jan Jan Hanschoenmakers ten behoeve van Henrieksken en Marieken, dochters van Gijsbert Mathijssen ( moet zijn Gerard Gijsbert Mathijssen) een bedrag van 30 gulden te zullen betalen per a.s. Maria Lichtmisdag over twee jaar en elk jaar onderwijl een rente van 2 gulden per jaar, waarvan de eerste termijn vervalt per a.s. Maria Lichtmisdag.

ORA Oirschot (145b fol 302 nos 68-70 dd 16-4-1602) Wouter zoon wijlen Gerardt Ghijsbrecht Thijs verkoopt zijn erfdeel uit de nalatenschap van zijn ouders, waar deze goederen zich ook bevinden. Hij verkoopt deze aanspraken nu aan Jan zoon Jan Hanschoemakers. (Idem no 69) Jan zoon Jan Hanschoemakers junior heeft beloofd aan Wouter Gerart Ghijsbrecht Thijs een rente te betalen van 12 gulden per jaar, steeds betaalbaar op O.L. Vrouw Lichtmisdag op onderpand van zijn deel en aanspraken zoals hij die in de voorgaande akte van Wouter Thijs heeft gekocht, in het huis, tuin en akkerland gelegen in Oirschot, herdgang Kerkhof aan de Heuvel, b.p. de Laerdijck, Henrick van de Schoot, de gemeenschappelijke straat, het stuk waarvan het is afgedeeld. De schuldenaar belooft het onderpand in voldoende goede staat te houden ter aflossing en betaling van deze rente van 12 gulden per jaar. (…) (idem no 70) Wouter zoon wijlen Gerart Ghijsbrecht Thijs verkoopt de rente van 12 gulden per jaar welke rente Jan zoon Jan Hanschoemakers aan genoemde Wouter had beloofd met vervaldag Maria Lichtmisdag op onderpand van het erfdeel uit de vorige akte d.d. 16 april 1602. Deze rente verkoopt hij nu aan Mathijs zoon Peter Ghijsbrecht en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen.

Idem (fol 338 no 207 dd 30-12-1602) Marijke dochter van wijlen Gerard Ghijb Thijs, verder Jan Jan Hanschoemakers junior en Willem Peter Heijligen hebben samen en ieder hoofdelijk beloofd om aan Marten zoon wijlen Peters van de Maerselaer een bedrag van 70 gulden te zullen betalen per a.s. Maria Lichtmisdag en nog 70 gulden op a.s. St. Jacobsdag. (…)

ORA Oirschot (146c fol 302v no 5 dd 20-1-1609) Jan Jan Handschoenmakers heeft beloofd om aan Dirk Jacobs van Trier een jaarlijkse rente te betalen van f. 12.- elk jaar vervallend op 0.L. Vrouw Lichtmisdag en wel vrij en onbelast, waarvan de eerste termijn zal vervallen per a.s. Maria Lichtmisdag. De rente wordt betaald uit een huis met tuin en alle daarbij gelegen gronden, gelegen in Oirschot, herdgang Kerkhof aan de Heuvel, b.p. de beemd van Henrick Joost Bruestkens, Henrick Peeters van de Schoot, de weduwe van Jan Arien Ansems, de Laardijk en de gemeenschappelijke straat. (…) (marge: Vandaag op 5 september 1714 verklaren Ariaen de Jonge, zoon van Ariaen Thielemans en Cornelis van Gestel als man van Maria dochter van Dirk Thielemans dat zij door Joorden en Dielis Gerits van Hersel en door Willem van den Biggelaar als man van Jenneke dochter Gerit van Hersel, samen met Aldegonde, ook een dochter van dezelfde Gerit van Hersel, volledig zijn voldaan m.b.t. deze rente van f. 12.- per jaar, samen met de achterstallige rente)

(150b fol 22 no 51 dd12-2-1625) Jan zoon Jan Handschoenmakers heeft vanwege geleend geld beloofd om aan Jan zoon Niclaes Loij Timmermans een bedrag van f. 45.-- te zullen betalen, opeisbaar per a.s. Maria Lichtmisdag over 2 jaar met ondertussen 5 jaar rente van elk f. 2.10.--.

ORA Oirschot (Toirkens 154a fol 111 no 66 dd 16-2-1629) Jan zoon Jan Hantschoenmakers doet hierbij afstand van het recht van vruchtgebruik waarop hij zoals hij verklaarde, recht heeft inzake het derde deel van een huis, hofstad, tuin grond etc., voor het totaal groot ca. 14 lopenzaad, gelegen in Oirschot aan de Heuvel alhier, (…) Hij heeft dit vruchtgebruik geerfd bij het overlijden van wijlen diens vrouw Iken, dochter van wijlen Gerit Gijsberts Tijssen. Hij draagt dit vruchtgebruik nu over aan Joorden Henrick Janssen als man van diens vrouw Elken, dochter van deze Jan Jan Hantschoenmakers en vermelde Iken.

ORA Oirschot (Toirkens 158a fol 301v no 266 dd 20-7-1633) Jan Hantschoemakers en Joorden Henricks van Hersel hebben samen en ieder hoofdelijk als schuldenaars beloofd om aan Jenneken weduwe van Jan Jan Rijemeslach dochter van wijlen Goort Goossens, terzake van geleend geld die per a.s. Maria Magdalenadag over een jaar een bedrag van 50 gulden te zullen gaan betalen en onderwijl een rente van 3 gulden.

Bij huwelijk: Jan Jan Haernesmaker (sic)


Huwt Oirschot RK x-4-1596

6.451   Ijken Gerart Ghijsbert Mathijs Roefs van de TOERKEN

FamilienaamIndex 6.451Vader 12.902Moeder 12.903

Overleden voor 16-2-1629

ORA Oirschot (144c fol 422v no 257 dd 27-7-1596) Wouter zoon wijlen Gerart Ghijsbert Mathijssen, ( lees Roefs van de Toerken) voor zichzelf en ook optredend voor zijn zusters Henrieksken en Mariken, verder Jan Jan Hanschoemakers als man van Ijkenen dochter van van genoemde Gerart, verkopen een jaarlijkse rente van 3 gulden afkomstig van Elisabeth dochter van Gijsbert Mathijssen, welke rente Adriaen Janssn. van der Zande eerder had beloofd aan zijn zuster Agneesken. De rente vervalt ieder jaar op Maria Lichtmisdag en wordt geheven op onderpand van een stuk land en weide, gelegen in Oirschot, herdgang Verrenbest, b.p. het stuk waarvan het is afgedeeld, de gemeijnte. Ook nog op onderpand van een stuk land aldaar gelegen, b.p. Gielis Lucas van de Schoot, conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 3 november 1521. Ze verkopen de rente nu aan Dirck Aerts Verroten en de verkopers beloven alle lasten van hun kant af te handelen.

Kinderen

  1. Aleydis Zie 3.225
  2. Jenneken, maakt een codicil d.d. 20-11-1675 (Leermakers Sr Inv. 54, Folio 54), noemt haar nichten Ida en Henricxken Joorden Henricx van Herssel. Idem in een eerder testament dd. 21 mei 1625, inv.nr. 5044=15, fol. 107v.
TerugBegin van generatie

6.452   Adrianus Joannes A GESTEL

FamilienaamIndex 6.452Vader 12.880Moeder 12.881 • Tevens 6.440

6.453   Joanna Johannis WILHELMS

FamilienaamIndex 6.453Vader 12.882Moeder 12.883 • Tevens 6.441

TerugBegin van generatie

6.454   Willem Marten Lamberts van den COLLENBERG

FamilienaamIndex 6.454Vader 12.908Moeder 12.909 • Tevens 12.886

Geboren ca. 1580
Overleden Nuenen +na 4-1-1629, voor 6-9-1631

Alias Van Liempde (1623, 1624)

De kinderen van Adriaen Jansse van Gestel verkopen (14-5-1665) alle goederen met uitzondering van die goederen, die testamentair zijn gegeven aan de kinderen, aan Henrick Adriaen Jansse van Gestel, hun broeder voor de som van 100 gulden (Leermakers Inv. 79-81, Folio 218). Noemt als vrouw van Egidius (Dielis): Jenneken Willem Lambrechts van Collenberch.

Notaris Heribert van Audenhoven, Oirschot, Inv. 151-157, Folio 469 (Huurovereenkomst 22-01-1687) Peter Willems van de Laeck en Nicolaes Lamberts van Collenbergh, momboiren over het kind van wijlen Willem Peters van Collenbergh, verhuren, uit naam van het kind, de stede, gelegen aan de termeijenheuvel, aan Jan Franssen van Roij.

ORA Oirschot (150a fol 185 no 275 dd (ongedateerd) 29-12-1623) Willem zoon Marten Lamberts van Liempde als man en voogd van Yken dochter Peters van Osch en gedeeltelijk ook voor zichzelf heeft beloofd aan heer Frans Aelbrechts, priester en vicaris te Oirschot, een erfelijke rente te betalen van f. 3.-- per jaar , elk jaar vervallend op 15 mei en voor de eerste keer op 15 mei 1625. De rente wordt betaald uit een huis, tuin en hofstede gelegen in Oirschot, herdgang Kerkhof, groot ca. 2 lopenzaad, b.p. de kinderen wijlen Henrik Marten Buckincx, Jan Lenaert Zilback, Jan Daniels van de Schoot, de kinderen Adriaan Peters van Osch en zijn zuster Metken, de gemeenschappelijke straat ofwel de Vrijthof. 

ORA Oirschot (Toirkens 150a fol 83 no 105 dd 6-3-1624) Arien Ariens als man en voogd van Heijlken dochter Peters van Osch verkoopt de helft van een hofstede met zijn materialen, en tuin met erachter gelegen erf, gelegen in Oirschot, herdgang Kerkhof. B.p. voor het gehele perceel de erfgenamen van Henrik Marten Buckincx, Jan Leonards, Jan Daniels van de Schoot, Jan Gerards, de minderjarige kinderen van wijlen Arien Peters van Osch, de Vrijthof. De nagenoemde koper als man en voogd van Yken, dochters Peters van Osch heeft hier de andere helft van. Genoemde Arien Ariens verkoopt zijn helft nu aan zijn zwager Willem Marten Lamberts.

Idem (fol 180 no 262 dd 14-5-1624) Willem zoon Marten Lamberts van Liempde als man en voogd van Yken dochter wijlen Peters van Esch, heeft heer Frans Alberts, priester en vicaris te Oirschot een erfelijke rente beloofd van f. 3.-- per jaar, elk jaar vervallend op 15 mei en voor de eerste keer 15 mei 1625. De rente wordt betaald uit een huis met tuin en daarbij gelegen erven ca. 2 lopenzaad gelegen in Oirschot, herdgang Kerkhof, b.p. de kinderen wijlen Henrik Marten Buckincx, Jan Leonarts Zilbak, Jan Daniels van de Schoot, de kinderen Adriaan Peters van Osch en diens zuster Metken, en ook voor aan de gemeenschappelijke straat gelegen ofwel de Vrijthof. Deze goederen heeft genoemde Willem voor de ene helft middels het erfdeel van zijn vrouw verkregen en voor het andere deel gekocht van zijn zwager Arien Ariens als man en voogd van Heijlke ook dochter van genoemde Peter van Esch.

ORA Oirschot (Toirkens 154a fol 31 no 12 dd 4-1-1629) Willem zoon wijlen Marten Lamberts van den Collenberg als man van Iken dochter van wijlen Peters van Osch, verkoopt hierbij een hofstad tuin met grond etc., gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof, b.p. het huis van de verkoper, Jan Leonaerts Silback, Jan Daniels van de Schoot, Gijsbert Rutgers van Osch, de gemeenschappelijke Vrijthof aldaar. Hij verkoopt het bezit nu aan Gerard Janssen Kaemerling (…) (Idem 13) Gerart Janssen Kemerling belooft als schuldenaar om aan Willem Martens van de Collenberg terzake van de aankoop van hier voor, die per a.s. Maria Lichtmisdag over 4 jaar, danwel over twee jaar een bedrag van 400 gulden (…) In marge: verklaringen van ontvangst delen hiervan door Iken weduwe van Willem Marten Lamberts van 6 september 1631, 25 februari 1634, 29 september 1641.

Bij alle dopen: Willem Martens (1604 Guilelmus Martinus van Liemdt; 1606 de Limdt) Echter: hij huwt als Albert Willem Martens…


Huwt Oirschot 21-6-1600

6.455   Iken Peters van OSCH

FamilienaamIndex 6.455Vader 12.910Moeder 12.911 • Tevens 12.887

Overleden na 5-5-1651

Huwelijksdatum is die van een Iken Peters van Os met een Albert Willem Martens; onzeker

ORA Oirschot (Toirkens 156a fol 378 no 314 dd 23-9-1631 Heer en meester Dirck Brouwers, priester en pastoor in Oirschot, daartoe gemachtigd zijnde vanwege een openbare en gezegelde machtiging, opgemaakt door de eerwaarde heer pater Egidius Winckels, pater en overste van het klooster van Mariawater en verder gemachtigd door de eerwaarde Helene van Wijlich, abdis van dat klooster d.d. 11 september 1631 zoals ons als schepenen is gebleken, heeft verklaard dat Ida dochter van wijlen Peter van Osch, weduwe van Willem Marten Lamberts van de Collenberch, nu 3 jaar geleden in het jaar 1628 de jaarlijkse rogpacht heeft afgelost van een mudde rogge dat dit klooster steeds op het bezit van Ida heeft geheven, zijnde een huis met tuin etc. gelegen in Oirschot aan de Vrijthof alhier, conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 13 maart 1465.

ORA Oirschot (137a fol 31 no 159 dd 10-4-1551) Jan zoon wijlen Daniel Danielszoon junior heeft beloofd om aan Jacop Willem Jacops die voortaan een jaarlijkse rente van 9 gulden te gaan betalen, (…) In marge: Iken dochter van Peter van Osch geassisteerd met haar zoon Lambert als haar voogd en Adriaen Adriaens die optreedt voor Wilbert Adriaens als man van Barbara zijde de zusters van genoemde Adriaen Adriaens, verder Adriaen Dirck Aleijten als voogd over Henrick en Adriaentje, allen kinderen van genoemde Adriaen Adriaens verwekt bij Heijlken dochter van genoemde Peter van Osch, hebben verklaard dat Henrick zoon Laureijs Jan Daniels en Marieken weduwe van Laurens zoon van Laureijs Jan Daniels de helft van deze 9 gulden per jaar heeft afgelost met een bedrag van 72 gulden en ze geven daarvoor kwijting. Datum 30 november 1627.

ORA Oirschot (160a fol 165 no 149 dd 30-5-1635) Iken weduwe van Willem Martens van de Collenberg, met Peter Martens als haar gekozen voogd, heeft Antonis Aerts de Greve toegestaan om de huur te verlengen van haar huis, tuin, grond etc. staande in herdgang de Kerkhof en wel voor een periode van 6 jaar, waarbij na 3 jaar tussentijds kan wordem opgezegd, door diegene die dat wil, alles volgens het huurkontrakt d.d. 16 april 1630. Echter in plaats van de 41 gulden huur zal hij maar 35 gulden hoeven te betalen.

ORA Oirschot (164a fol 12 no 7 dd 3-1-1639) Ijken weduwe van Willem Marten Lamberts (van Kollenburg), dochter van wijlen Peter Janssen van Osch met haar voogd hierbij, doet afstand van haar recht van vruchtgebruik inzake een huis, hofstad, tuin, grond etc. gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof, ter plaatse genoemd aan de Vrijthof, b.p. Niclaes Jacobs, Gerit Jansen Kamerling, de weduwe van Gijsbert Rutghers van Osch, de gemeenschappelijke Vrijthof aldaar zoals ze verklaarden. Ze draagt dat vruchtgebruik nu over aan haar wettige kinderen verwekt bij wijlen genoemde Willem Marten Lamberts en ze belooft alle lasten van haar kant hierin af te handelen. (Idem fol 14 no 8) Peter, Marten en Adriaen gebroeders, verder Sebastiaen Antonissen als man van Maria, verder haar zuster Catharina, zijnde allen kinderen van wijlen Willem Marten Lamberts verwekt bij diens vrouw Iken dochter van Peter Jansen van Osch, waarbij deze Catharina is vergezeld van haar voogd en verder Jan Arien Leijten die is gemachtigd door Lambert ook zoon van vermelde Willem en Iken, verkopen hierbij hun zes zevende delen van het huis, hofstad, tuin etc., zoals staat vermelde in het voorgaande kontrakt nu aan Dielis zoon Adriaen Janssen van Gestel als man van Jenneken (volgens de trouwboeken van Oirschot huwt Dielis pas in het jaar 1641, maar hij wordt hier al als echtgenoot opgevoerd, JT) zijnde ook een dochter van wijlen vermelde Willem en Iken, zijnde deze Jenneken hun zuster dus. Ze beloven alle lasten hierin van hun kant af te handelen, behalve de dorpslasten.

ONA Oirschot (Leermakers sr., Inv 69 fol 35v dd 5-5-1651) Testament van Iken Peeter van Osch, weduwe van Willem Martens van Collenberch; genoemd worden Adriaen en Catarijn van Collenbergh

Kinderen

  1. Petrus (*ca. 1601), doop nog niet aangetroffen
  2. Mariken Zie 6.443
  3. Johanna Zie 3.227
  4. Lambertus (dRK Oostelbeers 27-7-1608 testes Joannes Joannes Gerardus, Johanna Lucas)
  5. Nicolaus (dRK Oostelbeers 21-11-1610 testes Hendricus Leonardus, Elijzabeth Andreas), overleden voor 1639
  6. Martinus (dRK Oostelbeers 28-7-1613 testes Nicolaus & Anna Joannes)
  7. Catharina (dRK Oostelbeers 29-11-1615 testes Geerlingus Gerinx en Maria Hendrix)
  8. Adrianus (dRK Oostelbeers 16-1-1618, testes Goswinus, kanunnik te Boxtel, en Petronella Ariaens)
TerugBegin van generatie

6.460   Joannes Thomas van CUIJCK

FamilienaamIndex 6.460Vader 12.920Moeder 12.921

Overleden Oirschot b9-6-1666

NA Oirschot (Johan van den Kerckhoff, Inv. 88, Folio 22, 8-3-1652) Jan Thomas van Cuijck heeft aan Daniel Jan Anthonis van Esch beleend een hooiland genaamd in den Slimpt, gelegen in Kerkhof, onder voorwaarde, dat genoemde Jan aan Daniel zal betalen een som van 50 gulden, indien hij de hooibeemd wederom aanvaardt.

ORA Oirschot (Toirkens 163a fol 474 no 297 dd 9-12-1638) Onder de kinderen van wijlen Peter Antonis Sgraets is onmin ontstaan over het testament opgemaakt door Peter zoon wijlen genoemde Peter Antonis Sgraets. Daarover hebben deze kinderen nu overeenstemming bereikt en wel dat Jan Thomas van Cuijck een bedrag van 3 gulden zal inbrengen om de schulden daarme af te lossen en aan Geertruit, een der andere kinderen een bedrag van 3 en een halve gulden te betalen die staan te vorderen in het land van Zevenbergen. Daarmee zal verder het testament worden gehandhaafd en uitgevoerd. Genoemde Jan Peters Sgraets, Jan Thomas van Cuijck als man van Maria en nog hun zuster Geertruit zijnde allen kinderen van genoemde Peter Antonis Sgraets, waarbij Geertruit met haar voogd is vergezeld, en verder Arien Antonis Sgraets en Peter Laurens Gooris van Vessem als voogden over de kinderen van wijlen Henrick zoon wijlen Peter Sgraets, beloven deze overeenkomst na te zullen komen.

ORA Oirschot (inv A0127 nr 2398 protocol 1643) 12-11-1643, Anthonis Dielis verkoopt een stuk weidegrond, belend door o.a. Wouter de Crom, aan Jan Thomas van Cuijck.


Huwt Oirschot RK 1-5-1629

6.461   Maria Peter Antonis SGRAETS

FamilienaamIndex 6.461Vader 12.922Moeder 12.923

Kinderen

  1. Antonis Zie 3.230
  2. Joannes (dRK Oirschot 3-9-1631), getuigen Joannes Joannes, Joanna Matheus
  3. Maria (dRK Oirschot 27-9-1633), getuigen Joordanus Hermannus, Maria Petrus.
TerugBegin van generatie

6.462   Philippus Albertus BOELAERTS

FamilienaamIndex 6.462Vader 12.924Moeder 12.925

Overleden Best b 10-10-1637

ORA Oirschot (Toirkens 156a fol 234 no 203 dd 19-4-1631) Henrick Aelbert Boelaerts heeft als schuldenaar beloofd om aan Gerards Goossens, onze secretaris die een dezer dagen een bedrag van 59 gulden 1 stuiver en 2 oort te zullen gaan betalen terzake van voorgeschoten kosten van verteer en salaris van de schout en schepenen namens diens broers Jan en Philips Boelaerts. (doorgehaald 1 juli 1631) (Idem no 204) Henrick Aelbert Boelaerts heeft beloofd om Adriaen Henricks de Cort (vorster) die een bedrag van 30 gulden te zullen betalen vanwege kosten van verteer die zijn broer Philips in de gevangenis heeft gemaakt en dat te moeten betalen op de laatste Paasdag.

ORA Oirschot (Toirkens 163a fol 332 no 192 dd 27-6-1638) Jan Willems van Engeland heeft als schuldenaar beloofd om aan Henrik Arien Santegoets als voogd over en ten behoeve van de kinderen van wijlen Philips Aelbrechts Boelaerts vanwege geleend geld dat eerder was geleend van Jan Aelbert Boelaerts, die een bedrag van 50 gulden te gaan betalen. Verder is nog verschenen Peter Jan Peters de Conincks als man van Elisabeth eerder

weduwe van Willem van Engeland en deze heeft beloofd zolang zijn vrouw leeft en hij het vruchtgebruik geniet van het bezit van deze Elisabeth, dat hij de rente over deze 50 gulden zijnde 3 gulden zal betalen. Als Elisabeth echter komt te overlijden dan moet genoemde Jan dat geld direkt gaan betalen met de rente ervan, zolang als deze dat geld onder zich heeft. Genoemde Jan en Peter beloven deze belofte na te zullen komen. (marge: Deze belofte is met instemming van partijen en door Jan Willems van Engeland doorgehaald en opnieuw beloofd in een belofte op onderpand van het 1/3e deel van een beemd gelegen aan de Vleutstraat. Datum 6 augustus 1655).


Huwt Best 26-2-1634

6.463   Elisabeth Adriaens SANTEGOETS

FamilienaamIndex 6.463Vader 12.926Moeder 12.927

Begraven Best 21-11-1680

Huwelijk met dispensatie wegens verwantschap in de vierde graad. In 1635 Isabella genoemd.

Alias Beelke. Identificatie is (nog) indirect maar wel uiterst aannemelijk. Onder de doopgetuigen bij haar kinderen: Barbara van Hesth, ook getuige bij een kind van (neef) Nicolaus Henricus Santegoets; Henrick Arien (Henricks) Santegoets is (met Lucas Willem Huiberts, echtgenoot van Barbara Boelaerts) in 1638 voogd van de weeskinderen.

Overlijden is hypothetisch: het betreft ‘Beel Flipsen Boelaerts’, vermoedelijk identiek met de Isabella Philips Boelaerts die meter is van een kind van Albertus in 1669. Het is mogelijk dat ook het haar hier toegeschreven tweede huwelijk niet van haar maar van een dochter van een verder vooralsnog onbekende Adriaen Boelaerts is.


Zij huwt (2) Best 8-2-1643 (ot 31-1)

Rutgerus Daniels de LEEST

FamilienaamIndex

Gedoopt RK Best 15-7-1613

Kinderen (Boelaerts)

  1. Aelbertus (dRK Best 10-8-1634 +1634/5), doopgetuigen Godefridus Theodorus van Gelooven, Barbara Adrianus van Heesth
  2. Albertus (dRK Best 1-12-1635 bBest 29-10-1709), doopgetuigen Petrus Henricus Boelaerts, Margaretha Henricus; ; huwt Oirschot 31-5-1668 Maria Henricus Oerlemans; huwt voor 1685 (2) Maria Joannes van Roij (bBest 22-11-1705)
  3. Maria Zie 3.231

Kinderen (De Leest)

  1. Petronella (dRK Best 18-11-1643), doopgetuigen Henricus Leonardus Boelaerts, Mechtildis Petrus Boelaerts
  2. Simon (dRK Best 28-10-1644), doopgetuige Rutgerus Joannes van Delft
  3. Joannes (dRK Best 27-12-1645), doopgetuigen Ursula Henricus van Clijnenbrogel, Maria Petrus Jodocus
  4. Catharina (dRK Best 6-7-1647), doopgetuige Petrus Gerardus van Cleijnenbrogel
  5. Margaretha (dRK Best 26-1-1649), doopgetuigen Martinus Petrus van den Marselaar, Maria Gerardus Cleijnenbrogel
TerugBegin van generatie

6.472   Nicolaus Sebertus VRANCKEN

FamilienaamIndex 6.472Vader 12.944Moeder 12.945

Geboren ca. 1580
Overleden Hilvarenbeek 1644

Ook Claes Sibbensz. Volgens BL 1971 ca. 1610 hetrouwd met een Cornelia N.


Huwt Hilvarenbeek 25-11-1604

6.473   Gerarda Huijberts WUESTENBORCH

FamilienaamIndex 6.473Vader 12.946Moeder 12.947

Overleden Hilvarenbeek 12-8-1634

Vgl. BL 1971:71, 1978:118

Kinderen

  1. Hubertus Zie 3.236
  2. Adrianus (dRK Hilvarenbeek 20-5-1612) doopgetuigen Stephanus Adrianus Stevens, Gertruda, vrouw van Johannes Sebertus
  3. Petrus (dRK Hilvarenbeek 2-7-1618) doopgetuigen Joannes Joannes Martens, Anna Zebertus Vrancken
  4. Maria, getuigt 1677
TerugBegin van generatie

6.474   Johannes BOORDERS

FamilienaamIndex 6.474 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren ca. 1590


Huwt

6.475   N.N.

Index 6.475 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Joanna Zie 3.237
  2. Joannes, huwt Diessen RK 25-7-1641 Margaretha Paulus Rijcken
TerugBegin van generatie

6.476   Joannes GERARDUS

FamilienaamIndex 6.476 • Vader onbekend • Moeder onbekend


Huwt

6.477   N.N.

Index 6.477 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Gerardus Zie 3.238
  2. Alijda
  3. Jacobus
TerugBegin van generatie

6.478   Nicolaus HENRICUS

FamilienaamIndex 6.478 • Vader onbekend • Moeder onbekend


Huwt

6.479   Elisabetha N.

Index 6.479 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Joanna Zie 3.239
  2. Nicolaus
TerugBegin van generatie

6.488   Jan Adriaen Wittens VERSPREEUWEL

FamilienaamIndex 6.488Vader 12.976Moeder 12.977

Overleden voor 1658

Kwartieren ontleend aan Genealogie Coolen.


Huwt voor 1590

6.489   Jenneken Joost Matheeus van der HAGEN

FamilienaamIndex 6.489Vader 12.978Moeder 12.979

Kinderen

  1. Henrick, huwt Gertrudis Joost Leijtens (*Weelde ca. 1602)
  2. Herman Zie 3.244
  3. Adriaen
TerugBegin van generatie

6.490   Aert Claes Jan LEIJTENS

FamilienaamIndex 6.490 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kwartieren ontleend aan Genealogie Coolen.


Huwt

6.491   N.N.

Index 6.491 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Jodocus, huwt Maria Henrick Copens
  2. Jacobus (*ca. 1590)
  3. Maria Zie 3.245
TerugBegin van generatie

6.496   Geraart Jan Gerits de KORT

FamilienaamIndex 6.496Vader 12.992Moeder 12.993

Geboren ca. 1570
Overleden voor 1643

Schepenbank Oisterwijk nr. 99: 9-2-1618 is Jan Gerrit Jan de Cort met Adriaen Jan van Iersel voogd; 4-2-1640 idem Jan Sr. Gerit Jan de Cort en Willem Cornelis Adriaen Bertens; id. 15-3-1641 Jan Jr. Gerit Jan de Cort en Adriaen Jacob van Rijswijck. Kinderen 1-3 nog niet geheel zeker, 6 onzeker.

Gezinsreconstructie volgens de erfscheiding (BL 1987: 181) van zijn aanstede en huis in Udenhout, 8-1-1643.

Komt ook voor in het Collecteboek van de kommerzettingen Udenhout (1648): folio 9v De gebruickers van Jan Geraert de Cort kinder lant xiii st. iii 1/2 ort; folio 14v (hierop ook veel andere nazaten) Jan Geraerts de Cort den ouden vi st. i ort; Jan Geraerts met Jan sijnen soen tsamen van het gebruick ii 1/2 ort; Jan Geraerts de Cort de jongen offte de gebruickers van sin lant (in margine voor bovenstaande inschrijving: dit coemt toe Jan Geraerts de cort den ouden) vi st. ii 1/2 ort; De kijnder Wouter Aerts van Laerhoven offte de gebruicker van hen lant (in margine voor bovenstaande inschrijving: dit perseel coemt toe Jan Geraert de cort den ouden) vii st. i ort. Filio 15: Wouter Peters vande Pas van het lant gecomen van Geraert Janss de Cort iiii st. i ort; folio 16v Marten Geraerts de Cort xxii st. iii ort. Fiolio 17: Jan Geraerts de Cort vande hoeff iiii g. xviii st.; Noch vanden niewen acker gecomen van Cornelis Willem Brekels iii 1/2 st.; Sijn gebruick xvi st.. Folio 23v Jan Geraerts de Cort de jongen van het lant van Willem Dingens kijnder vi st. 1/2 ort

Oud-rechterlijk archief Oisterwijk. nr. 329, fol. 34-34vso, 30 maart 1635: Willem, zoon van wijlen Cornelis Adriaen Berthens, erkent aan Jan d'oude, zoon van Gerit Janssen de Cort, ten behoeve van zijn vader Gerit een erfcijns van 13 gulden 15 stuivers schuldig te zijn uit een stuk akkerland, groot omtrent 3 lopenzaad, in de parochie van Oisterwijk, genaamd Udenhout.

ORA Oisterwijk (303 f. 103, 2-11-1609): Cornelia, dochter van wijlen Mattheeus Cornelissen en weduwe Jan Marten Adriaens, draagt aan haar schoonzoon Gerrit Janssen de Cort het vruchtgebruik op haar mans grond, huizen, beemden, akkerland, heidevelden etc. over.


Huwt

6.497   Marieken Jan Marten Adriaans van ABELEN

FamilienaamIndex 6.497Vader 12.994Moeder 12.995

Overleden voor 1643

N.B. Haar broer Adriaan is de eerste die die naam Van Abelen gebruikte. Voor haar kwartieren zie BL 1987:181

Kinderen

  1. Jan senior (vermeld 1640, 1643)
  2. Johanna (+voor 1643), huwt Oisterwijk 18-2-1607 Gualterus Petrus Guilhelmus (+na 1643), van wie al drie kinderen in 1643 zijn getrouwd
  3. Martinus, huwt Oisterwijk 8-5-1607 Elizabetha Petrus Adrianus. Burgemeester van Udenhout in 1640-1
  4. Catharina (+voor 1643), ook Cathalijn genoemd, huwt Oisterwijk 24-6-1610 Joannes Joannes Jacobus (van) Rijswijck (+na 1643), hebben in 1643 al een verweesde kleinzoon maar ook onmondige kinderen
  5. Gomarus Zie 3.248
  6. Jan junior (vermeld 1643); in 1637-8 burgemeester van Udenhout
  7. Adriana Gerards Jan de Cort (+voor 3-1-1643) huwt Pieter Lenaert Peter Heunen (+na 1643)
  8. Anneke (dRK Oisterwijk 25-5-1598 +voor 3-1-1643) huwt Aert Wouter van Laerhoven (+na 1643)
TerugBegin van generatie

6.498   Cornelis Wouter BROCKEN

FamilienaamIndex 6.498Vader 12.996Moeder 12.997

Geboren ca. 1570
Overleden voor 1640

Zetter (secretaris) van de Udenhoutse belastingen van St. Jansmis 1597 - Dertienmis 1598, en nogmaals in 1636-7. Burgemeester van Udenhout in 1605

Schepenbank Oisterwijk: 4-2-1640,voogden genoemd voor de onmondige kinderen van Henrick Anthonie van Seumeren en Cornelia Cornelis Wouter Brocken

Oud-rechterlijk archief Oisterwijk. nr. 334, fol. 18-22 1 22-23vso, 28 febr. 1 3 maart 1640: Wouter, zoon van wijlen Cornelis Wouter Brocken en wijlen zijn vrouw Peterken, dochter van wijlen Adriaen Berthens; Peter, zoon van wijlen Symon Peter Priem, als man van Cathelyn, dochter van de voornoemde Cornelis en Peterken; Jan d'oude, zoon van wijlen Gerit Janssen de Cort, en Willem Cornelis Berthens, als voogd en toeziender van de minderjarige kinderen van Gommar, zoon van de voornoemde Gerit de Cort en zijn vrouw, dochter van de voornoemde Cornelis en Peterken; en Anthonis, zoon van Henrick Anthonissen van Someren, en Cornelis Henrick Berthens, als voogd en toeziender van Cornelia, minderjarige dochter van Jan Henrick Anthonis van Someren en zijn vrouw Cornelia, dochter van de voornoemde Cornelis en Peterken; maken een erfdeling inzake de nagelaten goederen van de voornoemde Cornelis en Peterken.

Bosch Protocol 293 (24-11-1588; 1420:417v) Cornelis z.w. Wolteri Brocken 24 .. tertiam partem ad ipsum ut in quodam prato terre fenalis in par. Otw ultra pontem dictum die Belversche Brugge t dommellam ibidem fluentes t erf gent tRouvelt ad heredes Jer..? de Spaenhoven v erf Gerardi z. Johannes Brocken t erf erfgen. Johannes Andriess vendt Johanni z.w. Johannis Brocken

Idem (1231. 1618 oktober 20 sH,R.1519,17) Cornelis z.w. Wouter Brocken wnd Udenhout 12 gld uit huis etc. 18 L par. Otw tpl. Udenhout etc.

ORA Oisterwijk 302:14v (11-3-1608) Wouterzoon van Jan Wouter Brocken, weduwnaar van Willemken wijlen Adriaen Willemsen, en Cornelis zoon van wijlen Wouter Wouter Brocken en Heesken wijlen Aert van der Vene: goederenruil van grond in Haaren uit de respectievelijke ouderlijke erfenissen.


Huwt

6.499   Peterken Adriaen BERTHENS

FamilienaamIndex 6.499Vader 12.998Moeder 12.999

Overleden voor 1640

Kinderen

  1. Wouter Cornelis Wouter Brocken
  2. Maria Zie 3.249
  3. Catheleyn (dRK Oisterwijk 2-2-1597), testes Anthonius Bastiaens, Mariken Ceelen van Haren; huwt Symon Peter Priem.
  4. Cornelia (dRK Oisterwijk 2-2-1597) huwt Jan Henrick Anthonie van Seumeren; minstens een van beiden overleden voor 4-2-1640. NB: doopdata kinderen 3 en 4 mogelijk verward
  5. Cornelis (dRK Oisterwijk 26-5-1600)
TerugBegin van generatie

6.500   Theodoricus Arnoldus Dirck NAUWEN

FamilienaamIndex 6.500Vader 13.000Moeder 13.001

Overleden voor 19-9-1657 maar na 1643

Met Jan Ariaen Laureijssen onder de naam Dieck Aert Diercx in 1625-6 burgemeester van Udenhout; Dijerck Aert Dijerxsen en Jan Peter Wijllems zijn dat in 1634-5; Jan Arijaen Brekelmans en Dijerck Aert Nauwen in 1639-40.

Een van de 'setters' van het Collecteboek van de kommerzettingen Udenhout (1648). Komt er zelf ook in voor: Moelens quartier, folio 20 v Dijerck Aert Nauwen xxxi st. i ort; Sijn gebruick vii st.

Zijn zoon Wouter: woeter dierck naeuen aen gebraet oep den 6 octoeber iiii bessten ende xxii loessaet laens soo qessteoes aels aendersiens (Zettersceduul van het Hoorngeld en bezaaide landen Udenhout 1658, los blad ). Ook in Moelens kwartier: f.43: Wouter Dirck Nouwen 5 en twee halve beesten sijn lant xxii loopensaetden sselven aen gebraet een besst oep den 16 noember aen gebraet een haelef besst den 20 febevaes aef gesscreven oep den 9 merdt een besst den 3 aeprieles aen gebraet een haelef besst aef gesscreven oep den 25 febe: een besst aef gesscreven een koeij den 26 aepriels den 26 aeprs aen gebraet anderh haelef loessaet veijlaent.

Wouter is overleden voor 22-6-1673, als de voogden van zijn onmondige kinderen in Loon op Zand nagelaten goederen verkopen. (RA Loon op Zand 81 fol. 178)

Volgens Scheffers (1992): ge- of hertrouwd met Willemken Adriaen Hessels (dochter van Adriaen Hessels de molder en Ernken van Duerne; overige kinderen Jacob, Maria, Jenneke en Adriana, in 1655 te Antwerpen), in 1650 een van de 5 erfgenamen van de Kreitenmolen in Udenhout. Aert en vrouw maken testament in 1652. In 1676 is hij weduwnaar en verkoopt in bijzijn van zoon Michiel en schoonzoon Michiel Pieren zijn vijfde in de molen, rosmolen en molenhof aan Cornelis Stans Cornelis van Beurden, die later ook de rest van de molen van de erven Hessels koopt. Bronnen: RO. 345 f 45v, 1650; N. 5250 f 47, 1652.; RO. 370 II f 11, 1676.

Stamreeks 97 Karel de Grote meldt een Jasparijntje van Grevenbroeck (dochter van Dirck Raessen), ged. 12.1.1614, tr. Reynier Dirck Aert Nouwen, wonende en werkende te Tilburg. Zij woonden in Loon op Zand in 1640.

Volgens BL 1986: Dierck Aert Dierck Nauwen woont te Udenhout aan de Gruene straat. In 1624 lost hij zijn deel af in een loschijns aan de abt van Sint Gertrudis te Loven. In 1636 gaat hij met Laureijs Peter Driessen en Adriaan Jacob Huijben een erfdeling aan van een peceel

broekland, in de Brant te Udenhout.

ORA Oisterwijk 328 fol 9 (10-2-1634) Adriaen wijlen Henrick Aerts de Meyer aan Dierick wijlen Aert Dierick Nauwen een stuk weland van 6 lopenzaad in de Gruetestraat in Udenhout.

ORA Oisterwijk 329 fol 39 (2-5-1635) Jan wijlen Joest Thonissen, zijn broer Anthonis, en Adriaen Embert Peter Wouterssen aan Dierck wijlen Aert Dierck Nauwen, 1 lopenzaad in Udenhout, zijnde een achtste van een stuk beemd.

Oud-rechterlijk archief Oisterwijk. nr. 330, fol. 27vso-28vso, 26 april 1636: Dierick, zoon van wijlen Aert Dierick Nauwen; Laureys, zoon van wijlen Peter Driessen; en Jacob, zoon van wijlen Adriaen Jacob Huyben, namens zijn moeder Lysken, weduwe van Jacob Huyben, maken een erfdeling inzake een stuk broek of moerveid in de parochie van Oisterwijk, genaamd Udenhout.

Oud-rechterlijk archief Oisterwijk, nr. 331, fol. 91, 29 dec. 1637: Cornelis, zoon van wijlen Gerit Joesten, als man van Cathelyn, dochter van wijlen Embert Henrick Embertsen en Geertruyt dochter wijlen Anthonis Gijsbertssen, verkoopt aan Dierick, zoon van wijlen Aert Dierix Nauwen: een stuk erf, groot omtrent 2 lopenzaad, in de parochie van Oisterwijk, genaamd Udenhout.

Oud-rechterlink archief Oisterwijk, nr. 337. fol. 70-70vso, 5 aug. 1643: Jan, zoon van wijlen Peter Jan Nauwen, verkoopt aan Dierick, zoon van wijlen Aert Dierick Nauwen: een stuk beemd, groot omtrent 8 lopenzaad, in de parochie van Oisterwijk, genaamd Udenhout.

Op 19-9-1657 vindt de verdeling van de erfenis, met daaronder een brouwerij in de Groenestraat, plaats (ORA Oisterwijk 351:76v (19-9-1657)).

ORA Oisterwijk 366:3v (16-1-1672) Willem zoon wijlen Jacob Adriaen Hessels en van Maria Dirck Aert Nauwendr; Jacob Jan Peter Jacobs voor zijn vrouw Jenneken dr van Jacob en Maria; Jacob Janssen en Aert Dirck Nauwen voogden minderjarige kinderen Jacob en Maria (Adriaen oud 22, Jacob); Adriaen van der Sterre vader en Adriaen Aert Nauwen voogd van zijn kinderen bij Maria Aert Nauwen uit tweede huwelijk; verkopen aan Jan Andries Cuypers een hus etc in Oisterwijk genaamd Berkel bij de Heuvel, akkerland aldaar (1 lop 30 roe) en heide (2 lop.) onder de Riddershoff. Idem, fol. 4: Aert Dirck Nauwen doet afstand van vruchtgebruik in de koopsom.

Bosch protocol 244 (26-6-1658; R.1589,153) Wouter z. Dierck Nauwens wnd Udenhout jeec 10 ka gld aan Johanna van Gierle wede Jan van de Gracht uit huis etc. 6 L Udenhout tpl. de Gruenstrate

gelost 7-11-1672.

Idem 259 (17-12-1658; R.1590,259) Wouter z.w. Diercx Nauwen wnd Udenhout jeec 15 ka gld uit huys schuur schop brouwhuys met brouwgetouwe 6 L te Udenhout t erfgen. Jan Franck Elias t v Aert Diercx Nauwen verkopers broeder t gem. Strate; aan Jenneken Aerts van Hasselt. Hij met Henrick Peter Loeff zijn schoonvader. Belast met 10 gld aan Johanna van Gierle wede Jan van de Graft; gelost door Jan Rut Lamberts tot Berckel proprietaris der onderpanden 19-12-1671.

Idem 400 (28-1-1654; R.1609,122v) “also Dirck Aert Nauwen zijn tocht in 1/8 onbedeeld in huysinge schuere Udenhout in de Gruenstrate; Marike d. Dierck voors. wede Jacob Adriaens de Molder 16 gld 10 st” (?)

Idem 558 (X-5-1661; R.1616,262), Wouter Dirk Nouwen; land Oisterwijk onder Udenhout gent de Allaert.


Huwt Oisterwijk RK 11-2-1608

6.501   Elisabeth Reijnerius Gijsberts HEESTERS

FamilienaamIndex 6.501Vader 13.002Moeder 13.003

Overleden voor 19-9-1657

Vgl. BL 1986

Kinderen

  1. Aert Zie 3.250
  2. Johanna (dRK Oisterwijk 28-10-1614), huwt Jan Dircksz van Grevenbroeck
  3. Jodoca (dRK Oisterwijk 23-10-1616)
  4. Cornelia (dRK Oisterwijk 5-2-1619), huwt Gijsbert Wijtmansz van Yerssel
  5. Maria (dRK Oisterwijk 17-3-1622 +Oisterwijk voor 20-7-1661), huwt (1) Jacob Adriaen Hessels (dRK Oisterwijk 22-2-1619); Maria en eerste man (Jacob Adriaen Jacob Hessels) testeren (hij ziek) 19-1-1654. Zij huwt (2) Oisterwijk (schepen ondertrouw 26-6, RK 16-6) 1-8-1655 Adriaen Jansen van den Berge; zij gebruikt dan de familienaam, en haar vader en broer Wouter getuigen. Bij de regeling van de voogdij voor de kinderen uit beide huwelijken (20-7-1661) heet haar tweede man Van der Sterre. Zie 6.502
  6. Gualterus (dRK Oisterwijk 25-8-1624); huwt voor 1658 N., een dochter van Henrick Peter Loeff
  7. Elisabeth (+voor 1667), huwt Peter Geritsz. Elisabeth en man testeren (hij ziek, te Berkel) 7-6-1655 en nogmaals (hij weer ziek, te Berkel) 21-1-1660; zij testeert als weduwe wonend te Berkel 23-10-1664
  8. Reynder (+voor 1667)
TerugBegin van generatie

6.502   Adriaen HESSELS

FamilienaamIndex 6.502Vader 13.004Moeder 13.005

Geboren Udenhout ca. 1575
Overleden tussen 1644 en 1650

Molenaar op de Kreitenmolen in Udenhout; vgl Kleine Meijerij 1994:89, 1992:23ff. Erfenis verdeeld in 1650.

ORA Oisterwijk (1651; 345 f. 45v-48) Erfdeling tussen Jacob (zoon van wijlen Adriaen Jacob Hessels en Eirken, wijlen Adriaen Aert Gevaertsen van Duernes dochter), Adriana en Willemken (namens haar: haar man) - broers en zusters - over de erfenis van hun vader waarvan hun moeder afstand deed.

Aan Aert Dirck Nauwen hieruit: schuur op het erf van Adriana, af te breken binnen een jaar; middendeel van 'De Koewye' (totaal meet 8 lopenzaad 9 roeden) in Berkel aan de Creytenmolen; middendeel Sykemaeysacker (13 lopenzaad 8 roeden); middendeel Heyvelt (11 lopenzaad 11 roeden).

Bosch Protocol 817 (X-1-1644; R.1563,195) also Adriaen z.w. Jacob Jacobs molder op Kreytemeulen onder Otw verkocht Adam Jans ook tbv Adriaen en Cathelijn zijn br en z. jeec 22 ka gld Cornelis Hendrick Vrient 22 gld: deel van Creyttenmolen Oisterwijk

Idem 960 (27-1-1638; R.1596,41) Adriaen z.w. Jacob Jacobsen mulder op de Creytenmeulen onder Otw verkocht Wouter z. Adams Jansen ook namens zijn br en z. Adriaen en Cathelijn jeec 22 gld op Paulus bekering uit de helft en 1/6 in de andere helft in een corenwintmolen gent den Creytenmeulen par. Otw tpl. Udenhout etc.; losbaar met 400 gld.

Idem 1122 (X-11-1614, 1515:63v) Adriaen z.w. Jacop? Wouters de Molder opte Creytemolen par. Otw tpl. Udenhout verkocht Dierck Aerts Toelincx jeec 21 gld op OLVr presentatie uit

2/5 in voors. wijntmolen etc.


Huwt Oisterwijk 2-5-1602

6.503   Erken Adriaen Aert Gevaert van DUERNE

FamilienaamIndex 6.503Vader 13.006Moeder 13.007

Geboren Deurne
Overleden na 1651

Ziet in 1650 af van vruchtgebruik van haar erfenis.

Kinderen

  1. Adrianus (dRK Oisterwijk 29-10-1605), doopgetuigen Lambertus Petri, Cornelia Everhardi
  2. Adriana (dRK Oisterwijk 7-10-1607), doopgetuigen Anthonius Adriani, Judoca Gualteri
  3. Willemken Zie 3.251
  4. Jacobus (dRK Oisterwijk 11-1-1615), doopgetuigen Gerardus Adriani, Margareta Arnoldi
  5. Jacobus (dRK Oisterwijk 22-2-1619 +voor 1655), doopgetuigen Petrus Niclaes Lenaers, Elizabeth Martini; huwt Mary Dirck Aert Nauwen Zie 6.500
TerugBegin van generatie

6.504   Jan Rochius HENRICKSZ

FamilienaamIndex 6.504Vader 13.008Moeder 13.009

Geboren ca. 1576
Overleden voor 1639

Gesignaleerd als peetoom 1607-22. Mogelijk identiek met Jan Rochus Laureys Henricx, op 16-2-1606 met Jan Huybert van Laarhoven voogd van de kinderen van Peter Huybert van Laarhoven en Elisabeth Rochus Laureys Henricx.

ORA Oisterwijk 307 fol 2 (17-1-1613), pastor Jan Roeymans van Haaren verklaart dat Jan met Jan Jan Symonssen, Aert Henrick Aertssen en Henrick Rochus Henricxen, voogden van de kinderen van Anthonis Rochussen, gekweten zijn van een half mud rogge erfpacht die Rochus H en Jan van den Spijcker hebben betaald uit pand in de parochie Haaren.

ORA Oisterwijk 317 fol 10 (5-2-1618) Jan wijlen Corstiaen Jan Henricxsen en Cornelia Goyaerts aan Jan Rochus Henricxsen een akker van 1 lopenzaad in Haaren.

ORA Oisterwijk 312 f. 10 (5-2-1618) Jan wijlen Corstiaen Jan Henricxen en Cornelia wijlen Goyaert (..) verkopen aan Jan zoon van Rochus Hendricxen een stukk akkerland in Haaren.

ORA Oisterwijk 317 f. 47 (14-6-1622) Cathelyn (dochter van wijlen Symon Jan Symonssen en van Jenneken wijlen Ghijsbert Adriaenssen van Niel) draagt over aan Jan Symon Jan Symonssen en Jan Rochus Henricxsen e.v. Jenneken Symon Jan Symonssen, de helft van een huis, hof, halveschuur en 3.5 lopenzaad grond in Udenhout; helft van een stuk akkerland van 1.5 lopenzaad in Udenhout; helft van een weiland vab 2 lopenzaad in Helmond; helft van een beemd 'de Huyckelemsen Beempt' van 1 morgen, helft van de Cromvoirtse Beempden; helft van de helft van de goederen in Heukelom onder Oisterwijk die haar moeder Jenneken van Adriaen van der Venne verkreeg; en haar recht in heidegrond 'de Winckels' aldaar, en in de heidegrond in Helmond.


Huwt

6.505   Joanna Symon Jan SYMONSZ

FamilienaamIndex 6.505Vader 13.010Moeder 13.011

Overleden na 1622

Kinderen

  1. Simon (dRK Oisterwijk 22-9-1602)
  2. Johanna (dRK Oisterwijk 16-1-1605), huwt Sijmon Andries Peter van der Voort (zoon van Andries Peter en van Cornelia Jan Adriaen Godschalck; testeren 3-6-1655 en 11-1-1664) te Haren; het echtpaar testeert 2-4-1660
  3. Rochius Zie 3.252
  4. Anthonius (dRK Oisterwijk 8-4-1609)
  5. Catharina (dRK Helvoirt 24-11-1613)
TerugBegin van generatie

6.506   Jan Peter AERTSZ

FamilienaamIndex 6.506 • Vader onbekend • Moeder onbekend


Huwt Oisterwijk RK 25-2-1609

6.507   Christina Henrick BERCKELMANS

FamilienaamIndex 6.507 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Henrica Zie 3.253
  2. Dymphna Jan Peter Aertsz, huwt Loon op Zand RK 7-2-1638 Niclaes Robbert Lambertsz van der Plas (vgl BL 1982:152).
TerugBegin van generatie

6.508   Martinus Gerardus de CORT

FamilienaamIndex 6.508Vader 13.016Moeder 13.017

Overleden na 1666, voor 1673
Overleden voor 3-9-1670

Schepenprotocol Oisterwijk (3-9-1670): Kinderen Marten Gerits de Cort in een belending.

(ONA Oisterwijk 26 fol 91 dd 25-8-1673) Testament Jan den jonghe z.w. Marten Gerartss de Cort j.m. wnd Udenhout gezond - aan Gjsberden zijn broeder ev. diens krn voor 1/11 Cornelia en Maria zijn zusters elk 1/11 aan krn en kindskrn van Jan de oude z.Marten de Cort voors. 1/11 aan krn Willem Martens de Cort 1/11 aan krn w. Peter Martens de Cort ook 1/11 aan krn Ida d. Marten de Cort ook 1/11 aan krn Cathalijn Martens de Cort 1/11 aan krn Adriaen Martens de Cort 1/11 aan krnAnneken d. Marten de Cort 1/11 en aan krn Elisabeth ook d Marten Gerarts de Cort rest 1/11 staaksgewijs mocht hij eerder overlijden dan dat de krn van Annazijn zuster meerderjarig zijn dan iemand van de naaste familie de administratie de huisarmen van Udenhout een malder rogge van 8 bossche vaten eens en betalen aan Gerart Jans de Cort zijn neef 9 gld eens als prelegaat - tekent Jan Martens de Cort


Huwt Oisterwijk RK 8-5-1607

6.509   Elizabetha Petrus ADRIANUS

FamilienaamIndex 6.509 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Cornelia (dRK Oisterwijk 19-7-1607 +na 1673), huwt Peter Willems van Rijswijck (+voor 1670)
  2. Willem (dRK Oisterwijk 5-11-1608 +voor 3-9-1670), vaak vermeld als voogd in Oisterwijk o.a. in 1644 voor broer Jan Sr
  3. Maria (dRK Oisterwijk 31-12-1609 +voor 1623)
  4. Jan Sr (dRK Oisterwijk 27-12-1610 +voor 1673), huwt Oisterwijk RK 29-4-1634 Maeijke Jan Henrick van de Pasch
  5. Adriaen Zie 3.254
  6. Ida (dRK Oisterwijk 3-11-1613)
  7. Elisabeth (dRK Oisterwijk 15-2-1615)
  8. Cathalijn (dRK Oisterwijk 5-5-1616)
  9. Peter (dRK Oisterwijk 10-12-1617 +voor 1673)
  10. Jan Jr (dRK Oisterwijk 25-8-1619), testeert 1673
  11. Martinus (dRK Oisterwijk 15-11-1620 +voor 1673), kinderloos
  12. Maria (dRK Oisterwijk 5-2-1623 +na 1673)
  13. Gijsbert (dRK Oisterwijk 5-5-1624 +na 1673); huwt Oisterwijk 9-2-1658 Heijltjen Willem Janssen
  14. Anna (dRK Oisterwijk 19-2-1626, testes Johannes Gerardi de Cort, Anna Adriani), huwt (1) Marten Gerrits de Cort [sic - Freud zou genoten hebben] (+voor 1655), huwt (2) Oisterwijk 25-7-1655 Ariaen Ariaens Cornelis Bertens, weduwnaar van Lijskens Goijaert Janssen Mertens
TerugBegin van generatie

6.520   Gerardus COOMANS

FamilienaamIndex 6.520 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden voor 1631

Bosch Protocol 146 (11-5-1596; 1408:268) (Betreft mogelijk de vader) Arnoldus z.w. Henrici Lombarts 1/4 in quodam agro terre arabilis totaal 6 L par. Otw tpl. Hukelem t erf Gerardi z.w. Gerardo Coomans O t erf conventus sororis de Otw W v erf heer van Cloetingen t comm. viam dicta den gemeynen ackerwech supt Leonardo z.w. Rodolphi Lenaerts Lenaert z.w. Rodolphi Lenarts man van Agnetis d.w. Henrici Lombarts de helft van voorn. Land supt Arnoldo de Hees ad opus Johannes de Aken wnd Otw 13-5-1596.


Huwt

6.521   N.N.

Index 6.521 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Bosch Protocol no 26 (22-7-1651; R.1575,308) Willem Geraert Coomans te Moergestel man van Cornelia d.w. Adriaen vanden Plas, draagt over de helft in stuck ackerland 4½ L Moergestel omtrent de kercke na dood Cornelias ouders aan zijn zwager Laureyns Jans Baten.

Kinderen

  1. Guilielmus Zie 3.260
  2. Maria (*ca. 1605), huwt Moergestel 27-2-1631 met Laurentius Joannes Baeten (+na 1651)
  3. Henricus (*ca. 1610), huwt Moergestel 12-10-1638 Maria Joannes (testes Joannes Andreas, Nicolaus van Fase en Guilielmus Coomans)
TerugBegin van generatie

6.522   Adriaen van den PLAS

FamilienaamIndex 6.522 • Vader onbekend • Moeder onbekend


Huwt

6.523   N.N.

Index 6.523 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Cornelia Zie 3.261
  2. Maria, huwt Moergestel 28-9-1633 Bernardus Gerardus Cornelius Drossarts (getuigen Guilielmus Boomans, Joannes Joannes Baten, Laurentius Joannes Baeten en Guilielmus Gerardus)
TerugBegin van generatie

6.524   Thomas MAES

FamilienaamIndex 6.524 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden Moergestel b 12-4-1636

Mogelijk broer, anders oom van Aleijdis Anthonis Maes (en daarmee broer van een Anthonis)

Vermeld als belender: Bosch Protocol (1611 oktober 21; R.1458,38) Willem z.w. Adriaen Smeyers wnd Gestel bij Otw man van Heylken d.w. Geerart Jans vercoft Quirijn Gijsberts van Mol jeec 3 gld 6 st op 1 mei uit hoybeempt gent den Horenvoirt 5 L in par. Gestel bij Otw tpl. aende gemynt aldaer t erff Jan Eyssen t erff Thomas Maessen v erff Jan Martens t gemeynt

losbaar met 47 ka gld


Huwt voor 1605

6.525   N.N.

Index 6.525 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Peter Zie 3.262
TerugBegin van generatie

6.528   Hendrick Hendrick Corstiaen BEIJSSENS

FamilienaamIndex 6.528 • Vader onbekend • Moeder onbekend

In 1632 (Genealogie van der Zanden) Hendrik Hendrik Hendriks, man van Aleijt Aerts Lathouwers.

Eijken Paulus Slouwers aan Gertuij weduwe Gerrit Hendrickx Beijssen: akkerland genaamd Heijlken Jan Daemen Acker, 2 lopen, belast met 15 duiten aan de kerk van Meerveldhoven, voor 37-0-0. RA Veldhoven 15:208v 1684).

Hendrick Hendrickx aan Geertruij weduwe Geraert Hendrick Bijssen: zijn aandeel in de nalatenschap van Jan Migiels uit diens testament van 9-12-1678, in ruil voor een uitstaande pacht. RA Veldhoven 15:87 22-2-1680.

Jan Lenderts Evers aan Gerrit Hendrik Beijssens: zijn derde part in de nalatenschap van zijn vader Lendert Evers, voor 28-3-0. RA Veldhoven 15:43v 13-11-1678.

Hendrick Hendrick Beijssen (e.v. Aleyt) aan Paulus Jans Jacobs, het middelste derde van een beemd in de Smalbroecke en een perceel land in Zeelst, 100-0-0. RA Veldhoven 14:98v 19-3-1672.

Nakinderen Dierck Reijnders aan Hendrick Hendrick Beijssens perceel in Muggenhoel genaamd Heytvelt voor 225-0-0. RA Veldhoven 14:97 19-3-1672.

Boedeldeling kinderen Hendrick Hendrick Corstiaenssen alias Beijsen, verwekt bij zijn vrouw Aeijleijt, nl. Geraert Hendrickx, Hendrick, Pauwels Jansen e.v. Iken; Geraert Jan Hendrickx (sic) als voogd en Michiel Huijperts toeziend voogd van zijn zoon Jan Michiels bij wijlen Catharina Hendrick Hendrickx. RA Veldhoven 13: 103 8-2-1666


Huwt

6.529   Aleijt Aerts LATHOUWERS

FamilienaamIndex 6.529Vader 13.058Moeder 13.059

Kinderen

  1. Gerardus Zie 3.264
  2. Catharina, huwt Michiel Huijbrechts
  3. Henricus, huwt (1) Zeelst (sch.) 1-9-1669 Maeijken Tielens (*Zeelst, dochter van Tieleman Janssen en Jenneken Jan Peters); huwt (2) Veldhoven 7-2-1683 Elisabeth Willem Willems van Geldrop; huwt (3) Anneken Corstiaens (*Oerle), weduwe Gijsbert Wouters (huwelijk Zeelst RK 6-2-1684; weduwnaar Judith Goorts)
  4. Iken, huwt Paulus Jans Louwers
  5. Martinus, gehuwd voor 1650; niet vermeld in genealogie Van der Zande
  6. Johannes, huwt voor 1654; niet vermeld in genealogie Van der Zande
  7. Anna; niet vermeld in genealogie Van der Zande
  8. Elisabeth (+ voor 1690), huwt Goort Jans Louwers (+voor 1690), verkoop nalatenschap 29-9-1690 (RA Veldhoven 16:61v) ; niet vermeld in genealogie Van der Zande
TerugBegin van generatie

6.532   Michiel Paulus de BIESEN

FamilienaamIndex 6.532Vader 13.064Moeder 13.065

Geboren ca. 1580
Overleden Zeelst tussen 29-5-1648 en 16-11-1648

Schepen tussen 1614 en 1648. Kerkmeester 1646-1648, armmeester 1631.

Gecorrigeerd en aangevuld met gegevens uit NJM Biezen, Familiekroniek Biesen

Toeziend voogd van de onmondige kinderen van wijlen Peeter Handrix Coppen en Willemken Claes Hanssen (RAVeldhoven 11:130-1, 1644).

Dierck Reynder Geraerts, schuld aan Michiel Pauwels de Biese van 100 ryxdaelder (marge 25-1-1650: Adriaen zoon van Michiel PdB voldaan, na overlijden van zijn vader). RA Veldhoven (Zeelst) 12:58v (15-3-1647).

Boedelscheiding kinderen en erven Michiel Pauwels de Biese en echtgenote Luijtken dochter Pauwels Mijssen, nl. Pauwels, Willem, Marten en Adriaen; en Gooris Hanssen als man van Heijlken Michielsen de Biese. Verdeeld worden een huis in Zeelst en zo'n 15 stukken land in Zeelst en een in Gestel, rentes van 250, 100, 100, 180, 100, 80, 100 200, 50, 200, 50 gulden; en enkele erfrentes. RA Veldhoven 12:95-96v 16-11-1648.

Boedelscheiding kinderen Paulus Michielsen de Biese, met Adriaen Michielsen als voogd van een der kinderen. RA Veldhoven 13:236 (27-9-1669).

Michiel Pauwels aan Hendrik Willems, een weide in Zeelst Muggenhool (RA Zeelst 9:24 25-11-1614); Hendrik bekent hiervoor schuldig te zijn 149-2.5-0; doorghaald 16-4-1629. Naasting door Michiels broer, blijkbaar teruggenomen.

Goyaert Joris (Borchouts) aan Michiel Pauwels de Biesen schuldig 40 cruijsdaalder voor 5-10-0 rente (RA Zeelst 10:139v 19-6-1632); doorgehaald met toestemming van Adriaen zon van Michiel Pauwels 5-2-1649.

Geraert Janssen aan Michiel Pauwels de Biesen, schuldig 50 caroli gulden tegen 3 gluden rente (RA Veldhoven 10:165v, 7-7-1633), doorgehaald met toestemming van beide partijen 12-4-1640.

Gerrit Adriaens aan Michiel Paulus schuld 100 gulden tegen 6.25%, vervangt een eerdere schuldbekenten; doorgehaald 17-7-1630 (RA Zeelst 9:131 10-2-1618).

Jan Jan Ancens aan Michiel Pauwels schuldig 75 gulden tegen 6.25% (RA Zeelst 9:160v 8-6-1618). Idem, Mercelis Jacops schuldig 50 gulden., doorgehaald 6-12-1627.

Hendrik Symons betaalt voor overdracht land aan Jan Jan Ancens o.a. 75 gulden openstaande schuld aan Michiel Pauwels (RA Zeelst 9:188 8-1-1619). Idem aan idem: zijn helft in een weide op de Genepere Meulen (9:194v 18-2-1619).

Margriet weduwe Servaes Hendricx e.a., aan Michiel Pauwels een akker in Zeelst (12 lop 18 roe); RA Zeelst 9:236, 18-3-1620.


Huwt

6.533   Luitken Pauwels MIJSSEN

FamilienaamIndex 6.533 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden na 1664

Kinderen

  1. Paulus (*ca. 1605 +Zeelst 1661) huwt Gerartien Aertsen Wilbroirts van Copbeeck
  2. Willem (*ca. 1610 +Zeelst rond 13-9-1666), huwt Aldegonda Wouter Smets (+na 1685)
  3. Marten (+Zeelst 1657), huwt Barbara Jacobs (+Zeelst 1671); president schepenbank (1655), schepen van Zeelst in 1650
  4. Adrianus Zie 3.266
  5. Heijlken (+Zeelst voor 1663) huwt voor 1648 Gooris Hanssen van der Sanck (+Zeelst 1686), burgemeester van Zeelst (1649); hij hertrouwt (1) 29-4-1663 Jenneken Dierck Jacobs; (2) 5-10-1664 Aeltken Joosten Andriessen
TerugBegin van generatie

6.534   Gerardus Gijsbertus AERTS

FamilienaamIndex 6.534 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Te Casteren; volgens NJM Biezen, Familiekroniek Biesen. Patroniem Aerts bij doop 1628.


Huwt voor 1620

6.535   Adriana N.

Index 6.535 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Helena Zie 3.267
  2. Heluigis (dRK Casteren 3-1-1624), getuigen Theodorus Hermans, Angela Adrianus
  3. Elizabetha (dRK Casteren 00-11-1625), getuigen Anthonius Vrancken, Maria Adrianus Lucas
  4. Barbara (dRK Casteren 7-8-1628), getuigen Theodorus Guilielmus, Anna Lucas Godefridus
TerugBegin van generatie

6.536   Joannes Ivens Jansen BASELMANS

FamilienaamIndex 6.536Vader 13.072Moeder 13.073

Geboren Zeelst ca. 1575
Overleden na 4-1-1662

Treedt nog op als getuige in ORA Zeelst 16-6-1659 (oud 83) en 4-1-1662 (oud 87).

Bij huwelijk Jan Ieuwens Janssen. Gestorven na 1654 indien hij de getuige is bij een doop van Petrus e.v. Anna Bisen. In 1649 nog in leven.

ORA Oirschot (Toirkens 145b fol 259 no 172 dd 13-6-1601) Jan zoon wijlen Iewaen Janssn als man van Jenneken dochter van Dirck Dielen Dircks verwekt bij Jenneken dochter Willem Cornelis van Beerwinckel, verkoopt een rente van 10 gulden per jaar die hij jaarlijks heft uit een grotere rente van 15 gulden per jaar, welke rente Jan Henricks van Berendonck eerder had beloofd aan Jan Jan Crommem junior. Deze rente vervalt steeds op Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis met tuin etc. groot ca. 10 lopenzaad, gelegen in Oirschot, herdgang de Notel, b.p. Willem Aert Jacobs waarvan het eerder was afgedeeld, de kinderen van Gijsbert Mathijssen. Ook nog op onderpand van een hoeve groot ca. 6 lopenzaad ter zelfder plaatse gelegen, b.p. Willem Aert Jacobs, de kinderen van Ghijsbrecht Mathijssen, Jan van Tulden, conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 17 oktober 1563, welke rente van 15 gulden per jaar wijlen Willem Cornelissen van Beerwinckel had verkregen van genoemde Jan de Crom zoals ze zeiden. De rente wordt nu verkocht aan Adriaen Antonis Colen en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen v.w.b. dit deel van 10 gulden per jaar.

Jan Yewens schuld aan Mechtelt weduwe Luycas Walravens 225 gld zonder rente (RA Zeelst 9:32v 28-2-1615), doorgehaald 18-2-1628 door beiden.

Jan Iewens, belender van een huis in Zeelst, Klein Eindhoven naast Jan Anssems (RA Zeelst 10:89 23-2-1617).

Jan Ieuwens, schuld aan Mechtelt weduwe Luycas Walravens, 224 gld zonder rente; RA Zeelst 9:189 25-1-1619.

Jan Ieuwens, belender van een weide De Beemden in Strijp, RA Zeelst 9:209 4-4-1619

Jan Ieuwens, voor contributie en andere schulden, kreeg betaald 1-10-0 uit de verkoop door Hendrick Janssen als voogd van Tonisken weduwe Hendrick Janssem en haar zoon van een perceel aan Geraert Aerts (Zeelst RA 9:234v tussen 7-7 en 5-9-1620).

(Zoon) Jasper Anthonis Jaspers ontvangt van Willem Anthonis 100 gulden uit zijn vaderlijk goed, geld ontvangen van Hens Jan Ieuwens uit handen van de armmeesters van Breda (24-11-1629, Veldhoven RA 10:44v)

(zoon) Philippus Roelofs aan Ieuwen Jan Ieuwens een rente van 7 gulden uit een van 10-10-0 (gepasseerd Oerle 9-1-1538) voor 31 jaar tegen 136 gulden 5 stuiver. Indien niet terugbetaald aan IJI of erven in 1661, dan wordt de overdracht vaste koop. PR zal moeten betalen een halve rijksdaalder voor een paar schoenen, een rok voor een kind van 5 jaar en 12.5 gulden godspenning. RA Zeelst 10:64 28-6-1630

Jacob Peters en Jenneke weduwe Aert Peters, schuld aan Jan Ieuwens van 80 cruijsdaelders a 12gld rente. Pand is een beemd in Zeelst Langhendijck aan de Gender. RA Zeelst 10:78, 28-11-1630.

Jan Ieuwens als voogd van Jacob Jan Aertsen (en een Berwinckel?), Veldhoven RA 10:90v 22-3-1631.

Jan Ieuwens erf, belending naast grond in Klein Eindhoven te Zeelst bij een deling tussen Jan Goyaerts Bierens en (de belender) Frans Pauwels; RA Zeelst 10:119v 23-12-1631.

Jonkvrouwe Anna de Borchgrave, verkoopt op 26-6-1631 (RA Zeelst 10:109-110) om de schulden van wijlen haar man Willem van Vlierden, heer van Oerle en Meerfelt, te betalen o.a. aan Jan Ieuwen Janssen goed in Zeelst:

- in Zeelst onder De Biesen: een groot woonhuis met hof, boomgaard etc,

- idem, een akker vooraan naast de rijweg, 15 lopen groot; beide belast met 4 mud roggeaan de Armen van Den Bosch, en 5 aan die van Strijp.

- in Zeelst een schaapskooithe met schuur en grond etc aan de achterste Dries

- idem een weide de Achterste Dries

- idem een perceel akker de Middelacker, 14 lop; de drie belast 3 mud rogge armen van Den Bosch en 2.5 mud og 12 gld jaarlijks etc aan de St Jan in Den Bosch.

- idem in Zeelst een hei- en groesveld aan einde van de genoemde steeg aan het huis

- idem in Zeelst een akker de Nieuwen Acker grot 8 lop

- idem in Zeelst een beemd achter St Severijns busselen, 4 lop 36.5 roe met halve sloot en recht van overpad voor belender.

(Zoon) Ieuwen Jansen, vermeld in een verkoop 3-7-1631 (RA Zeelst 10:102v)

Testament op langstlevende van Jan Iewenssen, gezond, en Jenneken Dirxen, ziek. Willen begraven worden in de kerk van Zeelst. De nog ongehuwd bij de ouders wonende kinderen Peter, Jenniken en Meriken krijgen na hun ouders' dood elk 50 gulden vooruit op de erfenis, zonder daar iets tegenover te hoeven stellen aan hun andere broers en zusters. Met handmerken van beiden. RA Veldhoven (Zeelst) 11:1v 11-7-1641

Willem Bernaerts verkoopt aan Hendrick zoon van Jan Iewens een perceel hooibeemd te St: L: Blaarthem. Jan Anssems verklaart de koopsom te zullen betalen (marge: 3-4-1650 voldaan door Anthonis aan zijn broer Willem Bernaerts). RA Veldhoven (Blaarthem) 12:119r 26-8-1649

Wouter Marten verkoopt Jan Ieuwens te Zeelst een akker (1 lop 41.5 roe). RA Veldhoven (Zeelst) 12:303r 27-3-1654

Truijken Peters verkoopt aan haar kinderen vruchtgebruik in een veldje genaamd Muggenhool belast met 100 C:Gld kapitaal aan Jan Ieuwens. RA Veldhoven (Zeelst) 12:216v 25-10-1652. Idem fol 217r: Hendrick Jansssen voogds van de drie kinderen van Peter Jansen verklaart schuldig te zijn aan Jan Ieuwens 100 gulden (doorgehaald 5-2-1661).

Boedelscheiding kinderen Hendrick Hens Ieuwens gehuwd met Heylken Jan Librechts. Een der voogden: Willem Jans Iwens. Kinderen: Jan Hendricxk Hensen Jenneken Hendrick Hensen. RA Veldhoven 13:7 27-10-1662.

De voogden van de kinderen van Andries Andriessen en Jenneke Jan Aertsen verkopen aan Peter Jansen Ieuwens land genaamd Papevoort. RA Veldhoven 13:16 (1663).

Peter Jacobs van de Venne schuld aan Aeijleijt dochter van Catalijn Hens Ieuwens van 100-0-0, indertijd ontvangen van de grootvader van het kind, Hens Ieuwens. RA Veldhoven 13:40 10-5-1664.

Willem Diercx den Sleger schuld aan Andries Jan Ieuwens 100-0-0; gecasseerd 8-7-1673. RA Veldhoven 13:36 21-2-1664.

Michiel Cornelis verkoopt aan Peter Jan Iwens heide genaamd de Bunder. Wegens naasting door PJI weer overgerdragen aan Gertruyt Iewens. 12-0-0. RA Veldhoven 13:72 8-4-1665.


Huwt na 1595

6.537   Jenneken Dircx CREMERS

FamilienaamIndex 6.537Vader 13.074Moeder 13.075

Geboren Oirschot 1574

ORA Oirschot (Toirkens 145a fol 19v no 93 dd 21-2-1598) Dielis, Niclaes en Daniel, broers, verder Jan Yewaens van Zeelst als man van Jenneke, kinderen van Dirck Dielis Dircks verwekt bij Jenneke dochter van Willem Cornelis van Beerwinckel, waarbij genoemde Daniel geassisteerd is door Dielissen Dielissen en door Cornelis Willems van Beerwinckel zijn voogden, hebben een boedelscheiding gemaakt inzake de nalatenschap van hun ouders, waarvan hun vader afstand van het recht van vruchtgebruik heeft gedaan voor schepenen van Oirschot zoals blijkt uit een brief d.d. 25 september 1595. (…) Bij deze verdeling krijgt Jan Yewaens een hei en turfveld genoemd het Ven, gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. Dielis Dircks, Embert Dielens, het erf dat er van wordt afgedeeld, met het recht van overpad, de kinderen van Henrick Claes Embrechts. Verder krijgt hij nog een rente van 10 gulden per jaar te ontvangen van Jan Henricks van Berendonck. Uit dit erfdeel moet jaarlijks de grondchijns worden betaald en moet hij 16 gulden eens betalen aan genoemde Daniel als mede erfgenaam.

ORA Oirschot (Toirkens 149c fol 75 nos 99-100 dd 14-5-1622) Jan Yewens als man van Jenneken dochter van Dirck Dielens verwekt bij Jenneken dochter van Willem Cornelis van Beerwinckel, verkoopt hierbij het derde deel van een beemd genoemd de Schomdonck, gelegen in Oirschot herdgang de Notel, welke perceel deze Jenneken van haar ouders had geerfd, b.p. Cornelis Aert Dielissen, de gemeijnte aldaar. Hij verkoopt het perceelsdeel nu aan Dielis Adriaen Suetericks ten behoeve van Jan de Metser, onze secretaris en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen, behalve de dorpslasten. De koper moet zorgen voor onderhoud van wegen en waterlopen. (Idem 100) Genoemde Dielis uit de vorige akte belooft zelf danwel Jan de Metser namens hem deze Jan Yewens 9 mudde goede rogge te zullen leveren, Oirschotse maat. (In marge: Jan Yewens verklaart deze rogge te hebben ontvangen en dit wordt door zijn zoon Iewen mede ondertekend. Getekend : Yewen Janssen).

ORA Oirschot (Toirkens 151a fol 83 nos 100-1 dd 15-4-1526) Dielis Dirck Dielissen verkoopt hierbij het derde deel van een stuk akkerland genoemd de Braecke, gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. Gijsbert Jacops, Frans Goorts, Jan Janssen van Haubraken, Catharina weduwe van Aerts de Scheper, zoals hij verklaarde. Het perceelsgedeelte wordt nu verkocht aan Cornelis Dircks en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen. (Idem 101) Jan Uwens als man van Jenneken dochter van wijlen Dirck Dielissen verkoopt hierbij zijn derde deel inzake het stuk land zoals in de vorige akte staat vermeld nu aan de zelfde Cornelis Dircks en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen.

Kinderen

  1. Joannes, *voor 1600; vermeld 1620, 1629. Mogelijk de Johannes Johannes die huwde met Joanna Cornelius, ouders van Maria in Zeelst, 1649
  2. Guilielmus Zie 3.268
  3. Petrus (*voor 1630 +na 1685), huwt als Petrus Hens Ivens (Baselmans) ca. 1653 Anna Michiels Biesen; vermeld 1663, 1665
  4. Jochomina, *voor 1640. Jochomina Joannes Ieuwens, getuige op 2-2-1657 met Andreas Alexander bij doop Maria dochter van Marcellus Joannes en Gijsberta N.
  5. Andries, vermeld 17664
  6. Hendrick (**voor 1620), huwt Heylken Jan Librechts (boedelscheiding na haar dood 1662); woont te Blaarthem (armmeester in 1658), vermeld in RA vanaf 1644.
  7. Catalijn, vermeld 1664.
  8. Iwen (*voor 1610), vermeld 1630
TerugBegin van generatie

6.540   Andries Hendrix ELIENS

FamilienaamIndex 6.540Vader 13.080Moeder 13.081

Overleden voor 30-5-1629

Kwartieren ontleend aan Genealogie van der Zande.

Kinderen en erven Roelof Andriessen aan Alexander Andriessen Eliens, gezworen landmeter te Zeelst, een perceel akkerland van 0.5 lop. voor 39-0-0. RA Veldhoven 15:81v: 8-1-1680.


Huwt

6.541   Aleijt Jan Adriaen Gerit HUIJBEN

FamilienaamIndex 6.541 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Dierck Corstiaens Vercoyen aan zijn oom Alexander Andriessen het surplus van de erfgoederen gekomen van zijn grootouders Andries Hendrix en Aleijt Jan Adriaenssen in Klein Eindhoven te Zeelst (9 lopen) met uitzondering van het heideveld in de Velue (sic). RA Veldhoven 11:129r 19-5-1644).

Kinderen

  1. Alexander Zie 3.270
  2. Aert Driessen Eliens, huwt Veldhoven 21-1-1679 Willemijn Peters Kemminaeij van Zeelst; Adriaen Eliens is dan schepen. Komt niet voor in de genealogie Van der Zande
  3. Roelof (+voor 1680)
  4. Mechtelt, huwt Frans Geraert Bijnen (+voor 1652), heft een schuld van 300 gulden bij haar broers Geraert, Alexander en Joris (RA Veldhoven/Zeelst 12:199r 5-6-1652)
  5. Geraert, vermeld 1652
  6. Joris, vermeld 1652
  7. Zus, vermeld in genealogie Van der Zande
TerugBegin van generatie

6.542   Geraert Aertsen BIJNEN

FamilienaamIndex 6.542Vader 13.084Moeder 13.085

Geboren voor 1593
Overleden voor 1636 na 1631

Geraert Aertssen verklaart schuldig aan Goijaert Joris (Borchouts) 447 gld en 10 stuivers zonder rente te betalen voor St Jacob 1614; 223-15-0 tegen 6.25% te betalen voor St Jacob 1615, en idem te betalen voor St Jacob 1616. (RA Zeelst 9:18v, 10-6-1614). In marge: de eerste en tweede termijn zijn betaald (5-8-1615); in marge zonder datum: de derde termijn is ook betaald; Gerit Aerts verklaat nog 50 gld te zullen moeten (?) betalen aan Goort Joris.

Geraert Aertsen aan Goijaert Joris (Borchouts) de Molenacker in Zeelst, aanggekomen door koop van Zeger Henricx, Lijsken Jan Tonis en Joris Janssen; in mindering op de eerste termijn van de schuld aan Goijaert die Geraert had wegens overdracht goed op het Horeven. Goijaert betaalt Geraert ook nog 20 gulden (RA Zeelst 9:19 5-8-1614).

Lambert Eymertssen verkoopt aan Gerart Artssen een halve beemd in Zeelst en Strijp tot Klein Eindhoven, na nasting verkregen van Hendrik Willems (RA Zeelst 27-12-1614 9:27v). Idem, Elisabeth weduwe Jan Anthonis volgens testament van haar man d.d. 15-5-1609 verkoopt Gerart Artssen een akker in Zeelst op Horeven (6 loop minus 7 roe); Gerart verklaart Elisabeth voor kerst te zullen betalen 289 gulden en 10 stuivers. (NB: Gerart wordt nog genoemd als belender in het Horeven wanneer Jan Jan Anthonis aan zijn broer Anthonis land overdraagt 12-3-1631 RA Zeelst 10:93v).

Art Willems volgens testament 14-8-1610 met zijn vrouw Dingen gemaakt, aan Geraert Artssen schuldig 50 gulden voor 1 jaar (RA Zeelst 9:49 30-10-1615).

Elisabeth weduwe Jan Tonissen (ook Antonis) volgens hun testament 15-5-1609 is schuldig aan Gerart Artssen haar zwager 200 gulden a 6.25%, waarmee alle schuldbekentenissen van Jan Antonis aan Gerart tot dit bedrag vervallen (RA Zeelst 9:49 30-10-1615). Idem fol 39v, Elsabeth en haar zoon Antonis nog een schuld aan Gerartt van 37 gulden inzake achterstallige pacht van 200 gulden van wijlen Jan Antonis.

Art Art Willems en zijn broer Willem aan Gerart Artssen een akker in Muggenhool genaamd de Braeck (3 lop 1 spijnt) en twee weideveldjes ca. 6.5 lop groot, aangekomen bij deling tegen hun zuster Elisabeth en haar ma Dierck (RA Zeelst 9:65 30-3-1616).

Adam Janssen leent Geraert Aarts 69 gulden zonder rente, waarvan de helft al was opgenomen toen Adams vrouw Joostken nog leefde (RA Zeelst 9:89 23-2-1617).

Hendrik Jansen mede namens zijn moeder Maria Hendrix en oom en voogd Goyaert Hendriks, aan Gerrit Aertsz een weide in Zeelst onder Muggenhool met uitzondering van het huisje erop (RA Zeelst 9:134v 18-1-1618).

Lambert Emmen aan Geraert Aertss land in Zeelst Muggenhool genoemd Veldacker (1 lop 12 roe), RA Zeelst 9:163v (5-7-1618); idem een groesveld van 7 spynytsaet en 3/4 roe.

Jan Peters aan Geraert Aerts een bocht in Zeelst aan het Horeven; Geraert belooft te betalen 162 gulden en 1.5 el fijn linnen (RA Zeelst 9:180v 17-12-1618).

Marcelis Cornelis en andere erven Aert Laureyssens aan Geraert Aerts, een huis en aangelag in de Klein Eindhovensestraat in Zeelst (RA Zeelst 9:190 7-1-1619).

Gerrit Aerts doet voor Gerrit Peeters en zijn zus Alit afstand van het recht van overpad over een dries in Zeelst in het Horeven bij de Oude Hofstadt (RA Zeelst 9:219 26-9-1619).

Hendrick Janssen als voogd Tonisken weduwe Hendrick Janssen en haar zoon, verkoopt Gerart Aertssen een perceel en legt verantwoording af over de besteding van de som van 85-10-0 (waarvan 18-7.5-0 aan Geraert Aerts voor de uitvaart); RA Zeelst 9:234v, zonder datum (tussen 7-7 en 5-9-1620).

Cathalijn weduwe Geraert Ariaenssen enhaar zoon Adriaen, aan Geraert Aertssen een groes in Zeelst, Klein Eindhoven, 1 lop 23 roe met behoud van recht van overpad (RA Zeelst 10:104v 27-8-1631)

Aankoop erfhuis vader 6-11-1632; vgl bij zijn vader.

Symon Henrickx aan Geraert Aert Bijnen: een stuk land in Zeelst Muggenhool groot 2 lopen (RA Zeelst 10:146 23-11-1632)

Remijs Geraerts en Jacop Geraerts bevestigen de ruil van 11-11-1641 toen Jacob nog minderjarig was (RA Veldhoven/Zeelst 11:139 8-7-1644)

Jacop Geraerts met voogd Jan Jans Antonis, verkoopt aan Remijs Geraerts zijn deel in de nalatenschap van zijn vader Geraert Aertsen Bijnen, met toestemming van zijn moeder Catharina (bijgestaan door Alexander Eliens) volgens boedelscheiding d.d. 3-12-1637; te weten het nieuwe huis, schuur en bakhuis aan Muggenhool in Zeelst met meerdere percelen. In retour krijgt Jacop van zijn zwager (sic) Remijs de Veldacker in Zeelst etc. Bevestigd 18-7-1644 als Jacop volwassen is. RA Veldhoven (zeelst) 11:8v 11-11-1641).


Huwt

6.543   Catharina JANSSEN

FamilienaamIndex 6.543 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden na 1650

Zus van een Anthonis te Zeelst (+na 1644). Vermoedelijk zus van Elisabeth, weduwe van Jan Anthonis in 1609-14.

Frans Geraerts Bijnen had een rente bij Catharina dochter Mr Johan Tijpots in Den Bosch en moet daartoe nu zijn land verkopen; zijn moeder geeft hiertoe toestemming (RA Veldhoven/Zeelst 11:146 17-12-1644; idem 27-1-1645 (ff. 158, 159), 22-2-1645 (f. 162v).

Verkoop door Bartholomeus Goyaerts aan Geraert Hendrixen en Jan Jan Senders van een huis in Klein Eindhoven, belastr met o.a. 100 gulden aan Catharina weduwe Geraert Aertsen Bijnen (RA Veldhoven/Zeelst 11:38v 9-10-1642)

Hendrick Geraerts Bijnen verkoopt aan zijn moeder Catharina weduwe etc. een akker in Muggenhool genaamd Den Braeck (RA Veldhoven/Zeelst 11:46r 13-11-1642). Idem fol. 46v (21-11-1642) Catharina verkoopt de akker (3 lop 29 roe) aan Mechtelt weduwe Luycas Walravens volgens cedulle van 13-11-1642.

Catharina, weduwe Bijnen, voldaan van een schuld van 25 gulden van Bartel Goortsen (RA Veldhoven/Zeelst 11:65r 16-1-1643).

Jan Geraerts Bijnen met toestemming van zijn moeder verkoopt aan zijn oom Anthonis Janssen een akker in Zeelst (3 lop) RA Veldhoven 11:116v 18-1-1644. Idem fol. 116v, Anthonis verklaart hiervoor aan Catharina weduwe Bijnen jaarlijks te betalen 5 guldens, rest kapitaal 100 gulden blijft aan Jan Geraerts. Gecasserrd 11-5-1650 door Catalijn weduwe Geraert Aertssen Bijnen.

Kinderen

  1. Jenneke Zie 3.271
  2. Frans (+na 1645, voor 1652), huwt Mechtelt Andriessen Eliens (zijn schoonzuster).
  3. Jacob, minderjarig in 1641, volwassen in 1644.
  4. N., huwt Remijs Geraerts
  5. Hendrick, vermeld 1642, 1644
  6. Jan, vermeld 1644
TerugBegin van generatie

6.560   Goyaert Lenaerts LUYTELAAR

FamilienaamIndex 6.560Vader 13.120Moeder 13.121

Geboren ca. 1569
Overleden voor 25-9-1629

Kwartieren ontleend aan Ger van Luijtelaar.

Op 3-4-1571 nog minderjarig, onder voogdij van Peter Jans Luytelaar (een oom, schepen van Aerle) gesteld; 27-2-1585 volwassen, erft dan zijn deel: "huysinghe metten hoven ende aengelaeghe in de prochie van Woensel onder de heerlicheit Eeckart ... met groessen ende ackerlandt omtrent groet 39 loopensaet".

Vanaf 1590 schepen van Eckart.

Bosch Protocol 1237 (3-12-1618, 1519:106v) Johan van den Broek z.w. Symon van den Broeck 1/3 Goyaert Lenaerts van Luytelaer? man van Cornelia (of Catharina??) d. voorn. Symon 1/3 diverse gewincijnzen gent de Ammelroder? cijns geheel omtrent 6 gld op St Thomas te ontvangen in par. Otw met gerechtigheid van boeten en gewin waarvan het andere 1/3 toebehoort Peter Jans van Heussel?? man van Margriet d.w. Evert? z.w. Symon voors. aan voorn. Peter Jans van ... ?


Huwt

6.561   Catharina Simons van den BROECK

FamilienaamIndex 6.561Vader 13.122Moeder 13.123

Overleden na 1602

Voor haar kwartieren vgl Jaarboek CBG 1967/36.


Buitenechtelijke relatie met

Lysken N.

Index

Kinderen

  1. Anneke, vermeld 1629
  2. Margriet
  3. Lenaert, schepen in Eekart in 1663
  4. Mechtelt (Metien); huwt Peter Driessen
  5. Evert Zie 3.280
  6. Jan huwt Tonyken van der Heyden
  7. Symon
  8. Hendrik huwt N.N.
  9. Catelyn
  10. Anneke, bastaard, vermeld met moeder in 1590 als de vader haar 50 gulden toedeelt bij volwassenheid en de modder 60 gulden; ingelost door de wettige zuster Anneke in 1590
TerugBegin van generatie

6.608   Willibrord Johannes van der VLOET

FamilienaamIndex 6.608Vader 13.216Moeder 13.217

Geboren voor 1595
Overleden na 1657

Schoenmaker; op 14-12-1633 terugtredend burgemeester van Zeelst. (RA Zeelst 11:176). In 1657 nog getuige bij de doop van een kind van Philippus; leeft nog in 1666.

Toeziend voogd van de kinderen van Peter Jansen van der Vloet 1644 en eerder (o.a. momboirrekening 18-1-1644, RA Veldhoven 11:114v; al in 1630, RA Veldhoven 10:105v, 8-9-1631).

Regesten Kasteel Baarlo (no 59 dd 10-3-1614) Schepenen van Eindhoven oorkonden, dat Peter Janssen van Geel, wonende te St.-Oedenrode, aan Lucas Reinder Bierens een erf onder de parochie van St. Lambertus te Blaarthem, den willigen acker" geheeten en gelegen ter plaatse "in den benckol" tusschen de erven van Bertholt Henricx, Adriaen Schalese, Herman Franssen en meer anderen, opdraagt met de verklaring, dat het erf los en vrij is van "elcken commer ende calangier", uitgezonderd een cijns van 3 stuiver en 2 oord grondcijns aan het kapittel van Roy (sic), "dorpslasten, wegen ende waeterlaeten".

Idem (no 60, 30-4-1614) Schepenen van Zeelst, Veldhoven en Blaarthem oorkonden, dat Wilbort Jans en zijne vrouw Yke aan Goyaerde Jan Bierens ten behoeve van Mechteld, dochter van Mr. Jacop Lintermans, opdragen een halfvierdedeel der weide "den bereken beempt" onder Zeelst tusschen het erf van het godshuis van Postel, de "Seshochsche hoeve", het erf van den H. Geest te Meerveld, van Michiel van Upen, de hoeve der abdij van Postel en de Dommel, "loss ende vry zender weghen ende waterlasten, die daer met recht overgaende zijn, ende des dorps commer".

Wilbrort Janssen als man van Yken, aan Goijaert Jan Bierens de helft in een kwart van de Berckenbeempt in Zeelst of Blaarthem (RA Zeelst 9:13 30-4-1614).

Jan Jan Hannsen schuldig aan Wilbrort Jansen de Schoenmaecker een jaarlijkse pacht van 1 mud rogge op een akker in Zonderwijk Veldhoven (RA Zeelst 9:43 20-8-1615)

Wilbrort Janssen Schoenmaecker ook vermeld in een momberrekening van 30-4-1616 (RA Veldhoven 9).

Wilbrort Jannsen aan Aert Joost Mijssen een erfcijns van 12 gulden op een huis en hof in Zeelst, een perceel groes in het Muggenhool (Spoorevelt, 4 lopen), te lossen met 200 gulden (RA Zeelst 9:130 9-2-1618). Doorgehaald wegens kwijting 10-9-1632

Dierick Leureijjsen aan Wilbrort Janssen van der Vloet een akker in Zeelst (Molenacker, 1 lop 32 roe), belast met 10 gld per jaar (140 gulden totaal), RA Zeelst 9:142v (10-2-1618). Idem (fol 143) Wilbrort naast het goed (Sporenvelt) dat Adriaen Janssen kocht van Jacop Reijnders (Bierens); deze accepteert. Idem, Jacop Reijnders draagt de betreffende weide in Muggenhool over aan Wilbrort Janssen alias Vlooten.

Wilbrord Jansen van der Vloet, schuld aan de onmondige kinderen van Jacob Jacobs van 200 gulden (RA Veldhoven 10:199v 10-6-1634); kanttekening: 15-3-1670 in mindering aan de kinderen van Icken Jacob Jacobs betaald 100 gulden, zoals Ickens zoon Jan Jacobs verklaart; later (ongedateerd) doorgehaald wegens een andere schuldbekentenis.

Wilbort, schuld aan de kinderen Jan Jacobs van 45 gulden ((RA Zeelst 10:200, 10-6-1634), doorgehaald 13-9-1636, betaald aan Icken Jan Jacobs.

Wilbrort van der Vloet ontving op 3-10-1666 voor een kwart vat bier, geleverd aan Michgiel Huijperts uit de erfenis van diens onmondige kind 1-7-0. RA Veldhoven 13:149v 6-6-1667.

Lucas van der Vloet ontving 15-15-0 uit het huis van Wilbrort Jansen van der Vloet. Rekening inkomsten en uitgaven kinderen WJ van der Vloet, onmondige kinderen Joris Wilbrorts van der Vloet en idem Jan Anthonis Adams bij wijlen Elisabeth Wilbrorts, betreffende goederen hen aangestorven van wijlen (hun broer) Jan Wilbrorts van der Vloet. RA Veldhoven 14:37v 13-2-1671.

Boedeldeling kinderen en erven Wilbrort Jansen van der Vloet, te weten Flip Wilbrorts; Jan Wilbrorts; Lucas Wilbrorts; Joest Wilbrorts; Lauvreijs Dierck Vercoeijen e.v. Maria Wilbrorts; Jacobus van der Aa e.v. Catharina Wilbrorts; Alexander Andriessen en Lucas Janssen van der Vloet voogden van de drie kinderen van Joris Wilbrorts; Mr Jeronimus van Kelst en Jan Anthonis Adams voogden van de zes onmondige kinderen van Adams bij wijlen Elisabeth Wilbrorts. Tot de goederen behoren o.a. het huis met grote en kleine kuip en brouwketel, zeven stukken land.RA Veldhoven 13:234v-235 (13-9-1669)


Huwt voor 1614

6.609   Ida Joris Lijbrecht BORCHOUTS

FamilienaamIndex 6.609Vader 13.218Moeder 13.219

Alias Yken. Voor diverse akten vgl ook haar vader.

Kinderen

  1. Luycas Zie 3.304
  2. Maria, huwt Lauvreijs Dierck Vercoeijen; getuige 1650
  3. Philippus, huwt voor 1654 Catharina N., heeft kinderen in Zeelst in 1654 en 1657
  4. Catharina, huwt Jacobus van der Aa; getuige in 1652
  5. Joris (+voor 1671)
  6. Elisabeth (+voor 1669), huwt Jan Anthonis Adams
  7. Jan, vermeld 1669
TerugBegin van generatie

6.610   Jan Willem SENDERS

FamilienaamIndex 6.610Vader 13.220Moeder 13.221

Overleden voor 1662

Jan Jansen Walravens aan Jan Willem Senders een akker in Zeelst (Mortelken) nast Wilbrort Jansen van der Vloet (RA Zeelst 10:129v 5-3-1632).

Geraert Aerien Dandels aan Jan Willem Senders: alle goederen die hij zal erven van zijn vader te Zeelst in Juijpt; Senders belooft a de dood van Arien Dandels 200 gulden te zullen betalen; Geraert verklaart een schuld van Senders van 50 gulden voor ‘verdronken gelagen en anderszins’ daarmee voldaan (RA Zeelst 10:208v 22-9-1634).

Boedeldeling door Willem Jan Willems koper van Dierck Geraerts, en Jan Peter Timmermans voogd, Lucas Wilbrorts van der Vloet vader en toeziend voogd van zijn kinderen bij wijlen Ida Jan Willem Senders. Elk krijgt een deel van het aangelag (1 loop); Willem ook 60-0-0 in het tweede kavel; de kinderen van der Vloet een perceel het Moelenackerken van 38 roe minus 60-0-0 aan Willem. Idem, fol. 18: boedelscheiding rond het huis door de broers Willem en Gijsbert Jan Willems. RA Veldhoven 13:18 2-6-1663.


Huwt

6.611   N.N.

Index 6.611 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Ida Zie 3.305
  2. Willem (*ca. 1630 +Zeelst 8-4-1714), huwt (1) Zeelst RK 29-4-1663 Anneke Willem Michiels de Biesen (+voor 1682); huwt (2) Zeelst 1682 Maria Cornelis. Volgens NJM Biezen, Familiekroniek Biesen
  3. Gijsbert, vermeld 1663
  4. Meijs, huwt Heijlken Jan Willem Marcelis van Doren
  5. Aeltken, huwt Dirk Geraert Hendrick Heijmans (Genealogie van der Zande)
  6. Jan, huwt (1) Ida N.; huwt (2) Geertruda Marcelis (Genealogie van der Zande)
TerugBegin van generatie

6.612   Johannes Willem Marcelis van DOREN

FamilienaamIndex 6.612Vader 13.224Moeder 13.225

Overleden Zeelst na 1665

Kwartier volgens Genealogie Van der Zanden


Huwt

6.613   Anthonisken Jacob THOMAS

FamilienaamIndex 6.613 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Marcelis (+na 1671), huwt Gijsberta Aerts
  2. Meriken, huwt Paulus Hansen van der Sanck
  3. Heijlken, huwt Meijs Jan Willem Senders
  4. Willem, huwt (1) Zeelst 26-7-1665 Jenneken Walraven Boxhoorn; huwt (2) 28-2-1672 Ijcken Corstiaens
  5. Francis, schepen van Zeelst rond 1687; huwt Jenneken Adriaen Ancems (zij testeren Zeelst RA 62:65 in 1687)
  6. Jacobus Zie 3.306
TerugBegin van generatie

6.614   Alexander Andriesse ELIENS

FamilienaamIndex 6.614Vader 6.540Moeder 6.541 • Tevens 3.270, 3.302

6.615   Jenneke Geraert Aertsen BIJNEN

FamilienaamIndex 6.615Vader 6.542Moeder 6.543 • Tevens 3.271, 3.303

TerugBegin van generatie

6.640   Mathijs Hendriks OOSTERBOSCH

FamilienaamIndex 6.640 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren Wintelre

Patroniem is een gok, gebaseerd op ouderschap van een Marcellus (zeldzame naam in Wintelre).


Huwt voor 1607

6.641   Heijlwiga N.

Index 6.641 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren Oerle

Kinderen

  1. Henricus Zie 3.320
  2. Marcellus (*Wintelre dRK 23-12-1607), getuige Heijlwiga Guielmus
  3. Heijlwiga Mathias Henricus, meter bij een doop in 1619
TerugBegin van generatie

6.648   Henricus Peter STEIJMANS

FamilienaamIndex 6.648Vader 13.296Moeder 13.297

Overleden Zeelst voor 1645

Mogelijke neven/nichten of broers/zusters: Servatius (Georgius), Martinus (Georgius), Ida (Georgius), en Elias (S.) (met gehuwde kinderen in Zeelst rond 1650).

Henrick Peters verklaart schuldig aan de armen van Zeelt 25 gulden tegen 6.25% (RA Zeelst 9:50, 4-5-1614); doorgehaald (zonder datum, ca. 1625).

Roelof Jooris aan zijn zwager Hendrick Peeters Stijmans een beemd in Zeelst op de Langendijk (1 lop); als Roelof binnen 5 jaar gaat bouwen op zijn grond te Merefelt dan kan hij lossen voor 100 gulden (RA Zeelst 9:206, 6-7-1619). Idem (206v 20-8-1619) Roelof draagt aan zijn broer Goijaert over een akker in Zeelst De Goelder grrot 1 lopensaet.

Vermeld als belender aan de Langendijk 8-2-1629 (RA Zeelst 10:13). Assisteert Dingen Jan Henricx, een van de erven van Servaes Henricx (ten huize van Wilbrort van der Vloet) 31-3-1629 (RA Zeelst 10:35v). Toeziend voogd kinderen Cornelis Peters; momberrekeningen o.a. 21-1-1630 en 2-2-1632 (RA Zeelst 10:39v, 42).

Een Elias (Peters?) Steijmans, landmeter te Zeelst, dient een rekest in bij de Raad van State, waarin hij meldt geen eed van trouw te kunnen afleggen omdat de koning zulks verbiedt, op straffe van verlies van zijn wedde van ii C gouden realen. De Raad van State gebiedt hem op 14-12-1629 binnen drie weken de eed af te leggen. (Resoluties RvS 1629, Bron Henk Beijers Archiefcollectie).

Een Peter Elias Steijmans: schuldig aan Merijken weduwe Jan Arien Smets 120-0-0. Marge: kapitale som van 20-0-0 afgelost aan Lijntje weduwe Ieuwen Baselmans, 25-8-1696. RA Veldhoven 13:11 6-2-1663.

Jeronimus van Kelst met machtiging van Andries Hendrick Steijmans, aan Willem Michielsen de Biese: akker genaamd Moelenpadt. Voor onverwachte lasten op dit stuk en op 'het weerken', verkocht door Geertruijt dochter van Hendrick Steijmans aan zelfde partij (fol 37v 26-3-1664) stellen zich garant Joris Hendrick Steijmans en Hendrick Hendrick Steijmans. RA Veldhoven 13:39v 22-4-1664.


Huwt

6.649   Aleijt Joris Lijbrecht BORCHOUTS

FamilienaamIndex 6.649Vader 13.218Moeder 13.219

Voor diverse akten vgl ook haar vader.

Aleijt weduwe Handrick Peeter Steijmans, met haar zoonds Jooris, Jan en Philips, schuld aan Jan Handricxken 6 Schotse Jacobussen en 15 Franse kronen, alles in specie ontvangen tegen interest van fl 7-10-0. RA Veldhoven 12:14 13-11-1645.

Kinderen

  1. Georgius Zie 3.324
  2. Andries (+na 1664), doopgetuige 1650
  3. Geertuijt (+na 1664)
  4. Hendrick (+na 1664); huwt Catharina N.
  5. Jan, vermeld 1645
  6. Philips, vermeld 1645
TerugBegin van generatie

6.770   Willem FLEUREN

FamilienaamIndex 6.770 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren ca. 1585

Hypothese van Erik Fleuren.


Huwt

6.771   N.N.

Index 6.771 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Catharina Zie 3.385
  2. Petronella
TerugBegin van generatie

6.768   Hendricus HENDRIKS

FamilienaamIndex 6.768 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Voornaam hypothetisch. Leeft ca. 1600 in Zyfflich.


Huwt

6.769   N.N.

Index 6.769 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Mogelijk Maria Franken, gestorven na 16-11-1650 (hypothetisch; doopgetuige 1-9-1649 bij een kind van Gerardus en 16-11-1650 bij een kind van Bernardus)

Kinderen

  1. Gerardus Zie 3.384
  2. Bernardus (*voor 1631), huwt voor 1649 Catharina Scholten
  3. Joannes (*voor 1644), huwt voor 1662 Joanna van de Wiel
  4. Maria, huwt (1) Rutgerus Verwaijen; huwt (2) Joannes Leonardi (van Kolck?)
  5. Petrus (hypothetisch; doopgetuige in Zyfflich 2-11-1646)
  6. Cornelius (hypothetisch, doopgetuige Zyfflich 3-6-1642 bij eerste kind Gerardus)
TerugBegin van generatie

6.772   Rut van BERGEREN

FamilienaamIndex 6.772Vader 13.544Moeder 13.545

Geboren voor 1605
Overleden voor 1636

In de Lenen van Bergh komen (met een leen in Düffelward, p. 315: De Biesacker, in groiten ombtrint 3 hollansche mergen, mitten tobehoeren, gelegen to Duyfelwairde, to 5 marck.) voor Dierick van Bercheren, wonende te Niel, na opdracht door Dieriek Janssen Dierixson, 1610 Mei 1. Rutger van Bercheren, na doode van zijn vader Derick, 1628 Februari 29. Styneken, weduwe van Rutger van Bercheren, ten behoeve van haar onmondigen zoon Evert. Steven Metsmeker is hulder, 1636 November 11. Evert van Bercheren krijgt toestemming om liet leen te verkoopen, 1656 April 24. Jelis Vierken, na opdracht door Evert van Bercheren, 1661 October 22


Huwt

6.773   Styneken N.

Index 6.773 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden na 1636

Kinderen

  1. Everhardus Zie 3.386
TerugBegin van generatie

7.200   Pauwel HIDDES

FamilienaamIndex 7.200Vader 14.400Moeder 14.401

Geboren Bergum ca. 1580
Overleden Bergum x-4-1626


Huwt ca. 1600

7.201   Ebel SYTSES

FamilienaamIndex 7.201 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden voor 1612

Kinderen

  1. Hidde Zie 3.600
  2. Lutske
TerugBegin van generatie

7.206   Gerben N.

Index 7.206 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Vermoedelijk te Suameer. Bron Collectie Pieter Nieuwland.


Huwt

7.207   N.N.

Index 7.207 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Sytske Zie 3.603
  2. Rinnert, curator nalatenschap van zijn zuster en zwager
TerugBegin van generatie

7.220   Hendrik PIERS

FamilienaamIndex 7.220 • Vader onbekend • Moeder onbekend


Huwt

7.221   N.N.

Index 7.221 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Pier Zie 3.610
TerugBegin van generatie

7.222   Dirk OUTGERS

FamilienaamIndex 7.222Vader 14.444Moeder 14.445

Overleden Oostermeer voor 3-10-1625


Huwt voor 1614

7.223   Antje PYTTERS

FamilienaamIndex 7.223 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden Oostermeer na 1614

Kinderen

  1. Geertje Zie 3.611
  2. Thomas
TerugBegin van generatie

7.226   Willem LINSES

FamilienaamIndex 7.226 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren voor 1580
Overleden Suameer voor 1626


Huwt

7.227   Wytske HEDMANS

FamilienaamIndex 7.227 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden Suameer voor 1626

Kinderen

  1. Yke Zie 3.613
  2. Linse
TerugBegin van generatie

7.228   Pieter MINNERTS

FamilienaamIndex 7.228 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren Noorderdrachten ca. 1570


Huwt Drachten ca. 1597

7.229   Trijntje CORNELIS

FamilienaamIndex 7.229Vader 14.458Moeder 14.459

Geboren Drachten ca. 1573

Kinderen

  1. Lieuwe Zie 3.614
TerugBegin van generatie

7.230   Fokke Gercks YTSMA

FamilienaamIndex 7.230Vader 14.460Moeder 14.461

Geboren Drogeham ca. 1568
Overleden Drogeham 1629


Huwt Drogeham ca. 1593

7.231   Sytske ALLES

FamilienaamIndex 7.231Vader 14.462Moeder 14.463

Overleden Drachten ca. 1570
Overleden Drogeham 1620

Kinderen

  1. Gerck
  2. Yke Zie 3.615
  3. Barber huwt Drogeham NG 24-11-1633 Haye Rompts
  4. Lieuwe (mogelijk zoon van een Fokke Sjoerds?) huwt Drogeham NG 7-12-1623 Antie Aelses
  5. Antie, huwt Drogeham NG 3-4-1625 Hinne Jaens
  6. Alle, huwt Drogeham NG 27-1-1628 Saeck(je) Poppes
TerugBegin van generatie

7.354   Douwe GERLOFS

FamilienaamIndex 7.354Vader 14.708Moeder 14.709

Geboren voor 1590
Overleden Suawoude 1633

Boer te Suawoude, huurt kerkeplaats 1618-1633. Bron Collectie Pieter Nieuwland.


Huwt voor 1615

7.355   Ruurdje TJALLINGS

FamilienaamIndex 7.355Vader 14.710Moeder 14.711

Overleden na 1637

Kinderen

  1. Aukje Zie 3.677
  2. Gerlof (*voor 1625 dNG Suawoude 27-9-1633)
  3. Sytse (*voor 1625 dNG Suawoude 27-9-1633)
  4. Douwe (*voor 1625 dNG Suawoude 27-9-1633)
TerugBegin van generatie

7.360   Sipke N.

Index 7.360 • Vader onbekend • Moeder onbekend


Huwt voor 1610

7.361   N.N.

Index 7.361 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Adam Zie 3.680
  2. Harmen (+Marrum 27-2-1648), huwt Treijn Keijmpes (+Marrum 22-12-1652); hypothetisch, vermeld in lidmatenregister NG Gemeente Marrum
TerugBegin van generatie

7.680   Arien Dirksz RUIJGROK

FamilienaamIndex 7.680Vader 15.360Moeder 15.361

Geboren ca. 1560

Kohier van de "capitale leninge" (1600), ressort Leiden (Inv nr 3987. 3989, 3993), Stompwijk op De Vliet nr 600: Adriaen Dirc Claesz. mit zijn kinderen gestelt op 50 gl., mer hebbende zijne goederen begroot beneden de 8000 gl. es vermindert in de doubbleringe op 70 gl.


Huwt ca. 1600

7.681   N.N.

Index 7.681 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden voor 1600

Kinderen

  1. Leendert Ariensz Ruijgrok Zie 3.840
  2. Maerten, huwt ca. 1610 Neeltje Ariens
  3. Job
TerugBegin van generatie

7.718   Huybert Leendertsz VISSCHER

FamilienaamIndex 7.718 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden Noordwijk na 1663, voor 1676

Rechterlijk-Archief van Noordwijk no 174 (fol 137II dd 26-5-1647) Huybert Lenaertszn. Visser gehuwd met Geertje Cornelisdr. wede Adriaen Corneliszn. backer verkoopt Huybert Lenaertszn. Coetebout een huis en erf gelegen te Noordwijk aan Zee, belend NO Geertje Jansdr., ZO Dammas Pieterszn., ZW Jan Adriaenszn. Waert c.s. en NW de Zeewerf. Voldaan met een schuldbrief. (137IIbis. 26-5-1647) Volgt schuldbrief van 125 gulden met hypotheek op het gekochte.

Rechterlijk-Archief van Noordwijk no 174 (fol 182v dd 27-12-1648) Steven Louriszn. en Cornelis Louriszn. voor hen zelven en Gerrit Corneliszn. Van Moerkercken man en voogd van Maritje Lourisdr. en nog tezamen als voogden over de kinderen van Lenaert Louriszn. tezamen kinderen en kleinkinderen van Louris Stevenszn. verkopen Huybert Lenaertszn. visser een huis en erf gelegen op het noordoosteinde te Noordwijk op Zee, belend NO en 26 O Wouter Jacobszn. Vinck, ZO de weduwe van Jacob Vinck en NW de gemene weg, voor 600 gulden.

Rechterlijk-Archief van Noordwijk no 174 (fol 199v dd 16-4-1651) Huybert Lenaertszn. Visser wonende te Noordwijk op Zee ruilt met Cornelis Louriszn. viskoper mede wonende aldaar een huis en erf gelegen aldaar, belend NO en O Wouter Jacobszn. Vinck, NW de gemene weg en ZO de weduwe van Jacob Vinck, belast met 150 gulden tbv Adriaen Corneliszn. weeskind van Cornelis Louriszn. bij Dickje Jansdr. als moederlijk erfdeel, terwijl aan Huybert Lenaertszn. Visser wordt opgedragen een huis en erf gelegen aldaar aan de Buiert, belend ZO het Predikantshuis, ZW Adriana Jorisdr., NW Cornelis Claeszn. Hennevanger en NO de voorsz. Buiert, belast met 4 st 8 p erfpacht per jr.

Rechterlijk-Archief van Noordwijk no 175 (fol 9 dd 5-5-1652) Huybert Lenaertszn. Visser verkoopt Cors Corneliszn. een erf of lijnbaantje gelegen te Noordwijk op Zee 2½ roe breed, belend Z en N de verkoper en O de Wildernis, voor 28 gulden contant.

Idem (fol 42v dd 5-5-1652) Huybert Lenaertszn. Coetebout wonende te Noordwijk op Zee verkoopt Huybert Lenaertszn. Visser een huis en erf gelegen aldaar, belend ZO Dammas Pieterszn., ZW en NW deWildernis en NO Cornelis Huygenzn. voor 70 gulden contant.

Idem (fol 82v dd 10-12-1653) Adriaen Pieterszn. voerman wonende te Noordwijk op Zee is schuldig aan Huybert Lenaertszn. Visser mede wonende aldaar 150 gulden wegens geleend geld, met waarborg een huis en erf gelegen aan de Zeestraet, aangekomen aan zijn huisvrouw Neeltje Thijsdr. bij erfenis van Thijs Arentszn. haar vader, belend NO de voorsz. straat, ZO Floris Corneliszn., ZW de Woonsdagse watering en NW Maritje Dirck Fraeyendr.

Rechterlijk-Archief van Noordwijk no 176 (fol 7 dd 21-10-1654) Huybert Leendertszn. Visser ter eenre en Cornelis Willemszn. Ruygendijck ter andere zijde gaan ruilen. Huybert draagt over een huis en erf gelegen te Noordwijk op Zee, belend ZO de weduwe van Dammas Pieterszn., ZW en NW de Wildernis en NO Cornelis Huygenzn. en Cornelis draagt over aan Huybert een huis en erf gelegen aan de oude Zeestraat te Noordwijk binnen, belend NO Maertje Cornelisdr. weduwe Jeroen Janszn. Wiel, ZO Gerrit Janszn. Mager, ZW de voorsz. Straat en NW Joris Hendrickszn. van Ypenburen, belast met 5 st pacht per jr tbv de Memorien te Noordwijk en 200 gulden tbv Evert Peudevin en Huybert moet toegeven 320 gulden.

Rechterlijk-Archief van Noordwijk no 178 (fol 64v dd 2-3-1663). Huybert Leendertszn. Visser wonende te Noordwijk op Zee verkoopt Willem Gerritszn. van Moerkercken wonende aldaar een huis en erf gelegen aldaar, belend NO de gemene weg, ZO Cornelis Gerritszn., ZW de Grafelijkheidswildernis en NW Adriaen Jan Heytgen, voor 90 gulden contant.

Idem (fol 86 dd. 17-6-1663) Huybert Leendertszn. Visser verkoopt Adriaen Clementszn. van Balckenende wonende te Noordwijk op Zee een huis en erf aldaar aan de Buurt, belend NO Cornelis Janszn. De Geus, ZO Adriaen Dirckszn., ZW de Buurtweg en NW Hendrick Wichmanszn., voor 425 gulden contant.


Huwt (1)

Geertje CORNELISDR

FamilienaamIndex

Overleden ca. 1650


Zij huwt (1)

Adriaen CORNELISZ

FamilienaamIndex


Huwt (2) ca. 1650

7.719   Neeltje Joris van YPENBUEREN

FamilienaamIndex 7.719Vader 15.438Moeder 15.439

Overleden Noordwijk na 1697

Familiegeld 1673: De weduwe van Huijbert Leendertsz, visscher, winckeltge houdende, 0.0.6

Rechterlijk-Archief van Noordwijk no 185 (fol 17 dd. 30-5-1697) Neeltje Jorisdr. van Ypenburgh laatst weduwe van Huyg Joostenzn. Koningsbrugge en tevoren van Huybert Leendertszn. Visser, welke Neeltje een dochter was van Maartje Tonisdr. weduwe van Pieter Floriszn. in die kwaliteit voor de ene helft en wijders Tijs Huygenzn. Koningsbrugge, Joost Huygenzn. Koningsbrugge en Maart-je Huygendr. Koningsbrugge, allen meerderjarig voor hun zelve en Mees Joostenzn. Koningsbrugge oom en voogd over Claas Huygenzn. Koningsbrugge en Crijn Huygenzn. Koningsbrugge, beiden minderjarig, allen kinderen en erf-genamen van Huyg Joostenzn. Koningsbrugge voor de andere helft verkopen Dirck Gerritszn. Sommer 2 huizen en erven naast elkaar gelegen aan de oude Zeestraterweg te Noordwijk binnen, belend in zijn geheel O Jan Gerritszn. Couwenhoven en W Abraham van der Pont, strekkende van de oude Zeestraterweg tot achter aan Jan Janszn. Oos-terbaan, belast met 9 st per jr tbv de Memorien nu de heer van Noordwijk, alles volgens de oude waarbrieven, daar-van de jongste is van 29-5-1623 en 21-10-1654, voor 920 gulden contant.

Idem (fol 52 dd. 9-5-1698) Neeltje Jorisdr. van Ypenburgh laatst weduwe van Huyg Joostenzn. van Konincxbrugge en tevoren van Huybert Leendertsszn. Visscher voor de ene helft en Joost Huygenzn. Van Konincxbrugge en Maartje Huygendr. van Konincxbrugge meerderjarig voor hen zelve en Mees Joostenzn. Konincxbrugge oom en voogd over Claas Huygenzn. Konincxbrugge en Crijn Huygenzn. Konincxbrugge, beiden minderjarig en voorts allen vervangende Tijs Huygenzn. Konincxbrugge, allen kinderen en erfgenamen van de voorsz. Huyg Joostenzn. Konincxbrugge tezamen voor de wederhelft verkopen Cornelis Spont apotheker alhier een huis en erf gelegen aan de Voorstraat te Noordwijk binnen, belend NO de weduwe van Gerrit Marinis, ZO en ZW de weduwe van Jan Janszn. Oosterbaan en NW de Voorstraat, alles volgens de oude waarbrieven, daarvan de jongste is van 11- 5-1663, voor2275 gulden contant.


Zij huwt (2) Schepenen Noordwijk 20-2-1683

Huygh Joosten KONINGSBRUGGE

FamilienaamIndex

Overleden voor 1697

Aantekening schepenhuwelijk: Huijgh Joostensz Schipper, wnr van Lysbet Tijsen [?], met Neeltje Jorisdr, wde vanHuijbert Leendertsz Visscher. [R.K.]

Kinderen

  1. Maertje Zie 3.859
  2. Dammas (+voor 1698), hypothetisch, vermeld ORA Noordwijk
TerugBegin van generatie

7.728   Dirck van SOLLEVELT

FamilienaamIndex 7.728 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden Loosduinen


Huwt

7.729   Maertgen DIRCKS

FamilienaamIndex 7.729 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Pieter Zie 3.864
TerugBegin van generatie

7.730   Joris Huighens van NOOTDORP

FamilienaamIndex 7.730 • Vader onbekend • Moeder onbekend


Huwt

7.731   Leuntgen TEUNIS

FamilienaamIndex 7.731 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Dieuwertje Zie 3.865
TerugBegin van generatie

7.744   Philip BISCHOFF

FamilienaamIndex 7.744Vader 15.488Moeder 15.489

Overleden Rheda voor 1694

Vgl. Kwartierstaat Kuik, GN 1971.


Huwt

7.745   Anna SCHLOTMANS

FamilienaamIndex 7.745 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Christoffel Zie 3.872
  2. Philips, *ca. 1645, doopt te Rheda (evangelisch) kinderen Johan (20-9-1662), Christoffel (19-11-1664) en Hinrich Otto (22-6-1670)
  3. Christina, huwt voor 1670 in Rheda
TerugBegin van generatie

7.748   Wighert Harmensz JALINCK

FamilienaamIndex 7.748Vader 15.496Moeder 15.497

Geboren ca. 1610
Overleden Zutphen voor 1654

Bakker, burger van Zutphen 26-1-1633. Het Verpondingscohier Borculo (1650) vermeldt een (andere?) Wychert Jalinck aan de Steenstraat te Geesteren “1/2 mlr. Tientvrij swaere gerf., 4 dlr.” En iets verderop Wychert Jalinck c.s. 6 dlr, waaruit jaarlijks 1 dlr te betalen.


Huwt Zutphen 14-10-1631

7.749   Marijtjen Jansen WITBEECKERS

FamilienaamIndex 7.749 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden na 1654

ORA Zutphen (Particuliere Charters no 1541 dd 9-9-1654) Richter en schepenen van Zutphen oorkonden, dat Marcus Janssen aan Marrijtgen Witbeeckers, weduwe van Wijchardt Jeerlieck (Jalingh?) zijn huis in de Melaetensteeg verkocht heeft.

Ook in kwartierstaat Kuik (GN 1971); huwelijk (en eerste kind) echter niet in NG kerkboek aangetroffen.

Aan Wighert Jalinck wordt ten onrechte (Marijtjen overleeft hem immers, de Wighert bij deze bruiloft is jongman) ook wel een tweede huwelijk (Wighert Harmens 3-9-1637 met Hadebeck Everts alias Hadewech, weduwe Willem Jansz; dNG Zutphen 15-6-1614) toegeschreven.

Kinderen

  1. Geertruidt (dNG Zutphen 11-3-1631; echter niet in kerkboek aangetroffen), HUWT Zutphen NG (ot) 31-10-1658 Lodewijck Egberts Coenderinck tot Zwolle
  2. Harmen Zie 3.874
  3. Wyghert (dNG Zutphen 14-8-1636)
  4. Hendrikjen (dNG Zutphen 31-1-1638); in juni 1659 met attest naar Deventer
  5. Merrija (dNG Zutphen 19-6-1639)
  6. Aaltjen (dNG Zutphen 30-10-1640); huwt Wighert Coenderinck (+Zutphen voor 1721); Testament dd 21-10-1721 tbv Diaconie; en neven Langenburg; idem tbv twee Langenburgs alleen 19-1-1723; idem, diverse Langenburgs 15-5-1725.
  7. Jan (*ca. 1642 +Zutphen b 3-3-1667); huwt Zutphen NG (ot) 8-2-1663 Hendrikje Hiddinck (Huwelijk in Lochem) (*Lochem, d.v. Goossen Hiddinck Scholtus v. Eersel kerspel Lochem.)
  8. Marrijtjen (dNG Zutphen 7-4-1643)
  9. Blesias (dNG Zutphen 23-10-1644)
  10. Ludolfus (dNG Zutphen 11-11-1646)
  11. Catrina (dNG Zutphen 4-11-1649 +na 1722); huwt Zutphen NG (ot 31-3) 28-4-1672 Arien Jansz van Langenbergh, jongman (*Deventer +1705-1722); Testament 12-12-1705 van beiden ; een van haar als weduwe op 31-1-1722, revocatie daarvan 17-2-1722, volgend testament 19-11-1727
TerugBegin van generatie

7.750   Henricus Thomasse HOEDT

FamilienaamIndex 7.750Vader 15.500Moeder 15.501

Geboren Zutphen
Overleden Zutphen b 22-12-1650

NB: doop Henrik Thomasse op 7-11-1617? als zoon van Thomas Gerritse en Elske Gerrits, d.v. Gerrit Bernmelens te Boekeloo, gehuwd 6-2-1603)?

Bij belijdenis (juni 1634) bakker; bij huwelijk burger der stad.


Huwt Zutphen NG (ot) 1-10-1637

7.751   Catharina HENDRIKS

FamilienaamIndex 7.751Vader 15.502Moeder 15.503

Geboren Brummen dNG
Overleden Zutphen

Belijdenis gedaan juni 1638 als "Trijntje Henriks huisvr. Henrik Hoets".

Kinderen

  1. Wisse = Louisa (dNG Zutphen 23-6-1639 +na 1714) Zie 3.875
  2. Enneken (dNG Zutphen 7-4-1643
TerugBegin van generatie

7.754   Willem Fransen van HAAGDOORN

FamilienaamIndex 7.754 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren Haarlem
Overleden Den Haag?

Hypothetische vader van Maria en Frans; een doop op patroniem of familienaam voor een Aaltje werd niet aangetroffen. De naam Haagdoorn komt vanaf 1584 al wel regelmatig in Haarlem voor onder immigranten uit de Zuidelijke Nederlanden.


Huwt Haarlem NG 5-5-1630

7.755   Lijsbeth PIETERS

FamilienaamIndex 7.755 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren Haarlem

Bij huwelijk jongedochter.

Kinderen

  1. Frachoijs (dNG Haarlem 18-5-1632), getuige bij dopen kinderen Maria 1655, 1664
  2. Maria Willems van Haagdoorn Zie 3.877
  3. Aaltje van Haagdoorn, getuige bij dopen tweeling Maria 1664
TerugBegin van generatie

7.768   Caesar Anthoniszoon van HANSWIJCK

FamilienaamIndex 7.768 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren Bergen op Zoom dNG (vermoedelijk) 24-7-1598
Overleden 's Hertogenbosch b 21-1-1666

Bij doop (aangetroffen door Frans Vries) zijn geen ouders vermeld, alleen een getuige, Capt. Bouetus (of iets dergelijks). Vgl Jaarboek CBG 1984, 156-63.

Caesar Anthonisse, turfdrager uit Bergen op Zoom, wordt voor de standaardkosten van 6 gulden, 4 stuiver en 8 penningen op 16-5-1653 burger van Den Bosch, en legt op 19-5 de eed af (Poorterboek Den Bosch B158 fol. 13r). Voorman van de turfdragers, ruiter in de Cie graaf van Brederode tijdens inname van Den Bosch.


Huwt voor 4-11-1628

7.769   Anthonisken Jaspars GOUT

FamilienaamIndex 7.769Vader 15.538Moeder 15.539

Geboren Vianen
Overleden Den Bosch 1670 of later

Theunisken Jaspers (zo genoemd in 1652)

Lidmaat (op belijdenis) in maart 1668, mogelijk is zij ook de Teuntje Jaspers die op 2-1-1674 uit Breda met attest aankomt en daar op 17-11-1674 weer heen vertrekt.

Uit de Kwartierstaat van Pieter Jan van Vliet:

Als meerderjarige erfgename van haar vader compareerde zij samen met haar broeders en zuster 29 april 1628 voor schepenen van Vianen ter zake van de afstand van het vruchtgebruik van een perceel grond te Vianen ten behoeve van de erfgenamen van Jan Aertsz. Stichter. Zij verklaarde 4 nov. 1628 samen met haar man 200 Carolus gulden schuldig te zijn aan Thomas Philipsz. de Backer tegen een jaarlijkse rente van 12 gulden 10 stuivers. Als zekerheid stelden zij daarbij twee morgen land gelegen in de Saudenbolgerij (RAV8).

Ten overstaan van schepenen van Bolgerije en Autena droeg haar man mede namens haar 10 maart 1630 over aan Arien de Ridder twee morgen land gelegen in de Soudenbolgerij, zijnde het middelste deel van een perceel van 6 morgen, grenzende aan het land van Arien en Cornelis Jan Stichter, het Agnietenklooster en Arien de Ridder (RABA 1). Blijkens schepenakten van Vianen van 3 en 5 juni 1631 kwam zij samen met haar broeders en zuster als een van de elf staken op in de nalatenschap van Cornelia van Sant, die gehuwd was geweest met Dirk Hermansz. van Opoteren. Blijkens de scheiding en deling van deze nalatenschap van 5 juni 1631 werd aan haar, haar broeders en zuster en Neeltge Dani(elsdr.) van Sant toebedeeld een rentebrief van 300 gulden ten laste van Jan Thijs, wonende op Bolgerij rustende op 16 hont land met het daarop staande huis. Bovendien werd haar, haar broeders en zuster een elfde deel in de helft van de roerende goederen en van een huis met 8 morgen land gelegen te Nieuwland toegewezen (RAV8). Blijkens schepenakte van Vianen van 13 april 1632 had zij haar aandeel daarin overgedragen aan Dirk Hermansz. van Opoteren (RAV9).

Uit de nalatenschap van haar overleden zuster Christina ontving zij blijkens schepenakte van Vianen van 3 aug. 1636 een bedrag van 100 gulden. (RAV 10).

Haar echtgenoot compareerde 19 okt. 1665 mede namens haar als mede-erfgename van haar broeder Gerrit Jaspersz. Gout, voor schepenen van Vianen voor de cessie van hun aandeel in de nagelaten vorderingen aan lenneke Florisdr. van de Wijngaerd (RAV 15).

Verder compareerde zij nog als medeërfgename van haar voornoemde broeder 6 dec. 1668, 28 Jan. 1669 en 8 juli 1670 voor schepenen van Vianen.

Kinderen

  1. Frans Caesars van Hanswijck, huwt Den Bosch NG 19-10-1658 Jacomijntje Maertense (van Pelsweert), zij testeren 14-7-1682 (NA Den Bosch 2801 f.126); hij werd lidmaat der NG Kerk van Den Bosch in juli 1657 op attest van Berlicum. Ouders van Martinus (dNG Den Bosch 4-1-1674, geen getuigen vermeld) en de tweeling Maria en Jacomina (dNG Den Bosch 28-1-1662, doopgetuigen voor beide kinderen Jasper van Hanswijck en Heijltjen Martensen)
  2. Johan Zie 3.884
  3. Jacobus (dNG Den Bosch 14-9-1652), tweeling
  4. Maria (dNG Den Bosch 14-9-1652), tweeling, lidmaat op belijdenis 13-4-1675 samen met haar broer Johan
  5. Anneke Cesars van Hanswijck, huwt Berlicum NG 16-2-1670 met Laurens Gerrits, jongman, met attest van Den Bosch; testeert Den Bosch met Laureijs Gerrits van Berlecom
  6. Antonius (waarschijnlijk), huwt ca. 1675 Marya de Poorter, dopen NG Den Bosch Boudewijn (10-3-1676), Henricus (13-5-1683), Teuna (11-11-1685) en Cathrina (14-11-1688).
  7. Jacoba, getuige bij een doop van Johan in 1671
  8. Jasper, doopgetuige voor kinderen Frans in 1662
TerugBegin van generatie

7.770   Michiel Lamberts CREEFTEN

FamilienaamIndex 7.770 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden voor 13-5-1684

Michiel Lambert Kreeften, maasschipper, wiens weduwe Agnes Pieters van Stijn testeert te Den Bosch (NA 2850 f. 111) op 13-5-1684. Niet verwarren met Michiel Adolf Michiel Michiels Creeft (in Den Bosch gesignaleerd 1649; BL 41:238).

Mogelijk broer van Jan Creeften en Elisabeth Peters, die een zoon Willem dopen (NG) in Heusden, 21-1-1659. Niet verwarren met Michiel Lambert, meester, afkomstig van Namen, weduwnaar van Lijsbeth Hornis, die trouwt Heusden NG 20-2-1635 (ot 26-1-1635) met Emmerentia Flud, ouders van Maeiken (dNG 2-12-1635), Margriet (dNG 28-1-1638) en Lambrecht (dNG 22-9-1639). Emmerentia Flud hertrouwt Heusden 4-11-1645 (attest naar elders) met Michiel Huibertsen van der Linge.


Huwt voor 1644

7.771   Agnes Pieters van STIJN

FamilienaamIndex 7.771Vader 15.542Moeder 15.543

NB: bij dopen in 1646 heet ze Neesken Jans.

Kinderen

  1. Catharina Zie 3.885
  2. Lambert (dNG Heusden 17-7-1646)
  3. Lysbeth, huwt Floris Bok, dopen zeven kinderen in Den Bosch tussen 1681 en 1701
  4. Agnetis, huwt Dirk van Wel (beiden +voor 14-5-1735), dopen een kind Daniel (RK Den Bosch) in 1707; ; voogden van 18-jarige dochter Adriana zijn in 1735 Daniel van Wel (broer) en Cornelis van Lingen (zwager)
  5. Mathias, huwt Joanna van Kessel, dopt een dochter Paulina (RK Den Bosch 1689)
  6. Metje (dHeusden NG 4-7-1652), moeder heet Neeske Jans
TerugBegin van generatie

7.772   N. VOSBERGEN

FamilienaamIndex 7.772 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Gedoopt NG ca 1625


Huwt

7.773   N.N.

Index 7.773 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Adriaen (dNG Gorinchem ca 1650) Zie 3.886
  2. Lysbeth HUWT Peter Vroon; getuigen beiden 1684
TerugBegin van generatie

7.774   N. ROGIERS

FamilienaamIndex 7.774 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Mogelijk gaat het om Jan Rogiers, weduwnaar van Engeland, die op 28-2-1627 trouwt; of om Cornelis, van Rotterdam, die op 25-10-1776 trouwt.


Huwt

7.775   N.N.

Index 7.775 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Catharina Zie 3.887
TerugBegin van generatie

7.776   Jacob Jacobsz HILLENAAR

FamilienaamIndex 7.776Vader 15.552Moeder 15.553

Geboren Wassenaar 17-9-1597, dRK
Overleden Wassenaar b29-11-1656

Schepen van Wassenaar rond 1640. Geboorte volgens Ton Bredero. Bij overlijden: “alias jonge Jaep”.

Steeds aangeslagen voor het haardstedengeld:

1627: Jonge Jacob Jacobsz Hillenaer zijn wooninge, bevonden twee haertsteden

1638: De wooninge van Jacob Jacobssen Hillenaer, daer bruycker van is Pieter Louwerssen, door hem selffs aengegeven, III haardsteden, en nogmaals: Jacob Jacobssen Hillenaer sijn huys, bij hem selffs aengegeven, II.

1644: (verhuisd, nu in Suijdwijck) Jacob Jacobsz Hillenaer sijn huys, door de huysvrouw aengegeven, II.

Er is ook een Jacob Claesz Hillenaer in Wassenaar (bWassenaar 7-9-1683), gehuwd (Wassenaar Schepenen 21-11-1628) met Haesje Leenderts van der Geest (dRK Den Haag 14-8-1609 +Wassenaar b3-5-1667). Maar deze Jacob heeft kennelijk slechts een zoon (Cornelis (+Wassenaar RK 29-5-1707); vgl. ONA ’s-Gravenhage (557:61 dd 24-7-1673); ONA ’s-Gravenhage (567:200 dd 25-1-1678); ONA ’s-Gravenhage (1083:117 dd 4-9-1679); ONA ’s-Gravenhage (1124:27 dd 10-11-1679)). Vergelijk ONA ’s-Gravenhage (818:221 dd 12-5-1673): Jacob Claessen Hillenaer wonende onder Wassenaer verklaart dat Cornelis Jacobsz Hillenaer zijn zoon uit zijn legitieme portie geërfd van wijlen zijn moeder nu krijgt zeven morgen weiland O: de erven Claes Claessen, W: Cornelis Jacobsz Hillenaer zelf, Z: de erven van jonker Santhorst, N: de Heere Wegh; verder nog 1.5 morgen land, N, O en W: de erven Claes Claessen, Z: de Veenbarten (??); en nog een morgen in twee morgen land, gedeeld met Pieter Leenderts, Z: Jacob Dircx, W: Huijbert Jaspers; N en O: … (opengelaten). Waarmee Cornelis zijn erfdeel definitief gehad heeft.

In Rijswijk kwam een tweede Jacob Claesz Hillenaar voor: ONA 's-Gravenhage (924:359 dd 17-11-1704) Claes Hillenaer en Leentje Cornelisse van der Burgh, weduwe Jacob Claesz Hillenaer beijde te Rijswijk, bekennen schuldig te zijn fl. 1200.-.- geleende penningen tegen 5% rente aan (...niet ingevuld: blanco obligatie); met als borg een obligatie van de Generaliteit t.n.v. Jacob Claesz Hillenaer groot 1700 ponden, dd. 30-7-1688.

Doorslaggevend isten eerste dat Adriaen Jacobs in 1660 trouwt met zijn moeder als getuige (wat aangeeft dat zijn vader al dood is – Jacob Claesz leeft echter nog); en dat Adriaen doopgetuige is bij een kind van Geertie, zeker dochter van Jacob Jacobsz. Doorslaggevend is ook dat Arij/Adriaen in Wassenaar voorkomt als voogd van de kinderen van Barbara Simons, in Den Haag als Arij/Adriaen, bakker en schutter, en door elkaar in handschrift volstrekt identieke handtekeningen gebruikt.

(ORA Wassenaar 4-5-1626) Jonge Jacob Jacobsz Hillenaar wonende te Wassenaar verkoopt aan Jhr Jacob van den Eynde, Ridder en Governeur van Woerden, en Jhr Hendrik, heer van Raaphorst, een woning en landen, als huis, barg en schuren met 25 morgen en 1 hond hooi- en teelland te Wassenaar bij het huis Raaphorst, de Papeweg en de Veenwatering. Borg staat zijn vader Jacob Jacobsz Hillenaar de oude, schepen alhier, onder kwitantie en tenietdoening van een rentebrief van 20.01.1623. Voldaan met een custing brief. (zie ook ORA Wassenaar 115, 23.01.1623).

(ORA Wassenaar 4-5-1626, blz. 61): Gerrit Jacobs Hillenaar wonende te Wassenaar verkoopt Jacob Jacobsz. Hillenaar, zijn broer, zijn woning en landen als huis, bargen en schuren alsmede 34 morgen wei-, geest- en teelland, gelegen aan verscheidene percelen in Wassenaar en Zuidwijk, bij de Gemene Zijlwatering, en aan de Veenzijde bij de grens met Voorschoten (belendingen ...). Voldaan met een custingbrief. Volgt schuldbrief van ƒ 6.950 met hypotheek.

(ORA Wassenaar 12-8-1628, 57): Jonge Jacob Jacobsz. Hillenaar wonende te Wassenaar als procuratie hebbende van Daniel Aryen Meesznzn, zijn bestevader, van 04.07.1628 gepasseerd voor Claas van Baren, notaris te Catwijk op de Rijn, verkoopt de heer Jonathan van Luchtenburch, raad en rentmeester-generaal van Noord-Holland, zekere woning als huis met schuur, barg en boomgaard, alsmede 16 morgen (..) land gelegen onder Wassenaar aan de Aschhoop, anders gezegd het Walings dorp (belend...), voor ƒ 5.200 boven de belasting. Volgt schuldbrief met hypotheek.

ONA’s-Gravenhage (178a:1 dd 7-7-1638) Jacob Jacobsz Hillenaer te Wassenaar machtigt Gerrit Vinck, procureur, in zijn procedures tegen Adriaen Jansz Pruijs en Willem Pietersz Rosenburgh. Tekent: Jacop Jacopsß Hillenaer in klassiek handschrift.

ONA’s-Gravenhage (163:14 dd 1-9-1638) Jacob Jacobsz Hillenaer verkoopt aan Willem Schade van Weste(ercom?), commies van de tresorie van de Verenigde Nederlanden, des verkopers woning groot omtrent (in marge: …tig morgen) voor 14.000 caroli guldens, contant te betalen op Allerheiligen van dit jaar 1638, minus hfl 1000 die nu als voorschot worden betaald (met verdere condities over lasten op het huis). Getekend Jacop Jacopsß Hillenaer in klassiek handschrift.

ONA’s-Gravenhage (133:126 dd 29-7-1642, lastig leesbaar door doorhalingen) Jacob Jacobsz Hillenaer wonende in het dorp Wassenaar (tekent: JJacopß Hillenaer in modern handschrift) verkoopt aan Willem Schade … van West…comijs (?) van de tresorie ende financie van de Vereenigde Nederlanden veertig hont hooiland gelegen onder Wassenaar belend O: de heer van Pe[rs?]is, Z: de Reent…W: de weduwe van Tonis Gas, N: Jacob … van Wouw, voor 2300 caroli guldens, te betalen 1200 nu en 1100 later dit jaar.

ONA’s-Gravenhage (21:148 dd 25-5-1648) Charles de Logier Bailliuw en schout van Wassenaer ende Suijtwijck. Een akte van de Staten van Holland en Westvriesland dd 16-4-1648 is gegeven, volgens welke hij voor Jacob Jacobsz Hillenaer als actie en transport etc hebbende van Willem Pietersz Roosenburgh c.s. rekening zou moeten afleggen over de verponding van enige jaren over Wassenaar en Suitwijck. Hij heeft echter alleen een gewone ongezegelde kopie van deze akte (etc.).

ONA’s-Gravenhage (56:238 dd 4-7-1646; zeer slordig handschrift) Interrogatie op verzoek van Jacob Jacobsz Hillenaer wonende aen het huis ten Deijl te Wassenaer. Ondervraagd werd (1) Cornelis Theunisz Sas, oud ca. 55 (die verklaart in het huis van Simon Leenderts van Brederode, herbergier te Wassenaar, in 1640 of 1641 een landpacht van hfl 100 te hebben betaald voor de requirant aan Charles Krijnen schout van Wassenaar); en (2) Dammis Dircx van der Bijl, oud 26 (die verklaart van wijlen zijn vader te hebben gehoord dat een landpacht van hfl 49 en 14 stuiver werd betaald door de requirant).

ONA’s-Gravenhage (161:104 dd 13-8-1652) Verklaring van Jannetje van Gool, die met haar man door het dorp Wassenaar reed, en ter hoogte van het huis van Jacob Jacobsz Hillenaer een woordenwisseling kreeg met de vrouw van Leendert Harperts.

ONA’s-Gravenhage (397:91 dd 7-10-1655) Jacob Jacobs Hillenaer, oud 58 jaar, wonend te Wassenaar, legt een verklaring af op verzoek van Leendert Cornelis van Wouw, Sijmon Rochussen van Wouw en Leendert Engels Vinckesteijn als man en voogd van Geertje Cornelissen van Wouw, erfgenamen van Cornelis Jacobsz zaliger, hun vader, bestevader en schoonvader. Zolang hij zich herinnert is het afgemaaide hooi uit een veld in Voorschoten steeds opgehaald en verkocht; hij heeft daar zelf circa 40 jaar geleden nog bij meegeholpen. Handtekening JJacopß Hillenaer in modern handschrift.

NHA, inv. nr. 465, akte 61, d.d. 2-2-1677: Testeren Cornelis Jacobsz Hillenaer, huisman en Luijtie Bartholomeus van den Burgh, echtelieden wonende in de banne van Heemstede en revoceren op de langstlevende van hen beiden. Als testatrice de eerste gestorvene is gaan haar nagelaten goederen naar Leuntie Leenderts, blinde nagelaten dochter van haar overleden broer Leendert Barten. Als testateur als de eerste overlijdt erft zijn moeder Jannetje Dircx, weduwe van Jacob Jacobsz Hillenaer haar legitieme portie.

(Weeskamer Wassenaar, 12-8-1664, fol 14/14v) Barbara Sijmons nagelaten weduwe van Jacob Jacobs Hillenaer, met Arij Jacobs Hillenaer en Jan Sijmons (van Velsen) als ooms en voogden voor de vijf (sic) onmondige kinderen, verklaren dat JJH bij overlijden geen noemenswaardige roerende of onroerende goederen heeft nagelaten. De kinderen krijgen bij huwelijk of volwassenheid elk 2 gulden 10 stuivers toegewezen.


Huwt voor 1619

7.777   Jannetje Dircks BLENCKENBURG

FamilienaamIndex 7.777Vader 15.554Moeder 15.555

Geboren ca. 1598
Overleden na 1677, mogelijk 14-1-1681

Kinderen

  1. Cornelis, huwt Wassenaar (Schepenen) 31-5-1643 Luijtie Bartholomeus van den Burgh; wonen te Heemstede, testeren 1677; geen kinderen in Wassenaar. Niet verwarren met een gelijknamige Cornelis, gehuwd (1) 1660 met Truijntje Leenderts Ruijgrok en (2) 1667 met Maertge Jans van der Voort
  2. Huijgh (*ca. 1621), vermeld in Hoofdgeld 1623
  3. Jacob jr (+voor 1664), huwt Wassenaar (schepenen en RK) 8-5-1650 Barbara Sijmons van der Velde (*Valkenburg); zij huwt (2) Wassenaar 31-5-1665 Leendert Jacobs van Leeuwen

  4. Kinderen
    1. Anna (dRK Wassenaar 2-3-1651)
    2. Maria (dRK Wassenaar 8-2-1652)
    3. Dirckie (dRK Wassenaar 3-10-1654)
    4. Simon (dRK Wassenaar 4-6-1656)
    5. Jacob (dRK Wassenaar 8-9-1657, testes Arij Jacobs en Ada Jacobs)
    6. Simon (dRK Wassenaar 22-8-1659, tweeling)
    7. Elisabeth (dRK Wassenaar 22-8-1659, tweeling)
    8. Lauris (dRK Wassenaar 9-9-1661, testes Cornelis Jacobs en Geertie Jacobs)
    9. Maria (dRK Wassenaar 22-3-1663)
    10. Bartholomeus (dRK Wassenaar 27-6-1664)
  5. Leendert, huwt Wassenaar RK 19-5-1657 Pietergen Jans Spronsen (*Gouda); zijn getuige bij huwelijk is Jannitgen Dircks
  6. Adriaan Zie 3.888
  7. Geertie, huwt Wassenaar RK 6-5-1660 (Schepenen 9-5) Cornelis Cornelisz van Rietbroeck (+Wassenaar b24-11-1680 of 21-2-1708).

  8. Kinderen
    1. Jacob (dRK Wassenaar 17-2-1661)
    2. Dammas (dRK Wassenaar 5-3-1663)
    3. Margaretha (dRK Wassenaar 14-10-1665)
    4. Cornelis (dRK Wassenaar 18-6-1668)
    5. Cornelis (dRK Wassenaar 26-12-1669)
    6. Cornelis (dRK Wassenaar 30-6-1672)
    7. Dirck (dRK Wassenaar 8-6-1675, doopgetuige Arij Jacobsz, Luitie Barten)
    8. Claes (dRK Wassenaar 10-12-1677)
  9. Ada, huwt Wassenaar (schepenen 13-6-1663: Claes Pietersz Hillenaer) RK 31-5-1663 Claes Philps; geen kinderen in Wassenaar.
TerugBegin van generatie

7.778   Claes van der KADE

FamilienaamIndex 7.778 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Vermoedelijk te Naaldwijk; mogelijk alias Bouman.


Huwt voor 1640

7.779   Maartje Leenders COOLEN

FamilienaamIndex 7.779 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden x-9-1666

Volgens stamboom Familie van Hoboken (nog niet gecontroleerd). Hierin is Claes geboren rond 1577 en huwde hij in 1605, had het echtpaar kinderen tussen 1605 en 1641, en was Maartje dochter van een Leendert Pieters (+1615) en Neeltje Pieters (+1666). Chronologisch totaal onaannemelijk…

Kinderen

  1. Dirkje Zie 3.889
  2. Geertruida, huwt Delft (ot) 25-11-1664 Gerrit Jacobs van der Schout
TerugBegin van generatie

7.780   Floris van HAGHTEN

FamilienaamIndex 7.780Vader 15.560Moeder 15.561

Geboren Kalkar (mogelijk) ca. 1625
Overleden Arnhem na 1663

Ook Florens, Florentius. Vermeld als getuige bij het huwelijk van Gerard, die mogelijk zijn broer was. Florentina is naar hem (als grootvader) genoemd.

Floris treedt voor het eerst op 21-4-1643 (1-5-1643 nieuwe stijl) op in Arnhem (RA Arnhem 510:257) als rentmeester en gevolmachtigde van 'zijn Heer' Diederick graaf van Bronckhorst tot Anholt, met een gezegelde volmacht van hem d.d. 29-4-1643 (19-4 oude stijl) om op te treden namens de graaf in een proces in Arnhem inzake een redemptie gegeven aan de heer van Grimhuijsen terzake de Batenburgse Hoff 'in onse Bentinckstege geleghen'. Floris gaf op 21-6-1659 zelf een blanco volmacht (RA Arnhem 513:150 verso).

Blijkens het testament van zijn zoon eigenaar van een tiende in Steenderen genaamd Middagter Tynt, gekocht voor 2500 gulden; (2) een wei en hofstede in Elst genaamd Leijdeckers; (3) en twee morgen weiland in de Lange Kamp te Elst verkocht aan Gerhard van Spankeren voor 500. Dit naast de goederen die zijn vrouw na zijn dood beheerde.

Vermeld in ORA Bredevoort, protocol vrijwillige rechtspraak: Inv nr 415 dd 9-19-1645 (fol 72) die Ernvest Floris Hachten Rentmeister van sijn Grafflicker Genade Ditterich van Brunckhorst tott Anholdt und presentierde sekere Volmacht van Sijn Grafflicker Genade onder Sijner Grafflicker Genaden handt und pitschafft in dato den 16 Junij deses Jaers; volmacht aan Floris om aan Johan Philip van Boickhorst Churfurstlicher Brandenburgischer und Sijner Genaden Heren Principalen Rath und Drosten tott Anholdt, der rechten Doctorn, het goed Ovinck (Ampte Bredevoort Kerspell van Dinxperloe) in pacht te geven, tot daaruit de door Bockhorst aan de vorst geleende 2000 gulden plus rente terugverdiend zijn.

Idem 10-12-1645 (fol 79) volmacht voor Floris en anderen om namens de graaf het goed Lensing in Iserloo bij Aalten te transporteren aan Jan Hagen.

Idem fol 415? dd 21-11-1646, Floris, met volmachten van de graaf van 16. Decembris 1644 ende d'ander in dato den 29. Junij 1645, verkoopt een hele reeks tienden aan Juncker Adrian van Eerde ten Pleckenpoel.

Inv nr 416 dd 7-2-1649 (fol 27v), die Ehrenveste Florens Hachten furstlicher Salmsche Rentmeister tott Anholdt, met volmacht van zijn vrouw Joffrow Bartruijt Boxstart, gepassiert voor Richter ende Schepenen der Stadt van Anholdt van de dag daarvoor; transporteren aan Ritmeester Wilhelm Crock ende die Weledele Margareta Gertruijdt van Diepenbroeck Eheluijden erf en hof te Iserloe, Kerspell van Aelten, verkregen door koop van sijnen Genedigsten Heere den Durchluchtichsten Furst Leopold Philips Carl, Furst van Salm, 10-10-1648

Lenen van Bergh (p. 288): de hofstad Ten Bredelaer met 24 morgen land. (= Lenen in de Duffelt). In het procesdossier rond dit land zit een akte van 8-1-1656, door Floris te Anholt getekend en bezegeld.

Verkreeg het burgerschap van Arnhem op 9-6-1662 (Arnhem OAA 1223:121), samen met zijn zoon Frans, op belofte zich te zullen onthouden van elke deelname aan vergaderingen van papisten.


Huwt Anholt RK 18-7-1648

7.781   Beatrix von BOXSTART

FamilienaamIndex 7.781Vader 15.562Moeder 15.563

Geboren Anholt ca. 1625

Jonkvrouw, ook (bij vader) als Zum Boxstart geschreven. Haar kwartier ontleend aan Family Search, ondersteund door RA Arnhem en Leuth.

Beatrix geeft op 3-2-1663 volmacht aan haar man om namens haar op te treden bij de verkoop van goederen die zij in het Cleefse heeft, in het bijzonder een 'weijde in de Duijffel te Kekerdom' (RA Arnhem 513:280).

Vermeld als Barthuit, weduwe in verkoopakte Arnhem 28-11-1679 (RAA 420:201),als zij aan Frerick Genen en Geertjen Jeronimus 'seecker streepke bouwlant' verkoopt van anderhalve schepel aan de Mussenbergscheweg (begrensd door land van de weduwe Lambert Engelen en door Jan Lademaecker).

Als Beatrix Bockstart, weduwe van Floris, verkoopt zij op 6-11-1688 (RAA 420:340v) samen met Reijnier Temminck en François Hachten als kinderen en erven van Floris, aan Arnold Ceelen en Gerrijken Reijniers een huis en hofstad in de Turfstraat in Arnhem, met aan de ene kant de Trompetsteeg en aan de andere kant Henrick Engelen de apotheker.

Schepenprotocol Leuth 14-9-1678, Wittib Florentz Hachten bekennet Wolter Korwinkel 500 Rx shuldig,

Am 14 7bris in Niel coram D: judice et Schab: der gerichtsbank Kekerdom und Loot Jan Holterman und Gort Kirsselman ist ershienen Joffer Beatrix Boxstart wittib shl: Florentz Hachten mit ihren hier zu erkohren und zu gelassenen momber he Rejnir Temmink ihr schon sohn und bekante von Wolter Korwinkel creditirt undt aufgenommen zu haben die summa von funfhundert reichsthlr welche in guten harten silbernen ducatonnen empfang hatte, versprach dieselbe von nun an jharlichs mit 5 vom hundert zu verpensioniren biss zur ablöse dern aufkundigung ein viertheil jhar vom vershams tag bejden theilen zu thun freijstehen, und die ablöse ingleichen ducatonnen nach holl: wehrung geshehen, und ihr die zwej erste terminen mit 200 rxthlr und die letzte mit 100 rxthlr zu thun frej haben solle, stellend pro hijpotheca ihre gereide und ungereide güter in specie ihre weide zu Spaldrop gelegen gross ungefehr 22 morgen, welche itztgltn Korwinkel Rutt Croes und wittib Verburg in pfachtung haben, mit diesem bedinge, dass dafern mehr gltn Corwinkell der pfachtung halber mit ihr hier nagst nicht einich werd könte, er die weide so lang biss ihme sein gelt wirt abgelegt sein in itzigem pfacht behelten solle.

Haar schoonzoon Reinier Temminck, 14-9-1678, ook aan Wolter, schuld van 200 rijksdaalder, met als pand zijn deel in de Spaldropse weide. Op 23-8-1678 is Reinier schuldig 500 gld hollands aan postmeester Osten, "stellend seine in Spaldorp kirspels Kekerdom gelegene zweij und zwantzig morgen weidelandts dar von itzo Rutt Croes, Wolter Korwinkell und wittib Verborg pfachtere sein" als pand. Op 27-3-1694 is Reijnier schuldig 1600 gulden Hollands aan Jacoben Schmitz, met als onderpand de "halbsheidt von ungefehr 20 holl morgen landes untern kirspel Kekerdom gelegen, welche ihme beij ehe pacten mit seiner hausfraun Qualburg Hachten mitgegeben, und Hachten landt gnt."

Lenen in de Duffelt: De hoffstat ind dat guet ten Bredelar, umbtrynt 24 margen lants, en wenich myn off meer, to guder maten, gelegen mit all der toebehoir in den kerspel van Millingen in Duffel, tot eenen pondighen leen na Zutphenschen rechte. Bellend (12) Florentius Hachten namens zijn vrouw Bartruydt van Boxtartt, na doode van haar vader Peter, 1649 Mei 8. N.B. De helft wordt voortaan afzonderlijk verheven (zie No. 293 § 1), 1653. Beleend (13) Wilhelm Brandts, na opdracht door Florentius Hachten en diens vrouw Beatrix zum Boxtart, 1653 November 15. Uit het leen wordt 1 morgen, gend. Schenckencampff, van den leenplicht ontslagen, 1654 Februari 23.

Kinderen

  1. François Zie 3.890
  2. Johanna Qualburg (dRK Anholt 25-6-1649 +na 1711), ook bekend als Johanna Walburgh, huwt Arnhem (Schepenen) 31-12-1671 Reynier Kempinck alias Temminck (+na 1711). Reinier is administrateur van het Maltheser Ordensgoed en rentmeester van de Commanderie van St Jan te Arnhem. Reinier trad in 1662-69 op als onderhandelaar voor de Orde van Malta (namens de Grootmeester in Duitsland, prins-kardinaal langraaf Frederik van Hessen) bij de overdracht van de Commanderie in Haarlem voor fl. 150.000 plus 6.000 livres (elk 3000) voor de Baron van Pallandt (Commandeur van de Orde in Nederland) en Reinier Kempingh, plus voor elk een gouden ketting waard 1000 livres. In 1662 werd Reinier door Haarlem nog gegijzeld, als antwoord op de beslaglegging in London op zes Nederlandse schepen (Allen 1877: 384-5). Het echtpaar werd vermeld Schepenprotocol Leuth 27-3-1694 als eigenaars van Hachten land in Kekerdom. Johanna en Reinier geven (hij als Temminck) o.a. op 22-5-1703 volmacht aan François van Haghten, haar broer, namens hen op te treden. Op 6-2-1738 (lenen Bergh) transporteren zij een tiende te Hunten onder Gendringen aan Ludovicus Boxtart waarmee Temminck op 28-3-1671 beleend was. Reinier is zoon van dr. Hendrik Temminck, advocaat aan het hof van Gelre, en Sibilla Kempink (weduwe Jan Verwer); Sybilla is dochter van Reynder Kempink en Eva van Hezevelt, en kleindochter van Reijnier Kempink (burgemeester van Arnhem). Beiden worden vermeld met beleningen in Gendringen (Lenen Bergh p 123, 1671-1711) en (mogelijk) Praest (p. 335, in 1645), zijn vader ook in Millingen (idem 293 in 1662), de grootvader Reijnier Kempink (burgemeester van Arnhem) in 1571 te Beekbergen (p. 305).

  3. Kinderen
    1. Sybilla Maria Temminck (dRK Alkmaar 5-11-1672 +Zevenaar als Sibilla Eva Maria 25-11-1753), gehuwd Zevenaar 13-10-1693 met Herman Lippert, schepen, dijkschrijver, gerichtsman en procureur (hieruit vier kinderen) vgl NGV Betuwe (1990:86)). Sybilla en Lippert zijn ouders van Johannes Henricus (dRK Zevenaar 2-9-1694), Judith Catharina (dRK Zevenaar 3-4-1696), Florentius Josephus (dRK Zevenaar 1-11-1697), Albertus Jacobus (dRK Zevenaar 7-11-1700), Reinera Maria (dRK Zevenaar 30-11-1702), Aleidis Philippina (dRK Zevenaar 27-11-1704). Albertus wordt lidmaat van de NG gemeente van Paramaribo op 3-2-1725 (“naar Examen en afswering der Roomsche Religie”), huwt Paramaribo NG 9-5-1729 Geertruid Tobiasse (“geboren alhier in Suriname op de plantage Chattellion weduwe van wijlen de Heer secretaris Nathanael Strauch” +Paramaribo b16-7-1765)
    2. Hendrik Temminck (*Arnhem ca. 1675 +Paramaribo 17-9-1727), huwt (1) Machteld van Wouw (*Delft dNG 29-7-1673, dochter van Hendrik van Wouw en Catharina van Ruyven); uit dit huwelijk dochter Catharina Eleonora (*8-6-1714 +Stockholm 3-2-1749; zij huwt (1) Jacob Alexander Henry de Cheusses, gouverneur van Suriname 1734-35; huwt (2) 26-1-1738 Joakim friherre von Düben, voormalig gezant van Zweden in Den Haag, kamerheer, secretaris en rijksraad *Stockholm 21-10-1708 +Riksten, Stockholm 27-1-1786); Hendrik Temminck huwt (2) Paramaribo ot 19-12-1724 Charlotta Elisabeth van der Lith (*’s Gravenhage 1700 +Paramaribo 6-8-1753, dochter van Diederich van der Lith, hoogleraar filosofie in Frankfurt an der Oder, Luthers predikant in Den Haag, en Elisabeth Baldina Helvetius), meegereisd uit Nederland als gouvernante van zijn dochter; uit dit huwelijk Johanna Baldina (*Paramaribo 8-11-1726 +Den Haag 1774 of 1775; huwt Den Haag 1745 Etienne Couderc (+Paramaribo 1774), Raad van de Politie en de Criminele Justitie in Suriname). Hendrik Temminck was jurist, kapitein van een vrijcorps (Suriname 1706), kapitein van een compagnie (Nederland 1710) in het regiment van van Bentheim, majoor (20-3-1716), gouverneur-generaal van Suriname van 1-3-1722 tot zijn dood; stichter van de plantage Berg en Dal aan de Suriname rivier. Zijn weduwe Charlotta Elisabeth van der Lith huwde (2) 17-7-1729 Charles Emile Henry de Cheusses, gouverneur-generaal van Suriname 1728-34 (hieruit dochter Henriëtte Maria de Cheusses (1731-1763)); zij huwde (3) 2-3-1737 Mr. Joan Raye, heer van Breukelerwaard, gouverneur-generaal van Suriname 1735-1737 (uit dit huwelijk zoon Joan (1737-1823)); zij huwde (4) 7-1-1742 Anthony Audra, predikant van de Waalse kerk in Paramaribo; zij huwde (5) 27-5-1748 Bartholomeüs Louis Duvoisin (+1751), predikant van de Waalse kerk in Paramaribo. Bron Jan van Schaik (e-mail); Molhuysen en Blok, Nieuw Nederlandsch biografisch woordenboek Deel 7; Anna de Haas over Charlotta Elisabeth de Lith (Digitaal Vrouwenlexicon van Nederland).
TerugBegin van generatie

7.782   Otto SMITS

FamilienaamIndex 7.782 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden Arnhem voor 1704

Mogelijk uit een hervormde familie.

De naam is hypothetisch: op 11-6-1704 (RA Arnhem 422:11-12) zijn de kinderen van Frans Hachten en Margaretha Smits, e.v.a erven van de familie (Peters) Smits in Arnhem. De familierelaties worden echter niet al te duidelijk uiteen gezet. Een eerste derde part van die erfenis komt toe aan Willemina Smits weduwe Hendrik van Noij en Henricus Verburg e.v. Elisabeth van Nol. François voor zijn kinderen bij Margaretha Smits heeft het tweede derde part. Het laatste derde part behoort aan (1) Margaretha Peter Smits weduwe Arent Vosch, (2) Marten Smits en Helena Hermsen, echtelieden, (3) Hendrik Beekhuijsen met volmacht voor Jacob Seveker en Anna Maria Peters Smits te Boekholt, (4) idem met vomacht voor drost en schepen van Boxmeer, (5) Hendrik Verburg met volmacht van Hendrik Ignatius Hageman en Hermina Otten Bouwmans, (6) François Hachten met volmacht voor Otto Smits, en (7) Johan van Lunevelt en Rijk Hendrickxen als members van Arnoldus Smits. De club verkoopt aan Coenraat Eggerdinck, commissaris, (1) een helft (sic) in het huis aan de Markt te Arnhem genaamd Den Haen, waarin de koper al woont; (2) het huis erachter dat uitkomt op de Putsteeg, gezamenlijk voor 2600 gulden; en (3) het recht op de helft van een 'maeshoff' achter de Sabelpoortmuur op de binnengracht gelegen, waar de koper al de andere helft van heeft, 'sijnde statsgront' belast met pacht van 2-10-0 per jaar.


Huwt

7.783   N.N.

Index 7.783 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Vermoedelijk een zus van Coenraad Eggerdinck.

Kinderen

  1. Margaretha Zie 3.891
  2. Willemina, huwt Hendrick van Noij (+voor 1704)
  3. Peter (+Arnhem voor 1704)
  4. Otto
  5. Marten
  6. Arnoldus
TerugBegin van generatie

7.792   Hendrick JANS

FamilienaamIndex 7.792Vader 15.584Moeder 15.585

Geboren Arnhem voor 1608
Overleden Arnhem na 1659

De door zijn kinderen later aangenomen familienaam Verbeek gebruikt hij (kennelijk) nog niet. Gezinssamenstelling nog zeer voorlopig.

Mogelijk is hij de Henrick Jansen die 29-1-1621 burger van Arnhem wordt (OAA 1233 fol 20). Er zijn echter meer ‘Hendrick Jansens’ in Arnhem rond deze tijd… Zo overlijden er circa 1671-75 drie, waarvan een timmerman en een schoolmeester.


Huwt Arnhem (ot 19-6) NG 29-6-1632

7.793   Willemke TOENISSEN

FamilienaamIndex 7.793 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren ca. 1605
Overleden na 1639

Mogelijk overleden Arnhem en begraven 24-3-1682


Zij huwt (1)

Dirck van WELY

FamilienaamIndex

Overleden Arnhem einde juli 1631

Uit dit huwelijk heb ik geen kinderen in Arnhem 1629-1631 gevonden, wel een dood kind van Dirck van Welij in 1634. Ook het huwelijk met Willemke heb ik niet aangetroffen; mogelijk kwamen beiden niet uit Arnhem.

Kinderen (Verbeek)

  1. Dirck Zie 3.896
  2. Jan (*Arnhem dNG 13-6-1636), mogelijk (maar waarschijnlijk niet) de vader van Gijsbert Jansen Verbeeck (huwt Arnhem NG 23-12-1675 Naleken van Biesen *Arnhem, ouders van Jan dNG 22-1-1677) en Hendrick Jansen Verbeeck (huwt (1) Arnhem NG 4-6-1675 als soldaat onder Van Rijswijk Willemke Cornelis weduwe Gerrit Jacobsen; huwt (2) Arnhem NG 8-7-1688 Gerritje Jansen weduwe Gerrit Jans; ouders van Jan dNG Arnhem 17-12-1682)
  3. Antoni (*Arnhem dNG 3-6-1639 als Thonis), huwt als Antoni Hendricks Verbeek, jongman, Arnhem NG 21-2-1669 Hilleken van Campen, jongedochter (*Arnhem)
  4. N., vader van Dirck Verbeeck, huwt (1) Arnhem 8-5-1701 Geertje Peereboom, weduwe te Arnhen; huwt (2) Arnhem NG 10-10-1702 Engeltje van Beem, jongedochter van Arnhem

Kinderen (Van Wely)

  1. N. (*Arnhem voor 1629 +Arnhem 1634)
TerugBegin van generatie

7.794   Jan Martense VOS

FamilienaamIndex 7.794Vader 15.588Moeder 15.589

Geboren Amersfoort dNG 16-10-1603
Overleden na 1664

Kleermaker. Hij en zijn vrouw worden op 24-9-1643 vermeld als het eerste lidmatenregister van de Remonstrantse Gemeente van Amersfoort opgemaakt wordt.

ORA Amersfoort (436-21 dd 15-5-1649) Reijer Jacobsz en Aeltgen Lodowijcx zijn vrouw, wonend te Amsterdam transporteren aan Jan Martensz, kleermaker en Geertgen Gerrits zijn vrouw en hun erven 'n huisje en hofstede aan de Langestraat, met de halve put en uitgang in de Lieve Vrouwestraat.

ORA Amersfoort (436-25 dd 19-11-1664): lening door (zoon) Gerrit Jansz Vosch kleermaker en zijn vrouw Cornelia Henricx van Jan Jansz Palmet en Jan Martens Vosch mede kleermaker, 700 gulden op pand van huis en hofstede in de Lavendelstraat daar "Sint Nicolaes" uithangt.

ONA Amersfoort (9748, Testament: 10-12-1685 A. v. Brinckesteyn AT 015a005 folio 1), Marthen Henricks Van Kempen en vrouw Gerritgen Aerts Van Arck legateren aan hun kleinzoon Henrick Corneliszn. van Kempen een lijfrentebrief van 95 gulden als tot zijn lijve van de boedel van Jan Marthens Vosch door de comparanten gekocht is.

Burgerweeshuis Amersfoort, 31-3-1661, Abel Rijcksz, zoon van Rijck Abelsz. en Grietjen Harmens; broer van Catharina en Abigael; out negen jaeren; gepresenteert door Jan Martensz., cleermaecker. Idem Abigael, oud 10; Catharina oud 13.


Huwt Amersfoort NG (ot 7-12) 26-12-1627

7.795   Geertruij GERRITS

FamilienaamIndex 7.795 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren Amersfoort

Alias Geertien. Mogelijk dochter van Gerrit Beerntsz en Neeltgen Jans, vermeld in ORA 1622 als leninggevers van een lening die Gerard Janzen Vosch in 1664 voldaan verklaart.

Kinderen

  1. Judith Zie 3.897
  2. Gerard (+na 1670), kleermaker (1663) doet belijdenis voor de Remonstrantse Gemeente in 1647 samen met zijn zus; huwt Amersfoort (Remonstrants) voor 1658 Cornelia Hendrix Hagerbeer (+na 1670, dan nog in ORA vermeld).

  3. Kinderen
    1. Hendrik (dR Amersfoort 15-3-1658, getuige Hilletje Assverus)
    2. Joannes (dR Amersfoort 25-2-1661, getuige Jan Martense Vos)
    3. Galtus (dR Amersfoort 23-10-1665)
    4. Annetje (dR Amersfoort 23-10-1665)
    5. Willemtje (dR Amersfoort 3-5-1667)
    6. Annetje (dR Amersfoort 3-5-1667)
    7. Judith (dR Amersfoort 26-5-1671)
TerugBegin van generatie

7.796   Pieter Abrahams van der PUTTEN

FamilienaamIndex 7.796Vader 15.592Moeder 15.593

Overleden Den Haag voor 1683
Overleden (mogelijk) Delft

Meester timmernan (1648)

Mogelijk verwant aan Louis van Putten jm van Asperen, huwt Delft 26-7-1620 Lysbeth Huygen van Enschede jd van Utrecht


Huwt Delft NG (ot 19-8) 13-9-1645

7.797   Jannetje Laurens CROESELINGH

FamilienaamIndex 7.797Vader 15.594Moeder 15.595

Overleden Delft bOude Kerk 15-1-1705

Patroniem vermeld in o.a. 1646, 1660; huwt enkel onder patroniem. In 1683 waarschijnlijk door haar kinderen onder voogdij gesteld.

ONA’s-Gravenhage (336:496 dd 22-2-1655) Hendrick van Batenburg, mester loodgieter, en Pieter van der Putten, meester timmerman, sluiten een akkoord over de betaling van fl. 93-8-0 die Hendrick schuldig is aan Pieter over geleverd hout en arbeidsloon. Hendrik betaalt terug in drie termijnen: fl. 31-3-0 op 1 oktober 1655, idem 1-10-1656 en 31-2-0 op 1 oktober 1657. Hij mag ook eerder terugbetalen als het fortuin hem dat toestaat. Pieter belooft hem buiten de gestelde termijnen niet meer lastig te vallen over zijn schuld.

ONA’s-Gravenhage (84:7 dd 10-1-1656) Daniel Sullijn oud rond 40 jaar, verklaart ten behoeve van Maria van Omelenbrock dat hij omtyrent 8 dagen voor Allerheiligen is verhuisd uit het huis van Derck Gerrits de Voocht, vettewarier alhier, en is ingetrokken in het huis van Pieter van der Putten timmerman alhier, en dat op diezelfde dag Maria bij De Voocht uittrok, dat De Voocht haar de verschuldigde huur vroeg, en dat zij die betaalde; verder een hop gedonder, gescheld en gezichtslagen over de geldigheid van de kwitantie.

ONA’s-Gravenhage (253:94 dd 1-10-1657) Otto van Wonder, meester chirurgijn, Jan Jansz van Strijp, en Willem Willemsz van der Hoeck, metselaarsgezellen, verklaring ten behoeve van Pieter vande Putte, meester timmerman. PvdP heeft met enige buren voorkomen (?) dat Jan Willemsz Swaartveger zijn huis mocht bouwen op de burgwal van Blijdenburgh, waarop Swaartveger op donderdag jongstleden, 27 september tussen 8 en 9 uur, omtrent Amelis Claptas’ huis tot de requirant (PvdP) is gekomen en hem schandalig heeft bejegend; hij wisrt niet dat PvdP de man was die hij bleek te zijn, en noemde PvdP “een valschen treijter, een schijnedeucht, een schelm” en meer. PvdP heeft gezegd dat hij de baljuw hiervan zou vertellen, Swaartveger zei dat hij bij zijn woord bleef.

ONA’s-Gravenhage (253:95 dd 1-10-1657) [vervolg bij voorgaande akte] Mij ondergetekende (Jan Willemsz Swaartveger) is te verstaan gegeven dat een verklaring is afgegeven volgens welke in Pieter van der Putten onheus zou hebben bejegend, dat dit in haast en zonder mij te raadplegen is gebeurd, dat ik van Van der Putten niets weet dan deugd en eer, en hem voor een eerlijk man houd. Getekend door Swaartveger, van der Putten, Van Wonder, Van Strijp en Van der Hoeck.

ONA’s-Gravenhage (219:84 dd 19-3-1658) Pieter (vander) Putten meester timmerman, Cornelis Philips van Doornick en Willem Dobbe, beiden meester metselaars alhier, verklaren op verzoek van Cornelis de Geus en Joris van Rensen lakenkopers alhier, voogden over de nagelaten kinderen van Jan van Rensen, dat de voogden een huis van Van Rensen voor fl. 5000-0-0 hebben verkocht en een ander aan de Wagenstraat voor fl. 2465-0-0.

ONA’s-Gravenhage (144:127 dd 13-8-1658) Thomas Arents Versteegh, vleeshouwer, en Pieter van der Putten meester timmerman, verhuurt resp huurt voor acht jaar een deel van Versteeghs erf aan Bleijenburgh (met nadere aanduiding van de begrenzingen); Versteegh heeft van Van der Putten nog fl 400-0-0 tegoed met interesse, Van der Putten betaalt fl 25-0-0 huur jaarlijks, en mag na acht jaar verlengen.

ONA’s-Gravenhage (244:276 dd 13-2-1659) Cornelis Kunst verklaart voor Elias Remeel dat op x februari 1656 openbaar verkocht is een huis aan de Wagenbrug alhier, en dat hij dit datzelfde jaar heeft gehuurd van Remeel, in bijzijn van Jan Claesz Tromp, meester metselaar, en Pieter van der Putten, meester timmerman.

ONA’s-Gravenhage (253:411 dd 3-12-1659) Huijch Jans van der Straten, Jan Jansz Roester, Jan Willemsz Swaertveger, Pauwels Balckenende, allen meester timmerlieden alhier, verklaring op verzoek van Pieter van der Putten. Zij hebben heden 3 of 4 stukken hout gezien, gemerkt met een merk als weergegeven hier in de marge [namelijk (MW) I/I IV], een merk dat zij ook hebben aangetroffen op een balk die PvdP uit de sloot tussen Plantage en Haagse Bos zegt te hebben gehaald; het nerk is dat van PvdP.

ONA’s-Gravenhage (253:418 dd 21-12-1659) Jan Pieters van Nierop, houtzager alhier, oud ca. 48 jaar, met Jacob Cornelisz Fockenhuijsen zijn medemaat, verklaring op verzoek van Pieter vande Putte: hij heeft circa 5 jaar geleden een berkenboom in het Haagse Bos gekocht en per schuit afgevoerd; in de sloot tussen Haagse Bos en Plantage was toentertijd geen obstakel aanwezig.

ONA’s-Gravenhage (253:419 dd 26-12-1659) Baert Jan Maeckelaer tot Amsterdam in de factoor van Jan Witheyn, Bartel Barents houtwerker tot Amsterdam, verklaren ten behoeve van Pieter van de Putte dat deze op 9 juni 1656 in de factoor van Witheyn elf eiken balken heeft gekocht, elk voor fl. 80-0-0, en drie of vier dagen later heeft betaald, reçu heeft gegeven en heeft meegenomen. Zij hebben nu in de tuin van dr Senaer een balk gezien die door PvdP drie tot vier weken geleden uit de sloot is gehaald, en bevestigen dat het merk daarop het merk is van de Amsterdamse balken in kwestie.

ONA’s-Gravenhage (254:3 dd 4-1-1660) Jacob Cornelis Fockenhuijsen, houtzager oud ca. 37, verklaart op verzoek van Pieter vande Putte dat hij met zijn medemaet Jan Pieter van Nierop (ook houtzager) rond 5 jaar geleden van de Heren van de Rekening van de Grafelijkheid van Holland in het Haagse Bosch een berkenboom heeft gekocht, die de twee (nadat de boom afgebroken was) enige tijd later probleemloos via de sloot tussen Plantage en Haagse Bosch naar zijn huis hebben gevaren; hij bevestigt dat het onwaar is dat in die sloot tussen 50 of 60 jaar geleden en vijf weken geleden een balk heeft gelegen die de sloot onbevaarbaar maakt.

ONA’s-Gravenhage (254:4 dd 6-1-1660) Frederik van Winden (?) burger alhier verklaart op verzoek van Pieter vande Putte mr timmerman alhier, dat hij aan de baljuw van de heren burgemeesters dezer stad is opgedragen terstond heeft gemeld dat een eiken balk door PvdP vijf weken geleden uit de sloot tussen Plantage en Haagse Bosch (ter hoogte van de oostelijke buitensingel voor het huis van doctor Senaer) is meegenomen; PvdP heeft hem het merk op die balk laten zien, en het gelijke merk op een verzameling balken uit zijn bezit, en ook dat heeft de deposant de baljuw gemeld. Enige dagen geleden meldde zich bij Van Winden ene Jan Floren, ook meester timmerman en hoofdman van het St Josephs Gilde, die zei dat hij eerst dacht dat het een stuk verrot hout was, maar nu heeft gezien dat het goed was.

ONA’s-Gravenhage (254:9 dd 17-1-1660) Joris Arents Nieuwendijck, oud ca. 69; Evert Jans Hoogsteijn, oud ca. 46, beiden houtzagers alhier, verklaren op verzoek van Pieter vande Putte, meester timmerman, dat toen zxij in de loop van 1659 werkten aan de oostbuitensingel bij dr Senaer, daar Lenaert Louweijs Heemskerck kwam om een kaepstant te lenen, die echter kapot was; waarbij Heemskerck zei dat hij er anders een stuk hout mee opgevist zou hebben uit de sloot. Verder verschenen toen Isaacq Wildens, …werker, en Jan Flooren, mr timmerman, hoofdmannen van het St Josephsgilde alhier, die het stuk hout maten en stelden dat dit “het” niet was, het was 5 voet te kort, en zij hebben ook het merk op het hout gezien.

ONA’s-Gravenhage (254:136 dd 26-10-1660) Pieter vande Putte en Adriaentje Theunis huisvrouw van Lodewijk Rutgers van der Noij, verklaren op verzoek van Melis Claptas, meester metselaar, dat tussen 11 en 12 jaar geleden de verzoeker (Claptas) naast een huis van Thomas Arents Versteegh op Cleyn Blijdenborch woonde waarvan een muur achter vrijwel geheel was afgebroken en vervallen; PvdP verklaart het timmerwerk aan het huis te hebben aangenomen, en Adriaentje verklaart dat zij toen in een huisje van Claptas woonde en het bouwwerk heeft gezien. Ook verschijnt Willem Willems van der Hoeck, metselaarsgezel te Rijswijk, die meldt dat hij twee jaar geleden dezelfde muur afgebroken was, en dat hij [iets, door uitgelopen inkt niet goed leesbaar] tussen de twee huizen van Versteegh heeft gemaakt.

ONA’s-Gravenhage (254:221 dd 15-3-1661) Thomas Arents Versteegh mr vleeshouwer en Pieter van der Putten mr timmerman, verklaren op interesse van de heer burgemeester een akkoord te hebben gesloten. Ten eerste: een huurcontract tussen partijen dd 13-8-1658 gesloten voor notaris Schoonderwoerd is hierbij teniet gedaan. Versteegh zal verder gedogen de overdekking (“loos ofte overtimmeringhe”) aangebracht door PvdP over de gemeenschappelijke gang achter het huis van de heer van Heemstede en dat van PvdP aan Cleyn Bleyenburg, en dat zolang hij (Versteegh) daar woont. Mocht PvdP eerder verhuizen, dan moet hij de overdekking zelf, op eigen kosten en tot genoegen van Versteegh, afbreken. Versteegh moet op eigen kosten de palen waarop de overtimmering rust, op 7 voet hoogte houden; doet hij dat niet, dan mag PvdP ze op kosten van Versteegh verbeteren. PvdP mag verder de overdekking altijd wanneer hem dat goeddunkt, onderhouden of vernieuwen.

ONA’s-Gravenhage (254:239 dd 28-4-1661) Pieter vande Putte mr timmerman machtigt Jan van der [G]reft te Leiden om, naar eigen inzicht, in minne te schikken of desnoods via de justitie af te dwingen, de voldoening van een schuld van de weduwe van Joost Nieupoort, groot fl 24-3-8, resterend deel van een grotere som die Nieupoort verschuldigd was over geleverd hout en arbeidsloon.

ONA’s-Gravenhage (323:384 dd 3-5-1661) Sijbrant van (As?)peren heeft ontvangen van Pieter van Putten als huurder van ’s comparants huis een jaar nog verschuldigde huur fl. 31-5-0. Comparant en Lambert N. (niet ingevuld) bakker bij de Gevangenenpoort, ook aanwezig (maar niet tekenend, MW) verklaren verder af te zien van procedures tegen Pieter.

ONA’s-Gravenhage (146:179 dd 20-10-1661) Mr Pieter van der Putten, Mr timmerman en burger dezer stad, machticht zijn vrouw Jannitgen Laurens Croeslingh in het sterfhuis van zijn oom Pieter van der Putten in Zierikzee alle zaken rond zijn nalatenschap af te handelen.

ONA’s-Gravenhage (146:381 dd 7-11-1662) Anna Maria Fassijn weduwe Michael (Rant?) heer van Hoogesmilde, ook als voogdesse voor haar minderjarige kinderen, verkoopt an Mr Pieter van der Putten, meester timmerman, een schuur en erf aan het Bezuidenhout, belend Z: Jacob N., O: Arent Spronckel en de verkoopster, N: een gemene weg en W: de buitensingel van ’s-Gravenhage. Prijs: fl 1900.-.-, in delen te betalen.

ONA’s-Gravenhage (146:411 dd 15-12-1662) Anna Maria Fassijn, vrouwe van Hoogesmilde en weduwe Michael (Rant?) wonende in Den Haag, geeft procuratie aan Monsieur William Designies om de verkoop van 7-11 jongstleden te bevestigen en af te handelen, en over te dragen aan Pieter van der Putten meester timmerman van zekere schuur en erf aan het Bezuidenhout.

ONA’s-Gravenhage (227:107 dd 30-4-1668) Pieter van der Putten, meester timmerman, Maerten Persoon, meester metselaar, Quirijn van der Putten en Adriaen van der Cleij beiden timmergasten, leggen een verklaring af op verzoek van de heer Hillebrant van Wouw inzake bouwwerk verricht in 1663 en in de afgelopen dagen aan en bij de muur die zijn pand scheidt van dat van de erven van Cornelis Jacobsz van Wouw. Pieter en Quirijn treden vaker op in verklaringen over werk aan en rond deze muur (o.a. 454:173 dd 21-6-1668; 227:184 dd 11-10-1668); Hillebrant van Wouw heeft kennelijk een langdurig en diepgaand conflict met zijn buren.

ONA’s-Gravenhage (148:509 dd 10-7-1668, met forse inktschade) Dirck Claptas metselaar als gemachtigde van NN verhuurt, en Pieter van der Putten meester metselaar huurt, een huis van de verhuurder, heer van Carnisse(?)…verder niet goed leesbaar.

ONA’s-Gravenhage ( 362:137 dd 13-10-1669) Pieter van der Putten en Leendert Haesbroeck, beiden meester timmerman, stellen zich borg voor Jacobus Wighmans alhier, die een schuldf heeft bij Cornelis van (V?)olcke, timmerman te Rijswijk.

ONA’s-Gravenhage (149:198 dd 4-5-1670) Hendrick de Graeff, notaris alhier, is schuldig aan Mr Pieter van der Putten, meester timmerman, fl. 327.1.- (driehonderd zevenentwintig gulden en een stuiver) voor geleverd hout en gemaakt binnengoed. Hij verbindt hieraan als borg zijn lijf en goed onder het recht van Middelburg (sic).

ONA’s-Gravenhage (560:282 dd 24-7-1670; zie ook 560:162 dd 1-3-1667 voor een vergelijkbaar contract door Pauw met vergelijkbare voorwaarden) Reinier Pauw, ridder, heer ter Horst, president in de Hoge Raad van Holland, Zeeland en West-Friesland, verhuurt aan Barbara Baets weduwe Arent Wiggers, een huis gelegen ten oosten van de Grote Houtstraat hoek Starlinghstraat voor 6 maanden per 1-11-1671, a fl. 350.-.-, met optie voor verlenging tot drie jaar. De huuurder heeft verlof de stalling op eigen kosten te vermaken of approprieren tot een wijnpakhuis mits het werk wordt verricht door Pieter van der Putten en Willem Claptas, zijn gewone timmerman en metselaar, en mits hij (Pauw) de bouwplannen goedkeurt.

ONA Den Haag (660:650 dd 5-11-1683) Diverse getuigen verklaren op verzoek van de mondige kinderen en de door hun voogden vertegenwoordigde onmondige kinderen van wijlen Pieter van der Putten en Jannetje Croeselingh (=JC) dat zij JC kennen als iemand die vaak zodanig beschonken was (zowel voor als na de dood van haar man) dat ze onbekwaam was om te kunnen gaan of staan, en dan naar boven of in haar kamer opgedragen moest worden; dat ze ook herhaaldelijk uit huis liep om in een of ander brandewijnkotje te gaan drinken; dat ze vaak tegen (ook) haar kinderen liep te vloeken en schelden en hen lasterde, en ging slaan en smijten ‘dat het ganse huis overeind heeft gestaan’. Jan Huijbert Spronssen, een van de getuigen, herinnert zich meer specifiek dat zij twee maanden geleden het huis ontvluchtte om in een brandewijnkroegje te duiken, en ook dat ze zes weken geleden op een achternamiddag beschonken in het huis van Van der Swijn kwam. De getuigen waren knechten in de winkel van Van der Putten en zijn zoon.

ONA Den Haag (587:486 dd 26-6-1692) Louijsa van Putten, weduwe Adriaen van der Spoor, dochter van Jannetje Croeselingh en wijlen Pieter van Putten, verkoopt aan Maria van Haneklaar (?) weduwe Pieter Jans van der Cleij, in leven voogd van Jannetje Croeselingh, een obligatie t.l.v. het Comptoir Generaal van de Verenigde Nederlanden dd. 11-9-1649 voor 800 gulden, op naam van Cornelis Lopsch, ooit eigendom van Jannetje; borgen zijn Jan van der Stoel man van Jacomijn van der Putten en Lourens van der Putten met zijn vrouw Maria Harlingh.

Kinderen

  1. Abraham (dNG ’s-Gravenhage Grote Kerk 29-4-1646 +voor 1654), getuigen Pieter van der Putte, Jenneke Martens
  2. Maria (dNG ’s-Gravenhage Kloosterkerk 29-12-1647, getuigen Niclaes Blom, Mayken Lauris); huwt Wassenaar NG (ot Den Haag 7-4) 22-4-1669 David Persijn (*Den Haag, jongman)
  3. Jacquemijna alias Jacoba (dNG ’s-Gravenhage Grote Kerk 26-12-1649 +’s-Gravenhage bPro deo 29-10-1710), doopgetuigen Mr Niclaes Blom, Maria Pelle; huwt Den Haag 26-5-1675 Jacob van der Stoel (*Beverwijk, jongman). Kennelijk moeder van Johanna en Nicolaas van der Stoel.
  4. Louijse alias Louisa (dNG ’s-Gravenhage Grote Kerk 7-7-1652 +na 1719), doopgetuigen Teunis Lourenssen en Cornelia Isaax; huwt (1) Den Haag 24-3-1675 Henrick van Bulderen (*Amsterdam, jongman); huwt (2) Delft NG (ot Wassenaar en Den Haag) 8-3-1681 Adriaen van der Spoor (+voor 26-6-1692), weduwnaar van (1) N.N. en (2) Lijsbeth de Bruijn; huwt (3) Delft NG 13-2-1700 Anthonij Wagtmans (+voor 25-5-1719), gedeputeerde van Schiedam in de Staten van Holland; moeder van Johannes en Adrianus van der Spoor
  5. Abraham (dNG ’s-Gravenhage Grote Kerk 22-11-1654 +’s-Gravenhage b2-12-1715 tegen impost van fl.6), doopgetuigen Jacob Samuelsen de Voijs, Maria Adriaens van der Vliet, huwt als jongman (ofwel) Den Haag 12-9-1683 Maria Verhage (*Den Haag, jongedochter), of Den Haag 23-4-1684 Helena Ijsermans, jongedochter
  6. Laurens Zie 3.898
  7. Heyndrick (dNG ’s-Gravenhage Grote Kerk 1-6-1659, getuigen Pieter en Jacob Hendrix, Catryna van Hees); huwt vermoedelijk Den Haag 12-6-1678 Margriete Keters, weduwe van Joris Maes te Den Haag
  8. Susanna (dNG ’s-Gravenhage Nieuwe Kerk 27-7-1660 +Delft bOude Kerk 24-11-1710), doopgetuigen Pieter en Geertruijd Hoevenagel; huwt Delft NG ot 11-8, Den Haag 12-8-1685 Anthonij van der Spoor (*Delft, jongman), ouders van Laurens en verschillende andere kinderen; onder die kinderen mogelijk ook Johanna van der Spoor, echtgenote van Jacobus Bonne, waard van de St Joris Doelen, erfgenaam van Laurens van Putten.
TerugBegin van generatie

7.798   Martinus du HARLINGH

FamilienaamIndex 7.798Vader 15.596Moeder 15.597

Overleden kort na 9-9-1675

Mogelijk verwant aan Anthonij Pieters Roset (die overigens niet in het Klapwakersgeld 1605 voorkomt, en niet in Jacob de Riemers Beschryving van ’s-Graven-Hage (1730) voorkomt).

Blijkens het Notarieel Archief hebben Martinus en zijn weduwe hun handen vol gehad aan het uit elkaars haren houden van dochters en buurtgenoten…

Bij huwelijk smid en jongman. Geen indicatie van een vreemde herkomst gevonden, maar de naam wordt ook als Du Harlingh geschreven.

Kennelijk zaten zowel Martinus (in 1669) als zijn vader (in 1670) even heel krap: Martinus wordt met huurachterstand uit zijn huis gegooid, en zijn vader redt hem van de straat; een jaar later helpt Martinus zijn vader een schuld aflossen.

NB: diverse internetbronnen melden zijn huwelijk op 24-05-1657 in Valkenburg…

ONA ’s-Gravenhage (181:279 dd 31-12-1651) goeddeels onleesbaar door inktschade. Verklaring door Frans (?) van den Bosch en Maria Roset huisvrouw van Martijn du Harlingh op verzoek van Maurits Roodt, met kruisje: handmerk van Maria.

ONA’s-Gravenhage (111:40 dd 13-2-1658) Anthonij Pieters Roset oud-thesaurier en tegenwoordig ontvanger dezer stad bekent ontvangen te hebben van Huigh Claessen van Rhijn oud 64, alhier in Den Haag, daar af de moeder was (L)euntgen dircxdr, 2200 ponden van 40 groten in het pond, tegen een rente van 200 pond per jaar, zolang Van Rhijn leeft.

ONA ’s-Gravenhage (184:308 dd 20-10-1660) Sijmon Liebrechts (C?)orstenmaker (?) ten verzoeke van Martinus du Harlingh meester smid, verklaart dat Jan Schadda, slotenmaker, bij Martinus kwam vragen waarom Martinus zijn (=Jans) werk zou verachten, wat Martinus ontkende, welles nietes, scheldpartij, meer welles nietes.

ONA ’s-Gravenhage (467 fol 287 dd 7-1-1661): Philips Hengelaer verklaart op verzoek van Everhard van Steijnen dat hij gisteren rond 14h30, onderweg naar zijn tuin aan de zuidzijde van de Buitensingel, langs de tuin liep van de ervan Judith le Petit, waar Hendrick Zeel voor de poort wachtte, die werd geopend waarop Zeel binnenging; door een gat in de schutting zag hij nog dat Zeel in gezelschap van Martijn Harlingh mr smid richting de deur van het huis van wijlen Judith liepen.

ONA’s-Gravenhage (321:169 dd 18-3-1661) Martinus du Harlingh mr slootmaker en zijn huisvrouw Maria Rosettes verklaren op verzoek van Heijndrick Zeel te Voorburg dat rond een jaar (?) geleden zich bij hun huis meldde ene Daniel Sijdeman, “cladtschilder” van Voorburg, die de heer Zeel verschillende malen heeft geprezen. Een maand geleden is Sijdeman weer verschenen, en nu noemde hij Zeel een bedrieger, en waarschuwde tegen hem.

ONA ’s-Gravenhage (361 fol 444 dd 28-4-1665) Juffrouw Elisabeth Dircx weduwe Hendrick Laenman verhuurt aan Matthijs du Harlingh meestersmid een huisje op de lange gracht achter het huis dat hij bewoont voor een jaar per 1 mei 1665 voor Hfl 62.

ONA ’s-Gravenhage (362 fol 35 dd 30-4-1666) idem verhuurt idem aan idem voor Hfl 62 voor een jaar.

ONA ’s-Gravenhage (774 fol 40v dd 7-8-1666) Mathijs du Harligh meester smid en “slootmaecker” getuige van de opening, inventarisatie en sluiting van een grootkoffer met een nalatenschap.

Een aantal aktes zijn onleesbaar door inktschade: ONA ’s-Gravenhage 560:172 dd 12-6-1667; 7779:99 dd 10-8-1667; 518:372 dd 22-9-1667; 519:216 dd 22-6-1668

Twee aktes zijn nog niet aangetroffen - waarschijnlijk heb ik bij het overschrijven uit de Index een fout gemaakt: 361:295 dd 7-2-1664 en 279:172 dd 10-5-1664.

ONA ’s-Gravenhage (779:100 dd 12-8-1667) Willem van den Bos en Martijn du Harlingh, verklaring ten bate van Gerrit Jan Venhooft over iets dat gebeurde op 25-7-1667.

ONA ’s-Gravenhage (779:196 dd 27-7-1668) zelfde verhaal als op 12-8-1667.

ONA ’s-Gravenhage (362:402 dd 1-2-1669) Steven Leenderts van S… namens Elisabeth Dircks weduwe Hendrik Laerman, verhuurt een huis aan de Langegracht waar nu Martijn du Harlijn in woont, per 1-5-1669 voor zes jaar.

ONA ’s-Gravenhage (725:263 dd 12-4-1669) Robbert du Harligh meester smid verhuurt aan zijn zoon Martinus meester smid een huis aan de zuidzijde van de Langegracht voor twee jaar per 1-5-1669 voor fl.136 per jaar.

ONA ’s-Gravenhage (362:487 dd 27-4-1669) Marthijn du Harlingh meester smid, is schuldig aan de weduwe van Hendrick Laerman te Kortrijk fl.100,25 aan achterstallige huur; waarvan hij fl.60 op zeer korte termijn belooft te betalen en fl.40,25 binnen drie maanden.

ONA ’s-Gravenhage (776:230 dd 11-6-1670) Robbert du Harlingh en zijn zoon Martinus: de eerste is alsnog schuldig fl.200 aan de erven van Lucia van Wouw, volgens obligatie van mei 1650; de tweede stelt zich garant voor de achterstallige betaling sinds 19-5-1666.

ONA Den Haag (382:239 dd 28-10-1674) Vijf comparanten (namen deels onleesbaar door inktschade) verklaren op verzoek van Martinus de Harling meester smid en burger aan de Lange Gracht, dat hij gisteren omtrent 11 uur in zijn winkel was, aan het water van de gracht (…onnavolgbaar…) , dat iemand (Janneke Sebus?) over de brug kwam aanlopen, of aanlegde, en begon te schelden over zijn vrouw en dochters, en zijn huisvrouw een gat in het hoofd sloeg tot het bloed op de aarde viel, waarop hij om erger te voorkomen genoodzaakt was (…onnavolgbaar); dat hij ’s namiddags aan het aambeeld zat en Pauwels Kalck (?), turfdrager, kwam en Martinus van achteren in het gezicht, en twee tanden door de lip, sloeg (sic).

ONA Den Haag (831:105ff dd 9-9-1675) Testament van Martinus de Harlingh (ziek te bed liggend) en Maria Rosette op de langstlevende; met gelijke delen voor de vier (sic) dochters Lijsbet, Marija, Alida en Johanna.


Huwt ’s Gravenhage Schepenen 22-11-1648

7.799   Maria ROSET

FamilienaamIndex 7.799 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden ’s-Gravenhage b12-9-1705 (impost fl.3)

NB het huwelijk vond ook plaats te Valkenburg NG op attest van Den Haag (6-12-1648) op 27-6-1659 (sic).

ONA Den Haag (827:213 dd 2-10-1676) Diverse getuigen, buren van de Lange Gracht, verklaren voor Maria Rosset, weduwe Martinus de Harlighe, dat zij en haar drie dochters mensen van goed gedrag zijn en te goeder naam en faam bekend staan, … echter dat Crijn Jans Groenen en Maria Isendoorn zijn huisvrouw, ook van de Lange Gracht, sinds een maand of zes de dochters voor hoeren en dergelijke uitmaken “met groot getier en geschreeuw tot groote aanstoot” van Maria Rosset, haar dochters en alle geburen; verder dat Maria Rosset vergeefs heeft gepoogd met Maria Isendoorn te praten en de ruzie bij te leggen; dat (…)drie maanden geleden ook al eens gespeeld heeft; dat eergisteren Maria Isendoorn weer voor hun huis stond en beweerde dat twee van Maria Rossets dochters boter en knopen hadden gestolen, en dat zij (pasquil?) hoeren waren; dat Maria Isendoorn Alida, een der dochters, verschillende keren met iets dat ze in haar hand had heeft geslagen tot zij op de vloer viel, en toen zij opstond haar weer met drie of vier slagen tegen de grond sloeg. Joost Cornelis van der Meulen verklaart noch dat hij eergisteren ’s avonds rond de klok van 10 Maria Isendoorm zag, etc. etc.

Idem (827:217 dd 4-10-1676) Johannes Baptista Booij, wijnkopersknecht oud 24, verklaart op verzoek van Maria Rosette dat drie maanden geleden Maria Rosette met haar dochters en Crijn Jans Groenen en Maria Isendoorn zijn huisvrouw voor de schepenen stonden, nadat Groenen de avond tevoren HR en haar dochters had uitgescholden voor “Canaelje”; de schepenen hebben verordend dat Groenen cs hen ongemoeid moest laten, waar zij zich echter niet aan hebben gehouden, dat Maria Isendoorn 14 dagen geleden langs het huis van MR kwam en zonder aanleiding haar dochters die in de winkel stonden hoeren noemde, schijndeugden en kerkpilaren, en dreigde ze de kleren van het lijf te rukken. Hendrick Rosset, smid, oud rond 30, verklaart dat verleden woensdagavond toen Maria Isendoorn een der dochters sloeg, Crijn daarbij was, en de dochter zelfs bij het hoofd gevat heeft, waarop Hendrick Rosset hem vroeg dat te laten en te vertrekken; Abraham Braem verklaart dat Crijn en zijn vrouw die avond om 10 uur bij hem thuis kwamen en verklaarden de dochter geslagen te hebben en twee gaten in het hoofd te hebben bezorgd.

ONA Den Haag (910:149 dd 31-3-1678) Maria Kunst huisvrouw van Jan de Vries, kwartiermeester verklaart voor de weduwe en kinderen van Martinus de Harlingh dat zij een vrouw genaamd Sibille, wonend aan ’t hofje van Nieuwkoop, heeft opgezocht, eerst om 1600 uur, een tweede keer om 1000, en dat deze heeft gezegd voor Judickje Hendricks, moeder van Martinus (weduwe Robbert du Harlingh), enige tijd geleden enig goud, zilverwerk en een “webbe linden om gelt verset hadde gehadt”(?MW).

ONA Den Haag (1072:119 dd 3-1-1680) Maria Rosette, weduwe etc geeft volmacht aan Gerard Haesebroeck om schulden te innen van Hendrick Calff (?) Majoor te Bredevoort, te weten 350 gulden, wegens geleverde goederen.

ONA Den Haag (911:293 dd 9-6-1680) Johanna de Harlingh vrouw van Johannis de With testeert. Enige erfgenaam is haar moeder, Maria Rosette, of in haar plaats haar zusters Maria en Alida.

ONA Den Haag (551:203 dd 5-11-1696) Volmacht van Maria Rosette, weduwe Martinus Harlingh, aan Pieter Bouser om haar financiën te beheren. Ondertekend met een handmerk X.


Zij huwt (1)

Nicolas GODEFROY

FamilienaamIndex

Overleden voor 1648

Kinderen

  1. Elisabeth (dNG Grote Kerk ’s Gravenhage 2-10-1649 +na 1675)
  2. Maria Zie 3.899
  3. Alida (dNG Grote Kerk ’s Gravenhage 1-3-1654 +na 1680) doopgetuigen Jacob Doe (?) en Catrijn Pau; huwt ’s Gravenhage 22-05-1679 met Nicolaas De Mol (*’s Gravenhage dNG 19-9-1651)
  4. Johanna (dNG Grote Kerk ’s Gravenhage 19-11-1656 +na 1680) doopgetuigen Jacob en Maria Gavel; huwt ca. 1680 Johannis de With
  5. Magdalena (dNG Grote Kerk ’s Gravenhage 23-1-1658, niet vermeld in 1675 of later)
TerugBegin van generatie

7.800   Franciscus Gaert Fransz MES

FamilienaamIndex 7.800 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden na 1660


Huwt Venray RK 25-6-1643

7.801   Sijtje Claes PIETERSDOCHTER

FamilienaamIndex 7.801 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden Venray b15-7-1695

Huwelijk onder patroniemen, dopen kinderen onder zijn familienaam. Sijtje (Cijken, etc) werd alleen met patroniem of als uxor aangetroffen.

Kinderen

  1. Pouwel (dRK Venray 2-6-1647, testes Handrick aen gen Haen, Lijn Gaerts), huwt Venray RK 16-5-1682 Petronella Camp (huwelijksgetuigen Godefridus Mes, Rutgerus Campen)
  2. Gaert (dRK Venray 9-1-1650 +Venray b1-12-1699), doopgetuigen Dierick Huets, Lijntje Gaerts; huwt mogelijk Venray RK 1-12-1699 Mathilda Boers
  3. Agnes (dRK Venray 20-1-1654, testes Thunnis Boers, Peerken Mes)
  4. Henricus Zie 3.900
  5. Nicolaus (dRK Venray 22-8-1660, testes Trijn Hoenen, Jacop Verhijpt), huwt Venray RK 1-10-1686 Jacoba Rongen (huwelijksgetuigen Godofridus Mes, Guiliellmus op Weversloe)
TerugBegin van generatie

7.802   Henricus RIJCKERS

FamilienaamIndex 7.802 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden Kleef na 1691

Voornaam is hypothetisch. Er is in Kleef een Henrich Rijckers gehuwd met Helwich Rijckers (ouders van Anna, dRK 19-1-1653), en een Henrick gehuwd met Hermken Pastoors (dRK Jenken 8-12-1675, Catharina 11-10-1671). De vader zou echter ook Herman Rijckers kunnen zijn, gehuwd met Mechtilt van Hoven (dRK Anneke 5-4-1671), of Joannes gehuwd met Anna Catharina Trompetters (alias Hello, Helgelo: ouders van Naria Gerdruit 2-10-1667, Catharina Elizabeth 11-11-1668 en Anna Margaretha 4-5-1670).


Huwt voor 1670

7.803   N.N.

Index 7.803 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Sybilla Zie 3.901
  2. Mechtildis (+’s Gravenhage begraven (vierde klas, impost fl 2,-) 9-11-1706), doopgetuige
TerugBegin van generatie

7.804   Gerard van LEEUWEN

FamilienaamIndex 7.804Vader 15.608Moeder 15.609

Geboren Voorschoten ca. 1615

Hypothetisch, niet aangetroffen in trouwboek Voorschoten. Penningen Rijnland 1675: Ervan Gerard Pieters van Leeuwen en impotente Grietje Pieters van Leeuwen in Zwammerdam (zal dus wel een ander wezen).


Huwt voor 1645

7.805   N.N.

Index 7.805 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Gerard Zie 3.902
TerugBegin van generatie

7.806   Jacob van ROOSENBURG

FamilienaamIndex 7.806 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren voor 1625

Mogelijk Jop Louris van Rosenburch tot Voorschoten, huwt voor Schepenen Voorschoten 16-5-1650 Neeltgen Maertens jd van Hillegom. Kan ook de Jacob Willems zijn die 3-11-1704 (derde klas) in Den Haag werd begraven.

Jacob is vrijwel zeker een (klein)zoon van Adriaen Cornelis Dircks Roosenburg en Anna Jacobs, en ofwel identiek met, of zoon van, de Jacob Adriaens gehuwd voor 1611 met Adriaentje Adriensz (dochter van Adriaen Philips en Apolonia Baarthouts), Wassenaarse ouders van Apolonia (dRK Den Haag 27-1-1611) en Cornelia (dRK Den Haag 6-4-1618). Deze Jacob komt in het register van Haardstedengeld van Wassenaar voor met drie huizen. Vergelijk hiervoor ook de kwartierstaat van Ton Bredero.

Niet verwarren met Jacob, broer van Philippus (+voor 1680), luitenant van de Timmerluijden ten dienste van den lande (= genietroepen). ONA ’s-Gravenhage (818:619 dd 3-9-1680) Anna en Cornelia van Roosenburgh, Steven van Roosenburgh, zusters en broers, machtigen hun zwager Pieter van Woestenhoven man van Elisabeth van Roosenburgh. Zij zijn allen erfgenamen van Philippus Roosenburgh, in leven luitenant van de Timmerluijden ten dienste van den lande. Pieter mag verkopen aan Aernout van Woestenhoven een hofstede met grond (ca. 17,5 morgen) en toebehoren, onder de jurisdictie van Bodegraven en Nieuwkoop. [NB: deze Anna lijkt niet gehuwd te zijn; misschien is zij niet “onze” Anna.]

Ook niet verwarren met Jacob Cornelissen, een mogelijke neef. ONA 's-Gravenhage (910:641 16-3-1679) Arij Cornelisz Roosenburgh alias Roos, bouwman wonende in Den Haag, machtigt Jacob van Westerveen, bakker alhier, om voor de schepenen van 's-Gravenhage te melden dat hij (ACR) schuldig is aan Theunis Pouwels Bol, bouwman, man van Maertgen Willems, weduwe en boedelhouderesse van wijlen Jacob Cornelisse Roosenburgh, fl. 550.-.-, plus nog aan wijlen zijn broer fl. 850.-.-; voor welke bedragen hij borg stelt zijn huis aan de Nieuwe Haven, oostzijde.

ONA ’s-Gravenhage (1574:315 dd 12-6-1698) Cors Maertens Sollevelt, bouwman in Den Haag, verklaart schuldig te zijn aan Gerrit van Leeuwen en Cornelis Roosenburgh voogden van de nagelaten kinderen van Pieter Roosenburgh en zaliger Marietje van Leeuwen fl. 500.-.- voor contant geleend geld, tegen 2,5% rente.

Jacob Cornelis Roosenburch (ONA 16:288 dd 1-7-1653) koopt van Johan Coelemeij, koopman in Rotterdam, een huis met land in eijkenduinen onder Haagambacht; borgen zijn Cornelis Ariensz Rosenburgh en Willem Pietersz Wetsman (op 11-5-1654 wordt de weduwe van Cornelis Ariensz vrijgesteld).

Lambert van Bergen met Willem Rottermont als borg (ONA 74:179 dd x-2-1644) is Jacob Arentsz Rosenburgh fl 600 en Cornelis Jansz van der Cleij fl 500 schuldig.

Aeltje Aelbrechts weduwe Lenaert Crijnen van der Veer, met Dirck van Bladen als borg (ONA 73:330 dd 15-10-1643) is schuldig aan Jacob Arienss van Rosenburch fl 1200.-.-.


Huwt voor 1650

7.807   N.N.

Index 7.807 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Anna Zie 3.903
  2. Cornelis
  3. Pieter, huwt Marietje van Leeuwen (+voor 1698)
  4. Cornelia
  5. Steven
  6. Elisabeth, huwt Pieter van Woestenhoven
TerugBegin van generatie

7.888   Cornelis Pietersz Keijser van SANTVLIET

FamilienaamIndex 7.888Vader 15.776Moeder 15.777

Geboren Lisse


Huwt Lisse 15 mei 1590

7.889   Aechte Adriaens RUIJCH

FamilienaamIndex 7.889Vader 15.778Moeder 15.779

Kinderen

  1. Arij Cornelisz. Keijser van Santvliet (de jonge) Zie 3.944
  2. Pieter Cornelisz. Keijser van Santvliet, geb. Wassenaar, tr. Neeltje Cornelisdr. Verdel
  3. Cornelis Cornelisz. Keijser van Santvliet, geb. Wassenaar
  4. Willem Cornelisz. Keijser van Santvliet, geb. Wassenaar
  5. Marijtje Cornelisdr. Keijser van Santvliet
  6. Anna Cornelisdr. Keijser van Santvliet, geb. Wassenaar
TerugBegin van generatie

7.890   Dirck Dignumsz de ROO

FamilienaamIndex 7.890Vader 15.780Moeder 15.781

Kwartieren ontleend aan Kwartierstaat Duivenvoorden-Blom (Prometheus I: 70): woont Lisse in de Loosterlanden dicht bij de Delft ter plaatse van de huidige ommuurde moestuin van Keukenhof 1612, 1618 en 1620.


Huwt

7.891   Oude Geertruyt Oude Adriaensdr CORSTEMAN

FamilienaamIndex 7.891Vader 15.782Moeder 15.783

Kinderen

  1. Trijntje Dirksdr. de Roo Zie 3.945
TerugBegin van generatie

7.896   Crijn Pauwelsz BOL

FamilienaamIndex 7.896Vader 15.792Moeder 15.793

Geboren Haagambacht ca. 1560
Overleden Haagambacht 16-8-1622

Volgens gegevens Jan Nuijten: Quirinus alias Crijn Pauwelse Bol, vermeld in het hypotheekregister van 28-10-1585 en 10 jaar later als pachter van land te Eik en Duinen. Dit land verkoopt hij in 1611 en 1615, tegelijk met een stuk grond, genaamd Reyma. Dit pachtland werd door hem en zijn “voorsaten” gebruikt. In 1623 koopt hij samen met zijn schoonzoon Job Gijsbrechtsz een stuk hooiland ten zuidwesten van ‘s-Gravenhage op de laen, van bijna 5 morgen, dat vlak na zijn dood in 1632 weer wordt verkocht door zijn weduwe, zijn zoon Pauwels en schoonzoon Job.


Huwt

7.897   Anna HENDRIKS

FamilienaamIndex 7.897 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren ca. 1570
Overleden tussen 1637 en 1639

Alias Annetje, Ettge Hendricx.

Kinderen

  1. Paulus Crijnsz. Bol Zie 3.948
  2. Emmerentia Crijnsdr. Bol, j.d. wonende Eijkenduinen, tr. Den Haag otr 7 februari 1621, Job Gijsbrechtsz. van der Meer, geb. ca. 1590, overl. voor 1677, zoon van Gijsbrecht Jacobsz. van der Meer en Sebastiana Cornelisdr. Cleij
TerugBegin van generatie

7.898   Adriaen Pietersz ROOSENBURCH

FamilienaamIndex 7.898 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren ca. 1575
Overleden Voorschoten voor 1623

Mogelijk broer van de tijdgenoot Willem Pietersz Roosenburch te Voorschoten.


Huwt

7.899   Neeltgen THONISDR

FamilienaamIndex 7.899 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden Voorschoten na 1623

In de lijst lijst Hoofdgeld Voorschoten 1623 vermeld als onvermogende weduwe met drie kinderen: Claertgen, Jannetgen ende Maritgen.

Kinderen

  1. Jannitgen Adriaensdr van Roosenburch, huwt Floris Thonisz van Voorschooten, vermeld in lijst Hoofdgeld Voorschoten 1623 als knecht en meid van Mees Lourisz en Lijsbeth Willemsdr
  2. Claartje
  3. Maritgen Zie 3.949
TerugBegin van generatie

7.904   Arij Crijnsz REMMERSWAAL

FamilienaamIndex 7.904Vader 15.808Moeder 15.809

Geboren ca. 1595
Begraven Wassenaar 21 juni 1657

Timmerman. Kerkmeester van Wassenaar in 1622-23.

ORA Wassenaar (transcriptie HJ van der Waag 8:229 dd 13-10-1624) Adriaan Crijnenzn. van Remmerswaal wonende binnen Wassenaar schuldig aan Jacob Garbrandsz. bakker en Jan Maartensz. molenaar Heilige Geestmeesters van Wassenaar en Zuidwijk 5 gulden 10 st per jr (hoofdsom 100 gulden) met hypotheek op zijn huis en erf gelegen binnen Wassenaar, belend O Leendert Claasz. Ruysch, Z Jan Claasz. En Cornelis Leendertsz. Frick, W de Zuidweg of straat en N de Heerweg. Afgelost 18-10-1679 door Cornelis Huigenzn.

ORA Wassenaar (transcriptie HJ van der Waag 7:480 rond juli 1619; eerste pagina ontbreekt) [Arij, MW] Remmerswaal man en voogd van Grietje Hendriksdr. van Leeuwen verkopen Harmen Hendriksz. van Leeuwen hun broer en zwager al hun delen van 7 1/2 hond land hen aanbestorven bij overlijden van Hendrik Jansz. van Leeuwen en Machteld Cornelisdr. Bouman hun ouders, gelegen onder Zuidwijk in Oostdorp, belend O de koper met bruikwaar en Willem Pietersz. Roosenburch met bruikwaar, Z de Bangreppel en W en N Dirk Maartensz., onder overhandiging van de oude brieven van 20-5-1545 en 30-12-1588. Voldaan met een custingbrief. 481 v. 13-7-1619. Volgt schuldbrief van 1000 gulden met hypotheek op het gekochte.


Huwt

7.905   Grietgen Hendriks van LEEUWEN

FamilienaamIndex 7.905Vader 15.810Moeder 15.811

Geboren ca. 1595
Begraven Wassenaar 19 januari 1657

Kinderen

  1. Crijn Ariensz. Crijnen van Remmerswael Zie 3.952
  2. Jacob Ariensz. van Remmerswaal
  3. Hendrik Ariensz. van Remmerswaal
  4. Jan Ariensz. van Remmerswaal
  5. Jaepje Ariensdr. van Remmerswael, tr. Wassenaar 1 oktober 1645, Arij Driksz Connick
  6. Maertgen
  7. Lijsbeth
TerugBegin van generatie

7.906   Barthout JANS

FamilienaamIndex 7.906 • Vader onbekend • Moeder onbekend


Huwt

7.907   Marietgen JEROENS

FamilienaamIndex 7.907 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Hendrikje Zie 3.953
  2. Jan
  3. Aefje
  4. Neeltje
  5. Hendrick
TerugBegin van generatie

7.908   Arij Cornelisz. Keijser van SANTVLIET

FamilienaamIndex 7.908Vader 7.888Moeder 7.889 • Tevens 3.944

7.909   Trijntje Dirksdr. de ROO

FamilienaamIndex 7.909Vader 7.890Moeder 7.891 • Tevens 3.945

TerugBegin van generatie

7.910   Claes Claes HILLENAAR

FamilienaamIndex 7.910Vader 15.820Moeder 15.821

Geboren Wassenaar ca. 1597
Begraven Wassenaar 11-9-1669

Alias Claes de Jonge


Huwt Wassenaar 24-5-1622

7.911   Annetgen DIRCKS

FamilienaamIndex 7.911Vader 15.822Moeder 15.823

Begraven Wassenaar 15-10-1647

Kinderen

  1. Dirck
  2. Jannetje
  3. Leuntgen
  4. Maertie Zie 3.955